5 motieven om iemand te kidnappen

Vijf motieven om iemand te ontvoeren

The-King-of-Comedy

Mag je een regisseur ontvoeren zodat hij geen slechte films meer kan maken? Je zou het kunnen denken na het zien van Kidnapping Freddie Heineken. Meestal is losgeld de reden om iemand te ontvoeren, maar er zijn natuurlijk genoeg andere motieven om iemand te kidnappen. Vijf voorbeelden.

door Cor Oliemeulen

1. – Suna no onna (1964)
Motief: ARBEID

Natuurlijk, je kunt iemand ontvoeren om voor je te laten werken, maar in Suna no onna (De vrouw in het zand) lijkt er meer aan de hand. De Japanse regisseur Hiroshi Teshigahara verfilmde het boek van Kôbô Abe dat gaat over een entomoloog die in een afgelegen duinengebied buiten Tokio op zoek gaat naar insecten, wordt uitgenodigd te overnachten bij een weduwe die in een zandkuil woont en de volgende ochtend ontdekt dat de touwladder is verdwenen. Net als de vrouw moet hij emmers zand scheppen zodat de dorpelingen het kunnen verkopen. Tevens moeten ze voorkomen dat het huisje niet door het zand zal worden opgeslokt. Vluchten kan niet meer en langzaam ontstaat er een innige band tussen de weduwe en de gijzelaar. Of is onze entomoloog ontvoerd om voor nageslacht van de geïsoleerde dorpsbewoners te zorgen?

Zeer bijzondere film met goed spel, stijlvolle cinematografie, zoals close-ups van bezwete, met zandkorrels bedekte lichamen en gezichten, en adequate experimentele muziek. De film gaat over overleven en aanpassen in een uitzichtloze omgeving en terugkeren naar de menselijke basis.

2. – Die fetten Jahre sind vorbei (2004)
Motief: NOODZAAK

Twee activistische vrienden breken graag in bij rijke mensen. Niet om de buit te houden of om onder de armen te verdelen, maar om de bewoners te laten zien dat hun weelde hen niet onaantastbaar maakt. In dit krachtige drama van de Oostenrijkse regisseur Hans Weingarter gaat Jan (Daniel Brühl) in de fout door verliefd te worden op het meisje van zijn vriend en haar in te wijden in de praktijken van de Edukators, zoals de idealistische inbrekers zich noemen. Tijdens een inbraak worden ze betrapt en zien ze geen andere keus dan de eigenaar te ontvoeren.

De twee vrienden, het meisje en de rijkaard trekken zich terug in een berghut, alwaar langzaam een band tussen slachtoffer en daders ontstaat. Ook de rijkaard blijkt vroeger idealen te hebben gehad. Eten, drinken, blowen en spelletjes worden afgewisseld met politieke meningsverschillen en een lastige driehoeksverhouding. Die fetten Jahre sind vorbei doet hunkeren naar een tijd waarin mensen nog ergens voor stonden en blijft onvoorspelbaar tot het eind.

3. – Rabbit-Proof Fence (2002)
Motief: RASSENZUIVERING

Wie denkt dat de nazi’s het systematisch uitroeien van een ras hebben uitgevonden, zal zich verwonderen over het feit dat dit in Australië gebeurde voor de rassenwetten van Neurenberg en nog vele jaren na de val van het Derde Rijk. In het waargebeurde drama Rabbit-Proof Fence van Phillip Noyce zien we hoe drie meisjes van een Aboriginal-familie door de autoriteiten worden ontvoerd en aan de andere kant van Australië in een heropvoedingskamp onder leiding van nonnen belanden. De kinderen mogen hun eigen taal niet meer spreken en krijgen les in Engelse waarden en cultuur.

De Aussies pakten het minder drastisch aan dan de nazi’s: Aboriginals werden geforceerd om kinderen van blanken te krijgen zodat het zwarte bloed op den duur zou verdwijnen. Of zoals de christelijke ‘chief protector of Aborigines’ (Kenneth Brannagh) het verwoordt: “The native must be helped.” Gelukkig weten de drie meisjes te ontsnappen en beginnen ze aan hun 1200 mijl lange terugtocht, gevolgd door een spoorzoeker (Aboriginal-acteur David Gulpilil die in hetzelfde jaar in Tracker dezelfde rol had).

4. – Ugly (2013)
Motief: KINDERHANDEL

Eindelijk weer eens een spannende Indiase film, die geheel vrij is van Bollywood-ingrediënten. Ugly is de succesvolle opvolger van Anurag Kashyaps schitterende maffiafilm Gangs of Wasseypur. Ook ditmaal weet hij al het geweld verantwoord te compenseren door de vakkundige en inventieve manier van scriptschrijven en regisseren. We volgen de lotgevallen van een onbekende filmacteur wiens dochtertje is ontvoerd. Het hoofd van de politie, getrouwd met de ex van de acteur, verdenkt de vader.

Politiegeweld, afluisterpraktijken en intimidatie vormen de opmaat van de rollercoaster waarin de kijker continu op het verkeerde been wordt gezet. De ontknoping is absoluut verrassend en plaatst het laatste puzzelstukje naadloos in het originele misdaadmysterie van een onmiskenbaar filmtalent.

5. – The King of Comedy (1982)
Motief: 15 MINUTES OF FAME

Beter één avond koning, dan je hele leven een schlemiel. Dat is de overweging van Rupert Pupkin (Robert De Niro), om zijn grote voorbeeld, de beroemde talkshow host Jerry Langford (een verre van grappige Jerry Lewis) te ontvoeren. Rupert wil obsessief graag stand-up komiek worden, maar het lukt hem niet Langford ook maar enigszins te enthousiasmeren voor zijn repertoire. Echter Rupert is geenszins van plan de handdoek in de ring te gooien. Hij waant zich zelfs Langfords vriend en neemt een vriendin onuitgenodigd mee naar het huis van de tv-ster, waar de pijnlijke ervaring leidt tot een fantastische confronterende scène.

The King of Comedy is een essentieel zwart komisch drama van Martin Scorsese dat gaat over de intense drang naar roem en de keerzijde ervan. De Niro speelt een van zijn beste rollen als de authentieke antiheld die het eindelijk lukt om als stand-up komiek voor een groot publiek op te treden. Soms is het dus goed om iemand te ontvoeren, zeker als het een chagrijnige, arrogante hufter is.

 

23 juni 2015

 

Alle leuke filmlijstjes

Journal d’une femme de chambre

**

recensie  Journal d’une femme de chambre

Genoeg reden om Buñuels versie nog eens te kijken

door Cor Oliemeulen

Hoe breng je de belevenissen en vernederingen van een dienstmeid ruim honderd jaar later op het witte doek?

Benoît Jacquot is de derde regisseur die de satirische roman ‘Le Journal d’une femme de chambre’ voor de bioscoop verfilmde. Dit in 1900 gepubliceerde ‘Dagboek van een kamermeisje’ van Octave Mirbeau gaat over de Parijse Célestine die komt te werken bij de familie Lanlaire in Normandië. Door overpeinzingen en flashbacks leren wij hoe zij in eerdere betrekkingen talloze vernederingen moest ondergaan. Zo herinnert zij zich hoe haar eerste werkgever gruwelijk stonk toen hij op haar kwam liggen en Célestine als dank een sinaasappel kreeg. Ook bij de Lanlaires is haar afhankelijkheidspositie flagrant. De vrouw des huizes blaft haar af en de mannelijke aandacht neemt ziekelijke vormen aan.

Recensie Journal d'une femme de chambre

Moderne slaaf
De trotse en pragmatische Célestine is zich bewust van zowel haar verschijning als haar lot. Ze blijkt bedreven in het psychologische machtsspel van aantrekken en afstoten, vooral ten opzichte van mannen. Tegelijkertijd beseft ze dat ze als dienstmeisje altijd een moderne slaaf van de maatschappelijke bovenklasse zal blijven, niet in staat de nukken en uitbuitingen te vermijden. Daarom heeft Célestine zich voorgenomen een rijke man te zoeken. De vraag is of zij die uiteindelijk zal vinden in de persoon van de antisemitische knecht Joseph, die Célestine wil meenemen naar zijn gedroomde café in de havenstad Cherbourg. Het boek van Mirbeau eindigt met een trieste boodschap: terwijl je zou mogen verwachten dat Célestine in haar hoedanigheid van bazin aardig en correct met haar werknemers zou omgaan, vertoont ze dezelfde deemoedige aanpak waarmee ze als dienstmeid werd geconfronteerd.

In zijn filmadaptatie blijft Benoît Jacquot de destijds omstreden roman redelijk trouw, hoewel hij enkele wezenlijke gebeurtenissen, zoals het oorspronkelijke verhaaleinde, weglaat. Zijn Journal d’une femme de chambre richt zich vooral op de sociale en persoonlijke misstanden waarmee Célestine te maken krijgt. De focus ligt geheel op haar innerlijke wereld en de manier waarop zij probeert om te gaan met het abjecte gedrag van de bourgeoisie.

Journal d'une femme de chambre

Sleutelgatscènes
De machtswellust en minachting is prachtig verbeeld in de scène waarin mevrouw Lanlaire aan Célestine vraagt of zij boven een schaar wil halen, vervolgens een naald en direct hierna ook garen. Nadat het kamermeisje voor de derde keer amechtig de lange trap is afgedaald, zou je ook als toeschouwer het irritante belletje van mevrouw Lanlaire willen stoppen op de plaats waar geen zonlicht komt.

Waar Jacquot niet in slaagt, is het vertellen van een consistent verhaal: zijn drama is een allegaartje van fragmenten, waarbij de chronologie niet goed te volgen is en sommige plotelementen lukraak zijn ingevoegd en karig uitgewerkt. Zo wordt Joseph plotseling in verband gebracht met een misdrijf, waar bijvoorbeeld de filmversie van Luis Buñuel uit 1964 uitgebreid suggereert hoe de trouwe knecht tot die perverse daad zou zijn gekomen. Ook van de vijandige buurman van de Lanlaines, een ex-legerkapitein, is niet veel te merken. En terwijl Jacquot het taalgebruik van de personages in de moderne tijd heeft geplaatst, zou je – in navolging van de vele sensuele pikanterieën van het dagboek – ook wat meer sleutelgatscènes mogen verwachten, zeker als je de beschikking hebt over Léa Seydoux (La vie d’Adèle, 2013). Meer frivoliteit had het drama goed gedaan.

Recensie Journal d'une femme de chambre

Boeiende filosofie
Journal d’une femme de chambre is even vlak en invalide als Jacquots vorige film 3 Coeurs: hij weet zijn boeiende filosofie niet goed naar het witte doek te vertalen. Hoe anders deden zijn voorgangers het. The Diary of a Chambermaid (1946) van Jean Renoir is amusant en meer een kluchtige romance dan een drama. Hierin vertolkt Chaplin-muze Paulette Goddard lekker zwierig de rol van Célestine, die de avances van de oude buurman in de wind slaat, verliefd wordt op de gebrekkige zoon van de familie Lanlaire en niets moet weten van de knecht Joseph, die aan het eind zelfs door een boze menigte wordt gelyncht.

Luis Buñuel maakt het in zijn superieure Le Journal d’une femme de chambre minder bont, maar zijn draaiboek getuigt van veel meer lef en originaliteit dan dat van de recente verfilming van Benoît Jacquot. In Buñuels versie die zich ontpopt als een heuse whodunit, blijkt meneer Lanlaire een schoenenfetisjist die dood op zijn bed wordt aangetroffen met een laars van Célestine in zijn mond, is ook de zoon des huizes een eersteklas geilneef (wie anders dan Michel Piccoli?) die zijn handen niet kan thuishouden, beweegt Célestine (Jeanne Moreau) zich perfect tussen haar mannelijke aanbidders en krijgen bourgeoisie en katholieke kerk (let op de vloekende en zuipende pastoor), zoals gebruikelijk bij Buñuel, flink op hun falie. Jeanne Moreau speelt bovendien een veel geloofwaardigere Célestine dan Paulette Goddard en Léa Seydoux bij elkaar.

 

20 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

Kidnapping Freddy Heineken

**

recensie  Kidnapping Freddy Heineken 

Weinig leven in de brouwerij

door Cor Oliemeulen

Ruim dertig jaar na dato spreekt de ontvoering van biermagnaat Alfred Heineken nog genoeg tot de verbeelding om er een internationale coproductie van te maken. Helaas is de recente boekverfilming geen schim van De Heineken Ontvoering.

“Het is niet de film die we voor ogen hadden toen we ermee begonnen”, schreef Peter R. de Vries op Twitter. Volgens de misdaadjournalist en schrijver van het boek waarop Kidnapping Freddy Heineken is gebaseerd, is de verfilming te kort, afgeweken van het script en zijn er wezenlijke passages op de montagetafel gesneuveld. Dat is spijtig voor Peter R., die na De Heineken Ontvoering (2011) nog zo de vloer had aangeveegd met deze ambitieuze en veel spannendere misdaadthriller van Maarten Treurniet. “Voor iedereen die iets van de Heinekenontvoering én van recherchewerk af weet is de film op veel momenten lachwekkend, ridicuul en stuitend ongeloofwaardig”, schreef De Vries destijds op zijn website.

Recensie Kidnapping Freddy Heineken

Ultieme verfilming
Alle reden dus om van Kidnapping Freddy Heineken de ultieme verfilming van zijn crime classic te maken. In ieder geval beter dan de “fictie en verzinsels, met een vleugje misdaadhistorie” die we volgens De Vries in De Heineken Ontvoering krijgen voorgeschoteld. Glunderend, opgewonden en trots vertelde de auteur bij Humberto Tan over de belangstelling uit Hollywood, zijn contacten met de producer en hoe hij op de prachtige sets met authentieke uitstraling persoonlijk een oogje in het zeil kon houden. Aan het eind van zijn boekverfilming komt Peter R. als story consultant zelfs ook nog even in beeld als hij de hand mag schudden van Anthony Hopkins, die is gestrikt voor de rol van Alfred Heineken.

De Zweed Daniel Alfredson, die het tweede en derde deel van de Millennium-trilogie regisseerde, overtuigt echter geen moment met zijn doorsnee actiefilm die alleen maar interessant is omdat hij gaat over de geruchtmakende ontvoering van de wereldberoemde Nederlandse biermagnaat. Niet alleen maar omdat er in de film groene in plaats van de toenmalige bruine Heinekenflesjes worden geledigd of omdat er op de aftiteling staat dat de brouwer in 2003 overleed in plaats van 3 januari 2002 – nee, Kidnapping Freddy Heineken is gewoon saai. Veel scènes zijn te kort, de montage is onsamenhangend, terwijl de onderlinge relaties tussen de kidnappers en hun contact met de opgesloten Heineken niet uit de verf komen.

Recensie Kidnapping Freddy Heineken

Royalties
Peter R. de Vries schreef ‘De ontvoering van Alfred Heineken’ vanuit het perspectief van het brein achter de ontvoering, Cor van Hout, op basis van een aantal interviews met hem nadat Van Hout met zijn zwager Willem Holleeder was gearresteerd in Frankrijk. De misdaadjournalist had toegezegd dat het boek pas na de rechtszaak in 1987 mocht worden gepubliceerd en regelde de rechten van Van Houts levenswandel, volgens De Vries om te voorkomen dat Heineken beslag kon laten leggen op de opbrengst.

Hoewel er door de jaren heen verschillende verhaalversies in omloop zijn, zou Cor van Hout tot aan zijn liquidatie in 2003 tonnen hebben verdiend aan de royalties van het boek, waarvan ruim een half miljoen exemplaren zijn verkocht. Een schijntje weliswaar vergeleken met een deel van het vermiste losgeld dat de Heineken-ontvoerders na hun gevangenisstraf zouden hebben geïnvesteerd in de prostitutie. Dat avontuurlijke misdaadleven van ‘The Godfathers van Nederland’, zoals ze in Kidnapping Freddy Heineken bijna liefkozend worden genoemd, zou bij voorbaat een veel interessantere bewerking opleveren dan deze futloze registratie, die je direct na de aftiteling bent vergeten.

 

18 juni 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Vijf motieven om iemand te kidnappen

Macondo

***

recensie  Macondo

Volwassen op je elfde

door Cor Oliemeulen

Tijdens het integratiedebat zijn het al snel buitenstaanders die een mening hebben zonder de vluchtelingen zelf hierin te betrekken. In Macondo volgen we de worstelingen van de elfjarige Tsjetsjeense jongen Ramasan.

De in Iran geboren regisseur Sudabeh Mortezai vindt dat vluchtelingen vaak worden behandeld als onderwerp of kwestie. Als ervaringsdeskundige belicht zij in Macondo het perspectief van binnenuit. Mortezai verhuisde van Teheran naar Wenen toen ze twaalf was en situeert haar eerste speelfilm in Macondo, een buitenwijk van de Oostenrijkse hoofdstad. In de jaren vijftig werden er de eerste Hongaarse vluchtelingen gehuisvest, later kwamen er asielzoekers uit Tsjecho-Slowakije, Chili en Vietnam. Op dit moment wonen er zo’n tweeduizend mensen met twintig nationaliteiten. Door recente internationale conflicten bestaat de nieuwe lichting vooral uit Afghanen, Somaliërs en Tsjetsjenen.

Recensie Macondo

Man in huis
Eén van de gebroken gezinnen in Macondo is afkomstig uit de laatstgenoemde autonome Russische republiek. De elfjarige Ramasan woont er met zijn moeder en twee jongere zusjes. Vanuit de eigen moslimtraditie voelt hij zich verantwoordelijk als de enige ‘man’ in huis. Aangezien zijn moeder bijna geen Duits kan, doet Ramasan het woord tijdens de aanvraag van de asielprocedure en fungeert hij als tolk. Op straat probeert hij zijn mannelijkheid te bewijzen door het luidruchtig rondhangen en het plegen van vandalisme. De imam wil dat Ramasan vaker naar de moskee komt en vindt het tijd dat er een volwassen man in hun huis komt.

Een gegadigde hiervoor is Isa, die vlakbij in de vluchtelingenwijk woont en Ramasans vader kende omdat ze samen vochten tijdens de oorlog in hun moederland. Het lot van de vader is niet bekend; volgens Ramasans moeder is hij gesneuveld, maar tijdens de asielprocedure kan zij dit niet aantonen. Als Isa voor het eerst het gezin ontmoet, overhandigt hij Ramasan een foto en het horloge van zijn vader. Terwijl Ramasan zijn onbekende vader verder idealiseert, biedt Isa aan om klusjes voor hun gezin te doen, waardoor er langzaam een band tussen Ramasan en Isa ontstaat.

Recensie Macondo

Acteertalent
Sudabeh Mortezai slaagt in het geloofwaardig neerzetten van een authentiek bestaan in een vluchtelingenwijk. Haar cast is een mix van bewoners en onervaren acteurs, wat Macondo bij vlagen een documentaire-achtige ondertoon geeft. De jongen Ramasan blijkt een absoluut acteertalent: door de omstandigheden groeit hij sneller op dan misschien goed voor hem is, worstelt hij met zijn identiteit en probeert de rol van zijn vader op zich te nemen. Tegelijkertijd voelt hij zich verantwoordelijk voor zijn getraumatiseerde moeder.

De relatie tussen Ramasan en Isa ontwikkelt zich tot een vriendschap, echter als Isa in de ogen van Ramasan te dichtbij komt en zich als vaderfiguur opwerpt, dreigt de situatie volledig uit de hand te lopen. Het onvermijdelijke conflict maakt van Macondo een mooi opgebouwd en overtuigend drama (waarin nauwelijks plaats voor vrouwen is). Een intiem portret van een intelligente jongen die goed om zich heen kijkt, zijn best doet om zich te bewijzen, maar ondertussen een zware last met zich meezeult.

 

12 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

Testament of Youth

***

recensie  Testament of Youth

Vrouw aan het front

door Cor Oliemeulen

De eerste speelfilm waarin we de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog zien door de ogen van een Engelse vrouw. Een technisch vakkundig gemaakt, treurig kostuumdrama met als enige echte verrassing de uitstekende hoofdrol van de Zweedse actrice Alicia Vikander.

Regisseur James Kent duikt graag in het leven van historische figuren (o.a. Mozart en Margaret Thatcher), maar schuwt niet om ook minder bekende, maar niet minder aansprekende, mensen te portretteren. Tot dusver deed hij dat in documentaires en tv-films. Testament of Youth, naar de autobiografische bestseller van de Engelse schrijfster, feministe en later pacifist Vera Brittain, is zijn eerste bioscoopfilm.

Recensie Testament of Youth

Van Oxford naar slagveld
Niet iedereen in Engeland viert het einde van de Eerste Wereldoorlog even uitbundig. Net als de meeste van haar landgenoten heeft Vera (Alicia Vikander) een hoop leed te verwerken. Enkele geliefde personen in haar directe omgeving hebben de verschrikkingen van het slagveld niet overleefd. Mannen, vaak nog jongens, die vol avontuur en plichtsbesef naar Frankrijk vertrokken met de overtuiging de Duitse vijand in korte tijd een kopje kleiner te maken, vielen aan het front, in de loopgraven, onder wapens en mosterdgas.

Ook Vera wil zich niet onbetuigd laten en de oversteek maken, nadat ze in de krant pagina’s vol namen van gesneuvelde landgenoten ziet en zich realiseert dat ook haar geliefde Roland en close broer Edward er zijn gaan vechten tegen ‘de Hun’. Vera is vastbesloten de gewonden te gaan verzorgen, maar haar plan wordt ten zeerste afgekeurd door haar ouders, die er aanvankelijk ook op tegen waren dat Vera wilde gaan studeren. Pa vindt dat Vera beter kan gaan trouwen dan studeren: ‘Vrouwen in Oxford kunnen niet eens een graad krijgen. Het is weggegooid geld.’

Duitse soldaat
Vera’s eigen wil is bewonderenswaardig. Nadat ze op het vasteland in een verpleegstersuniform is gehesen, beschouwen haar leidinggevenden en collega’s Vera in eerste instantie als het welgestelde universiteitsmeisje uit een ivoren toren, maar dit verandert snel als zij zien dat Vera vol overgave de gewonden verzorgt. Vera’s belevingswereld verandert drastisch als zij in een barak met louter zwaargewonde Duitse soldaten moet werken. Hier vindt ze de inspiratie voor haar pacifistische boodschap in haar latere leven. Hoogtepunt van de film is dat Vera de hand van een stervende Duitse soldaat vastpakt en tot hem spreekt alsof zij zijn geliefde is zodat hij vredig zijn laatste adem kan uitblazen.

Het lukt regisseur James Kent om sentimentele valkuilen te vermijden, gesteund door de overtuigende acteerprestatie van Alicia Vikander. In de momenteel nog in de bioscoop draaiende originele sciencefictionthriller Ex Machina speelt zij een bijna emotieloze robot met kunstmatige intelligentie die niets liever wil dan een mens worden. In Testament of Youth kan Vikander juist haar hele scala van emoties tentoonspreiden: geluk, hartstocht, radeloosheid, pijn en vastbeslotenheid.

Recensie Testament of Youth

Van onbezonnenheid naar wanhoop
Vera’s gevoelens worden regelmatig ondersteund door close-ups en sfeerrijke beelden van de omgeving: vanaf haar onbezonnen jeugd als Vera met haar broer en vrienden schaterend ravot in de natuur en zwemt in een meer, tot en met haar wanhoop als Vera buiten in de zompige grond te midden staat van honderden brancards met zwaargewonden en doden terwijl de camera van boven langzaam uitzoomt om de omvangrijkheid van de oorlogswaanzin aan te zetten.

Hoewel Testament of Youth door de ingehouden sensualiteit en het hartverscheurende van het leven qua verhaal en setting beslist authentiek oogt, mankeert het de film gevoelsmatig aan een serieuze intrige zoals in het sterkere romantische oorlogsdrama Atonement (2007). En het feit dat onze protagonist te boek staat als feministe komt slechts tot uiting in Vera’s opvatting dat zij liever gaat studeren dan trouwen, en in de scène waarin de vrouwelijke Oxford-rector haar toevertrouwt dat een vrouw tweemaal zo hard moet studeren dan mannen. Maar ook zonder noemenswaardige verrassingen in het scenario is de filmbiografie de moeite waard.

 

9 juni 2015

 
ALLE RECENSIES

5 Iraanse filmjuweeltjes

Vijf Iraanse filmjuweeltjes

baran-

Films uit Iran schrikken vaak af als je niet weet wat voor wonderschone producties er in dit streng islamitische land worden vervaardigd. Misschien juist wel door de restricties lukt het cineasten artistieke films met grote zeggingskracht te maken. Dat geldt dus zeker niet alleen voor Taxi Teheran (Gouden Beer in Berlijn) dat deze week in première gaat.

door Cor Oliemeulen

1. – Baran (Majid Majidi, 2001)

Met weinig middelen gedraaid romantisch drama van een regisseur die alleen maar fenomenale speelfilms maakt (o.a. Children of Heaven, 1997 en The Song of Sparrows, 2008) speelt zich grotendeels af op een bouwterrein in Teheran. De 17-jarige Turkse jongen Lateef fungeert er als jolige boodschappenjongen die de arbeiders voorziet van thee en regelmatig in de clinch met hen ligt. Wanneer een illegale Afghaanse arbeider zich meldt met zijn kind Rahmat, blijkt laatstgenoemde niet geschikt voor zwaar werk. Lateef moet zijn baantje afstaan aan Rahmat en ontdekt na een aantal pesterijen dat zijn nieuwe collega een meisje met de naam Baran is. Het duurt niet lang voordat hij verliefd op haar wordt en alles voor haar zal doen. Na een onaangekondigde arbeidsinspectie moeten alle illegalen spoorslags vertrekken en besluit Lateef het meisje te zoeken.

Deze innemende film met komische en poëtische noten mondt uit in een trieste bestemming. De regen spoelt de laatste voetstap van Baran weg.

2. – Gaav (Dariush Mehrjui, 1969)

Dit op een toneelstuk gebaseerd drama over een man die zijn koe adoreert wordt beschouwd als het begin van de Iraanse New Wave. Dat regisseur Dariush Mehrjui zich liet inspireren door de Italiaanse neorealisten (o.a. Luchino Visconti en Roberto Rossellini) zie je aan de sfeervolle zwart-wit kaders gevuld met gewone mensen (inclusief door kinderen geplaagde dorpsgek), levend en werkend in hun eigen natuurlijke omgeving en worstelend met crisis en moraal.

De koe van Hassan is het enige rund van het dorp. Als haar baasje even naar de stad is, overlijdt het zwangere dier plotseling. De dorpsbewoners durven Hassan niet te confronteren met dit grote verlies, begraven de koe en vertellen Hassan bij terugkomst dat zij is weggelopen. Hassan wordt krankzinnig en gaat zich gedragen als zijn koe: loeiend liggend in de stal met zijn hoofd in de voederbak. De dorpsbewoners stellen alles in het werk om tot hem door te dringen.

Gaav is een gaaf en amusant verteld dorpsverhaal dat wel tragisch eindigt. Verplichte kost voor cinefielen en volgens bronnen de favoriete film van ayatollah Khomeini.

3. – No One Knows About Persian Cats (Bahman Ghobadi, 2009)

De Iraanse regisseur Bahman Ghobadi is een van de meest talentvolle Aziatische cineasten van deze eeuw. A Time for Drunken Horses (2000), Turtles Can Fly (2004) en Rhino Season (2012) zijn filmparels die bijzondere vertellingen in een weinig bekende historische context plaatsen. De semi-documentaire No One Knows About Persian Cats is misschien minder notoir, maar zeker zo interessant en realistisch.

In Iran kan Westers georiënteerde muziek alleen maar in het diepste geheim worden gepraktiseerd. We volgen het meisje Negar en de jongen Ashkan in hun zoektocht naar bandleden om een concert in Londen – en hun vertrek uit Iran – te kunnen bewerkstelligen. Verrassend goede en regelmatig aanstekelijke muziek (traditioneel, rock, blues, metal, rap en pop) wordt afgewisseld met gesprekken en beeldflitsen van het leven in dit repressieve moslimland.

4. – Nema-ye Nazdik (Abbas Kiarostami, 1990)

Vanwege zijn pure en artistieke manier van film maken staat Abbas Kiarostami hoog op het admiratielijstje van Jean-Luc Godard en Martin Scorsese. De begaafde Iraanse regisseur zelf oogt in interviews (altijd met zonnebril) bescheiden, maar eigenzinnig. Volgens hem valt de Iraanse censuur mee: ‘vrouwen zonder hoofddoek filmen mag niet, en verder maak ik gewoon wat ik leuk vind en zie ik wel of ze het goed vinden.’ Kiarostami gebruikt nooit geweld; zijn perfecte film is er eentje die moet ontspannen en waarbij je in slaap kunt vallen. Als je Nema-ye Nazdik (Close-Up) zonder enige voorkennis kijkt, onderga je mogelijk dat lot. Dus is het handig om te weten hoe dramatisch uniek deze combinatie van documentaire en fictie is.

Hossain wil iemand zijn. Hij is groot fan van Mohsen Makhmalbaf, geeft zich uit voor deze beroemde Iraanse regisseur en belooft een welgestelde familie een rol in zijn zogenaamde nieuwe film.

Het briljante van Kiarostami’s (soms wat droge) registratie is dat iedereen zichzelf (na)speelt: de misleider, de familieleden en de regisseurs. Zelfs de rechtszaak komt voorbij – die lijkt authentiek, maar zeker weten doen we het niet.

5. – Darbareye Elly (Asghar Farhadi, 2009)

Wat is er gebeurd met Elly? Dat is de hamvraag in Darbareye Elly (Zilveren Beer in Berlijn), het eerste meesterwerk van Asghar Farhadi die twee jaar later met het sensationele scheidingsdrama Jodaeiye Nader az Simin (A Seperation) een Oscar won. Een groep vrienden uit Teheran gaat voor een weekend naar de Kaspische Zee. Eén van de vrouwen heeft stiekem de schooljuf van haar dochter uitgenodigd om haar te koppelen aan een gescheiden vriend die in Duitsland woont. Maar dan dreigt een van de kinderen te verdrinken en blijkt de dromerige Elly, die toezicht zou houden, plotseling van de aardbodem verdwenen.

Dit sfeervolle, beklemmende drama met thrillertrekjes gaat vooral over menselijke verhoudingen: vriendschap, vertrouwen, vooroordelen, leugens en spijt. Geweldig geacteerd en mooi gefilmd. De kijker mag uiteindelijk zelf proberen de hamvraag te beantwoorden.

9 juni 2015

 

Alle leuke filmlijstjes

Dancing Arabs

***

recensie  Dancing Arabs

Palestijn in Israël

door Cor Oliemeulen

Tieners worden geacht te worstelen met hun identiteit: wie ben ik en wat moet ik met mijn leven? In het intrigerende opgroeidrama Dancing Arabs volgen we een jonge Palestijn in Israël, die extreme maatregelen neemt om zijn toekomst veilig te stellen.

Als opgroeiende Palestijn in Israël krijgt het zoeken naar identiteit een extra dimensie. Neem nu Eyad. Hij woont in Tira, een typisch Arabisch stadje in Israël. Maar wie of wat is hij eigenlijk? Is hij Palestijn of Israëli? Een jood of een moslim? En is zijn woonplaats bezet of bevrijd? Eén van bekendste regisseurs van Israël, Eran Riklism, hakte al vaker met het Joods-Israëlische identiteitsbijltje en portretteert in Dancing Arabs een jongeman die uiteindelijk een belangrijke, maar omstreden, keuze zal maken.

Recensie Dancing Arabs

Tussen hoop en vrees
Riklism schetst zijn hoofdpersonage Eyad als iemand die voortdurend op verkenningstocht is: wie hij is, wie hij zou moeten zijn en wat van hem wordt verwacht. Zijn aspiraties, dagelijkse strijd, hoop en angsten. Eyad heeft de ziel van een dansende Arabier, die zich onderzoekend beweegt tussen de ambities, illusies, zorgen en spanningen van zowel zijn land als zijn volk. Een dans die begint als Eyad zich als slim, klein jongetje profileert op een Joods-Israëlische school, waar hij zijn leraar liever zijn vingers blauw laat slaan dan te moeten toegeven dat zijn vader ‘slechts’ een fruitplukker is. Later zal blijken waarom vader vroegtijdig zijn studie moest opgeven.

Het verhaal van Eyad is gebaseerd op de bestseller Dancing Arabs van Sayed Kashua, die ook het scenario schreef en zelf in de jaren tachtig opgroeide in Tira. Israël valt Libanon weer eens binnen en verklaart de oorlog aan de PLO (Front voor de Bevrijding van Palestina) van Yasser Arafat. In Israël zelf ontstaan initiatieven om Palestijnen en Joden te laten verbroederen. Zo zien we hoe een doorvoed joods jochie in het kader van Children for Peace tijdelijk bij Eyad en zijn gezin komt wonen. Het levert enkele leuke fragmenten op, zodat ernst kan worden gerelativeerd met humor en ironie.

Recensie Dancing Arabs

Liever kanker dan een Arabisch vriendje
Als Eyad in 1988 als enige Palestijn aan een universiteit in Jeruzalem mag gaan studeren, is aanpassen het devies. Het duurt een poos voordat hij gewend is aan de taal, de cultuur en de godsdienst. Eyad wordt geplaagd, soms gediscrimineerd en een lerares spreekt consequent zijn naam verkeerd uit. Hij wordt verliefd op de joodse studente Naomi, maar mag niet bij haar thuis komen. Naomi’s moeder had liever gewild dat ze lesbisch of drugsverslaafd was of dat ze kanker had dan een Arabisch vriendje. Eyads moeder vindt het geen problemen dat haar zoon een joodse vriendin heeft; daarentegen staat de hele familie op het dak te juichen als er tijdens de Golfoorlog een raket in Tel Aviv inslaat.

Veel gemakkelijker en prettiger verloopt Eyads omgang met de aan een spierziekte lijdende joodse jongen Jonathan en diens moeder. Eyad zorgt voor Jonathan, ook als die langzaam aftakelt, en gebruikt Jonathans identiteitskaart om een baantje te kunnen krijgen. Eyads ultieme actie mag dan wel wat abrupt en een tikkeltje ongeloofwaardig overkomen, zijn persoonlijke offer is kennelijk wel een garantie om als Palestijn in Israël te kunnen slagen.

 

30 mei 2015

 
ALLE RECENSIES
 

5 leuke titelpersonages met de naam Charlie

Vijf leuke titelpersonages met de naam Charlie

Charlie-

Met de release van het Aboriginal-drama Charlie’s Country duiken we in de filmgeschiedenis op zoek naar leuke titelpersonages met de naam Charlie. Welkom in de wondere werelden van de heren Chan, Brown, Bartlett, Banks en Countryman.

door Cor Oliemeulen

1. – Charlie Chan

Sherlock Holmes mag dan wel als de allereerste speelfilmdetective worden beschouwd, zijn verschijning in 1921 met in de titelrol John Barrymore was niet bijster succesvol. Charlie Chan, het gelijknamige karakter uit de boekenreeks van Earl Derr Biggers, zette het detectivegenre pas echt op het witte doek. In 1931 introduceerde Fox Films deze superspeurder in de bioscoop: Charlie Chan Carries On. De besnorde, bescheiden Charlie Chan – gezegend met dertien kinderen van wie de oudste zoon pa altijd mag helpen – strooit kwistig met Oosterse wijsheden terwijl hij moordmysteries oplost zodra de politie dreigt te verzaken. Het was voor het eerst dat een Chinees in een Amerikaanse film niet als slechterik werd afgeschilderd.

Een Zweedse immigrant speelde nota bene de eerste Charlie Chan: Warner Oland, die in zestien films de titelrol vervulde. Hij was de eerste acteur in de filmgeschiedenis die schatrijk werd, maar in 1937 moest hij stoppen wegens psychische problemen en alcoholmisbruik. De filmserie ging door tot 1948 met mindere titelheldvertolkers. Bij de fans staat Charlie Chan at the Opera (1936) met stip bovenaan, niet in de laatste plaats omdat Boris Karloff de schurk speelt. Karloff was wereldberoemd geworden als het Monster van Frankenstein. Meeliftend op het immense succes van de wijze Chinese detective werd Karloff vervolgens gevraagd voor een nieuwe filmreeks als Mr. Wong. Een andere bekende acteur uit die jaren, Peter Lorre, mocht komen opdraven voor een aantal Mr. Moto-films.

2. – Charlie Brown

Een voor het grote publiek bekendere Charlie ontsproot aan het brein van Charles Schulz, die in 1950 zijn eerste comic strip publiceerde over Charlie Brown. Na 17.879 (!) cartoons borg hij zijn tekenpotloden definitief op. De strip kreeg de titel ‘Peanuts’, waar Schultz ‘Good Old Charlie Brown’ meer recht vond doen aan zijn humor. Een reeks korte tv-animatiefilms en The Charlie Brown and Snoopy Show maakten van Charlie Brown het meest populaire en commercieel succesvolle fenomeen uit de Amerikaanse popcultuur. Een bioscoopfilm kon niet uitblijven: A Boy Named Charlie Brown (1969). Drie jaar later verscheen Snoopy Come Home en in 1977 werd Race for Your Life, Charlie Brown uitgebracht. Eind 2015 verschijnt een feature film in 3D voor een nieuwe generatie fans van het eigenwijze jochie dat zijn hele leven niet ouder is geworden dan acht jaar.

Op het eerste gezicht lijkt Charlie Brown een loser. Zo is het hem al die jaren nooit gelukt om een rugbybal weg te schoppen, want meestal ritste de sadistische Lucy de bal net voor zijn voet weg. In zijn bipolaire neigingen toont Charlie Brown zich echter ook ambitieus en een leider (bijvoorbeeld van een honkbalteam). Typerend zijn Charlie’s gevoelige gedachten: ‘I think I’ve discovered the secret of life – you just hang around until you get used to it.’

3. – Charlie Bartlett

De 17-jarige Charlie Bartlett droomde altijd al om op een podium te staan. Zijn vader is verdwenen en zijn rijke moeder is een tikkeltje gestoord. Enigst kind Charlie (Anton Yelchin) is zo verwend dat hij het op geen enkele privéschool uithoudt. Dus moet hij naar een openbare school, waar hij tussen allemaal alto’s direct opvalt en flink wordt aangepakt door de schoolbully. De sympathieke Susan van de toneelclub vindt hem wel grappig en zorgt ervoor dat Charlie zich anders gaat kleden en gedragen. Het lukt Charlie vrij gemakkelijk om medicijnen van de familiepsychiater af te troggelen, zodat hij zich in no-time ontpopt als schoolpsycholoog, die zijn onzekere medescholieren op het toilet van zowel wijze raad als pillen voorziet.

Charlie wordt populair, de chaos op school groter en de langzaam doordraaiende directeur (Robert Downey Jr.) denkt dat hij de orde slechts kan handhaven met het plaatsen van observatiecamera’s op de campus. Aan alle pret komt abrupt een eind als een leerling overlijdt na een overdosis. Charlie Bartlett (2007) is een onderhoudende coming of age. Een soms komisch, romantisch drama dat toont hoe scholieren worstelen met hun identiteit en zich een plaats in de groep proberen te verwerven. Maar hoe lastig is het, zeker als tiener, om aan alle verwachtingen te moeten blijven voldoen?

4. – Charlie Banks

In hetzelfde jaar verscheen een realistischer en beter schooldrama. The Education of Charlie Banks betekende het regiedebuut van Fred Durst, leadzanger van de Amerikaanse metal/rapcore band Limp Bizkit. Bekend van de hitsingle ‘Break Stuff’ laat Durst ook in zijn film iemand het nodige slopen. We schrijven New York, jaren tachtig. Nick (Jason Ritter), de schrik van de buurt, slaat op een feestje twee scholieren met een bierflesje tegen de vlakte. Charlie (Jesse Eisenberg) doet in het geheim aangifte en Nick verdwijnt achter de tralies vanwege poging tot doodslag. Charlie is blij als hij jaren later naar de universiteit kan om het verleden achter zich te laten. Maar dan verschijnt Nick op de campus. Er ontstaat een kat-en-muisspel en Nick versiert het meisje op wie Charlie verliefd is.

Het lukt Fred Durst sociale verschillen (arbeiders versus rijken) subtiel aan te stippen en een onderhuidse spanning te creëren waarbij geweldsuitbarstingen voortdurend op de loer liggen. Jesse Eisenberg speelt – drie jaar voor zijn doorbraak als Facebook-oprichter Mark Zuckerberg in The Social Network – een rol die op zijn lijf is geschreven: een sjofele, verlegen, ironische nerd. Bovenal is Charlie een goedzak, die vanuit zijn sociale bewogenheid zijn best doet om snelkookpan Nick te enthousiasmeren voor literatuur en op het rechte pad te brengen. Tevergeefs.

5. – Charlie Countryman

Het feit dat The Necessary Death of Charlie Countryman uit 2013 niet in de Nederlandse bioscopen verscheen, komt waarschijnlijk omdat deze eigenzinnige mix van komedie, drama, romantiek en misdaad door de meeste Amerikaanse filmcritici werd afgekraakt. Toch is de film interessant en onderhoudend door het krankzinnige verhaal, de mooie cinematografie, leuke soundtrack en sterke rolbezetting, in de eerste plaats door de perfecte casting van Shia LaBeouf. Deze grillige Amerikaanse acteur wist vrij recent vooral buiten het filmdoek de aandacht op zich te vestigen. LaBeouf werd aan de schandpaal genageld omdat hij een filmtekst van een striptekenaar had gejat, waarna hij tijdens de Berlinale op de rode loper verscheen met over zijn hoofd een papieren zak met de tekst: ‘I’m not famous anymore’.

De sympathieke, grappige, maar wat onzekere Charlie Countryman ziet hoe de ziel van zijn moeder (Melissa Leo) haar mond verlaat nadat zij van de beademing wordt gehaald. Overmand door verdriet ontmoet hij haar geest op de gang van het ziekenhuis. Zij draagt Charlie op om naar Boekarest te gaan. In het vliegtuig overlijdt de Roemeense passagier naast Charlie, die na de landing vastbesloten verliefd wordt op diens dochter, de celliste Gabi (Evan Rachel Wood) en zich in de lokale party scene stort (let op Rupert Grint als uitgelaten XTC-gebruiker). Maar van een leien dakje loopt het allerminst: Charlie krijgt al snel te maken met Gabi’s jaloerse creepy ex-man Nigel (Mads Mikkelsen).

 

28 mei 2014

 

Alle leuke filmlijstjes

Good Kill

***

recensie  Good Kill

De gamer als God

door Cor Oliemeulen

De Nieuw-Zeelandse cineast, scenarist en producer Andrew Niccol is geen vrolijke frans. Zijn visie op de toekomst van de mens is in sommige gevallen al werkelijkheid. Good Kill gaat over de gewetensnood van een militair die met een drone meer dan enkel terroristen moet doden.

Niccol werd bekend met het tragische verhaal over een verzekeringsman (Jim Carrey) die in The Truman Show (1998) ontdekt dat zijn hele wereld is geconstrueerd ten faveure van een live tv-serie. De eerste film die Niccol regisseerde was Gattaca (1997) waarin hij de gevaren van genetische manipulatie aan de orde stelt, gevolgd door S1m0ne (2002) waarin een producer (Al Pacino) met de creatie van een digitale droomvrouw zijn publiek een lesje leert. In Time (2011) dwingt de kijker te reflecteren over de obsessie van eeuwige jeugd.

Recensie Good Kill

Videogame
Films met een wat afstandelijke toon, zodat de thema’s nog meer tot nadenken kunnen stemmen. Good Kill vormt hierop geen uitzondering, zij het dat de gebeurtenissen van Niccols pas zesde speelfilm reeds realiteit zijn: het inzetten van drones voor militaire doeleinden. In Amerika’s War on Terror is het doden van terroristen op afstand het jongste geavanceerde wapen om eigen verliezen te voorkomen. Duizenden kilometers verder kan de gemiddelde videogamer met slechts een joystick en een HD-scherm beschikken over leven en dood.

Hoeveel lastiger een militaire sluipschutter het heeft, bewijst Clint Eastwood met het recente American Sniper. Iemand doodschieten zonder dat je slachtoffer je ziet, is misschien even geniepig. Echter waar de scherpschutter soms moet vrezen voor zijn eigen leven, kan de drone-operator in een beveiligde container net buiten Las Vegas met twee vingers in de neus een terroristenkonvooi opblazen. In tegenstelling tot American Sniper, dat vooral een portret van de legendarische scherpschutter Chris Kyle biedt, is Good Kill  minder patriottistisch en slaat de balans in het drama van Niccol meer door in het voordeel van humanisme ten opzichte van vaderlandsliefde.

Laf
Waar Chris Kyle in American Sniper  (Bradley Cooper) de voortdurende drang heeft terug te keren naar het oorlogsgebied, komt drone-operator Tom Egan (Ethan Hawke) steeds meer in gewetensnood. Zeker nadat hij van een CIA-agent via de telefoon opdrachten krijgt (vermeende) terroristen te bestoken, ook al vallen daarbij onschuldige omstanders, vrouwen en kinderen. Veel liever was hij straaljagerpiloot boven Afghanistan gebleven en had hij voor zijn gevoel minder laf en met meer voldoening de vijand aan kunnen vallen. Liever dat dan elke dag na het werk gewoon naar huis en gezin te kunnen.

Ethan Hawke vertolkt de morele strijd beheerst en ingetogen. January Jones speelt zijn vrouw Molly die langzaam de bui ziet hangen, vooral door het overmatige drankgebruik en de geestelijke afwezigheid van manlief. Tom’s aangewakkerde paranoia wordt mooi versterkt door de luchtopnames van de rustieke wijk waarin zijn gezin woont. Je vraagt je af hoe deze welgestelde Amerikaanse burgers zich zelf zouden voelen bij een aanhoudende doodsdreiging van een onzichtbare vijand van boven.

Recensie Good Kill

Statement
Good Kill is een belangrijk tijdsdocument dat de hersenen en het hart pijnigt. Drones blijken weliswaar nuttig als surveillancemiddel dat voorkomt dat grondtroepen extra gevaar lopen, echter de beschietingen met deze onbemande vliegtuigjes zijn zo talrijk en resoluut dat het lijkt alsof er een nieuwe almachtige is verrezen. “Als wij stoppen met doden, wil dat niet zeggen dat zij dat ook doen”, rechtvaardigt de legermajoor de verwoestende acties, zoals de bom op een rouwende menigte op een begraafplaats omdat zich daar een terroristenleider zou bevinden.

Wel een beetje jammer dat Good Kill niet alleen qua kilometers op afstand blijft. De meeste situaties en personages zijn stereotiep neergezet (de onbegrijpende echtgenote, de kortzichtige patriot, etc…) en er is nauwelijks plaats voor karakterontwikkeling. Bovendien had Andrew Niccol de ethische kant van deze steriele oorlogsvoering meer kunnen benadrukken door een keihard statement te maken: Weg met dat tuig!  Orders mogen dan orders zijn, maar wat minder volgzaamheid en meer opstandigheid had een krachtiger effect gesorteerd.

 

22 mei 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Ventoux

****

recensie  Ventoux

Bittere ernst en slap geouwehoer op roemruchte berg

door Cor Oliemeulen

Vriendschap en weemoed, bittere ernst en slap geouwehoer, in een film over mannen: toen ze nog jong waren, en nu dertig jaar later, tegen de achtergrond van een roemruchte berg.

Ventoux begint met een gevaarlijke afdaling op de flanken van de Reus van de Provence, zoals hij bij wielerliefhebbers te boek staat. Het is juli 1982 en we zien hoe een jongen als een razende naar beneden fietst onder de klanken van ‘A Forest’ van The Cure. Hier, op bijna twee kilometer hoogte, is echter geen boom te zien. Deze Kale Berg, met karakteristiek op de top het weerstation, heeft reeds in die tijd mythische proporties aangenomen.

Recensie Ventoux

Legendarisch
Zo legde Jan Jansen er in 1967 de basis voor het winnen van de Tour de France in een etappe waarin de Brit Tom Simpson anderhalve kilometer onder de top dood van zijn fiets viel. Sindsdien is de berg legendarisch. Later finishten andere wielergrootheden als Merckx, Pantani en Froome als eerste op de Ventoux, waar iedere zomer tal van toeristen tegenop fietsen, of een poging hiertoe doen (gemiddeld stijgingspercentage is 7,5 procent). Soms staat er een stormachtige wind en het kan er bovendien snikheet óf ijskoud zijn.

Hoe prachtig en bewonderenswaardig is het dat de veelzijdige regisseur Nicole van Kilsdonk (kampeerde als kind al graag in deze streek) zich een jaar of vijf geleden voornam om de Mont Ventoux als decor van een tragikomedie te nemen. Het idee ontstond op de set van haar tv-film Zadelpijn (2007), naar het gelijknamige, onder vrouwen populaire, boek van Liza van Sambeek. Van Kilsdonk zag een mooie kapstok voor 50-jarige acteurs: een verhaal over vriendschap, vervlogen dromen, schuldgevoelens, afzien op de fiets en over de manier waarop mannen met elkaar communiceren.

Tragedie
Columnist en wielerkenner Bert Wagendorp ging aan de slag met het script en vulde in zijn enthousiasme materiaal voor een heel boek, dat in 2013 uitkwam (het duurde even om de verfilming gefinancierd te krijgen) en direct een bestseller werd. Inmiddels zijn er meer dan 120 duizend exemplaren van verkocht, het bewijs dat het onderwerp populair is. Welnu, de film Ventoux verdient het ook om een dikke hit te gaan worden. Vriendschap en nostalgie van vier bijna-vijftigers die dertig jaar na hun fietsvakantie in de Provence elkaar weer ontmoeten en terugkeren naar de plek waar kameraadschap, liefde en het verkennen van hun fysieke grenzen cumuleerden in een tragedie.

De casting van Ventoux is ideaal. De huidige generatie vrienden bestaat uit de bescheiden gangmaker Bart (Kasper van Kooten), omstreden professor Joost (Leopold Witte), onzekere goedzak David (Wim Opbrouck) en no-nonsense wielerfanaat André (Wilfried de Jong). Met deze acteurs in het hoofd zijn de rollen geschreven, waarna de jonge spelers werden geselecteerd, vooral op basis van fysieke kenmerken van de oudere cast. Maar ook de jonge generatie heeft een goede onderlinge chemie.

Recensie Ventoux

Allure
En hoe leuk is het om actrice Maruschka Detmers als Laura – in haar jeugd verleidelijk gespeeld door Abbey Hoes (Gouden Kalf voor Nena) – eindelijk eens in een Nederlandse film te mogen aanschouwen? Detmers werd in 1983 befaamd in Prénom Carmen van Jean-Luc Godard. In Ventoux komt ze weliswaar een stuk minder prominent en een stuk meer gekleed in beeld, maar nog altijd mysterieus genoeg om dertig jaar na dato de mannen zich nog te laten herinneren hoe Laura hen destijds het hoofd op hol bracht en de loyaliteit tussen de vrienden danig op de proef stelde.

Art direction, kleding en zelfs de Raleigh-fietsen uit begin jaren tachtig kloppen. De soundtrack met talrijke oude hits brengt je direct in de stemming en versterkt het tijdsbeeld. De dialogen, gebeurtenissen en karakters zijn geloofwaardig, zo uit het leven gegrepen en nergens overdreven, karikaturaal of stereotiep. En het schakelen tussen vroeger en nu verloopt soepel.

Is er dan geen minpuntje? Jawel. Tot lang in het verhaal denk je te weten wat de aanleiding is van de toenmalige tragedie op de Ventoux. Echter omdat de makers er per se een feelgoodfilm van wilden maken, komt Laura met een wat gekunstelde bekentenis, die de smartelijke teneur, die zo treffend over het verhaal hing, onderuit haalt. Dat had anders gekund, maar neemt niet weg dat Ventoux een drama met internationale allure is.

 

10 mei 2015

 
ALLE RECENSIES