Shallows, The

***

recensie The Shallows

Verraderlijk paradijs

door Suzan Groothuis

Een tripje naar een afgelegen, mystiek strand mondt uit in een ware hel, wanneer een witte haai de kustlijn onveilig maakt. Daar zit je dan als vrouw alleen in het water, met de kust in zicht en de haai als barrière. Het vraagt moed, creativiteit en wat hi-tech hulp om tegen het dodelijke monster op te boksen. Haai, eat your heart out!

In The Shallows volgen we de jonge Nancy (Blake Lively) die in Mexico haar innerlijke rust probeert te vinden. Hoewel een gedreven student geneeskunde, twijfelt ze aan haar toekomst. Temeer omdat haar moeder, met wie ze een nauwe band had, net is overleden. Op haar surfboard, ook een geliefde hobby van haar moeder, vindt Nancy haar rust en uitdaging. En om het plaatje compleet te maken vindt ze met hulp van een lokale gids een afgelegen, voor toeristen verborgen gehouden strand. Voor Nancy heeft het strand een bijzondere betekenis: het was het speciale plekje van haar moeder. De naam ervan blijft echter in het ongewisse. Dus bedenkt Nancy er zelf één: ‘mom’s beach’.

The Shallows

Van paradijs naar hel
Het wonderschone en verscholen strand is een paradijselijk plaatje. Eenmaal aangekomen volgen vlotte montages van Nancy’s strakke lijf dat zich in een surfpak hijst en golven waaraan alleen een gedisciplineerde surfer zich kan wagen. Wanneer Nancy twee lokale surfers tegenkomt, geven ze haar goedbedoelde adviezen mee. Niet surfen als het donker wordt, want het tij keert snel. Waarop Nancy als gedreven surfer natuurlijk voorbereid is dankzij een hi-tech surfhorloge. Na wat flitsende beelden van de drie onder torenhoge golven gaan ze uiteen en besluit Nancy na een droogbeurt op het strand nog eenmaal het water in te gaan.

Het is zo’n zet waarvan je als kijker weet dat het niet handig is. Neem talloze horrorfilms waarin naïeve tieners het nachtelijk donker verkennen na het horen van een plots luid gekraak buiten. Lang duurt het niet voordat de dreiging toeslaat. In The Shallows is dat niet anders, want Nancy ziet zichzelf al snel geconfronteerd met een bloeddorstige witte haai. De spanning naar die eerste confrontatie is fraai opgebouwd en in beeld gebracht. Nancy weet zichzelf na een bloedstollende aanval in veiligheid te brengen, waarna een ware overlevingsstrijd volgt.

Tot het uiterste
Vanaf dat moment draait het om Nancy en de haai en doet de film denken aan ‘overlevingsvoorgangers’ als Cast Away en All Is Lost. Films waarin de hoofdpersonen psychisch en fysiek tot het uiterste gaan om te overleven. Zo ook Nancy, die na een fikse haaienbeet haar heil zoekt op een uitstekende rots en de wond moet zien te hechten. Het levert een nagelbijtende scène op, niet wetende dat oorringen ook een andere functie kunnen hebben. En ze vindt zowaar troost in een eenzame gestrande zeemeeuw, gewond aan een vleugel en haar gezelschap houdend. Ondertussen is de kust slechts op een paar honderd meter afstand van Nancy’s rots, met een immer aanwezige haai die er omheen cirkelt. Vastberaden om de kust te bereiken, volgen de acties en de confrontaties met de haai zich in rap tempo op.

The Shallows

Chick met ballen versus bloeddorst
Blake Lively (The Age of Adaline, Café Society) speelt vaak veilige, weinig opzienbarende rollen. In The Shallows zien we een andere Lively, want hier is ze een chick met ballen die uit al haar creativiteit en krachten put om het op te nemen tegen het grote, dodelijke witte monster. Dat het een blonde schone betreft wordt door de camera opzichtig in beeld gebracht, met name de shots wanneer ze zich klaarmaakt om te surfen. Hey, het oog wil ook wat!

En dan de haai: Lively’s tegenstander. Regisseur Jaume Collet-Serra, vooral bekend van horrors House of Wax en Orphan, lijkt het uiterste uit zijn haai – een digitale creatie – te willen halen. Is in de eerste kennismaking alleen de vin van het beest zichtbaar, dan zien we ‘m later in volle glorie met opengesperde bek uit het water springen. Er ontstaat zowaar een persoonlijke vete, waarbij de haai niets liever wil dan de blonde schone verslinden. Hoe slimmer zij ‘m af is, hoe bozer hij wordt. Het haalt een stukje geloofwaardigheid en realisme weg, waarop de film zich eerder met zijn ‘lonely survive’-thema nog zo beroept.

Overdaad boven suggestie en spanning
Een ander storend element in de film is het gebruik van digitale media en technologie. Appjes op de telefoon, aankondigingen van hoog- en laagtij en het inzetten van de timer worden apart in het beeld gemonteerd. De shots van het mooie landschap en de woeste overlevingsstrijd krijgen daardoor iets kunstmatigs. En roept de vraag op in hoeverre we tegenwoordig echt in staat zijn om te overleven. In het geval van The Shallows helpen de digitale hulpmiddelen, naast moed, creativiteit en vergezocht geluk, in ieder geval goed mee.
 

16 augustus 2016

 
MEER RECENSIES

Neon Demon, The

****

recensie The Neon Demon

De zucht naar nep

door Alfred Bos

In een wereld waarin mensen zich gedragen – en worden behandeld – als objecten is de empathie verdwenen, maar vieren primaire emoties als lust en jaloezie hoogtij. De Deense regisseur Nicolas Winding Refn kent geen genade.

In de visie van de Britse schrijver J.G. Ballard, auteur van het boek waarop High-Rise is gebaseerd, leven we in een wereld waarin de gescripte werkelijkheid van de media de realiteit van atomen en natuurwetten, van toeval en de dood, heeft vervangen. De dagelijkse blootstelling aan virtuele versies van de echte wereld zorgt voor verwarring en vervreemding, een door media geïnduceerde psychose waarin de waan niet meer van de werkelijkheid wordt onderscheiden. Ons bewustzijn is gekaapt door reclame.

The Neon Demon

Aldus leven we zonder het te beseffen in twee werelden tegelijk, de fysieke wereld en die van onze gemanipuleerde verbeelding. In The Neon Demon neemt de Deense regisseur Nicolas Winding Refn, de man van Drive en Only God Forgives, die schizofrenie op de korrel met een overgestileerde, surrealistische en gitzwarte tragikomedie, gesitueerd in het modemilieu van Los Angeles.

Magisch denken
The Neon Demon is gegoten in een provocerende mengvorm van David Lynchs droomlogica en giallo, Italiaanse cult-horror uit de jaren zeventig. Qua toon en thematiek is de film verwant aan David Cronenbergs Maps to the Stars en Paul Verhoevens Showgirls, maar dan bevangen door de geest van Markies de Sade. Refn gaat necrofilie (seks met lijken) en kannibalisme niet uit de weg. Zijn methode: hij presenteert het figuurlijke als letterlijk. De waan is de werkelijkheid geworden, schoonheid een fetisj. Magisch denken met een chirurgiemes.

Jesse (een sterke rol van Elle Fanning) is kort na haar zestiende verjaardag als wees vanuit de provincie naar LA verkast om haar ongerepte schoonheid te exploiteren als model. Ze heeft geen enkel talent maar ze is mooi, zegt ze over zichzelf, terwijl ze slaapwandelt door een piranhapoel. Ze logeert in een ranzig woonblok in Pasadena, het Osdorp van LA, en we leren haar kennen via een fotoshoot waarin een lijk oogt als een pop, het is Jesse. Refn is vanaf de eerste seconde glashelder over haar lot en in de twee uur die volgen wordt de onschuld stap voor stap gecorrumpeerd, opgevreten door de waan.

Lippenstift
Ogen en spiegels zijn de meest prominente motieven van de surrealistische filmers en schilders van de twintigste eeuw (Buñuel, Cocteau, Dalí, Magritte) en Refn zet ze volop in. Hij voegt daar een fallisch schoonheidsattribuut aan toe, de lippenstift. In een huiveringwekkende scène kort na het begin van de film staat Jesse op het damestoilet van een bondagefeest, het blijkt een haaientank.

Ze is daar met Ruby (Jena Malone), een iets oudere visagiste die een oogje op haar heeft. Terwijl Ruby haar lippen stift verschijnen haar vriendinnen, Gigi (Bella Heathcote) en Sarah (Abbey Lee), verveelde modellen voor wie cosmetische chirurgie ‘gewoon goede verzorging’ is.

Het gesprek gaat over lippenstift: waarom hebben de verschillende kleurtinten altijd namen die verwijzen naar voedsel of seks? Jesse weet het niet, ze is – in de woorden van Ruby – een hert met grote ogen dat is bevroren in het licht. Wat ben jij, willen Gigi en Sarah van Jesse weten, voedsel of seks? Jesse is nog maagd. Drie keer raden hoe het afloopt.

The Neon Demon

Overstilering
Nu ons bewustzijn is gekoloniseerd door media, is alleen het onderbewustzijn nog van onszelf. Dromen zijn het product van dat onderbewustzijn en Refn laat Jesse in haar slaap een extreem onaangename verkrachting door haar botte huisbaas (Keanu Reeves) beleven. Die gebruikt een mes, Refns vierde motief, wederom fallisch. De droom waarschuwt haar voor de werkelijkheid, maar het voorval drijft haar in de armen van vrouwtjesroofdier Ruby. In Ruby’s domein verliest Jesse definitief haar naturel en is haar lot bezegeld. Het is geen toeval dat ze wordt belaagd met keukenmessen.

Refns portret van de zucht naar nep – en de gekmakende jaloezie op de niet-maakbare authenticiteit van het natuurlijke – is verbeeld via een overmatig gestileerd hyperrealisme waarin textuur en kleur domineren. Die overstilering is de neon duivel uit de titel: het is kunstmatig, het is zielloos en het verdoemt. Het laatste shot toont de zilte leegte van Death Valley.

The Neon Demon roept een breed scala aan emoties op, maar ‘feel good’ hoort daar niet bij. Je kunt de film walgelijk vinden, of briljant, zelfs geniaal. Dat is hij geen van beiden, het is een zedenpreek over verdorven deugd. Deze spiegel toont een zwart gat, de aars van de duivel. Lars von Trier zal aan het banket van de Deense Oscars een stoel moeten opschuiven.
 

10 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Purge: Election Year, The

***

recensie The Purge: Election Year

Bloedige strijd om presidentschap

door Wim Meijer

 

The Purge uit 2013 kostte 2,8 miljoen dollar, hetgeen een schijntje is in de filmindustrie. Vrijwel direct kreeg regisseur James DeMonaco een telefoontje van Universal om de tweede film te gaan maken. Niet vreemd, want The Purge leverde wereldwijd bijna negentig miljoen dollar op, gezien het budget een monsterbedrag. The Purge: Anarchy verscheen een jaar later en leverde 111 miljoen dollar op met een productiebudget van negen miljoen dollar. Dat vinden filmstudio’s leuk. Nu verschijnt het derde (en laatste?) deel van de franchise.

 The Purge: Election Year

Geld is echter niet de enige reden dat deze films gemaakt worden. DeMonaco werkt zijn genrefilms namelijk goed uit, vult ze subtiel en minder subtiel met eigen ideeën en tilt zo de B-film naar een hoger plan. Daarnaast spreekt het concept een groot publiek aan, zo bleek. De film draait om de Amerikaanse samenleving waarin eens per jaar een wetteloze nacht – Purge Night – plaatsvindt. Alles dat normaal per wet verboden is, is toegestaan. Het gevolg: totale chaos, een enorm bloedbad, een hoop gore, maar ook naakt, fascisme, extreem geweld en andere factoren die kenmerkend zijn voor het genre. Dit alles wordt grafisch verfilmd met vooral handheld camerawerk.

Moord om snoep
In The Purge nam Ethan Hawke het op tegen een stel moordlustige loonies, The Purge: Anarchy trok de horror naar een breder plan in de straten van Los Angeles en in dit deel verhoogt DeMonaco de inzet nog maar eens. Waar in vorige films mensen als senatoren immuun waren (toch geen volledige anarchie dus), is dit nu jaar niet meer het geval. Dat is slecht nieuws voor Senator Charlie Roan (Elizabeth Mitchell) die zich kandidaat heeft gesteld voor het presidentschap, met als speerpunt van haar verkiezingsprogramma het afschaffen van de purge. Aan Leo Barnes (Frank Grillo) de taak om de senator in leven te houden. Hij krijgt daarbij hulp van een groep zwarte vigilantes die gewonden verzorgen tijdens de purge en een Mexicaanse snoepverkoper.

The Purge: Election Year borduurt vooral voort op de bestaande franchise. Wederom verschijnt een lading gestoorde karakters ten tonele, zoals twee zwarte, schaars geklede dames die snoep stelen, worden gepakt en vervolgens besluiten de eigenaar van de snoepwinkel om te leggen. Het zijn dit soort gedachtekronkels waar menigeen van zal gruwelen en waar anderen zich aan verlekkeren.

 The Purge: Election Year

Politieke statements
Naast moordzuchtige maniakken, al dan niet religieus, verwerkt James DeMonaco andere elementen in zijn film. Schrikeffecten bijvoorbeeld – bijzonder effectief met al die mafkezen. Lachwekkend zijn de moordtoeristen, fascistische Scandinaviërs die speciaal voor deze nacht naar Amerika afreizen. Onder hen zit Earl Danzinger (Terry Serpico), een commando die met zijn eenheid de opdracht van Roach politieke tegenstanders krijgt om Amerika te zuiveren van het kwaad. Dat is mooie taal van politiek zwaargewicht dominee Edwidge Owens (Kyle Secor), waarmee hij niets meer bedoelt dan het vermoorden van senator Roach.

Met het derde deel in de Purge-franchise verwijst DeMonaco wederom veelvuldig naar de Amerikaanse samenleving. Racisme is daar aan de orde van de dag, tegenwoordig zelfs op het hoogste niveau. Dat het verkiezingstijd is, is ook geen toeval. DeMonaco schreef het script afgelopen jaar. Dat juist een groep zwarte mensen en een Mexicaan senator Roach beschermen tegen moordlustige invloeden is niet eens een hint meer te noemen, maar naast wat politieke statements is het vooral genieten van een geslaagde, cynische B-film.
 

3 juli 2016

 
MEER RECENSIES

Vrouwen met een steekje los

Vrouwen met een steekje los

door Bob van der Sterre

Gone to Earth ♦ Possession ♦ Symptoms 

 

Gestoorde vrouwen in films zijn geruststellend. Ook het perfecte, intelligente en gevoelige deel van de mensheid blijkt niet perfect te zijn. Er zijn deze eeuw films over vrouwelijke serial killers (Monster, 2003) maar in het filmarchief zijn er interessantere vrouwenkarakters met loszittende steekjes.

Zigeunerzangeres Hazel Woodus treedt graag op bij feestjes. Dan is ze op haar gemak. Vind je het gek dat zo’n vrouw zich door muziek en stemmen laat leiden op belangrijke momenten?

Haar moeder heeft ze niet gekend en haar vader is de botheid zelve. Ze heeft een gevoelsmatige natuur. Ze is net zo naïef en zacht als ruig en ongetemd.

Geen vrouw zo puur als zij
Ze laat dan ook de harten van twee uiteenlopende mannen op hol slaan. De ene man, priester, valt op haar pure, naïeve kant, en de vlot gebekte veroveraar, de jager, houdt van haar ongetemde seksualiteit. Zelf gaat ze altijd op haar gevoel af. En dat geeft aan dat ze beide mannen leuk vindt.

De boodschap van Gone to Earth (1950) is duidelijk: de natuurlijke, gevoelsmatige aard van de vrouw wordt verpletterd door sociale codes. Een vrouw moet op een bepaalde manier zijn  en zo gedraagt ze zich ook. Is ze een keer niet zo; dan is ze een outcast. Zie Hazel. Maar tegelijk kennen deze beide mannen geen vrouw zo puur als zij en verliezen ze beiden hun hoofd.

Tjokvol symboliek. De kleur van haar kleding. De twee mannen die in contact komen met de tegenpool van zichzelf. De stoere wordt zacht; de kalme raakt woest.

Een erg mooie film – zoals je Powell & Pressburger niet op een lelijke film kunt betrappen. Maar zet je deze film voor een groep jongeren neer en ze zullen na vijf minuten al verveeld zijn. Te traag. Zo zonde! Want geef je het lage tempo toch een kans, dan zie je mooie beelden, prima acteerspel (Jennifer Jones, David Farrar, Cyril Cusack, en bijrollen) en een pure romantiek die in moderne films niet meer bestaat.

Relatiedrama ontwikkelt zich als horrorfilm
In Possession (1981) zien we hoe Mark (een piepjonge Sam Neill) problemen heeft met zijn vriendin Anna (Isabelle Adjani). Als hij terugkeert van een klus, doet ze vaag. Wil ze dat hij bij haar terugkeert? ‘Ik weet het niet.’ Waarom is ze de hele dag weg? ‘Ik heb tijd nodig om na te denken.’ Ze bevinden zich in West-Berlijn.

Het is maar het begin van het mysterie rondom Anna. Soms komt ze langs, gooit ze met spullen en vertrekt ze weer. Mark in tranen. Het blijkt niet de invloed van esoterische meester Heinrich, met wie ze een affaire heeft gehad, want die is al net zo verdrietig om haar ontsporing.

Hier is geen steekje los, maar een steek van heb ik jou daar. Anna (Isabelle Adjani in overdrive) is zo ongeveer permanent razend. In een metrotunnel loopt ze te gillend tegen de muur aan te lopen en wit spul uit te braken. Vlees door de gehaktmolen doen, verloopt bij haar uiteraard ook abnormaal. Een privédetective, ingezet door Mark, ontdekt de waarheid. In een ander huis heeft ze een bloeddorstig monster, met paranormale gaven, als huisdier.

Eigenaardige film. Een relatiedrama dat zich ontwikkelt als horrorfilm. Niet een normale, rustige scène. Een flinke portie overacting. Met name Sam Neill, gewoonlijk zo rustig, gaat hier helemaal uit zijn dak, schijnbaar op verzoek. De film had vlotter gemonteerd kunnen worden.

Tegelijk is het intrigerend. Soms beelden met Dogma-achtige natuurlichteffecten. Fraaie close-ups. Opmerkelijke symboliek (beide huizen staan naast de muur).

De film is dan ook gemaakt door Andrzej Zulawski, die opgroeide in Polen maar later in Frankrijk zijn films maakte. Hij was assistent van Andrzej Wajda en deze film kun je, naar men zegt, opvatten als cynisch commentaar op zijn communistische verleden. Dan is de locatie nabij de Berlijnse Muur (we zien de echte vopo’s met hun verrekijker) ineens een stuk begrijpelijker.

Zulawski beschreef zijn vijftien jaar durende filmloze periode (tussen 2000 en 2015) als het beste deel van zijn leven. Daar valt wel iets van te begrijpen bij het zien van deze film, die een zware bevalling moet zijn geweest voor alle betrokkenen.

Zo ziet waanzin eruit
Bloed, erotiek en horror was ook het specialisme van de Catalaanse regisseur/tekenaar José Ramón Larraz (in 2013 overleden). Black Candles (1982) is zijn bekendste werk en dat zegt wat over zijn onbekendheid. Maar in Symptoms (1974) deed hij wat anders: ook horror, maar veel subtieler.

In deze Britse film zien we hoe Ann is uitgenodigd in een Engels landhuis door een vriendin (Helen) waar vermoedelijk een flink steekje aan los zit. Maar dat weten we dan nog niet. Al merken we het snel. Helen kijkt naar een meer en zegt: ‘Iemand is hier verdronken.’ Ze kijkt in een haardvuur en zegt: ‘Denk je wel eens aan de dood?’

Je gaat even boodschappen doen en later zit ze met een pop in haar handen op de trap te kniezen. ‘Beloof je me dat je me nooit meer alleen laat?’

Helen worstelt met rare geluiden en heeft bovendien een blik in haar ogen waarvan je denkt: die spoort niet. Geweldig acteerwerk dus van Angela Pleasence, dochter van Donald Pleasence. De beste rol van haar carrière, kun je gerust zeggen. Wijd opengesperde ogen, ingevallen gezicht, haar klevend aan haar gezicht. Zo ziet waanzin eruit.

Het verhaal is niet zo origineel maar wat een sfeer krijg je te zien! Het is echt griezelen hier – anders dan met moderne griezelfilms, die vooral draaien om flauwe foefjes.

Die spanning komt door de rustige opbouw, zoals veel films uit de jaren zeventig. De griezeligheid komt van het huis, het acteerwerk en de kalme cinematografie.

Liever deze film een keer goed restaureren dan de zoveelste nieuwe horrorproductie uitbrengen. José Ramón Larraz verdient dat. Interessante vrouwenkarakters met een steekje los zijn namelijk een zeldzaamheid in de filmwereld.

8 februari 2016

 

Possession

 

Alle Camera Obscura

Goosebumps

***

recensie  Goosebumps

Kippenvel in uw eigen bios

door Cor Oliemeulen

Aanstekelijk spel en fantasievolle griezels garanderen een leuk uitje in uw plaatselijke filmtheater.

In de week waarin filmproducenten en distributeurs de Nederlandse Staat aanklagen voor schade die zij volgens eigen zeggen lijden vanwege downloaden, verschijnen er gewoon weer films in de bioscoop, omdat de aantrekkingskracht van het grote witte doek vaak nu eenmaal groter is. Wanneer de branche zich iets beter aanpast aan de moderne tijd en het bioscoopbezoek aantrekkelijker en vooral goedkoper zou maken, hoeft niemand worden verstoken van al het moois en nuttigs dat het medium film kan bieden. Of zoals de Amerikaanse filosoof Robert M. Pirsig het ooit zei: “Als je het pad van kwaliteit volgt, kunnen er schijnbaar vanuit het niets prachtige inzichten, gedachten en oplossingen ontstaan.”

Goosebumps

Vermaak
Goosebumps is typisch zo’n film die in de bioscoop veel beter tot zijn recht komt dan op een beeldscherm thuis. Het verhaal over een schrijver van enge kinderboeken, die zijn griezels uit voorzorg heeft opgesloten, zijn dochter en haar nieuwe buurjongen is een vermakelijke, fantasierijke avonturenfilm, ideaal voor een avondje bios met familie of vrienden. Verstrooiing, escapisme, loslaten – een yogales voor het overbelaste brein, voor jong en oud. Service in optima forma en de mogelijkheid om heerlijk te worden vertroeteld door het gastvrije cinemapersoneel. Het enige dat nog ontbreekt, is een voetmassage.

Na een televisieserie, enkele videospellen en een stripserie is er nu Goosebumps, de speelfilm. Van deze Kippenvel-boeken verschenen al bijna 200 titels waarvan wereldwijd al meer dan 400 miljoen exemplaren zijn verkocht. De vraag was dan ook: welk boek ga je verfilmen? Het antwoord lag voor de hand: alle griezelige hoofdpersonages uit alle boeken komen samen in één film. Simpel en briljant, want het idee pakt fantastisch uit. Goosebumps is een geslaagde combinatie van grappig en griezelig, van spanning en avontuur, van kalverliefde en vaderlijke bescherming.

Goosebumps

Terreur
Jack Black speelt de schrijver van de succesvolle Goosebump-serie, R.L. Stine, die low profile door het leven gaat en zijn enige dochter angstvallig afschermt van mannelijke leeftijdsgenoten en andere pottenkijkers. Black – het leukst in The School of Rock en Kung Fu Panda (en met zijn fameuze lofzang op Led Zeppelin in het Kennedy Center in 2012) – is de ideale protagonist in zijn bundeling van een ijzig en aanstekelijk voorkomen. Een hoogst onaangenaam en onvoorspelbaar heerschap, tot het moment dat zowel de nieuwe buurjongen als de kijker zijn grote geheim ontdekken en de terreur van de ontsnapte Goosebumps-griezels is begonnen.

De sadistische pop Slappy the Dummy fungeert als het alter ego van Stine. Als het brein achter de opstand zweert hij dat zijn tot leven gekomen fictieve collega’s nooit meer in boeken zullen worden opgesloten. De weerwolf, verschrikkelijke sneeuwman, slangenvrouw, geestendokter, gnomen, vleesetende planten, speelgoedrobots, reuzenbidsprinkhaan, vampieren, aliens, zombies, mummies, een krankzinnige clown en talloze andere engerds richten een ware ravage aan in de stad, niet gehinderd door een koppel niet al te snuggere agenten. Hoewel sommige monsters zeer wrede bedoelingen hebben, worden ze plotseling grappig als blijkt dat ze een raar hoog stemmetje hebben, zodat ook de jongste kijkers zich niet zo snel in hun popcorn zullen verslikken.

 

5 februari 2016

 
ALLE RECENSIES
 

IFFR 2016 – Deel 3

Deel 3: Horror, beklemming en een bloederig goedmakertje

door Suzan Groothuis

In dit derde deel van het International Film Festival Rotterdam aandacht voor films waarin horror, angst en bloedvergieten een rol spelen. Van de essay-achtige docu Fear Itself springen we naar het beklemmende Endorphine, om te eindigen met Green Room waarin de punkband The Ain’t Rights in een waar bloedbad verzeild raakt.  

Fear Itself

Wat doet angst met je?
De kalme voice-over van Amy E. Watson leidt ons in Fear Itself door diverse scènes uit horrorfilms. Enge momenten waardoor zij betoverd is, fragmenten die een beklemmende of opbouwende angst suggereren en zich in je hoofd nestelen. De essay-achtige documentaire, waarin de bevindingen en verklaringen van de voice-over samensmelten met beelden uit vergeten horrorfilms en iconische klassiekers, is vooral een sfeerimpressie die de vraag oproept wat angst is en wat het met je doet. En ook waarom bepaalde scènes zo goed werken, zoals Liv Tyler die in The Strangers vastzit in een huis en lastiggevallen wordt door onbekend kwaad.

Fear Itself veroorzaakt een vreemd soort sensatie van samensmelting van soundtrack, beelden en voice-over in een dromerige, angstige en schimmige wereld. Het maakt nieuwsgierig naar vergeten films als Let’s Scare Jessica to Death (1971), waarin een enkele foto kippenvel veroorzaakt op je armen. Of The Exorcist III, waarin een scène in een mortuarium laat zien dat niets op kan tegen het kwaad. En dan nog de fantastische bioscoopscène in A Nightmare on Elm Street 4: The Dream Master, waarin je de dreiging letterlijk in je bioscoopstoel voelt. Fear Itself is niet een hele opzienbarende of vernieuwende documentaire, maar doet wel de vraag rijzen hoe het werkt met angst in films en de gekozen fragmenten sluiten daar perfect op aan.

Endorphine

Niets is wat het lijkt
In het Canadese Endorphine is niets wat het lijkt. Regisseur André Turpin, aanwezig op het festival, raadt aan om de film te ondergaan als een droom en niet teveel te zoeken naar antwoorden of verklaringen. Endorphine begint sterk met een meisje op een afgelegen terrein, waar alles verandert als zij stappen voor- of achterwaarts zet. Lichten springen aan, een bus met passagiers neemt een andere positie in.

Dan over naar het verhaal: de twaalfjarige Simone is getuige van de gewelddadige moord op haar moeder. Tegelijkertijd geeft zestiger Simone een lezing, waarin (toeval of niet?) de beelden van de moord geprojecteerd staan op een groot scherm. En twintiger Simone werkt in de garage waarin de moeder vermoord is. Heden, verleden en toekomst vervloeien met elkaar, evenals de hoofdpersoon Simone in de vorm van drie generaties. De twaalfjarige- en twintigjarige Simone lijken dusdanig op elkaar dat je als kijker even verward raakt – wie is nou wie? Is het wel dezelfde persoon? Of speelt de regisseur met manipulatie van de werkelijkheid en onze zintuigen?

Endorphine is prachtig geschoten – je verwacht ook niet anders van Turpin die ook verantwoordelijk was voor het camerawerk van Denis Villeneuve’s Incendies en Xavier Dolans Mommy. Toch is het meer stijl boven inhoud. Met name de tweede helft zakt wat in en maakt je als kijker juist afwezig in plaats van alert. Naar verklaringen of antwoorden hoef je inderdaad niet te zoeken, want de verwarring is er na het zien van de film nog steeds. Maar die blijft niet met zo’n impact hangen als films van David Lynch (duidelijk een referentie) of het donkere, repeterende Triangle.

Green Room

Bloederig goedmakertje
Na Blue Ruin (in 2013 vertoond op het IFFR) komt Jeremy Saulnier nu met Green Room. Blue Ruin is een soort wraakfilm die flink uit de hand loopt en ook in Green Room  gaat het mis. We volgen punkband The Ain’t Rights, die het niet bepaald makkelijk heeft. Na een afgeblazen concert spelen ze zowat voor nop in een Mexicaans restaurant. Dat je daar pissig van wordt is niet gek, dus biedt hun bemiddelaar hen een goedmakertje aan. En zo gebeurt het dat het viertal afreist naar de bossen van Oregon en in een louche tent met neonazi’s belandt. Ze treden op, maar je voelt de dreiging direct. De agressie is alom aanwezig. En dan gaat alles mis wat er maar mis kan gaan en mondt het goedmakertje uit in een ijzingwekkend bloedbad.

Zonder teveel te vertellen – ga de film zien! – lukt het Saulnier een beklemmende, opbouwende spanning neer te zetten. Waarin er ook ruimte is voor onverwachte momenten, die de kijker een waar “what the fuck!”-moment geven. Waar Blue Ruin met name met de tweede helft inlevert met een te traag tempo, zitten we nu tot het einde op het puntje van onze stoel. Knap, want de film speelt zich vooral in één ruimte af. Als extraatje komt Patrick Stewart als ijzingwekkende bendeleider voorbij. Een film voor liefhebbers van geweld en bloedvergieten, maar dan wel met een rauw en donker randje.

 

4 februari 2016

 

VERSLAG IFFR 2016 Deel 1

VERSLAG IFFR 2016 Deel 2

VERSLAG IFFR 2016 Deel 4

VERSLAG IFFR 2016 Deel 5 (slot)

 

Regression

**

recensie  Regression

De duivel zit in de details

door Ashar Medina

Voorspelbare thriller over seksueel misbruik in occulte sferen is prikkelend noch uitdagend.

Een klein stadje wordt opgeschrikt wanneer een jong meisje (Emma Watson) beweert het slachtoffer te zijn geworden van ernstig seksueel misbruik. De detective die op de zaak wordt gezet (Ethan Hawke) weet al snel een bekentenis uit haar vader te trekken, ook al kan die zich er vreemd genoeg maar weinig van herinneren. De detective gelooft hem eigenlijk ook helemaal niet en gaat verder op onderzoek uit. Hij opent een beerput en stuit op een mogelijk complot van Satanisten, mensenoffers en nog veel meer narigheid. Of heeft het meisje het hele verhaal uit haar duim gezogen..?

Regression

Angst als raadgever
Regression volgt de blauwdruk van tientallen voorgangers; occulte thrillers die spelen met de universele angst voor duivelaanbidders. De film opent zelfs met een tekst die refereert aan de massahysterie die in de jaren tachtig losbrak in de VS – na een aantal spraakmakende zaken kwamen er wekelijks verhalen bovendrijven over satanische cults die baby’s offerden, kleuters misbruikten en moordden dat het een lieve lust was.

Angst is meestal een slechte raadgever, en dat is hier niet anders. Kijk maar naar de wijze waarop Alejandro Amenabar zijn verhaal aan ons presenteert. De openingstekst is bedoeld om een duidelijk kader te schetsen, maar wat de regisseur eigenlijk doet is zijn grootste troef op tafel leggen. Door de kijker in de richting van de ongefundeerde massahysterie te sturen zegt hij al te veel over de manier waarop het verhaal van het meisje zal worden behandeld en hoe het verhaal zich zal ontvouwen. Dit komt de suspense alles behalve ten goede en zorgt ervoor dat de rest van het verhaal onherroepelijk afstevent op een onbevredigend einde.

Conventies versus clichés
Alejandro Amenabar maakte naam met intrigerende films als Abre Los Ojos (later ge-remaked als Vanilla Sky) en The Others, waarin hij mysterieuze premissen en inventieve scenario’s voorzag van een kenmerkende, beklemmende atmosfeer en zo duidelijk een authentieke handtekening presenteerde aan de filmwereld. Doodzonde dat hij voor Regression een wilde greep deed in de bak met clichés die films binnen dit genre zo vaak de das omdoen.

Regression

De acteurs kunnen daar ook niet blij mee zijn geweest. Zo krijgt Ethan Hawke als de pas gescheiden, cynische detective veel te weinig om mee te spelen. Het enige dat voor zijn personage pleit is zijn doorzettingsvermogen, maar dat is natuurlijk nooit genoeg. Het feit dat hij bijna uitsluitend cup-a-soup maaltijden eet in zijn uppie en een gebroken hart heeft doet daar niets aan af. Naast de vlakke personages zien we omgekeerde kruizen, klapperende deuren, creepy geestelijken – alles begeleid door een soundtrack die ons onomwonden duidelijk maakt dat we het eng moeten vinden. Originaliteit is ver te zoeken.

De grootste zonde wordt echter richting het einde van de film begaan. In een poging het publiek te verrassen worden zaken onthuld die niemand ooit had kunnen zien aankomen (want niet gepland of zelfs maar gesuggereerd), waardoor het een beetje aanvoelt alsof Amenabar zijn publiek in de maling neemt. Een beetje jammer allemaal.

 

9 november 2015

 
ALLE RECENSIES

Visit, The

***

recensie  The Visit

Van je familie moet je het hebben

door Ashar Medina

Regisseur M. Night Shyamalan keert met The Visit terug naar zijn roots en creëert met minimale middelen een beklemmende atmosfeer die als een donkere wolk boven zijn jonge hoofdrolspelers hangt. Oh, en er is een verrassende twist op het einde. Maar dat hadden we niet anders verwacht. 

Puberende amateurregisseur Rebecca en haar broertje Tyler gaan een weekje op bezoek bij hun grootouders die ze nog nooit hebben ontmoet. Moeder Paula ontvluchtte als moeilijke tiener het ouderlijk huis om vervolgens nooit meer achterom te kijken en heeft al jaren geen contact meer met haar ouders. Tot opa en oma de kinderen uitnodigen om een weekje door te brengen op het platteland en elkaar beter te leren kennen.

Recensie The Visit

Rebecca grijpt de kans met beide handen aan om een documentaire te maken over de plek waar haar moeder opgroeide en erachter te komen waarom ze zo halsoverkop vertrok. Maar ze krijgt meer dan waar ze om vroeg. Nana en Pop Pop blijken namelijk nogal wereldvreemd en vertonen bizar gedrag waarmee ze de kinderen onbedoeld de stuipen op het lijf jagen. Rebecca en Tyler beginnen te vermoeden dat hun grootouders een donker geheim verbergen en gaan op onderzoek uit. Maar willen ze de waarheid wel echt weten..?

Less is more
Shyamalan gaf in interviews aan dat hij na grote, geflopte CG-blockbusters als The Last Airbender en After Earth bij zichzelf te rade ging. Hij besloot dat dergelijke gigantische studioproducties weinig ruimte overlaten voor spontaniteit en zag in dat hij zijn eigen stem aan het verliezen was. Die eigen stem vindt zijn oorsprong in geslaagde ingetogen thrillers als Unbreakable en natuurlijk The Sixth Sense, waarmee hij eind jaren negentig zowel publiek als critici voor zich wist te winnen. Dus schreef Shyamalan een kleine horrorkomedie over een broer en zus die op bezoek gaan bij de opa en oma from hell.

The Visit is gedraaid als een found footage documentaire en maakt dankbaar gebruik van de mogelijkheden die het genre biedt. De vaak statische camera blijft objectief toeschouwer van de angstaanjagende taferelen die de kinderen krijgen voorgeschoteld en creëert zo een gevoel van realisme. Anderzijds zorgen kinetische handheld  achtervolgingen ervoor dat de vaart er in blijft en dat de spanning wordt opgevoerd, het blijft tenslotte horror. Een echte vondst is het besluit Rebecca en Tyler allebei een eigen camera te geven, zo krijgen we niet alleen twee totaal verschillende perspectieven te zien, het biedt de filmmakers ook de mogelijkheid om in de montage te cross-cutten, wat vooral tijdens de actie-sequenties een grote plus is ten opzichte van andere mockumentaries.

The Visit

Horror of komedie?
De centrale vraag – of er nou wel of niet iets bovennatuurlijk aan de hand is –  houdt The Visit tot het einde spannend en de creepy grootouders zijn uitstekend nachtmerrievoer. Het komische gedeelte komt echter wat minder goed uit de verf. Zo ambieert Tyler een rapcarrière, maar werken zijn slechte vrouwonvriendelijke raps eerder op de zenuwen dan op de lachspieren. Rebecca’s flauwe grappen over het feit dat hij als dertienjarig blank jongetje zwart probeert te zijn slaan ook de plank mis en laten zien dat Shyamalan niet echt dicht bij de jeugd staat. De personages blijven daardoor een beetje vlak, ook al worden er verwoede pogingen gedaan om driedimensionale karakters neer te zetten.

Een van de plotlijnen richt zich bijvoorbeeld op het gemis van hun vader, die het gezin in de steek liet voor een andere vrouw. Via interviews leren we dat Rebecca en Tyler allebei op hun eigen destructieve manier omgaan met dit verlies. Hoewel een interessant gegeven, wordt dit vooral in vluchtige monologen duidelijk gemaakt, waardoor het jammer genoeg een beetje aanvoelt als psychologie van de koude grond.

Dit alles maakt The Visit een spannende, originele thriller die onvermijdelijk vergeleken zal worden met The Sixth Sense, maar die strijd helaas niet zal winnen. Het is echter wel Shyamalans beste film sinds jaren, en die leuke twist op het einde maakt het kijken meer dan waard.

 

8 september 2015

 
ALLE RECENSIES

Alléluia

***

recensie Alléluia
De gladjanus en het jaloerse secreet

door Cor Oliemeulen

Fabrice du Welz staat te boek als Belgische suspense-meester. Zijn dramatische thriller Alléluia heeft weinig te maken met een lofzang aan een hogere macht – of het moet de duivel zijn.

In zijn speelfilmdebuut Calvaire (2004) vertelt de talentvolle, driftig experimenterende regisseur het horrorverhaal van een orkestbandzanger die vooral populair is bij oudere dames, na een optreden in een dorpshuis panne krijgt en belandt in een voormalig hotelletje nabij een dorpje waar sodomie en achterlijke dansjes de normaalste zaak van de wereld zijn.

Recensie Alléluia

De hoteleigenaar loopt aanvankelijk over van goede bedoelingen, maar ontwikkelt zich tot een volstrekt gestoorde malloot die de zanger aanziet voor zijn overleden vrouw en niet nalaat hem te martelen om wat respect en discipline bij te brengen. Aan iedereen in Calvaire zit minimaal een steekje los, zelfs de zanger laat zich wel heel gemakkelijk naar de slachtbank leiden. Deze lowbudgetfilm wijkt door zijn vormgeving en incidentele knipoog wel af van de gebaande suspense-paden, maar van de gepresenteerde zieke geesten en absurde voorvallen moet je wel houden.

Lonely Hearts Killers
De zanger van Calvaire (Laurent Lucas) zien we terug in Alléluia, ook geen alledaagse rolprent, maar wel gesteund door het klassieke gegeven van de lonely hearts killer: man plaatst advertentie – vrouw reageert – man pikt haar geld in en vermoordt haar. Fabrice du Welz neemt als uitgangspunt de legendarische Lonely Hearts Killers: Raymond Fernandez en Martha Beck, die in de jaren ’40 van de vorige eeuw zeventien bewezen moorden pleegden en op de elektrische stoel eindigden. In Alléluia speelt Laurent Lucas de rokkenjagende gladjanus Michel die in Gloria (Lola Dueñas: Mar adentro, Volver) zijn kompaan vindt. Het feit dat Gloria obsessief verliefd op Michel is, blijkt al snel voor- en nadelen te hebben.

Recensie Alléluia

De procedure lijkt eenvoudig. Michel verleidt een welgestelde, naar liefde en seks hunkerende, meestal oudere vrouw. Gloria is zogenaamd zijn zus, ze troggelen hun slachtoffer geld af en doden haar zo nodig. Er is echter een wezenlijk probleem: Gloria is zo intens jaloers als zij ziet hoe Michel haar concurrente verwent dat zij in acute woede ontsteekt en de betreffende vrouw in mum van tijd naar de andere wereld helpt, terwijl Michel verlamd in een hoekje het bloedbad aanschouwt. De dodelijke kilheid van Gloria wordt treffend verbeeld in een scène waarin zij onbewogen in de camera spreekt en vervolgens een voet van de vermoorde vrouw afzaagt.

Geen greintje sympathie
Alléluia gaat dus over extreme toewijding met alle afschuwelijke gevolgen van dien. Fabrice du Welz speelt goed met licht en donker, en de dans rond het vreugdevuur is artistiek in beeld gebracht, maar hij gunt je geen greintje sympathie voor het bedriegende en moordende koppel, hoe voortreffelijk vooral Lola Dueñas ook acteert. Narratief ondergeschikt aan cinematografie en soundtrack – op de grappige missionarisscène na – mag je als kijker wel iets meer diepgang en betekenis verlangen, zodat je niet zomaar als een geslagen hond het theater verlaat.

 

10 juli 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Girl Walks Home Alone at Night, A

****

recensie  A Girl Walks Home Alone at Night 

Hipster vampier in Iran

door Suzan Groothuis

Deze – jawel – Iraanse vampierwestern gooide al hoge ogen op diverse filmfestivals. In prachtig zwart-wit geschoten zien we hoe een eenzame liefde standhoudt in een fictieve Iraanse stad vol verderf. Een film die het meer van sfeer dan inhoud moet hebben, maar daarmee volledig wegkomt. Nostalgie, betovering en een vleugje horror ineen.

Het fictieve Iraanse Bad City is een plaats waar je liever niet komt. Een plek waar drugsdealers, gebruikers en criminelen de dienst uitmaken. En een dolende vampier, gekleed in een hip gestreept shirtje en zwarte hijab, die het kwaad op eigengereide wijze uitroeit. Terwijl de vrouwelijke vampier op zoek is naar bloed, volgen we het wel en wee van Arash, een soort Iraanse James Dean, die zorg draagt voor zijn drugsverslaafde vader. Als Arash terugkomt van een feestje, waar hij voor het eerst MDMA heeft geslikt, komt hij de vampier tegen. Onder invloed natuurlijk, maar onder de indruk van haar koude schoonheid. Ze worden verliefd.

Recensie A Girl Walks Home Alone at Night

A Girl Walks Home Alone at Night is een film die verschillende genre-elementen met elkaar verbindt – we zien referenties naar de Nouvelle Vague en films als Sin City, Pulp Fiction en onmiskenbaar Wild At Heart. Het begin ademt een horrorachtige sfeer, zoals de verstilde beelden van een nachtelijk Bad City waarin de vampier plots opduikt, haar slachtoffers achtervolgt en op bloedige wijze afmaakt. Zij het dan wel de randfiguren van de stad, waarmee de vampier een statement lijkt te maken: weg met het gespuis!

Eenzame outsiders
Rake geluidseffecten en een soundtrack, wisselend van moderne donkere indierock tot spaghettiwestern, gaan samen met dromerige, atmosferische beelden te midden van een plaats vol geweld en verderf. A Girl Walks… is vooral een film over buitenstaanders, wiens liefde standhoudt ondanks de destructie die steeds op de loer ligt. Hun aantrekkingskracht is prachtig verbeeld in een scène waarin de vampier Arash meeneemt naar haar appartement. Terwijl ze een plaatje opzet en de donkere muziek van White Lies uit de speakers klinkt, komen de twee steeds dichter tot elkaar – een subtiel intiem moment gevangen in betoverende zwart-wit beelden.

Recensie A Girl Walks Home Alone at Night

Duistere coolheid in fictief Iran
Net als in Jim Jarmusch’ Only Lovers Left Alive wordt de vampier in A Girl Walks… neergezet als hippe outsider in plaats van louter bloedzuigend kwaad. Daarmee gaat ook de Iraans-Amerikaanse regisseuse Ana Lily Amirpour voorbij aan het beeld van de klassieke Nosferatu. Opmerkelijk is dat de film geheel in Farsi is gesproken en zich afspeelt in een fictieve Iraanse plaats – niet bepaald een locatie waaraan je denkt bij een vampierfilm.

En dan is het ook nog eens een vrouwelijke (en verleidelijke!) vampier die keihard afrekent met geweld en corruptie. Overigens is er geen greintje Iran in de film te zien, want hij is volledig opgenomen in Californië. Elijah Wood, een van de executive producers, kreeg het script – geschreven door Amirpour, die overigens al eerder een korte film onder dezelfde naam maakte – onder ogen en was direct onder de indruk. Het Amerikaanse VICE Films distribueerde de film en zo geschiedde deze duistere, sfeervolle wereld van coole outsiders, waar de vampier niet langer een eenzame strijd hoeft te voeren.

 

16 mei 2015

 

 
ALLE RECENSIES