My Old Lady

***

recensie  My Old Lady

Drie acteerkanonnen in verfilmd toneeldrama

door Cor Oliemeulen

Dat My Old Lady ook als komedie is aangekondigd, getuigt van weinig gevoel voor humor. Het verfilmde toneelstuk van Israel Horovitz begint luchtig, maar draait uit op een serieuze beproeving, met wel een rooskleurig perspectief.

De New Yorkse schrijver Mathias Gold (Kevin Kline) erft van zijn vader een kostbaar oud pand in Parijs. Hij heeft zijn schepen al achter zich verbrand en ontdekt dat de 92-jarige Mathilde (Maggie Smith) en haar dochter Chloé (Kristin Scott Thomas) in het appartement wonen. Mathilde verkocht het 43 jaar geleden aan Mathias’ vader en verblijft er sindsdien. Volgens een Franse wet kan Mathias het huis pas verkopen nadat de oude dame is overleden. Wat doe je dan? Mathilde toont zich niet direct als een innemend persoon. Ze wil zijn horloge in ruil voor een kamer boven en eist dat Mathias ’s morgens en ’s avonds exact om acht uur acte de présence geeft aan de eettafel. ‘Precisie en wijn zijn de sleutel tot een lang leven’, voegt Mathilde hem fijntjes toe.

Recensie My Old Lady

Geen paardenmiddelen
Met zijn ongebreidelde fantasie en satirische schrijfstijl zou de Britse auteur Tom Sharpe wel raad hebben geweten met dit gegeven: kosten noch moeite noch paardenmiddelen zou hij sparen om dat oude mens kassie wijle te krijgen. Schrijver-regisseur Israel Horovitz hanteert minder platte humor en meer fijnzinnigheid: Mathias probeert de oude dame tevergeefs op het gemoed te spelen, verkoopt stiekem wat oude meubels uit zijn kamer om zijn huur te kunnen betalen en zuipt zich laveloos aan de oevers van de Seine. Ook zijn contact met de lastige Chloé wil niet zo vlotten, dus dreigt hij haar te chanteren wegens haar relatie met een getrouwde man.

Na drie scheidingen bij  blijkt Mathias vol bitterheid en is volgens zijn nieuwe huisgenoten onaangepast. Hij onderzoekt alle mogelijkheden om het huis in zijn bezit te krijgen. Te langen leste stelt hij voor om het appartement in tweeën te delen, maar Chloé weigert en doet een belachelijk laag bod, dat Mathias uiteraard niet kan accepteren. Vervolgens weet Mathias wel heel handig een gladde, hebzuchtige makelaar wat cash uit zijn zak te kloppen.

Recensie My Old Lady

Hernieuwde kennismaking met vader
Mathias is niet alleen cynisch, maar raakt ook van slag na de ontdekking van oude foto’s op de bovenetage. Het betekent een hernieuwde kennismaking met zijn vader met wie Mathias een moeilijke verhouding had. En zo slaat de aanvankelijk lichtvoetige toon van het verhaal om in een deprimerende geschiedenis, waarbij Mathias Chloé toevertrouwt dat depressie in de familie zit. Ooit zei een psychiater tegen Mathias: ‘Je moet het kind dat je was op de knie zetten van degene die je bent geworden en dan het kind geruststellen.’ Echter Mathias zegt dat hij maar blijft dromen dat het kind dat hij was nu op zijn knie zit en hij beide handen om diens keel plaatst. Zowaar geen lichte kost.

Israel Horovitz is beroemd als schrijver van tientallen toneelstukken, zoals Line (25 jaar op Broadway) en The Indian Wants The Bronx (toneeldebuut Al Pacino). Voor de verfilming van zijn recente bekroonde drama My Old Lady besloot de inmiddels 75-jarige Amerikaan zelf op de regiestoel te gaan zitten. Terwijl op het podium de gebeurtenissen zich afspelen tussen drie personen in één ruimte kon Horovitz zijn werkstuk nu voorzien van een cinematografische visie van Parijs en enkele andere personages inweven. Erg veel voegt het niet toe, omdat het stuk het vooral moet hebben van het verhaal en het acteerspel. De drie hoofdrolspelers zijn uitstekend op hun plaats, maar als film is de laatste act van The Old Lady misschien een tikkeltje te zwaar.

 

25 november 2014

 
ALLE RECENSIES

Wild Tales

***

recensie  Wild Tales

Zes woeste ritten door het leven

door Suzan Groothuis

In zes korte verhalen volgen we diverse personages omgeven door pech, geweld of corruptie. Op humoristische én wrede wijze speelt regisseur Damián Szifrón met hun lot in een maatschappij waar het hen niet gemakkelijk wordt gemaakt.

In het eerste filmpje neemt een vrouw haar intrede in een vliegtuigcoupé en raakt aan de praat met de man naast haar. Beiden blijken iemand van vroeger te kennen. Zij heeft een relatie met hem gehad, hij heeft zijn muzikale kunsten genadeloos afgekraakt. Hoe zou het deze jongeman verder vergaan zijn? Dan mengt de een na de ander zich in het gesprek, want – toeval of niet – alle reizigers blijken wel een connectie met deze persoon te hebben. Maar er is een hoger plan, een waarin afgerekend wordt met kwelgeesten vanuit het verleden. Dat blijkt wel uit de verrassende eindshot van dit korte verhaal, waarin verwardheid, absurdisme en tragiek samenkomen.

Recensie Wild Tales

Wild Tales (Relatos salvajes) is een bundeling van zes verhaaltjes, waarin een lijn van geweld, corruptie, wraak en opoffering te ontdekken valt. Allemaal luchtig gebracht overigens, want de nodige portie humor ontbreekt er niet in.

Het weerzien met een ongenode gast loopt slecht af, een ingenieur raakt steeds meer in de problemen na een incident met een parkeerboete, een man die jarenlang in dienst is bij een rijk gezin moet opdraaien voor een auto-ongeluk dat de zoon des huizes heeft veroorzaakt. Straffe zaken dus, waarin buiten de wispelturigheid en hardheid van mensen de Argentijnse maatschappij onder de loep wordt genomen. Omkoping en onrecht zijn aan de orde van de dag.

Bloed op de bruidstaart
De finale wordt ingezet met een bruisend huwelijksfeest, maar ook dat is van korte duur. De gelukzalige bruid komt erachter dat manlief er een affaire op na hield met zijn sensuele collega. Vanaf het moment dat hij toegeeft is het feest een slagveld van gebroken glas, omgevallen taart en bloedsporen.

Szifrón hanteert een mix van tragikomedie en wreedheid. Zijn korte verhaaltjes doen wat denken aan die van Roald Dahl, in wiens Kiss Kiss en Someone Like You een macabere kwaadwilligheid de toon voert en de mens wordt afgeschilderd als zelfzuchtig wezen. Ieder filmpje, overigens in speelduur verschillend, laat zien dat geluk en stabiliteit geen vanzelfsprekendheid zijn. Je leven kan plots veranderen, waarbij spanning, onrecht en irritatie het beest in de mens naar boven halen. Ofwel getriggerd door een corrupte maatschappij, ofwel door op macht en wraak beluste mensen om je heen, ofwel vanuit je eigen ontembaarheid.

Recensie Wild Tales

Onverschillig leedvermaak
In de korte verhaaltjes domineert een zwartkomische toon boven de problemen die daadwerkelijk spelen. Echt naargeestig en indringend (zoals Dahls korte verhalen) wordt het daardoor niet, waarbij ook speelt dat niet ieder filmpje inhoudelijk even sterk is. Zo werkt het verhaal van de ingenieur (met acteur Ricardo Darín, bekend van The Secret in Their Eyes (2009) en Nine Queens (2000)) naar een geforceerde en wat voorspelbare climax toe.

In ieder verhaal draait het om een plotse, dik aangezette ontknoping. Invoelen met de personages is er niet bij, daarvoor zijn ze te eendimensionaal neergezet. Wild Tales is vooral een dolle, op momenten hilarische rit door het leven. Origineel en verfrissend, dat wel, maar wat blijft hangen is het gevoel van onverschillig leedvermaak.

 

29 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Vlucht regenwulpen, Een

**

recensie  Een vlucht regenwulpen 

Verfilming doet romanklassieker Maarten ’t Hart geen recht 

door Joan Gebraad

Tijdens de campagne Nederland Leest 2014 ontvangen leden van de openbare bibliotheek en scholieren gratis een exemplaar van Een vlucht regenwulpen. Maar kan de film uit 1981 zich meten met de befaamde roman? 

Een vlucht regenwulpen is een Nederlandse klassieker geschreven door de gevierde auteur Maarten ’t Hart. Hoewel verschenen in 1978, schreef ’t Hart de roman, in zijn tienerjaren, al omstreeks 1971. In 1981 zag de boekverfilming het levenslicht.

Geile droeftoeter zoekt vrouw
Droeftoeter Maarten (Jeroen Krabbé) is een celbioloog die nog nooit in zijn leven seks heeft gehad. Hoewel succesvol als professor die zich met het klonen van organismes bezighoudt, is hij een nerdy, contactgestoorde dertiger met een Oedipuscomplex die nog bij zijn moeder woont. Of beter gezegd: zijn zieke moeder verzorgt. Bijna de hele film ligt ze met een doek over haar hoofd, terwijl de kijker zijn harses mag kraken over de vraag wat haar nu in hemelsnaam scheelt.

Recensie Een Vlucht Regenwulpen

Wanneer Maarten bijna een auto-ongeluk krijgt, krijgt hij doodsangsten. Hij heeft nog maar zeven dagen te leven. Nog maar een week om met een vrouw te seksen, anders is het einde oefening en zal hij branden in het hete hellevuur. Aldus Maartens imaginaire alter ego. Hierna gaat hij op missie, waarbij hij onder meer een hoertje, labassistente Jannie en zijn moeders verpleegster overweegt. Echter, het liefst zou hij het bed delen met zijn saaie jeugdliefde Martha (Willeke van Ammelrooy).

Simpele en platte insteek
De insteek van de film wijkt hierdoor voor een belangrijk deel af van de roman. Waar Maarten in de film aan een zevendaagse ontmaagdingsqueeste begint en vooral een verslag van zijn ‘avonturen’ is, legt de roman meer nadruk op Maartens eenzaamheid, hoe hij hiermee dealt, het verband met zijn opvoeding, de band met zijn moeder en de afvalligheid van zijn geloof.

De film legt ook weinig uit. Waarom is Maartens moeder van haar geloof gevallen? Waarom Maarten? Waarom groeit hij geïsoleerd op? Ook komen bijvoorbeeld Maartens voyeurisme (in de roman achtervolgt hij Martha) en de belangrijke rol van de natuur niet erg duidelijk naar voren in de film. Evenals het gegeven dat Maarten pleinvrees ontwikkelt, nadat zijn amandelen per verrassing getrokken worden. De film geeft aanwijzingen, maar de kijker mag lekker in het duister tasten.

Daarnaast is het einde een grote sof. Maarten ’t Hart koos voor een open einde. Hierdoor laat hij ruimte aan de lezer om Maartens lot zelf in te vullen. De verfilming eindigt echter op zijn Hollywoods. Dit doet verder afbreuk aan de verhaallijn. Gelukkig vergeet de film niet één van de sleutelscènes van de roman. Op het moment dat Maartens moeder sterft, vliegt een zwerm regenwulpen door de lucht. Zijn moeder ziet het. Zo’n aangezicht is zeer zeldzaam. Maarten beseft dat dit een speciaal moment is. Misschien is dit voor hem een teken dat God toch bestaat. Of juist de bevestiging dat de streng gereformeerde doemleer van zijn jeugd onzin is. Verder ervaart Maarten (in de roman tenminste) het gezang van regenwulpen altijd als vertroostend. Tot slot kan gesteld worden dat de zwerm regenwulpen symbool staat voor loslaten. Maarten laat zijn oude liefdes (zijn moeder en Martha) en problemen los.

Karikatuur
Maarten wordt neergezet als een negatief stereotiepe van een nerd. Contactgestoord, onsociaal, onhandig, saai, gekleed in een saai pak en natuurlijk een bril met dikke jampotglazen op het hoofd. Hij is intelligent, goed in zijn werk en kan eigenlijk alleen maar over zijn vakgebied praten, wat mensen soms als saai ervaren.

Recensie Een Vlucht Regenwulpen

Na de jaren tachtig kwam echter de ‘wraak van de nerds’. Silicone Valley-nerds, als Bill Gates, Steve Jobs en Mark Zuckerberg zijn excentriek, maar worden in films, reportages en documentaires niet meer neergezet als karikaturen van contactgestoorde losers. Ook de opkomst van populair wetenschappelijke zenders als Discovery Channel en National Geographic lijkt ertoe te hebben bijgedragen dat natuurwetenschappen minder als een onbegrijpelijke bezigheid voor wereldvreemde mensen wordt gezien. Kortom: de ‘wetenschapper’ en de ‘nerd’ worden positiever en menselijker geportretteerd.

Bekeken vanuit een eigentijds perspectief verveelt en irriteert het personage Maarten. Hij had een round character  kunnen zijn door te focussen op zijn psychologische ontwikkeling van zijn eenzaamheid, geloofsafval of relatie met zijn moeder.

Al met al doet deze verfilming Maarten t’ Harts roman geen recht. De film bevat een gedateerd perspectief en mist de nuance van de roman. Grijp in dit geval dus ouderwets lekker naar een boek.

 

24 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Pride

****

recensie  Pride

Homo’s en mijnwerkers vinden elkaar in nostalgisch tijdsbeeld

door Karina Meerman

Britse succesformule geeft ontroerend tijdsbeeld van twee buitengesloten gemeenschappen die elkaar vinden in zware tijden. 

In 1984 gingen mijnwerkers in Groot-Brittannië in staking als protest tegen de overheidsaankondiging van het grootschalig sluiten van de mijnen. De staking zou bijna een jaar duren. Een lange periode waarin de meeste mijnwerkers en hun gezinnen niet konden rekenen op inkomen of bijstand. Overal in het land ontstonden inzamelacties.

Recensie Pride

De film Pride zoomt in op de activiteiten van de Londense ‘Lesbians and Gays Support the Miners (LGSM)’, een groep onder de bezielende leiding van de 23-jarige Mark Ashton (Ben Schnetzer). Geïnspireerd door de Pride, de jaarlijkse mars voor gelijke rechten voor homo’s en lesbiennes, besluiten ze geld in te zamelen voor de mijnwerkers. Voordat zij echter een vakbondsafdeling hebben gevonden die geld wil accepteren van homo’s, zijn we al een stuk verder in de film en hebben we al een band opgebouwd met de meeste hoofdpersonen.

Harmonie en conflict
Pride verloopt volgens de succesvolle Britse formule van de feelgoodmovie. Men neme een groep interessante personages en volgt hun persoonlijke ontwikkeling alsook hun plaats in de groep. Neem een contrasterende groep en doe hetzelfde. Laat de groepen elkaar ontmoeten, voeg nog wat extra harmonie en conflict toe en sluit af met een ontroerend einde.

Wat Pride bijzonder maakt is dat de film is gebaseerd op feiten: de LGSM steunde inderdaad een kleine gemeenschap in Wales en werd op onverwachte wijze beloond voor haar steun. Knap van regisseur Matthew Warchus dat hij een stuk geschiedenis kan vertellen als een sprookje, zonder de akeligheden te schuwen. Want ook voelt Pride als een feelgoodmovie, het leed van mijnwerkers- en de homogemeenschap in dit tijdsgewricht is duidelijk aanwezig.

Recensie Pride

Sociaal activisme
Wie jong was in de jaren tachtig wordt succesvol teruggeworpen in een tijd van sociaal activisme, veel zwarte make-up en het gevoel dat onrecht nog te bestrijden was met muziek en persoonlijke daden. Een tijd zonder internet en mobiel: je arriveerde ergens zonder dat je wist hoe het eruit zag. Je kon drie uur te laat zijn zonder bereikbaar te zijn. Een andere vorm van protestacties dan op een URL klikken of vanaf de computer geld doneren. Niet per se beter, maar wel anders. Wel beter is de positie van homo’s en lesbo’s. Dat bijvoorbeeld politieagenten – ook in Londen – meewandelen in de Gay Pride was in 1984 nauwelijks voor te stellen.

De Britse formule maakt Pride enigszins voorspelbaar, maar aangezien het geschiedenis is, mag dat ook wel. De personages zijn sympathiek genoeg, de humor is prettig en wie pinkt er niet graag een traantje weg tijdens de film?

 

14 oktober 2014

 
ALLE RECENSIES

Hector and the Search for Happiness

**

recensie  Hector and the Search for Happiness 

Midlifecrisis zoektocht naar de betekenis van geluk

door Nanda Aris

In Hector and the Search for Happiness gaat een man van middelbare leeftijd op zoek naar de betekenis van geluk, zodat hij zijn psychiatrische patiënten weer kan helpen. Hij reist de wereld over en komt in veel verschillende, soms onvoorstelbare, soms grappig bedoelde situaties terecht, voordat hij erachter komt wat gelukkig zijn echt betekent. 

Hector and the Search for Happiness is geregisseerd door Peter Chelsom, die we kennen van Serendipity, Shall We Dance en Hannah Montana: The Movie. Mierzoete films, dus het ligt in de lijn der verwachting dat zijn jongste film van een fijn laagje Hollywood-clichés voorzien wordt. De film is gebaseerd op de gelijknamige internationale bestseller uit 2002 van de Franse psychiater en schrijver Francois Lelord. 

Recensie Hector and the Search for Happiness

Comfort
Hector (Simon Pegg: Shaun of the Dead, Star Trek: Into Darkness) is een gelukkige man, met een geordend, comfortabel en weinig spannend leven. Als Londense psychiater luistert hij naar zijn patiënten, maar steeds vaker kan hij moeilijk het geduld opbrengen om naar het geklaag van hen te luisteren. Want wat is het belang van zijn werk als hij zijn patiënten elke week ziet, maar zij niet beter worden? Een eigentijds gegeven: rijke, maar ontevreden mensen. 

Hij vraagt zich af wat gelukkig zijn precies inhoudt, en vraagt het zijn perfecte vrouw Clara (Rosamund Pike: Wrath of the Titans, Jack Reacher). Zij schrikt, omdat ze denkt dat hij niet meer van haar houdt. Ze denkt dat het komt omdat ze geen moeder wil worden. Weer een eigentijds gegeven: volwassenen die moeite hebben grote beslissingen in hun leven te nemen. Wanneer Hector aankondigt dat hij op reis wil in zijn eentje, om uit te zoeken wat mensen gelukkig maakt, geeft Clara hem carte blanche  in deze zoektocht. 

Rondreis
En zo begint zijn reis, van Azië naar Afrika, en van Amerika uiteindelijk weer terug naar Londen. Hector komt in veel verschillende situaties terecht: van luxe nachtclub naar monniken, naar ‘Afrika’ met prachtige uitgestrekte landschappen, een beangstigende vlucht in een vliegtuig, en een drugsbaron wiens vrouw hij helpt. Hij wordt ontvoerd en ontsnapt ternauwernood aan de dood; ondanks de ernst van de situatie, totaal niet geloofwaardig, door het gebruik van humor en luchtigheid. Hector besluit op bezoek te gaan bij zijn vroegere liefde in Amerika. Daar komt hij er uiteindelijk achter wat geluk echt betekent, een nogal clichématig einde van de film. 

Deze film doet veel denken aan andere ontdekkingsreisfilms als The Secret Life of Walter Mitty (Ben Stiller, 2013), Eat Pray Love (Ryan Murphy, 2010) en The Bucket List (Rob Reiner, 2007). In al deze films gaan mensen op reis, om dingen te doen die ze nog niet eerder gedaan hebben, of gezien hebben, om geprikkeld te worden, spanning te ervaren, en het leven ten volste te leven. 

Recensie Hector and the Search for Happiness

Flauw
Hector and the Search for Happiness is op sommige momenten tenenkrommend. Zoals wanneer een restauranteigenaresse tegen Hector zegt dat ze graag geluk wil ervaren: ‘I want happiness’, wat met een zwaar accent klinkt als ‘I want a penis’. 

Aan actie geen gebrek, maar impact maakt het niet. Ondanks aardig acteerwerk (onder andere van onze ‘eigen’ Barry Atsma) is de film niet geslaagd. Soms slaan de grappen aan, maar vaker is de humor flauw. De tekeningen die Hector maakt in zijn notitieboekje zijn leuk, sommige van de oneliners over geluk zijn waar en zetten aan het denken, maar van een aantal belerende quotes die regelrecht uit een zelfhulpboek lijken te komen gaan de haren werkelijk overeind staan. Van het bedoelde feelgood-gevoel is uiteindelijk te weinig sprake. 

 

5 oktober 2014

 

ALLE RECENSIES

Trip to Italy, The

***

recensie  The Trip to Italy

Mosterd na de maaltijd?

door George Vermij

Michael Winterbottoms The Trip to Italy biedt het vaste recept van komieken Steve Coogan en Rob Brydon die elkaar de loef afsteken, terwijl de regisseur er nog een smakelijk mediterraan sausje overheen gooit.

Het idee achter de oorspronkelijke The Trip moet Winterbottom wel deels hebben afgekeken van Louis Malles My Dinner with Andre (1981) waar twee acteurs aan tafel met elkaar in discussie raken over het vak. Coogan en Brydon deden iets vergelijkbaars in The Trip (2010), de filmbewerking van de gelijknamige serie voor de BBC. Ook The Trip to Italy is een spin-off van een serie waar meer aandacht wordt gegeven aan de culinaire perikelen van het Britse duo.

Recensie The Trip to Italy

Zoals de titel al prijsgeeft, vindt ditmaal alles plaats onder de Italiaanse zon. De acteurs worden er weer op uitgestuurd om te gaan schrijven over restaurants. Niet omdat het gastronomische connaisseurs zijn, maar wegens hun celebrity-status. De trip start in het noorden van Italië en loopt van de kust van Ligurië naar Rome om te eindigen op Capri. Ondertussen rijdt het duo in een mini (vette knipoog naar de oorspronkelijke The Italian Job uit 1969) terwijl ze gevat bekvechten over hun fluctuerende sterstatus.

Seksloze oom
Coogan en Brydon spelen zichzelf: Britse komieken die ondanks hun succes bang zijn om gedegradeerd te raken in de showbusiness. Leeftijd en afnemend sexappeal zijn daarbij de grootste ergernissen die ze aankaarten in gesprekken. Het voorziet de film van een meta-aspect waar de filmindustrie op de hak wordt genomen en waar realiteit en fictie schijnbaar in elkaar overlopen. Uit hun conversaties kun je concluderen dat ze in een midlifecrisis zijn beland. Voor jonge vrouwen zijn ze niet meer aantrekkelijk, maar verworden tot een sympathieke maar seksloze oom.

Naast deze frustraties tussen de gangen door is er tijd om op bedevaart te gaan langs de plekken waar Britse romantische dichters op grand tour zijn geweest. De film is geslaagd in de wijze waarop hoge en lage cultuur elkaar afwisselen. Alanis Morissette, Lord Byron, Roger Moore, Alberto Moravia en Jean-Luc Godard. Ze passeren allemaal de revue in de reis door Italië en in een tijd waarin er geen sprake meer lijkt te zijn van een onderscheid tussen high- en lowbrow. Het enige wat je moet bezitten is een brede kennis en interesse in dat veelkoppige monster dat nu cultuur heet. De verwijzingen worden gebruikt als een wisselende decoratie, net als de maaltijden die heerlijk worden gefilmd en je doen verlangen om even een retourtje Rome te boeken.

Moeders en onenightstands
Films over de filmwereld zijn vaak cynisch maar met een knipoog. Naast narcisme, materialisme en oppervlakkigheid is humor het beste middel om door de illusie te prikken. Die humor bezitten Coogan en Brydon natuurlijk, maar daar vervalt de film helaas wel in herhaling. De gevatte chemie die in het eerste deel nog fris was, heeft hier aan nieuwigheid ingeboet. De imitaties die in The Trip nog hilarisch waren, zijn op momenten irritant. Weer Al Pacino? Weer Brydons impressie van een kleine man in een doos?

De beste scènes zijn die waar het duo wordt aangevuld door anderen. Zo komen Coogans assistent en zoon ook mee tijdens hun trip, terwijl die ook weer zorgen voor stof om over te praten. Met een publiek wordt de inzet voor de rivaliserende komieken hoger, maar het versterkt ook de gezellige sfeer van mensen die met elkaar genieten tijdens een maaltijd.

Recensie The Trip to Italy

Ondanks de melancholie en luxeproblemen die worden aangekaart blijft de film erg vrijblijvend in zijn boodschap over roem en het goede leven. Verveling blijkt nu eenmaal een onvermijdelijk nadeel te zijn in de gouden kooi van beroemdheid. So what en big deal. In La Dolce Vita (1960) werd al hetzelfde geopperd, zegt de assistent van Coogan in een scène in Rome. Ondanks die inzichten is er verder geen ontwikkeling en blijven beide acteurs gevangen in hun rollen die hun succes hebben bepaald.

Wat verder opvalt, is dat in beide trips de vrouwen er bekaaid vanaf komen. Het zijn moeders of onenightstands. Oftewel een avontuurtje voor een ijdele man die zijn viriliteit nog wil bewijzen, maar als alles voorbij is wacht vrouwlief altijd nog trouw thuis. De onderliggende melancholie van de mannen wordt daarmee wel realistisch onderuit gehaald. De romantische idealen van oude dichters die worden verheerlijkt hebben een heel basale, primitieve en platte oorsprong: Een libido dat zich ondanks de jaren niet laat temmen.

Vermakelijk tussendoortje
Winterbottom speelde al eerder met de oppervlakkigheden van de filmwereld in A Cock and Bull Story (2005) over een gedoemde poging om het cultboek Tristram Shandy te verfilmen. In die film spelen Coogan en Brydon ook tegenover elkaar terwijl Winterbottom verwijst naar Fellini’s 8 ½ (Otto e mezzo, 1963). Winterbottom blijft in dat opzicht een eclectische regisseur die naast Brits sociaalrealisme ook experimenteler te werk gaat. Van hardcore porno met filmhuis pretenties (9 Songs uit 2004) naar maatschappijkritische docu’s (The Shock Doctrine uit 2009). Binnen de diversiteit van zijn oeuvre is The Trip to Italy vooral een vermakelijk tussendoortje.

 

19 september 2014

 
ALLE RECENSIES

Nena

***

recensie  Nena

Als je denkt, gaat het mis

door Nanda Aris

Coming of age film waarin een puber te maken krijgt met haar eerste verliefdheid, gescheiden ouders en een invalide depressieve vader.

Nena is de eerste speelfilm van Saskia Diesing. Het scenario van de film schreef ze samen met Esther Gerritsen. De film is gebaseerd op haar eigen leven in de puberteit, en dus speelt de film aan het einde van de jaren tachtig. Ware het niet dat de euthanasiewet in Nederland pas in 2001 van kracht werd.

Recensie Nena

Cynisme
Nena (Abbey Hoes) is een zestienjarige met donker haar en een ruim zittende zwart leren jas. Ze heeft een goede band met haar vader Martin, een voormalig Duits literatuurprofessor, die al jaren in een rolstoel zit vanwege MS. Een sterke rol van Uwe Ochsenknecht; met zijn cynische grappen weet hij de kijker op de juiste manier te raken. Dit doet ergens denken aan de komische bitterheid in Simon (van Eddy Terstall), hoewel de grappen en het taalgebruik in die film grover zijn. Door het luchtige cynisme, beseffen zowel Nena als de kijker niet direct hoe depressief Martin eigenlijk echt is. Des te harder is de werkelijkheid als blijkt dat Martin een zelfmoordpoging doet. Nena is dan ook diep gekwetst door het feit dat haar vader dood wil.

Leven heeft meerdere kanten
Zelf ontdekt Nena de liefde. Ze wordt verliefd op Carlo (Gijs Blom), de pitcher van het honkbalteam. Over het gooien van de bal moet je niet nadenken: ‘Als je denkt, gaat het mis’, zegt Carlo. Het blijkt een wijze uitspraak, niet alleen toepasselijk op honkbal.

Terwijl Nena haar eerste verliefdheid in alle hevigheid doormaakt, blijkt niet alles rozengeur en maneschijn. Abbey Hoes weet de dromerigheid van de liefde geloofwaardig te combineren met de angst en boosheid om haar vaders situatie. De machteloosheid om haar vader te helpen, en zijn uitzichtloosheid, doen haar beseffen dat het leven meerdere kanten heeft; haar levenslust staat in schril contrast met de doodswens van haar vader.

Tegelijkertijd betekent dit besef dat ze volwassen wordt. De wil om haar vader te helpen is groot, dus gaat ze de conversatie over de dood niet uit de weg. Dit op een bijna té luchtige manier, want het  koelbloedige gesprek over de verschillende manieren van zelfmoord komt niet geheel geloofwaardig over.

Recensie Nena

Plotontwikkeling
De film Supernova van Tamar van den Dop die eerder dit jaar verscheen, gaat ook over de volwassenwording van een jong meisje. Van den Dop is niet bang om een film te maken met weinig plotontwikkeling. Het betekent niet automatisch dat een film niet boeiend of interessant is daardoor. Een andere bevestiging hiervan is de nu in de bioscoop draaiende film Boyhood (Richard Linklater). Beide films kabbelen voort, net als het echte leven. Elke keer wanneer de kijker verwacht dat er iets groots gebeurt, gebeurt er niks. Zeer verfrissend dat de regisseurs van deze films zich niet aan de Hollywood-clichés houden en zo’n film durven maken.

Het was de film Nena ten goede gekomen als de regisseuse vertrouwd had op het maken van een boeiende film, zonder de behoefte te voelen af te moeten sluiten met een sterk einde. De film heeft dit einde niet nodig, zonder het slotstuk waren de impact en geloofwaardigheid vele malen groter geweest. Neemt niet weg dat de film, mede door goede acteurs (ook Fabian Jansen als Theo speelt een prachtige en bij vlagen zeer geestige rol), de moeite waard is.

 

6 september 2014

 
ALLE RECENSIES

Chef

**

recensie  Chef

Luchtige en voorspelbare snack

door George Vermij 

Chef is een culinaire komedie met een voorspelbaar script dat van tegeltjeswijsheden aan elkaar hangt. Daarnaast is het verhaal moeilijk los te zien van John Favreau’s eigen creatieve loopbaan in Hollywood.

Favreau is veelzijdig te noemen. Vanaf de jaren negentig acteert, schrijft en regisseert hij zich een weg door de wisselende trends van Hollywood. Van lichte indie-films zoals het vermakelijke Swingers (over beginnende acteurs in LA) tot aan commerciëlere films zoals de Iron Man-serie die hij regisseerde en produceerde. Chef valt duidelijk in de categorie van persoonlijke indie-komedie ook al heeft de film een voorspelbare verhaallijn en de nodige platitudes over succes, creativiteit en ouderschap. 

Recensie Chef

Favreau speelt chef Carl Casper die na een veelbelovende start als kok vastzit in een sleur. Als een recensent van een toonaangevende blog een bezoek brengt aan het restaurant waar hij werkt, besluit Casper de menukaart eens radicaal om te gooien. Hij wordt echter gelijk teruggefloten door zijn norse en zakelijke baas (Dustin Hoffman op cruise control) die niets moet hebben van al die ‘arty shit’. Met tegenzin kookt Casper het oude en vertrouwde menu, waarna recensent Oliver Platt de maaltijd genadeloos afserveert.  

You’re trending bro!
Parallel aan de kook- en eetperikelen zien we dat Caspers culinaire ambities en perfectie de tol van zijn gezinsleden hebben geëist. Hij probeert weer een band met zijn ex en zijn verwaarloosde zoontje op te bouwen. Casper krijgt van hem les in social media, maar een tweet aan de recensent zorgt voor een internetrel waarna Casper besluit om zijn vaatdoek in de ring te gooien.

Om weer in contact te komen met zijn culinaire roots besluit Casper om snacks aan de man te brengen met een food truck. Samen met zijn zoontje en een trouwe keukenhulp (John Leguizamo ofwel Benny Blanco from the Bronx uit Carlito’s Way) reist hij Amerika af, terwijl ze Cubaanse sandwiches verkopen en binnen korte tijd door Caspers internetberuchtheid uitgroeien tot een hype.  

Niet voor vegetariërs
Het is natuurlijk verleidelijk om Chef te zien als een artist statement verpakt in een feelgoodkomedie. Dat Caspers creativiteit wordt ingedamd door zijn baas en afgekraakt door critici zijn ervaringen die Favreau zeker heeft meegemaakt als filmmaker. Casper is in een stevige midlifecrisis beland en zoekt weer naar een zin voor zijn bestaan.  De culinaire roadtrip zorgt er uiteindelijk voor dat hij weet waar hij het allemaal voor doet. Mooie bijkomstigheid is natuurlijk dat de band met zoonlief ook weer versterkt wordt. Twee filmclichés in één klap!

Favreau weet de platgetrapte verhaallijn nog wel leuk in beeld te brengen.  Het eten wordt als smakelijke food porn  getoond met een nadruk op sappige en malse stukken vlees en het lekker sudderen van de braadpan. Zeker geen genot voor vegetariërs, maar iedereen begrijpt wel dat die Cubaanse broodjes over de toonbank vliegen als je naar de soundtrack luistert: een opzwepende mix van soul, salsa en oldschool breakbeats. Het benadrukt de street cred van Caspers street food nog eens.

Recensie Chef

Waan van de dag
Verder geeft Favreau ook een simpel maar grappig beeld van de waan van de dag die ten grondslag ligt aan social media. Als Casper het nut van Twitter ontdekt wordt elke tweet bijgestaan door een animatie van een zwerm van blauwe vogeltjes. Hier schuilt ook weer een link naar Favreau’s eigen ervaringen met de kracht van het internet en de ontvangst van zijn grote films. 

Minder geslaagd zijn de vele gastrollen die de revue passeren, maar niets bijdragen aan het geheel. Scarlett Johansson en Sofia Vergara fungeren puur als eye candy en doen niet echt mee in de mannenwereld van de keuken. Robert Downey Jr. flitst ook even voorbij wegens zijn connectie in Favreau’s Iron Man. Het zal wel een goedbedoelde vriendendienst zijn geweest. Daarmee is Chef ondanks wat grappige elementen helaas een standaardsnack die tijdelijk even de honger stilt, maar verder weinig voedingstoffen bevat.

 

29 augustus 2014

 

 

ALLE RECENSIES

Maps to the Stars

*****

recensie  Maps to the Stars 

Oscar als moordwapen

door Alfred Bos

Maps to the Stars is de meest genadeloze satire op onze hang naar roem, rijkdom en aandacht – gesymboliseerd door Hollywood – die er tot nu toe op het filmdoek is vertoond. Regisseur David Cronenberg en scenarist Bruce Wagner gooien de remm(ing)en los.  

David Cronenberg is de Neil Young van de eigentijdse cinema. De Canadees is dwars en grillig; trekt los van mode en reputatie zijn eigen spoor; heeft een herkenbare eigen stem, goed voor een uniek oeuvre; en is langzaam maar zeker uitgegroeid tot een monument. Het Amsterdamse filmmuseum EYE wijdt deze zomer een expositie aan de man en diens werk (tot 14 september). Voor die gelegenheid maakte Cronenberg de korte film The Nest, die voor de duur van de expo is te zien op YouTube.

Recensie Maps to the Stars

‘De hel is een wereld zonder drugs’, zegt een van de (behoorlijk verknipte) personages in Cronenbergs laatste werkstuk en vuur is een van de centrale motieven in Maps to the Stars, een ongemeen zwart en als zuur bijtend portret van de hang van Hollywood en haar bewoners naar roem en succes. Het script is van Bruce Wagner, een verklaarde Hollywood-hater en auteur van onder meer de miniserie Wild Palms en White Dwarf,  intelligente en eigenzinnige sciencefiction uit de jaren negentig. Met zijn aan beatauteur William Burroughs verwante cynisme is Cronenberg de ideale regisseur voor de meest genadeloze satire van Hollywoods illusiefabriek die er op het filmdoek is geprojecteerd.

Hallucinaties
Maps to the Stars, overigens pas de eerste film waarvoor Cronenberg naar Los Angeles is afgereisd, is alles wat de doorsnee Hollywood-productie niet is. De verhaallijnen over het door brand verminkte kindermeisje Agatha (Mia Wasikowska), het narcistische jeugdsterretje Benjie Weiss (Evan Bird), een verknipte actrice die hoopt haar incestueuze moeder te spelen in een biopic (Julianne Moore) en haar mentale coach (John Cusack) komen geleidelijk en zonder knaleffecten tezamen. Cronenberg trekt langzaam het doek van een gruwelijke waarheid weg, waardoor het unheimische gevoel – wat is hier in godsnaam aan de hand – allengs plaatsmaakt voor ontzetting. Willen we wel weten wat we te weten krijgen?

Cronenberg maakte naam met naar sciencefiction neigende films (Videodrome, The Fly, Naked Lunch, Crash ) waarin de lichamelijke integriteit van de personages wordt geschonden door technologie. Die fysieke horror heeft gaandeweg plaatsgemaakt voor psychische horror; de personages van Maps to the Stars leven in een emotionele woestijn waarin drugs en eigenwaan de leegte moeten vullen. Wat is gebleven zijn de surrealistische trekjes die het werk van Cronenberg regelmatig doen herinneren aan dat van David Lynch. Ook in deze film hallucineren enkele filmkarakters er ongeremd op los en is het verschil tussen waan en werkelijkheid subjectief. Ze zijn de auteurs van hun eigen nachtmerrie. Buiten is het kil, binnen nog veel killer.

Recensie Maps to the Stars

Woedeaanval in lotushouding
Cronenberg zet zijn personages neer als emotioneel gehandicapte kneuzen die door hun ambities in monsters veranderen en transformeert de kijker tot voyeur. Ondertussen valt er ook te lachen, al is de humor gitzwart en cynisch, waarbij regisseur en scenarist burleske momenten niet uit de weg gaan. Zo is er de scène waarin een Hollywood-filmprijs (het is uiteraard de Oscar, maar niet heus) als moordwapen wordt ingezet en zijn er meerdere dialogen over poep. En wat te denken van een woedeaanval in lotushouding? Er zijn meer films waarin roem als de nieuwe religie en aandacht als de ultieme verslaving worden neergezet, Maps to the Stars gaat nog een stapje verder en toont hoe egotisme de empathie weg vreet. Is het toeval dat er vooral kinderen doodgaan?

Cronenberg zelf noemt Maps to the Stars een komedie, zoals al zijn film volgens de regisseur komedies zijn. Maar dan wel een komedie van het brute en onverschrokken soort. Al vouwen de verhaallijnen ineen, niet alles is aan het slot van de film duidelijk. Ook het gedicht van de Franse surrealist Paul Éluard, waar diverse malen naar wordt verwezen, biedt geen soelaas. Maakt allemaal niets uit, zo kan de kijker in zijn hoofd zijn eigen film invullen en dat is precies het verschil tussen entertainment en kunst. Meesterlijke film.

 

22 augustus 2014

 
ALLE RECENSIES

Magic in the Moonlight

***

recensie  Magic in the Moonlight 

Romantiek aan de Rivièra

door Alfred Bos

Zelfs de routinefilms van Woody Allen zijn scherper en diepzinniger dan de meeste eigentijdse romcoms. De 78-jarige regisseur en scenarioschrijver levert in zijn vierenveertigste rolprent vertrouwde kwaliteit.  

De quizvraag voor thuis: wat was het laatste jaar dat Woody Allen géén nieuwe film in de bioscoop had? Dat was 1981, het jaar waarin Ronald Reagan als president werd beëdigd. Onwaarschijnlijke productie, van niveau ook, want op zeperds is de 78-jarige regisseur (één Oscar) en scenarioschrijver (drie Oscars) nimmer te betrappen geweest. Voor hen die jaarlijks naar de bios gaan om de nieuwe Allen te savoureren, Magic in the Moonlight is van de gekende kwaliteit. Vertrouwd ook omdat er in de rolprent diverse Allen-karakteristieken voorbij komen.

Recensie Magic in the Moonlight

De romantische komedie speelt aan de Côte d’Azur in het jaar 1928, op de soundtrack getypeerd door de ‘hot’ jazz en klassieke muziek van die dagen (Stravinsky, Ravel). Colin Firth speelt de excentrieke Britse misantroop Stanley, die als de ‘Chinese’ illusionist Wei Ling Soo olifanten weg tovert op het toneel van een Berlijns variététheater; en passant horen en zien we Ute Lemper een schuimend lied vertolken. Allen varieert al een loopbaan lang op de thema’s bluf en schijn.

Freud en fraude
Stanley’s aanwezigheid is gewenst in de Provence, waar een jong Amerikaans medium, Sophie (Emma Stone), een gefortuneerde familie dreigt te tillen. Hij, de Nietzsche citerende scepticus die bekend is met alle trucs van het illusionistenvak, moet haar ontmaskeren. Het is goed voor woordspelige grappen over Freud en fraude. De film toont de botsing van ratio (Stanley) en magisch denken (Sophie), van argwaan en geloven, van cynisme en spiritualiteit. De les: zonder illusies kun je niet leven.

Het is een klassieke Allen-moraal, zoals Magic in the Moonlight een klassieke Allen-film is. Stanley is de licht neurotische tobber die de alledaagse waanzin doorziet, maar niet begrijpt. Hij fileert goedgelovigheid en hypocrisie in spitse dialogen, vaak ten koste van zichzelf. Stanley is de buitenstaander in een coterie van wereldvreemde upper class en berekenende paladijnen, die omgeven door weelde de tijd doden met galafeesten, nutteloze uitstapjes en spirituele seances. Stanley doet mee, maar staat er boven. Denkt hij.

Recensie Magic in the Moonlight

Magisch mediterraans licht
Wie de geestige dialogen en spitsvondige terzijdes aan zich voorbij laat gaan en alleen naar het decor kijkt, ziet een authentiek vormgegeven en schitterend gefotografeerd paradijs, badend in het magische licht van de Midi. Voor de filmopnamen zijn de reclameborden langs de kustweg van Nice naar Menton verwijderd, zodat Stanley en Sophie in hun klassieke Riley-automobiel door een ongerept landschap kunnen rijden. In 1928 waren er zwerfvuil noch rugzaktoeristen. En niemand was getatoeëerd.

Magic in the Moonlight mist het zwarte randje dat Allens voorgaande film, Blue Jasmine, boven de routine uit tilt. Zijn vierenveertigste film is een pleidooi voor romantiek en gespeelde onschuld als alternatief voor cynisme en eigenbelang. Het is géén gestyleerde nostalgie, daarvoor prikt Allen te scherp door de verwaten naïviteit van zijn personages. Zoals alle sprookjes heeft Magic in the Moonlight  en happy end. Met Stanley komt het goed, want de illusionist geeft zich over aan de illusie. Magie maak je zelf.

 

18 augustus 2014

 
ALLE RECENSIES