Only the Brave

**

recensie Only the Brave

Soms werkt een documentaire beter dan een speelfilm

door Cor Oliemeulen

Zoals koppen in kranten prikkelen om het verhaal te lezen, verzint Hollywood pakkende filmtitels die soms weinig aan de verbeelding overlaten. Only the Brave gaat inderdaad over op het oog onverwoestbare helden. ‘Gelukkig’ is er een pluspuntje: de film loopt niet goed af.

Deze biografie van brandweermannen die omkomen tijdens hun werk levert een dubbel gevoel op. Deze gepassioneerde vuurvreters verdienen zonder twijfel een eerbetoon, maar hun noeste arbeid in Only the Brave wordt te vaak gehinderd door romantisering en dramatisering. Zo redt de misfit in het vuurbestrijdingsteam het leven van een collega door hem nog net onder een vallende boom uit te trekken, waardoor hij direct geaccepteerd wordt. En als de teamleider op een dag tegen zijn vrouw zegt dat deze brand wel meevalt en dat hij rond de middag weer thuis zal zijn, weet iedereen dat dit het moment is waarop we al de hele tijd zaten te wachten.

Only the Brave

Hotshots
In het Arizona van 2007 houdt een groep rouwdouwers zich bezig met het bestrijden van bosbranden. Aangevuurd door de wens, kennis en ervaring van hun teamleider probeert de ploeg de status van hotshots te bemachtigen. Zonder dit certificaat moeten zij bij grote branden wachten totdat een elitegroep is gearriveerd. We leren al snel dat deze hotshots geen water, maar vuur, gebruiken om vuur te bestrijden. Door gecontroleerde branden achter een gegraven geul kan de aanstormende brand worden gestopt. Meestal dan.

Het is slechts een kwestie van tijd dat onze groep helden zich de Granite Mountain Hotshots mag noemen. In de film volgen we de privélevens van twee van hen: teamleider Eric (Josh Brolin) en misfit Brendan (Miles Teller). Eric verwaarloost zijn vrouw Amanda (Jennifer Connelly) die gewonde paarden verzorgt en er schoon genoeg van heeft dat Eric zo weinig thuis is. Maar niet getreurd: als Eric op een avond een gezellig kampvuur (!) maakt, slaan de romantische gevoelens toe en begrijpt ook hij dat zij een kind wil.

Tijdens onze eerste kennismaking met Brendan zien we een notoire drugsgebruiker die bij toeval ontdekt dat zijn ex-vriendin zwanger van hem is, maar zij zegt dat zij niets meer met hem te maken wil hebben en dat zij het kind straks alleen zal opvoeden. Nadat ook Brendans moeder hem de deur heeft gewezen, besluit de junk zich aan te melden bij het brandweerkorps van Eric, die hem na veel vallen en opstaan aanneemt. Als hij na de geboorte van zijn kind boodschappen bij de voordeur van zijn ex neerzet, weten we dat het wel goed komt met Brendan.

Only the Brave

Oudgedienden
Only the Brave is een typische Hollywoodfilm: een simpel verhaal en geen plaats voor karakterontwikkeling; mooie omgevingsplaatjes en een sentimentele finale. Het is geen verrassing dat regisseur Joseph Kosinski (die eerder nog maar twee speelfilms maakte: Tron en Oblivion) waarschijnlijk het ‘langverwachte’ vervolg van Top Gun (1986) zal maken. De soundtrack – met weliswaar voordehandliggende vuurvreetnummers als ‘Tush’ (ZZ Top), ‘Jump in the Fire’ (Metallica) en ‘It’s A Long Way To The Top’ (AC/DC) – houdt de vaart er aardig in.

Naast Josh Brolin, Jennifer Connelly en Miles Teller zien we twee oudgedienden wiens rollen redelijk onduidelijk blijven. Het optreden van Andie MacDowell is een niets toevoegende cameo, terwijl haar echtgenoot (?) in de film, Jeff Bridges, fungeert als een soort mentorfiguur die ook nog een countrynummertje mag zingen. Hoewel voor menig kijker op het eind een zakdoekje geen overbodige luxe zal zijn, is het Bridges die met slechts één korte snikkende kreet de meest pure emotie van heel Only the Brave produceert. Sommige gebeurtenissen lenen zich nu eenmaal beter voor een documentaire dan voor een speelfilm.
 

28 mei 2018

 
MEER RECENSIES

Under the Tree

****

recensie Under the Tree

Ideale inspiratiebron voor burenconflict

door Cor Oliemeulen

In IJsland hebben ze kennelijk geen Rijdende Rechter om in een burenconflict te bemiddelen, dus escaleren de perikelen rondom een boom snel, nadat er een kat is verdwenen. Under the Tree is een ideale inspiratiebron voor steggelende buren.

Under the Tree begint als een drama met thrillerelementen. Nadat Atli (de in eigen land populaire komiek Steinþór Hróar Steinþórsson) door zijn vrouw Agnes met een hand in zijn broek wordt betrapt als hij een sekshomevideo van hem en zijn ex-vriendin Rakel kijkt, is hun toch al moeizame relatie direct over. Rakel vervangt het slot van de voordeur en ontneemt Atli contact met hun dochtertje Asa. Dat leidt onder meer tot onaangename bezoeken aan de peuterspeelzaal en Agnes’ kantoor, alsook een spannende achtervolgingsscène.

Under the Tree

Kettingzaag
Atli wil tijdelijk bij zijn ouders gaan wonen en merkt dat ook moeder Inga en vader Baldvin middenin een conflict zitten. Inga is zichzelf niet meer na de zelfgekozen dood van haar oudste zoon. Met de komst van Atli neemt haar irritatie en drankgebruik alleen maar toe. Haar frustratie viert zij verbaal bot op Eybjorg, de nieuwe vrouw van buurman Konrad. Inga vindt Eybjorg een tikkeltje te sportief en aantrekkelijk en bovendien schijt haar herdershond Askur weleens in hun tuin. Nee, als het aan Inga ligt, wordt er nog geen takje gesnoeid, ook al neemt hun boom bijna alle zon uit Eybjorgs en Konrads tuin weg.

Baldvin is een goedzak, die in een mannenkoor zingt en wel begrip heeft voor de klacht van de buren. Maar als op een dag de vier banden van zijn auto zijn lek gestoken, krijgt hij zijn twijfels. Als dan ook nog Inga’s kat spoorloos is, raken de poppen aan het dansen. Bloemen worden uit de grond getrokken, tuinkabouters worden verhuisd en ook Askur verdwijnt, maar meldt zich later op wonderbaarlijke wijze weer op de stoep bij de voordeur. En als Inga haar buurman een kettingzaag uit de kofferbak ziet halen, blijkt die aangeschafte veiligheidscamera geen overbodige luxe.

Under the Tree

Akkoord
In zijn pas derde speelfilm Under the Tree weet de IJslandse regisseur Hafsteinn Gunnar Sigurðsson subtiele Noord-Europese droogheid uitstekend te combineren met een dramatisch plot vol zwarte humor. Na elke pesterij toont hij een tussenshot van de omstreden boom: even langzaam als de zonnestralen zich een weg banen door de bladeren, verdwijnen ze ook weer. Geleidelijk krijgt de dreigende muziek wat frivolere klanken.

De plot van de overspelige man die zijn vrouw om vergeving vraagt omdat hij zijn dochtertje wil blijven zien en de plot van de ruziënde buren vormen samen een gedoseerde reeks van escalaties die leiden tot een regelrechte tragedie. Het meest sprekende personage is Baldvin (Sigurður Sigurjónsson, o.a. Rams) die zich lange tijd zoveel mogelijk afzijdig houdt maar zijn ogen boekdelen laat spreken. Hij heeft ook de mooiste dialoog, bijvoorbeeld als hij tot zijn zoon Atli spreekt: ‘Ik dacht dat jullie wel tot een akkoord zouden komen, zoals volwassenen dat doen.’

Tot de gewelddadige finale van Under the Tree beweegt de kijker zich tussen een gevoel van lachen en janken. Maar als aan alle ruzies dan een definitief einde is gekomen, realiseer je je in één simpel shot hoe kinderachtig volwassenen kunnen zijn. Zelfs in IJsland, waar je relatief weinig bomen en zonuren hebt.
 

13 mei 2018

 
MEER RECENSIES

Fellini’s heilige vrouwen

Deel 1: De Maagd Maria en meisjes van plezier
De heilige vrouwen van Federico Fellini 

door Cor Oliemeulen

De fantasierijke, extravagante wereld van Federico Fellini (1920-1993) is gevangen in weelderige, barokke beelden. In dat unieke universum van herinneringen, illusies en verlangens ontmoeten we vrouwen in alle soorten en maten. Maagden, hoeren, muzen, nonnen, feministen en lustobjecten, hoe voller hoe beter. Fellini voelde zich aangetrokken tot elk type vrouw, maar was er ook bang voor. Een drieluik.

Waar de dolende vrouwen van Michelangelo Antonioni zoeken naar liefde en betekenis maar afknappen op communicatief gebrekkige mannen, blijken de vrouwen van Federico Fellini een eeuwigdurend mysterie voor de regisseur en zijn alter ego’s. Deel 1: De Maagd Maria en meisjes van plezier.

Federico Fellini met Anita Ekberg

Doodgeknuffeld door een jonge non
“Kapitein, als ik haar niet pak, heb ik altijd mijn vrouw nog.” Hoe treffend is de allereerste tekst in de allereerste film van Federico Fellini, LUCI DEL VARIETÀ (1951).

Fellini stond te boek als notoire rokkenjager. Hij sprak weleens van een ‘onverzadigbare draak’ in zijn broek en vond het ‘gemakkelijker om een restaurant trouw te blijven dan een vrouw’. Misschien was het deels grootspraak, want er bestaan nauwelijks bronnen van Fellini’s overspelige karakter. Bovendien verklaarde hij zijn vrouw Giulietta Masina, die tot zijn dood bij hem bleef, regelmatig openlijk de liefde en lijkt het paar op foto’s gelukkig met elkaar. De goedgelovige Masina wordt zonder enige twijfel wél bedrogen in drie van de zes Fellini-films waarin zij acteert.

Fellini’s onwankelbare fascinatie voor vrouwen is evident. Biograaf John Baxter heeft wel een idee waar die vandaan komt. In ‘Fellini, The Biography’ praat de filmmaker over het overweldigende schuldgevoel dat het katholicisme hem al op jonge leeftijd gaf en zegt hij dat die godsdienst iedere vorm van creativiteit en seksualiteit uitroeide. “Ik had niet het flauwste idee waarover ik me schuldig moest voelen en over seks werd niet gesproken. Lange tijd dacht ik dat alle vrouwen tantes waren. Ik werd overmand door opwinding toen ik een vrouw in een avondjurk zag.”

In de biografie ‘Fellini: A Life’ van Hollis Alpert lezen we hoe de kleine Federico op de basisschool werd doodgeknuffeld door een jonge non, een ervaring die hij beschouwde als zijn eerste seksuele gevoel. “De non streelde zijn rug terwijl zij hem vastpakte, en haar geur van aardappelschillen, muffe bouillon en het stijfsel van haar habijt bleef hem lange tijd bij. Hij zei dat de lucht van aardappelen hem zwak maakte.”

Lucia del varietà

Eten van twee walletjes
Geen broeierige nonnen in habijt, maar vooral schaars geklede danseressen in Luci del varietà, een backstage-komedie over een derderangs rondreizend theatergezelschap die Fellini regisseerde met Alberto Lattuada. Zes meisjes in bikini dansen op rock-’n-rollmuziek, gevolgd door een variéténummer waarin Melina (Giulietta Masina) er het beste van probeert te maken. Echter het overwegend mannelijke publiek raakt pas enthousiast van de dansende en zingende Liliana (Carla Del Poggio), een knappe jonge vrouw die zojuist door de oudere manager Checco (Peppino De Filippo) aan het stel is toegevoegd.

Checco ziet zijn vriendin Melina pardoes niet meer staan en wordt verliefd op Liliana. Financieel gesponsord door Melina (!), begint Checco samen met Liliana een nieuw gezelschap dat volle zalen trekt. Het is snel duidelijk dat de liefde niet wederzijds is en dat Liliana’s enige ambitie is om een theaterster te worden. Nadat zij wegloopt naar een hogere bieder keert Checco op hangende pootjes terug bij Melina, die hem met open armen ontvangt. De film eindigt zoals hij begint: Checco en Melina zitten naast elkaar in de trein als een mooie vrouw de coupé betreedt en Checco haar onmiddellijk probeert in te palmen.

Hoe minder buigzaam is het karakter van Giulietta Masina in de romantische komedie LO SCEICCO BIANCO (1952) onder de eerste soloregie van haar echtgenoot. Zij heeft hierin een piepklein rolletje als het hoertje Cabiria, het personage dat we later vastberaden, maar tot het bot vernederd, zullen terugzien in Le notti di Cabiria (1957).

Lo sceicco bianco

Wonderkind Nino Rota
Het verhaal over de witte sjeik werd bedacht door Michelangelo Antonioni, waarna Federico Fellini en Tullio Pinelli er een satirisch scenario van maakten. Een man neemt zijn bruid mee naar Rome om haar aan zijn ouders voor te stellen en de paus te ontmoeten, echter zij gaat op zoek naar haar stripheld De Witte Sjeik (de Italiaanse filmster Alberto Sordi in een vroege rol). Hoewel de kritieken overwegend positief waren, flopte de film, die leidde tot de ondergang van het productiebedrijf en schulden bij Fellini.

Componist Nino Rota had al meer dan zestig films gecomponeerd voordat hij innig met Fellini ging samenwerken. Het voormalige Italiaanse wonderkind, dat al op zijn elfde zijn eerste oratorium componeerde, zou vanaf Lo sceicco bianco alle muziekscores voor Fellini’s films tot en met Prova d’orchestra (1978) verzorgen. Vaak schreef hij lichtvoetige kermis- en circusdeuntjes die vanaf La dolce vita (1960) talrijke optochten van Felliaanse personages en typetjes in die typisch dromerige, hallucinerende wereld zouden begeleiden. Die direct herkenbare klanken, laverend tussen pathos en ironie, vormen een (bijna) onmisbaar ingrediënt van Fellini’s films.

Hopeloze rokkenjagers
Rota’s thema in I VITELLONI (1953) versterkt het gemoed van het groepje laattwintigers in een slaperig kuststadje en komt steeds subtiel in lichte variaties terug. De vijf vrienden (o.a. populaire acteurs als Alberto Sordi en Franco Interlenghi, maar ook Fellini’s broer Riccardo) leiden een lusteloos leven. Infantiele egoïsten, die zich bezighouden met lanterfanten, biljarten, gokken en vrouwen lastigvallen.

Rokkenjager Fausto (Franco Fabrizi, later ook te zien in Il Bidone) bezwangert Sandra, de ‘Miss Zeemeermin’ van 1953. Hij wil vluchten, maar moet van zijn vader met haar trouwen en gaan werken in een winkel met religieuze artikelen. Maar Fausto kan zijn amoureuze streken niet laten en dringt zich op aan andere vrouwen. Als hij met Sandra in een bioscoop zit en ziet dat een mooie dame vertrekt, verzint hij een smoes, achtervolgt haar en probeert haar te versieren. Later randt hij in de winkel de echtgenote van zijn baas aan, onder het toeziend oog van een peloton Heilige Maria’s. Ook nadat Sandra is weggelopen met de baby en Fausto in paniek stad en land heeft afgezocht, is de kijker niet gerust op een goede toekomst. Slechts één van de vrienden laat het uitzichtloze leven in het stadje uiteindelijk achter zich, zonder duidelijke bestemming.

I vitelloni

Fellini, die zichzelf ooit een eeuwige, spirituele vitellone (letterlijk: groot kalf) noemde, won de Zilveren Leeuw in Venetië en verdiende daarmee zijn eerste internationale distributie. Deze sfeervolle autobiografische film vol drama en humor vormde een inspiratiebron voor Martin Scorsese’s Mean Streets (1973) en in Goodfellas (1990) introduceert hij zijn karakters op dezelfde narratieve manier als in I vitelloni. Ook andere Amerikaanse filmmakers lieten zich inspireren door Fellini’s doorbraakfilm, zoals George Lucas met American Graffiti (1974) en Barry Levinson met Diner (1987).

Het beest, de engel en de nar
Nog meer dan Michelangelo Antonioni en Roberto Rossellini vond Federico Fellini dat de naoorlogse Italiaanse cinema het dogmatische juk van de marxistische visie op maatschappelijke klassen moest afschudden. De nieuwe, veelbelovende filmmaker had eerder scripts geschreven voor neorealistische regisseurs, zoals het co-scenario van Rossellini’s oorlogsklassieker Roma città aperta (1945), maar wilde na I vitelloni voortaan het perspectief bij het individu leggen.

In Fellini’s eerste drie films hebben de hoofdpersonages geen onvermijdelijk conflict tussen hun sociale rol en hun emoties, maar zie je wel al de botsing tussen hun dromen met de harde werkelijkheid. De verhalen spelen zich af in een neorealistische setting: alle opnames zijn buiten de studio gemaakt en de bijrollen komen voor rekening van gewone mensen.

Dat geldt ook nog voor LA STRADA (1954), echter hier zijn de drie hoofdkarakters verre van maatschappelijke types, maar juist archetypes: het beest, de engel en de nar. Het is weliswaar een sociaal-realistisch verhaal over uitbuiting, maar vooral bedoeld als een fabel over symbolische figuren. Een film over eenzaamheid als exponent van de menselijke conditie. Poëtisch, spiritueel en zelfs christelijk volgens de regisseur, omdat het vrouwelijke hoofdpersonage handelt uit pure naastenliefde.

La strada

Het optreden van Giulietta Masina als Gelsomina, die op een dag door haar moeder wegens schrijnende armoede wordt verkocht aan de rondtrekkende man met de ijzeren longen, Zampanò (Anthony Quinn), is aandoenlijk en onvergetelijk. Met haar expressieve, melancholische clownsgezicht fungeert zij als muzikale sidekick van de bruut, wiens enige specialiteit het breken van een ketting met zijn borstspieren is. Zampanò behandelt Gelsomina als een hond, maar zij blijft geloven dat zij hem kan transformeren tot mens. Zij zet tomatenplanten neer maar weet dat ze de vruchten nooit kan plukken, omdat ze altijd onderweg zijn door de Italiaanse regen, modder en hitte.

Clownsversie van Maria
Haar simpele, zachte ziel en kinderlijke puurheid wordt symbolisch benadrukt als Gelsomina na een ruzie verdwaald rondloopt in een processie en in extase raakt als zij het beeld van de Maagd Maria ziet. Dat zij in feite de clownsversie van de Maagd Maria is, blijkt temeer nadat het duo heeft overnacht in een klooster en Gelsomina in gesprek raakt met een jonge non die vertelt over haar roeping. Hoewel Gelsomina wordt gegrepen door het idee om zich niet aan wereldse zaken te hechten, zegt zij dat ze niet kan blijven. “U volgt uw heer, ik volg de mijne.”

La strada

Gelsomina’s lotsbestemming ligt in haar relatie met Zampanò, die ondertussen zilver uit het klooster heeft gejat. Nadat ze zich hebben aangesloten bij een circus, ontmoeten ze The Fool, een grappige, muzikale acrobaat die al snel het bloed onder Zampanò´s nagels vandaan haalt. In een handgemeen slaat de bruut de nar dood en ensceneert een auto-ongeluk.

Gelsomina is diepbedroefd en wil niet meer eten en praten. Zampanò laat haar achter met wat geld. Vijf jaar later hoort hij dat zij dood is. Op dat moment wordt hij pas mens en weet hij dat hij Gelsomina voor altijd zal moeten missen. Schreeuwend en huilend werpt hij op het strand zijn psychische ketenen van zich af. Net als in andere films van Fellini begint en eindigt het verhaal bij de zee, als een eeuwig durend symbool van een opening naar vrijheid.

Oplichter met een geweten
In het oplichtersdrama IL BIDONE (1955) is Giulietta Masina de innemende vrouw van de gefrustreerde schilder ‘Picasso’ (de Amerikaanse acteur Richard Basehart, die in La strada de rol van The Fool speelt), lid van een groepje oplichters die zich verkleden als geestelijken en een boerengezin wijsmaken dat op hun land stoffelijke resten zouden zijn begraven en moeten worden herbegraven. In werkelijkheid gaat het om een schat, die eigenlijk geen schat is.

Eén van de andere zwendelaars, Augusto (Broderick Crawford, ook Amerikaans acteur), krijgt wroeging als hij ziet dat de dochter van hun volgende slachtoffer lichamelijk gehandicapt is. Hijzelf heeft een dochter van die leeftijd. Augusto zegt later dat hij het geld heeft teruggeven aan het meisje, maar blijkt het in werkelijkheid in zijn sok te hebben gestopt. De anderen slaan hem in elkaar en laten hem zwaargewond achter. De tragische finale doet denken aan het einde van La strada, want ook Augusto’s lot leidt tot persoonlijke reflectie vol verdriet en pijn. Ook hier steekt de wind op en op de achtergrond horen we klokken luiden.

Il Bidone

Typerend in dit meeslepende drama is het fragment waarin Picasso ’s nachts dronken van drank en blijdschap over de jongste buit over straat wankelt en hij zich betrapt voelt als zijn blik wordt gevangen door een beeld van de heilige Maagd Maria.

Hoertje met aspiraties
LE NOTTI DI CABIRIA
(1957) is het slot van Fellini’s ‘eenzaamheidstrilogie’ (na La strada en Il Bidone). Na haar korte optreden als het hoertje Cabiria in Lo sceicco bianco keert Giulietta Masina’s personage vijf jaar later terug. Een vrouw die werkt als zondaar, maar zoekt naar innerlijke spiritualiteit en verlossing. Zachtaardig en goedgelovig voelt zij zich veroordeeld tot dit leven, maar wil heel graag de ware liefde vinden.

Die vindt ze zeker niet in Giorgio die haar eeuwige liefde heeft beloofd. In de openingsscène ravotten Cabiria en Giorgio aan de oever van de Tiber. Plotseling duwt hij haar het water in en pakt haar tas met daarin geld. Zij kan niet zwemmen en moet worden gered door drie jongens. Cabiria gaat direct op zoek naar Giorgio en verbrandt zijn foto’s en kleren.

Ze woont aan de rand van Rome in een krakkemikkig huisje. Niemand in haar omgeving heeft ambities voor een beter leven en Cabiria wordt beschimpt om haar aspiraties. Ze is een buitenbeentje, ook in haar eigen sociale groep. Ondanks ervaringen met wreedheid en afgunst, behoudt ze haar romantische veerkracht en vertrouwen in de mens.

Le notti di Cabiria

We zien Cabiria samen met collega’s en pooiers rondhangen (Pier Paolo Pasolini schreef de dialogen met de straattaal). Een pooier wil haar onder zijn hoede nemen, maar Cabiria loopt liever tussen de ‘rijke dames’. Tijdens een persoonlijke ontdekkingstocht door de stad treft ze de beroemde filmacteur Alberto die zojuist ruzie met zijn vriendin heeft gemaakt en Cabiria meeneemt naar een nachtclub en later naar zijn huis. Eén avond lang kan zij ruiken aan de weelde en de glamour waarvan ze zo droomt.

’s Morgens ontmoet ze een weldoener die arme mensen in de grotten eten geeft. Geïnspireerd sluit ze zich even later aan bij een processie naar de kerk. Ze is helemaal onder de indruk en bidt nederig tot de Maagd Maria om haar leven te veranderen, maar ze schrikt van de poppenkast van hebzuchtige egoïsten om zich heen.

Wens om liefde en voldoening
Na haar bezoek aan een magische show waarin ze op het podium is gehypnotiseerd en daarna uitgelachen vanwege haar naïviteit omdat ze het over ware liefde heeft, ontmoet ze Oscar. Hij lijkt oprecht en sympathiek en ze ontmoeten elkaar een aantal keren. Uiteindelijk wil hij met haar trouwen, maar belazert haar op een uiterst gemene manier.

Le notti di Cabiria

Cabiria is eenzamer en berooider dan ooit en doolt zielloos over straat. Als een groepje jonge zangers en muzikanten haar passeert, komt er langzaam weer een lach op het gezicht van deze doorbijter. De kijker hoopt met heel het hart dat zij snel haar geluk mag vinden.

Le notti di Cabiria won de Oscar voor beste buitenlandse film en Masina was beste actrice in Cannes. Een bewerking van de film, Sweet Charity, verscheen op de planken van Broadway en werd door Bob Fosse onder die titel in 1969 verfilmd met Shirley McClaine, die ook hunkert naar liefde, maar al even weinig geluk met mannen heeft.

Waar Cabiria in Le notti di Cabiria zoekt naar echte liefde, gaat Marcello in LA DOLCE VITA (1960) op missie naar voldoening in zijn leven. Bijna alle personages in de film praten over de liefde, maar het lijkt niemand te lukken om ook liefde te ervaren. Ook Marcello niet. Als de serieuze schrijver die is afgegleden naar het niveau van persmuskiet vindt hij heus geen liefde in de wereld van schandalen, royalty en filmsterren in nachtclubs en op feestjes vol immorele en hedonistische karakters. Hoe groter, bizarder en decadenter de zwelgpartijen, hoe meer Marcello in de gelegenheid is om verschillende typen vrouwen te ontmoeten en te ontdekken. En hoe meer hij vrouwen vernedert en zichzelf moet laten vernederen om erbij te horen.

Dat maakte het publiek weinig uit, want Marcello Mastroianni’s coole uitstraling met zwarte zonnebril bracht hem internationale faam als ‘Latin lover’. Het was het begin van een bijna dertigjarige samenwerking tussen Fellini en Mastroianni.

La dolce vita

Het ‘zoete’ leven
Het openingsbeeld van de helikopter (als illustratie van de moderne tijd) met daaronder het bungelende beeld van Christus staat symbool voor de verandering van de Italiaanse identiteit en samenleving. Het Jezusbeeld vliegt over vier meisjes in bikini die op een dakterras zonnen. In een volgende helikopter zitten Marcello en zijn fotograaf Paparazzo die opgewonden roepen om de telefoonnummers van de enthousiast zwaaiende meisjes.

De beleving van het katholieke geloof komt tot uiting in de hysterie na een door twee kinderen verzonnen Mariaverschijning waarbij een oude man door de aanstormende meute wordt vertrapt. Een voorbeeld van culturele kitsch van mensen die zich vastklampen aan een sensatie zonder echt te geloven. Het Vaticaan sprak liever van een ‘walgelijk’ leven dan van een ‘zoet’ leven. Maar Fellini bedoelde de titel uiteraard ironisch.

Zijn visie op de nieuwe levensstijl toont de donkere laag onder de glitter en glamour van de jetset van Rome. Op genadeloze wijze ontmaskert hij de wederzijdse afhankelijkheid van journalisten en beroemdheden, die met hun gedragingen in het ‘Hollywood aan de Tiber’ de rubrieken van de pulpmedia beheersen en Fellini zouden inspireren voor La dolce vita.

Hoewel de film geen afgebakend plot heeft, eindigt het episodische labyrint van nachtelijke escapades in de Trevi-fontein. Tijdens één van de meest iconische scènes uit de filmgeschiedenis vangt de rondborstige Amerikaanse filmster Sylvia (Anita Ekberg, die in het echte leven reeds in de fontein was gesprongen) water op met haar hand en giet het over Marcello’s hoofd, alsof ze hem doopt. Van zoenen is in het geheel geen sprake.

La dolce vita

De slotscène van La dolce vita toont Marcello’s hopeloze onbeholpenheid. Op het strand ziet hij in de verte een mooi meisje. Het is Paola, de serveerster die hem bediende in het café waar hij aan zijn boek zat te werken. Zij zwaait naar hem en roept iets, maar hij hoort haar niet en kent haar niet meer. Even plots als zij weer verscheen, verdwijnt zij uit zijn leven. Haar gezicht is het laatste dat we in de film zien.

Paola staat symbool voor onschuld in een wereld van losbandigheid. We zullen nooit weten of deze engelachtige muze hem had kunnen redden. Marcello blijft een arme stakker, veroordeeld tot het gezelschap van genotzuchtige leeghoofden.

 

10 mei 2018

 

DEEL 2: Lust en verbeelding
DEEL 3: Feministen en muzen

 
 

MEER ESSAYS

Foxtrot

***

recensie Foxtrot

Tussen intens verdriet en valse hoop

door Cor Oliemeulen

Michael en Dafna Feldmann in Tel Aviv krijgen de boodschap dat hun zoon Jonathan is gesneuveld tijdens het uitoefenen van zijn dienst als bewaker bij een verlaten grenspost. Maar is hij wel dood? Foxtrot gaat over dingen die we niet zelf in de hand hebben.

Het gezin lijkt niet gelukkig: vader en moeder zijn al dan niet door hun persoonlijke verledens uit elkaar gegroeid en de zoon mag zijn vader kennelijk niet zo. In drie delen proberen we te ontdekken hoe dat precies zit.

Radeloosheid versus zakelijkheid
In het eerste deel van Foxtrot weet vader Michael (Lior Ashkenazi) zich geconfronteerd met de kille zakelijkheid van vertegenwoordigers van het Israëlische leger die uitleggen hoe de begrafenis van een gesneuvelde soldaat wordt geregeld en mededelen dat de vader zijn zoon Jonathan (Yonatan Shiray) niet mag zien. Terwijl moeder Dafna (Sarah Adler) met morfine in slaap is gebracht, krijgt haar man Michael een kalmeringsmiddel met de instructie dat hij elk uur een glas water moet drinken. Elk uur gaat het alarm op zijn telefoon af opdat hij toch enigszins bij zijn positieven kan blijven.

Foxtrot

Het cameraperspectief van bovenaf (ook God kijkt mee en zag dat het niet goed was) visualiseert de ontzetting van Michael die zich radeloos door de ruimtes van zijn woning beweegt. Hij laat zijn hand onder de hete kraan verbranden met de hoop dat hij emotioneel en geestelijk minder lijdt. Hij wijst de troost van zijn hond af door het huisdier een schop te geven. En ondertussen probeert hij enkele familieleden te woord te staan. Maar dan staan er weer wat militairen in de kamer. Jonathan is toch niet dood; iemand anders met dezelfde naam blijkt te zijn gesneuveld.

Dansen met het noodlot
Regisseur Samuel Maoz (Lebanon, 2009) put de emoties tussen intens verdriet en onverwachte hoop uit eigen ervaring toen hij enige jaren geleden onmiddellijk zijn dochter wilde zien nadat hij hoorde dat zij in een door terroristen opgeblazen bus zat, maar vooral nadat hij vernam dat zij de bus gemist had en gelukkig nog leefde. Ook Michael Feldmann in Foxtrot wil zo snel mogelijk zijn dood gewaande kind zien om het te kunnen geloven. Maar dat blijkt gemakkelijker gezegd dan gedaan, want zoals we in de tweede akte zien bevindt Jonathan zich in een uithoek van het land in het midden van nergens bij een kennelijk geheime checkpoint van het leger: codenaam Foxtrot.

Het contrast kan bijna niet groter. De donkere woning van de Feldmanns met moderne kunst aan de muur tegenover de desolate, woestijnachtige omgeving waar een oude ijscowagen dienstdoet als douanepost en een half in de modder weggezakte oude scheepscontainer fungeert als slaap- en ontspanningsruimte van Jonathan en zijn drie collega-soldaten. Ze doden de tijd met verhalen, tekeningen en het rollen van blikjes en tomaten over de schuine containervloer. Bijna even surrealistisch als de setting is de enige passant van hun grenspost op een willekeurige dag: een kameel die rustig op de weg onder de geopende slagboom doorloopt. Totdat op een dag uit het niets een tragedie toeslaat.

Foxtrot

Griekse tragedie in drie losse delen
Foxtrot
is een drama over verlies en rouw, over verlangen en spijt. Hoewel zijn film origineel, artistiek en bijzonder genoeg is, weet regisseur Samuel Maoz de drie delen niet geheel overtuigend in elkaar te vlechten. Als je je verhaal vergelijkt met een Griekse tragedie mag je best voor een consequentere opbouw kiezen. Dat neemt niet weg dat de kijker te allen tijde mag worden uitgedaagd om zijn eigen kaders te trekken.

Het gissen naar de kwaliteit van de relaties tussen de personages komt de continuïteit niet ten goede. Uit tekeningen concluderen we weliswaar dat de zoon zijn vader een egoïst met narcistische trekjes vindt, maar die vermaledijde vader-zoonrelatie had beter uitgewerkt mogen worden. Jonathans relatie tot zijn moeder blijft steken in het gegeven dat zij de Holocaust heeft overleefd en Duits praat tegen hem terwijl hij haar in het Hebreeuws antwoordt. De relatie tussen Michael en Nafna in de derde akte wordt pas duidelijk als ze samen een jointje met de wiet van hun zoon hebben gerookt; langzaam lijkt de psychologische muur tussen man en vrouw in te storten en vermoeden we een hereniging.

Zoals in een foxtrot, waar je eindigt op het punt waar je begint, is uiteindelijk niets zeker in deze gezinsgeschiedenis, die deels is gevormd door een land dat sinds zijn ontstaan in staat van oorlog en conflict is en hiervoor symbool staat. Jammer genoeg blijft de film teveel hangen in emoties en biedt slechts de korte, absurde slotscène de werkelijke verklaring voor de gewenste herenigingen. Maar juist die gebeurtenis doet wat gekunsteld aan. Of kent het noodlot nu eenmaal geen ratio?
 

9 april 2018

 
MEER RECENSIES

Lumière! L’Aventure Commence

*****

recensie Lumière! L’Aventure Commence

De eerste filmmaker die het leven onthulde

door Cor Oliemeulen

De vrouw van een gouverneur gooit munten naar bedelende kinderen. Het is één van de 144 schitterende gerestaureerde filmpjes in Lumière! L’Aventure Commence. Niet eerder was er zo’n fantastische documentaire over de fascinerende beginjaren van de cinema.

Louis Lumière is de vader van de cinema. Samen met zijn broer Auguste bedacht hij de cinematograaf, een apparaat waarmee je niet alleen filmbeelden kon opnemen en ontwikkelen, maar ook op een scherm kon vertonen. Dat gebeurde op 28 december 1895 voor het eerst voor een betalend publiek in het Parijse café Salon Indien. De voorstelling van tien korte filmpjes – variërend van arbeiders die een fabriek verlaten tot een sproeiende man die zelf wordt natgespoten – groeide uit tot een gigantisch succes. Een jaar later maakten zes cameramannen namens Lumière opnames in alle uithoeken van de wereld.

Lumiere! L'Aventure Commence

Unieke tijdsbeelden in perfecte kaders
Wie goed zoekt op het internet vindt tientallen van die filmpjes, in de oorspronkelijke – en dus ook belabberde – beeldkwaliteit. In navolging van Le Voyage dans la Lune van Georges Méliès is gelukkig nu ook materiaal van de gebroeders Lumière in 4K gerestaureerd, geopenbaard in de werkelijk oogverblindende documentaire Lumiere! L’Aventure Commence. Thierry Frémaux, directeur van het filmfestival van Cannes en het Institut Lumière, koos uit het omvangrijke, grotendeels onbekende, oeuvre 144 filmpjes van ongeveer vijftig seconden geschoten tussen 1895 en 1905. Pas nu zie je het pure vakmanschap: perfecte beeldkaders waarin alle details plotseling haarscherp zichtbaar zijn. Lumière blijkt niet alleen een geniale technicus met de behoefte om de geschiedenis op beeld vast te leggen, met zijn meer dan vierhonderd filmpjes onthulde hij vooral het leven.

Unieke tijdsbeelden gevangen in 24 frames per seconde. We zien een foto, dan nog een foto, steeds sneller zodat er een film ontstaat. Maar film is meer dan het achter elkaar zetten van foto’s die snel worden afgespeeld. Film beweegt, wat je goed kunt zien als de wind speelt met boomtoppen. Hoewel nagenoeg alle filmpjes van Lumière een stilstaand camerastandpunt hebben, zit er veel beweging in die statische shots. De fotografische kaders zijn onberispelijk qua perspectief, mise-en-scène en beeldcompositie. Vaak zie je meerdere gebeurtenissen in één frame, bijvoorbeeld kleren wassende vrouwen aan de oevers van de Seine met daarboven passanten op de weg onder een ochtendhemel met vogels.

Lumiere! L'Aventure Commence

Poort naar de kennis van de wereld
Louis Lumière begon vooral met filmpjes van familie en vrienden, vaak in de stijl van de impressionistische schilder Pierre-Auguste Renoir. Later kreeg hij oog voor de samenleving in al zijn geledingen. Een stoet van vier brandweerwagens elk voortgetrokken door galopperende tweespanpaarden, spelende kinderen, metaalarbeiders, bergbeklimmers en de eerste wielrenwedstrijden. Opvallend zijn de komische filmpjes met bijster originele en visuele grapjes die we pas veel later weer tegenkomen bij de grote Amerikaanse komieken van de stomme film, Charlie Chaplin en Buster Keaton. Ook zien we leuke staaltjes overacteren, zoals de ober in een filmpje dat is gebaseerd op De Kaartspelers van Cézanne. Die neiging tot overacteren in het aanschijn van de camera zie je ook goed terug tijdens een potje jeu-de-boules en acrobatische toeren met een paard.

Lumière en zijn goed geïnstrueerde cameramannen – Alexandre Promio, Gabriel Veyre, Francesco Felicetti, Constant Girel, Félix Mesguich en Charles Moisson – werden spoedig actief in veel grote Europese steden en op verschillende continenten. De camera ging fungeren als poort naar de kennis van de wereld. Lumière werd volgens de amusante commentaarstem van regisseur Thierry Frémaux zo populair dat leiders hem uitnodigden om hen voor de eeuwigheid vast te leggen. Een voorbeeld van perfecte regie zien we in het filmpje van Egypte, want in krap vijftig seconden vangt de camera de essentie van het Arabische land: kamelen met begeleiders in lokale klederdracht tegen de achtergrond van de Sfinx en piramide van Chefren.

Lumiere! L'Aventure Commence

Inspiratie voor latere filmmakers
Het pionierswerk van Louis Lumière heeft ongetwijfeld geleid tot inspiratie voor latere filmmakers. Naast de hoofdzakelijk statische shots zie je al eind negentiende eeuw zo nu en dan een tracking shot, zoals het panorama van Lyon gefilmd vanaf een trein (deze phantom rides waren in die tijd vooral bij Engelse filmpioniers populair), maar ook zijn er bewegende camerabeelden vanaf een boot, vanuit een luchtballon en gezeten op een door Vietnamese dorpelingen gedragen stoel.

We zien zowaar de eerste montage (van een auto-ongeluk), een techniek die illusionist Georges Méliès enkele jaren later veelvuldig ging toepassen, terwijl je de beeldwisselingen van close-ups, medium shots en long shots (in een roeibootje) pas in de jaren twintig terugziet bij andere filmpioniers zoals Abel Gance en Serge Eisenstein. Het kniehoge tatami-shot van liggende opiumrokers zou niet hebben misstaan in een film van de Japanse meesterregisseur Yasujiro Ozu, en met de soms contrastrijke diepte in de beelden was Lumière ook Orson Welles een stapje voor. Met Lumière! L’Aventure Commence begint het intrigerende avontuur om op een nieuwe manier te kijken naar de filmgeschiedenis.
 

4 maart 2018

 
MEER RECENSIES

Le Redoutable (bio Jean-Luc Godard)

****

recensie Le Redoutable

Held stapt van zijn sokkel

door Cor Oliemeulen

Jean-Luc Godard is met zijn vernieuwende stijl en het loslaten van traditionele opvattingen één van de belangrijkste filmmakers ooit. In Le Redoutable blijkt maar weer eens dat kunstenaars moeten lijden om tot grote creatieve hoogte te kunnen stijgen.

Aan het eind van haar charmante documentaire Visages Villages (2017) pinkt filmmaakster Agnès Varda (89) aangeslagen een traantje weg, omdat haar collega Jean-Luc Godard (87) kennelijk geen zin heeft in bezoek en haar voor een gesloten deur laat staan. Zowel Varda als Godard zijn boegbeelden van de Nouvelle Vague, de Franse filmstroming die begin jaren zestig de traditionele cinema op zijn grondvesten deed schudden. Beide cineasten zijn nog steeds actief, echter Godard schijnt te leven als een kluizenaar. Als je Le Redoutable hebt gezien, komt dat niet als een verrassing.

Le Redoutable

Twijfelend genie
Dit biografische drama is een portret van Jean-Luc Godard dat zijn bewonderaars met een lichte kater zal achterlaten. Van de held die de geboren Zwitser werd na zijn doorbraakfilm À bout de souffle (1960) blijft – door eigen toedoen – bar weinig over. We maken kennis met Godard als een man vol twijfel, eenzaam en onbegrepen in zijn verwachtingen en aspiraties. Een artiest die bijna alles en iedereen afwijst, uiteindelijk zijn geliefde en zichzelf. Een zuurpruim, soms uitgesproken lomp, beledigend en masochistisch. Maar gelukkig nooit ontdaan van die typisch ironische en schertsende toon, die we regelmatig in Godards films terugzien.

Het was dan ook niet de bedoeling van de Franse regisseur Michel Hazanavicius (The Artist, 2011) om zijn illustere vakgenoot als een held neer te zetten, een keuze die bij menig filmliefhebber vooral in eigen land in slechte aarde viel. Jean-Luc Godard (fantastische rol van Louis Garrel) is in Le Redoutable een mens van vlees en bloed. Diens geniale kwaliteiten als vernieuwende filmmaker neemt de kijker voor kennisgeving aan, de focus ligt geheel op het moment dat de politieke activist in hem ontwaakt en Godards cynische kijk op de wereld tot volle wasdom komt.

Le Redoutable

Maoïstische revolutie
Zoals het een echte filmauteur betaamt, loopt zijn ontwikkeling als mens gelijk met zijn oeuvre, in Godards geval al in zijn beginjaren. Van de lichte romantiek (À bout de souffle, 1960), via de onmogelijkheid van liefde in psychologisch drama (Le mépris, 1963) naar politieke manifestatie (La chinoise, 1967). Godard wordt geïntroduceerd op het moment dat hij zijn laatstgenoemde komische drama over een studentengroepje van Franse maoïsten dat een gewelddadige revolutie predikt, heeft afgerond. De film flopt. Media betichten hem van politieke puberteit met eindeloze preken, en zelfs de Chinezen begrijpen volgens Godard hun eigen revolutie niet. Slechts een enkeling vindt dat Godards cinema pure poëzie is en zijn tijd ver vooruit, maar de meeste fans hopen vurig dat hij weer die luchtige films van weleer gaat maken.

Jean-Luc Godard, die eerder was getrouwd met zijn muze Anna Karina, is ondertussen verliefd geworden op de hoofdrolspeelster van La chinoise, Anne Wiazemsky (Stacy Martin), en zij op hem. Ze trouwen. Anne is 20, Jean-Luc is 36. Lol en liefde maken langzaam plaats voor zijn obsessie voor de revolutie: ‘weg met De Gaulle, de macht aan het proletariaat’. Ze lopen mee in de Parijse studentendemonstraties van 1968, Jean-Luc gooit stenen naar de ‘fascistische’ politie, verliest voor de zoveelste keer zijn bril (leuke running gag), spreekt tijdens manifestaties waar hij steeds vaker – tot zijn eigen begrip – wordt weggehoond en noemt alle films die hij ooit heeft gemaakt (maar ook die van bevriende collega’s als Bernardo Bertolucci) complete bagger en mensen die die films goed vinden zombies. Anne Wiazemsky houdt het twaalf jaar met hem uit. “Ik trouwde met Jean-Luc Godard, de cineast, niet Jean-Luc Godard, de politicus”, zegt zij. Le Redoutable is gebaseerd op haar boek.

Le Redoutable

Tragische kunstenaar
Hoewel Godard zich enerzijds ontpopt als een tragische figuur zien we anderzijds voortdurend de intellectuele kunstenaar met diens eeuwige zelfspot en drang tot vernieuwing en ommekeer. “Artiesten moeten sterven voor hun 35ste”, zo citeert hij Mozart. Weinig positieve woorden heeft hij over voor acteurs: “Die doen alles wat je hen vraagt. Ze huilen en lachen op commando en kruipen over de grond.” Zelfs het ‘functionele’ bloot in (zijn) films wordt op geestige wijze op de korrel genomen in een scène waarin Anne en Jean-Luc hierover discussiëren terwijl ze zelf poedelnaakt door hun woning paraderen.

Natuurlijk is regisseur Michel Hazanavicius zo slim geweest om in Le Redoutable speelse stijlkenmerken en visuele grapjes van de Nouvelle Vague (zoals snelle montage en opvallende camerabewegingen) te gebruiken. Zo lijkt het interieur met de dominante kleuren te zijn weggeplukt van Godards jaren zestig-sets, hoor je het geluid van een typemachine nog even doorratelen nadat Jean-Luc zich heeft omgedraaid en springt het beeld telkens weer van normaal naar diapositief op de tik waar de langspeelplaat blijft hangen. En zoals dat hoort, praten de personages regelmatig in de camera.

Naast het eenzijdige, maar verhelderende en intieme portret van één van de grootste filmvernieuwers ooit, is Le Redoutable (letterlijk: ‘te duchten’) een pleidooi om directe films over het ‘echte’ leven te maken. Hoe hoog je die lat het beste kunt leggen, zal Jean-Luc Godard zich tot zijn dood blijven afvragen.
 

11 januari 2018

 
MEER RECENSIES

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri

*****

recensie Three Billboards Outside Ebbing, Missouri

De wijsheid van een boekenlegger

door Cor Oliemeulen

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri zou zomaar de grote winnaar van de Oscars 2018 kunnen worden. Het originele scenario van Martin McDonagh is ijzersterk en onvoorspelbaar. Frances McDormand speelt als rouwende, maar strijdbare moeder de hoofdrol van haar leven.

Eindelijk weer eens een monumentale film die het niet louter moet hebben van mooie plaatjes om de inhoud op te leuken of een soundtrack die de vaart er in moet houden. Je zou kunnen zeggen: Oscars voor beste scenario, beste actrice en beste mannelijke bijrol, en we lullen nergens meer over!

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri

Simpel gegeven
Hoe je met een ogenschijnlijk simpel gegeven een realistisch drama met een zwart-komische ondertoon kunt maken, bewijst de Britse scenarist/regisseur Martin McDonagh – na de hilarische misdaadverhalen In Bruges (2008) en Seven Psychopaths (2012) – in zijn pas derde speelfilm Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017). Je huurt drie billboards naast een verlaten weg en plakt daarop in koeienletters opeenvolgende teksten die weinig aan de verbeelding overlaten: ‘Raped while dying’, ‘And still no arrests?’ en ‘How come Chief Willoughby?’.

Deze provocerende boodschap van Mildred Hayes (Frances McDormand), wier dochter zeven maanden eerder op een verschrikkelijke wijze om het leven werd gebracht, is persoonlijk gericht aan de plaatselijke politiechef die volgens eigen zeggen naar vermogen heeft geprobeerd het misdrijf op te lossen en nu plotseling de aanval ziet geopend door de gefrustreerde moeder. Het feit dat Willoughby terminale kanker heeft, geeft het oplaaiende conflict een extra dimensie, want wat doet dat gekke mens die arme man aan? Woody Harrelson, als de oprechte en aandoenlijke gezagsdrager van het gedateerde fictieve stadje Ebbing en consequent vloekende vader van twee schattige jonge dochtertjes, laat zich weer eens tot grote hoogte stuwen na uitgekauwde slechterikenrollen in dure producties als War for the Planets of the Apes.

Sterke bijrollen
Vooral de mannelijke bijrollen in Three Billboards Outside Ebbing, Missouri kennen een opmerkelijke gelaagdheid. Ronduit fantastisch acteert Sam Rockwell (net als Harrelson al van de partij in Seven Psychopaths) als Willoughby’s rechterhand Dixon. Hij is het archetype ‘bad cop’ maar evolueert door de snel wisselende omstandigheden tot iemand die het niet zo slecht bedoelt, maar zich vooral laat hinderen door een racistische inborst, alcoholmisbruik en een dominante moeder. Zijn confrontaties met Mildred, en in feite alle andere personen die hij op zijn wankele pad treft, monden regelmatig uit in geweldsexplosies, terwijl de vork soms net even iets anders in de steel blijkt te zitten.

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri

Eervolle vermeldingen zijn er voor Caleb Landry Jones (de sadistische broer in het recente horrormysterie Get Out) als Red Welby, die de billboards verhuurt en zijn sympathie voor de wanhopige moeder moet bekopen, alsook John Hawkes (de verlamde man die seks wil in The Sessions) als Mildred’s opgewonden ex-man Charlie, die haar heeft verlaten voor een 19-jarig meisje dat volgens Mildred naar stront stinkt en zich graag bedient van een wijze uitspraak op een boekenlegger: ‘Woede leidt tot grotere woede.’

Moderne western
Want dat de escalaties zich steeds verder opstapelen, mag duidelijk zijn. Het met veel zwarte humor opgediende drama laat zich kijken als een moderne western, waarin de stoere vrouwelijke protagonist zich weliswaar zonder getrokken pistolen, maar met onverdroten moed en ironische gevatheid, een weg baant naar genoegdoening en een beetje troost. Frances McDormand mag dan vaak worden geassocieerd met de Coen Brothers – zij maakte haar debuut in Blood Simple (1984), won een Oscar met Fargo (1996) en is getrouwd met Joel Coen – haar optreden in het uiterst onderhoudende Three Billboards Outside Ebbing, Missouri is memorabeler en gelaagder dan ooit.
 

5 januari 2018

 
MEER RECENSIES

Top 5 2017

Deel 1: Cor Oliemeulen
Top 5 en miskleun van 2017

Acht recensenten van InDeBioscoop bespreken hun vijf favoriete films die dit jaar in Nederland in première gingen. Traditioneel kiest iedereen ook de Miskleun van het Jaar én een film die een bioscooprelease had verdiend. Tot en met Oudjaarsdag lees je hier elke dag een persoonlijke terugblik op het filmjaar 2017.

Cor Oliemeulen door Cor Oliemeulen

In het filmjaar 2017 vielen grijpgrage Hollywoodsterren van hun voetstuk, draaiden er meer sequels dan ooit in de bioscoop en introduceerde Pathé actiecinema met meebewegende stoelen. Gelukkig valt er ook wat positiefs te noteren. Originele films (Loving Vincent, In the Crosswind), maffe films (Poesía sin fin), afgezaagde films (de gemiddelde romkom) en ontroerende documentaires (Visages Villages). Controverse was er zowel op het witte doek als op de redactie van InDeBioscoop, want de favoriet van de ene recensent is de miskleun van het jaar bij de andere recensent. En zo hoort het ook: film moet iets met je doen, anders kun je maar beter genderneutraal worden.

 

5. – INSYRIATED

Hoe wrang is het dat de oorlog in Syrië enkele uitstekende films opleverde? Neem Insyriated, dat zich niet richt op gevechtshandelingen of vluchtelingen, maar op burgers die gevangen zitten in hun eigen woning. Dit ijzersterke claustrofobische drama van de Belgische cinematograaf/cineast Philippe Van Leeuw geeft een gezicht aan mensen die in extreme omstandigheden extreme keuzes moeten maken en is een volbloed drama op de vierkante meter.

 

4. – PATERSON

Een dichtende buschauffeur is interessanter dan de bovengemiddelde actieheld, zelfs als hij Paterson heet, in Paterson woont, elke dag vroeg opstaat, trouw zijn hond uitlaat en niet vreemdgaat. Deze ingetogen, subtiele film van Jim Jarmusch is een ode aan de verbeeldingskracht van het geschreven woord met een overtuigende hoofdrol van Adam Driver, misschien wel de meest veelzijdige acteur van 2017.

 

3. – AFTER THE STORM

Na meesterwerken als Nobody Knows en Still Walking maakte Hirokazu Koreeda, de beste hedendaagse Japanse filmregisseur, van After the Storm opnieuw een prachtige familievertelling. Een ooit succesvolle schrijver, gedumpt door zijn vrouw en nu werkzaam als gokkende privédetective, wentelt zich in de deceptie van vervlogen dromen en hoopt tegen beter weten in op een hereniging van zijn gebroken gezin. Door zijn lichtvoetige stijl, met een haast achteloze nonchalance, zuigt Koreeda je langzaam in het verhaal en prikkelt hij sympathie voor de grootste loser.

 

2. – LADY MACBETH

Het titelpersonage is getrouwd met een oudere man en ze besluit om haar liefdeloze huwelijk en de kilheid van haar omgeving te ontvluchten. In dit onalledaagse kostuumdrama kun je niet bevroeden tot welk onheil het afgooien van een keurslijf en obsessieve lust kan leiden. Geweldige hoofdrol van de Engelse actrice Florence Pugh (die soms wat doet denken aan een jonge Kate Winslet) die in haar obsessie voor liefde haar grenzen verlegt.

 

1. – THE HANDMAIDEN

Chan-woon Park maakte met deze fantastische mix van erotische misdaadthriller, historisch drama en zwarte komedie de perfecte onderhoudende film. In het door Japan bezette Korea van de jaren dertig ontstaat een complexe driehoeksverhouding tussen een oplichter en twee vrouwen. Het verhaal over dubbelspel en onderdrukking wordt verteld vanuit drie perspectieven en zet je een paar keer totaal op het verkeerde been. Park’s visuele stijl is als vanouds oogstrelend en aan productie, muziek, kostuums, montage en camerawerk is de grootste zorg besteed. The Handmaiden is 140 minuten pure cinema – vol hoogtepunten.

 

Dunkirk

Miskleun van 2017:

DUNKIRK

Ook op 70mm-scherm én met bewegende stoelen, watersproeiers, windturbulentie, de geur van verschroeide aarde en een voetmassage was deze oorlogsfilm van Christopher Nolan mij zeker tegengevallen. Identificatie met welk personage dan ook is onmogelijk, de observaties raakten me op geen enkele manier. Ik voelde geen spanning en werd niet verblind door mooie plaatjes. Het kan niet anders dan dat de overspannen, gewiekste geluidsband verantwoordelijk is voor de populariteit van Dunkirk.

 

Gemist in de bioscoop:

OKJA

Op festivals zie je genoeg films die eerder een bioscooprelease verdienen dan de gemiddelde Amerikaanse actieshit en Nederlandse feelgood. Zo had met een beetje goede promotie het IJslandse drama Under the Tree, een bij vlagen hilarische tragikomedie over een burenruzie, best wel wat geruststellende bezoekersaantallen kunnen opleveren. Ik vestig vooral graag de aandacht op Okja van Joon-ho Bong, die een paar jaar geleden al verraste met Snowpiercer. Zijn uitgebalanceerde mix van genrestijlen over een jong meisje dat haar supervarken uit handen van de malafide vleesindustrie probeert te redden, verscheen exclusief op Netflix, wat hopelijk niet het begin van een verderfelijke trend is.
 
24 december 2017
 
 
Deel 1: Cor Oliemeulen
Deel 2: Nanda Aris
Deel 3: Bob van der Sterre
Deel 4: Yordan Coban
Deel 5: Suzan Groothuis
Deel 6: Tim Bouwhuis
Deel 7: Ralph Evers
Deel 8: Alfred Bos

Colore Nascosto delle Cose, Il

**

recensie Il Colore Nascosto delle Cose

Blinde vrouw laat man zien

door Cor Oliemeulen

Een blinde vrouw opent het hart van een man die zijn gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel niet onder ogen kan zien. Net als de lastige filmtitel hoef je het verhaal van Il Colore Nascosto delle Cose niet te onthouden. De plaatjes van bloemen zijn prachtig, maar die alleen geven de film te weinig kleur. 

De mooie Emma werd op haar zeventiende blind, maar dat heeft haar er niet van weerhouden om een praktijk als osteopaat te beginnen. Acht maanden na haar scheiding ontmoet ze de knappe reclamemaker Teo tijdens een bedrijfsuitje in een donkere ruimte waar Emma rondleidingen geeft. Ze vinden elkaars stemmen intrigerend. Het duurt niet lang voordat Teo met een gesimuleerde schouderklacht in zijn onderbroek bij Emma op de behandeltafel ligt. Emma kan natuurlijk heel goed voelen en ontdekt wat spanningen in Teo’s lijf. Hij komt graag bij haar terug en langzaam ontstaat er een vriendschap.

Il Colore Nascosto delle Cose

Uit vorm
Il Colore Nascosto delle Cose zou zomaar een verfilmde stuiverroman kunnen zijn. Het verhaal is deels geschreven door de Italiaanse regisseur Silvio Soldini, die maar niet kan beslissen waar hij naartoe wil en na bijna twee uur kennelijk voor een romantisch drama heeft gekozen. Ondertussen ervaren we de belevingswereld van een blinde vrouw (overtuigend gespeeld door Valeria Golino: Caos Calmo, Il Capitale Umano) die een blind meisje helpt met het overwinnen van haar frustraties en die Teo leert verder te kijken dan alleen reclamebeelden. Emma en Teo praten over kleuren, ruiken aan planten, knuffelen bomen en uiteindelijk elkaar. Teo geeft nu zelfs een plant op zijn kantoor water.

Hoewel hij oprecht lijkt in zijn gevoelens van genegenheid en vriendschap, is Teo vanaf het begin uit op seks met Emma (hij sluit zelfs een weddenschap met een collega), die niet weet dat hij al twee jaar een relatie heeft met een andere vrouw (die hij weer met een andere vrouw bedriegt). Teo laat zich niet graag hinderen door een groot verantwoordelijkheidsgevoel, want ook met zijn familie heeft hij geen contact. Hij kan zich moeilijk binden en woont op zichzelf, samen met zijn pratende stofzuigerrobot.

Il Colore Nascosto delle Cose

De kijker bepaalt
De filmtitel suggereert iets dat niet onmiddellijk zichtbaar is voor de ogen, maar dat later onthuld zal worden. Wat dat is, mag de kijker zelf bepalen. Is Teo zo’n typische klootzak die zijn lid achterna loopt, of ontdekt hij voor het eerst in zijn leven wat het is om van iemand te houden, trouw te zijn en verantwoordelijkheidsgevoel aan de dag te leggen? Voor een regisseur, die in 2000 doorbrak met het gedenkwaardige komische drama Pane e Tulipani, mag je meer richting, duiding en spanning verwachten. Zijn jongste film kabbelt maar voort, en de korte familiereünie op het einde lijkt er terloops en plichtmatig aan vastgeplakt.

Wat overblijft is een fascinerend kijkje in de wereld van visueel gehandicapte mensen. Soldini maakte eerder een documentaire over blinde mensen, die door anderen vaak op afstand worden gehouden of met medelijden bejegend, maar toch vaak blijken te beschikken over een grote mate van zelfstandigheid en een gezonde dosis ironie. Zijn bedoelingen zijn vast oprecht, echter Soldini weet met Il Colore Nascosto delle Cose bar weinig te verrassen en te ontroeren. Hij had er beter een melodrama van kunnen maken.
 

25 november 2017

 
MEER RECENSIES

Insyriated

*****

recensie Insyriated

Verborgen leed in Syrisch conflict

door Cor Oliemeulen

Bij de oorlog in Syrië zien we vooral verwoeste steden en vluchtelingen. Maar hoe is het gesteld met de burgers die gevangen zitten in hun eigen woning? Het ijzersterke claustrofobische drama Insyriated geeft een gezicht aan mensen die in extreme omstandigheden extreme keuzes moeten maken.

De burgeroorlog in Syrië heeft honderdduizenden mensen het leven gekost en meer dan zes miljoen mensen zijn op de vlucht geslagen. Al die ellende zorgt cynisch genoeg voor een indrukwekkende hausse aan documentaires (o.a. The White Helmets) en speelfilms (o.a. City of Ghosts). Insyriated, winnaar van de Publieksprijs van de Berlinale, richt zich niet op het slagveld, maar op de situatie binnen de vier muren van een flatwoning waar een wanhopige familie zich noodgedwongen heeft afgesloten van de buitenwereld.

Insyriated

Sluipschutter
Na zijn regiedebuut Le jour où Dieu est parti en voyage (2009) over de genocide in Rwanda maakte de Belgische cinematograaf Philippe Van Leeuw een beklemmend, intiem portret van mensen die gevangenen in hun eigen woning zijn. Terwijl buiten bijna zonder oponthoud geweervuur en explosies klinken, zijn binnen de gordijnen dicht en is de deur gebarricadeerd. De claustrofobische sfeer wordt versterkt door enkele tragische gebeurtenissen en het magnifieke camerawerk van Virginie Surdej (o.a. Wolf and Sheep). Insyriated speelt zich geheel af in de kleine flat en toont een etmaal uit het dramatische leven van de bewoners, wier doen en laten worden bepaald door de extreme omstandigheden en die slechts kunnen dromen dat de oorlog ooit ophoudt.

Dat geldt zeker voor de inwonende Samir en Halima (Diamand Bou Abboud) die een baby hebben en in een staat van onzekere opwinding besluiten om nog vanavond te vluchten, met als doel om Frankrijk te bereiken. Terwijl Halima alvast een koffer inpakt, gaat Samir tegen haar wil nog even naar buiten om wat te regelen. De huishoudelijke hulp, Delhani, kijkt op dat moment uit het raam en ziet hoe Samir door een sluipschutter wordt geveld. Zij vertelt het direct aan de vrouw des huizes, Yazan (Hiam Abbas), maar die besluit gedecideerd dat Delhani haar mond moet houden, want zij wil haar familie niet in gevaar brengen.

Insyriated

Kwelling
Wat volgt is de kwelling van Delhani die het geheim met niemand mag delen en de tweestrijd van Yazan die ziet hoe Halima angstvallig wacht op de terugkomst van Samir, die ze ook niet met haar mobieltje kan bereiken. Ondertussen neemt de dreiging van buiten toe, zodat het genoemde gezelschap, samen met Yazans schoonvader, haar drie kinderen en de vriend van haar oudste dochter, soms moeten schuilen onder tafels of in de keuken. Het regelmatige bonzen op de deur door enkele dreigende mannen en het tumult in de woning boven hen werken danig op de zenuwen van zowel de bewoners als de kijkers. En dan gaat het ook binnen plotseling mis.

De film is niet alleen technisch knap gemaakt, maar is vooral een noodzakelijk document over de vergeten groep van al die gewone, vreedzame burgers wiens levens dag in dag uit worden geterroriseerd door machtswellustelingen. Daarbinnen zien we een doortastend psychologisch drama met en tussen twee krachtige vrouwen: Yazan, die haar kinderen niet wil opofferen om Samir te redden en tegelijkertijd kapot gaat van binnen. En Halima, die twee extreme situaties op één dag moet verwerken en waarschijnlijk alles zal blijven proberen om deze Syrische hel ooit te kunnen ontvluchten. Insyriated bewijst dat er geen bakken met geld nodig zijn voor het maken van pure, geloofwaardige cinema.
 

17 november 2017

 
MEER RECENSIES