Tu dors Nicole

***

recensie  Tu dors Nicole

Hoe geweldig om futloos te zijn

door Cor Oliemeulen

Het is veel te gemakkelijk om Tu dors Nicole een tikkeltje slaapverwekkend te noemen. Ogenschijnlijk gebeurt er niet veel in dit Canadese opgroeidrama, maar juist daardoor weet het regelmatig op subtiele wijze de futloosheid van een generatie bloot te leggen.

In het vluchtige en opgefokte leven van dit nog prille millennium, waarin niets zeker is, lijkt het alsof steeds meer jongvolwassenen met hun ziel onder de arm lopen. Een dankbaar thema voor talloze filmmakers. Zo draait het bijvoorbeeld in Spring Breakers om stoere meiden die hun ultieme kicks zoeken met zon, zee, strand, drank en drugs, terwijl in het Griekse Attenberg twee vriendinnen in een bijna uitgestorven stadje niets anders kunnen verzinnen dan rare loopjes en de een de ander leert tongzoenen. Qua hoofdpersonage, sfeer en zwart-wit fotografie doet Tu dors Nicole ook enigszins denken aan Frances Ha, echter elk verveeld mens laat zijn eigen unieke verhaal schrijven.

Recensie Tu dors Nicole

Geen zin in experimenten
Het titelpersonage van Tu dors Nicole (Jij slaapt, Nicole) is veel te lamlendig voor thrill seeking of absurde experimenten. Daarvoor is het, hier in Quebec, ook veel te heet deze zomer. De ouders van Nicole (overtuigende rol van Julianne Côté) zijn op vakantie en zij past op het huis. Het zwembad moet af en toe chloor hebben, de planten water. Geen zin! Gelukkig arriveert haar nieuwe creditcard per post en kan Nicole samen met haar beste vriendin Véronique doen wat ze willen (naar IJsland bijvoorbeeld), in theorie althans. Lopend met hun fietsen aan de hand door een stuk ongecultiveerde natuur met op de achtergrond een batterij hoogspanningsmasten realiseren ze zich dat ze niet weten waarheen ze lopen.

Het is heerlijk om niks te doen of om dingen te doen die niet hoeven. Regisseur Stéphane Lafleur presenteert deze gemoedstoestand met enkele droogkomische fragmenten. Bijvoorbeeld als iemand tegen Nicole zegt dat je onvruchtbaar kunt worden als je zo dicht bij een actieve magnetron gaat staan. Nicole laat die opmerking even bezinken en schuifelt vervolgens langzaam nog dichterbij het keukenapparaat. Of als je ’s nachts heerlijk midden op straat loopt in het aangezicht van de maan, even denkt dat je wordt achtervolgd door een psychopaat, maar blijkt dat ook een baby de slaap niet kan vatten.

Recensie Tu dors Nicole

Slapeloze nachten
De uiterst sfeervolle cinematografie, met veelvuldig gebruik van natuurlijke lichtbronnen, creëert een heilspellende bijna-duisternis van Nicole’s slapeloze nachten en glijdt overdag geleidelijk van de zwoele nazomer naar de eerste voortekenen van de herfst. Hoe functioneel de cameravoering haar verveling illustreert, zie je aan de statische kaders waarin Nicole nooit het middelpunt vormt, maar net wel of net niet in beeld is – alsof ze zich unheimisch voelt in het huis van haar ouders.

Wanneer Nicole’s oudere broer met zijn rockband op bezoek komt, is de kalmte voorbij en de slaap blijvend verstoord. Het gezelschap wil een muziekalbum opnemen, wat de vriendschap tussen Nicole en Véronique danig onder druk zal zetten. Net als in het absurde en leukere Frank zoekt de band naar de juiste sound, maar meer dan een herhaling van eentonigheid voegt dit gegeven niet toe aan Tu dors Nicole van Stéphane Lafleur, die zelf in zijn vrije tijd actief is als singer-songwriter van de alternatieve folk/country band Avec pas d’casque. Wel memorabel is het tienjarige hoogblonde jochie Martin op zijn kinderfietsje. Hij is openlijk verliefd op Nicole en accentueert dit met zijn donkere, sensuele en beschouwende stem van een volwassen man. Onbetaalbaar.

 

3 augustus 2015

 
ALLE RECENSIES

Hard to be a God

***

recensie  Hard to be a God

Artistieke vunzigheid van onbekend talent

door Cor Oliemeulen

Altijd al willen weten hoe het gepeupel in de middeleeuwen leefde? Zet je schrap voor een plaats en tijd waar zelfs God niet het verschil kan maken.

De naam Aleksei German is weinig bekend in het westen. Deze in 2013 overleden Russische cineast maakte slechts zes films, gekenmerkt door een eigenzinnige en obscure stijl, waarvan Hard to be a God zijn magnum opus is. Dit artistieke werkstuk is gebaseerd op de gelijknamige vertelling van de gebroeders Arkadi en Boris Stroegatski, die vaak Russische sprookjes mengden met een fictief universum en ondertussen niet schroomden het communistische systeem van de Sovjet-Unie op de hak te nemen.

Recensie Hard to be a God

Ziel en zaligheid
Vier jaar na het verschijnen van hun boek in 1964 schreef Aleksei German samen met zijn vrouw Svetlana Karmalita het scenario van Hard to be a God, dat nu bij de release, bijna een halve eeuw (!) later, misschien minder welsprekend is dan aanvankelijk werd bedoeld. Dit neemt niet weg dat German er zijn hele ziel en zaligheid in heeft gelegd. In 2000 begon hij met de eerste opnames en na zijn dood maakten zijn echtgenote en zoon deze unieke film af.

Nooit eerder in de filmgeschiedenis kwam het dagelijkse leven en de barbaarsheid van de donkere middeleeuwen zo uitvoerig en ongelooflijk gedetailleerd voorbij. De uitbraak van de pest en de griezelige processie van godsdienstige zelfkastijders in Ingmar Bergman’s meesterwerk The Seventh Seal (1957) en de obligate seksuitbarstingen in Paul Verhoeven’s tussendoortje Flesh + Blood (1985) zijn peanuts vergeleken met de overdaad aan kunstzinnige smerigheid in Hard to be a God. Modder, rochels, kots, bloed, pis, kwijl, stront en ingewanden vliegen je bijna drie uur lang om de oren.

Minutieus omvangrijk
Niet vreemd dat er zo lang aan de film is gewerkt, want de filmset oogt in zijn minutieuze omvangrijkheid volstrekt authentiek. De duivelse schilderijen van Hiëronymus Bosch lijken wel naïeve kindertekeningen vergeleken met de bedrijvige en snel wisselende taferelen in Hard to be a God. De zwart-wit beeldkaders zijn overweldigend sfeerrijk en de cameravoering is origineel: regelmatig worden er rekwisieten voor de lens geplaatst (de hangende touwen en rondfladderende kippen gaan op den duur wel wat vervelen), terwijl de handelingen op de achtergrond in hoog tempo met bijna non-stop dialoog verdergaan. Aan de oneindige stoet van vaak plotsklaps opdoemende karakterkoppen, van vermakelijk tot afgrijselijk, had zelfs Federico Fellini een puntje kunnen zuigen.

Recensie Hard to be a God

Naast de aanhoudende orgie van eten, drinken, uitspugen en geweld in deze middeleeuwse drek, wordt er heel veel geroken: aan elkaar en aan dingen. Je zou bijna vergeten dat er ook nog een verhaal is. Dat is er wel, maar lijkt compleet ondergeschikt aan de stortvloed van vunzigheden en is nauwelijks te volgen als je de inhoud van het boek niet kent.

Hoewel het misschien moeilijk te rijmen valt is Hard to be a God heuse sciencefiction over een toekomstige beschaving. Men ontdekt een planeet waarop de mensen leven zoals de aardbewoners acht eeuwen geleden. In het geheim worden er wetenschappers, waaronder onze (jazz spelende) hoofdpersoon Don Rumata, naartoe gezonden. Zij moeten onderzoeken óf en hóe hun eigen beschaving kan terugkeren in de tijd. Don Rumata fungeert als een van de ‘Goden’, die zich in een onmogelijke uitdaging werpt.

 

2 augustus 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Hiroshima mon amour

*****

recensie Hiroshima mon amour

De beladen kracht van herinneren

door Cor Oliemeulen

Net voor zijn overlijden gaf regisseur Alain Resnais zijn goedkeuring aan de digitaal gerestaureerde versie van Hiroshima mon amour. Dit klassieke drama over de kracht van herinneringen en de wens om te kunnen vergeten, krijgt precies zeventig jaar (tachtig jaar in 2025, red.) na de atoombom op Hiroshima een re-release.

“Soms moeten we vermijden te denken aan de problemen die het leven biedt. Anders stikken we”, zegt de vrouw tegen de man. Ze hebben elkaar de avond daarvoor ontmoet in een bar in Hiroshima, samen de nacht doorgebracht en praten over hun verleden en onzekere toekomst. Problemen heeft het leven hen volop gegeven. De man, een Japanse architect, is getuige geweest van de atoombom op Hiroshima, terwijl de vrouw, een Franse actrice, destijds van haar Bourgondische geboortestadje Nevers naar Parijs moest vluchten, weggehoond en kaalgeschoren omdat ze een verhouding had gehad met een Duitse soldaat. Haar geliefde werd doodgeschoten en nu veertien jaar later doet de architect aan hem denken. De architect heeft andere gevoelens: hij is op slag verliefd op de actrice en dringt aan dat zij bij hem blijft. Wat volgt is een ontdekkingstocht door de ziel.

Recensie Hiroshima mon amour

Literair
Hiroshima mon amour was in 1959 het speelfilmdebuut van Alain Resnais en sloeg in als een bom. Als een van de pioniers van de revolutionaire nouvelle vague-beweging, waarin regisseurs alle traditionele filmwetten overboord gooiden, was Resnais vier jaar eerder al bekend geworden met zijn krachtige, experimentele en vooral niets verhullende korte Holocaust-documentaire Nuit et brouillard. Resnais zette het thema van de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog voort in een filmdrama dat voor die tijd uiterst modern was: het hoofdpersonage deelt haar diepste gevoelens met de kijker in een literair verhaal waarin heden en verleden, alsook het schakelen tussen locaties, naadloos in elkaar overlopen.

Literair, omdat het scenario en de dialogen zijn geschreven door Marguerite Duras, vertegenwoordiger van de Nouveau Roman, een stroming die gelijktijdig floreerde met de nouvelle vage, een nieuw maatschappijbeeld presenteerde en afrekende met de conventionele romanvorm. De eigen verbeelding en de persoonlijke reflectie van het personage, dat de neiging heeft het verleden te reconstrueren, staat centraal. Duras schreef voor Hiroshima mon amour poëtische teksten die de gekwelde actrice vooral in het begin van de film (als ze samen nagenietend in bed liggen) vol overtuiging declameert, soms kort onderbroken door de architect die haar tevergeefs op andere gedachten wil brengen. Alain Resnais integreert de dialogen subliem in een psychologisch relatiespel, wat hij in zijn volgende monumentale film, L’année dernière à Marienbad, verder, maar mysterieuzer, zou uitwerken.

Recensie Hiroshima mon amour

Onmogelijke liefde
De Franse actrice (naturel gespeeld door Emmanuelle Riva, die ruim een halve eeuw later opnieuw mocht schitteren in het veel bekroonde Alzheimer-drama Amour) bezoekt Hiroshima om er een scène voor een vredesfilm op te nemen. Het is de bedoeling dat ze de volgende dag weer zal vertrekken, maar haar spontane liefdesverhouding met de architect (Eiji Okada, Suna no onna) werpt haar terug in haar verleden en maakt haar toekomst plots onzeker. Veertien jaar na haar vertrek uit Nevers beleeft ze opnieuw een onmogelijke liefde, zo realiseert zij zich.

Het romantische drama Hiroshima mon amour, dat wordt gevoed en gevormd door een beladen geschiedenis, lijkt na al die jaren niets aan zeggingskracht te hebben ingeboet. Natuurlijk, het tempo is vrij laag (Resnais’ vakbroeders Godard en Truffaut schakelden veel sneller een tandje bij), maar juist hierdoor biedt dit postmoderne meesterwerk alle ruimte om met de actrice mee te mijmeren, tot ver na het open einde. Als zij destijds ‘De Kracht van het Nu’ van spiritualiteitsgoeroe Eckhart Tolle op haar nachtkastje zou hebben gehad, was haar leven vast een stuk draaglijker geweest.

 

31 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Im Keller

**

recensie  Im Keller

Voor lul staan

door Cor Oliemeulen

Hulde aan de architect die de kelder heeft uitgevonden! Dé ideale plek voor activiteiten die het daglicht niet kunnen verdragen. De Oostenrijker weet er alles van.

De Weense regisseur Ulrich Seidl heeft een uniek talent – en volgens kwade tongen een perverse geest. Deze omstreden filmmaker legt onalledaagse dagelijkse gebeurtenissen vast in nauwkeurig gestileerde, statische shots en laat de kijker regelmatig vol verbazing of walging achter. Vanaf zijn opzienbarende debuut Hundstage (2001) tot en met zijn Paradies-trilogie maakt hij een inktzwarte analyse van de consumptiemaatschappij waarin de figuranten het liefst op hun onvoordeligst worden geportretteerd en hun afwijkende gedrag met het publiek mogen delen.

Recensie Im Keller

Privacy bestaat niet meer
Nog geen twintig jaar geleden woedde er in ons land een felle discussie over cameratoezicht in de openbare ruimte, want de meeste mensen waren zeer op hun privacy gesteld. ‘Privacy’ staat nog wel in de Dikke Van Dale, maar weinigen van de jongere generatie weten hoe je dit woord spelt, laat staan wat het begrip betekent. Tijdens de Olympische Spelen van 1996 in Atlanta was de waanzin losgebarsten: zodra de toeschouwers op de tribunes zagen dat ze in beeld kwamen, wisten ze niet hoe gek ze moesten doen om op te vallen. Tegenwoordig probeer je te ontkomen aan de selfieterreur, zijn de dashboardcamera’s niet aan te slepen en word je als winkeldief pas serieus genomen als je ongezien een beveiligingscamera weet te ontvreemden.

In het land van de mooie blauwe Donau werd de incestkelder van Josef Fritzl in 2008 wereldnieuws, maar die had destijds kennelijk weinig behoefte om er een camera toe te laten. Hoe anders het is gesteld in het huidige Oostenrijk zien we in Im Keller, tenminste als we Ulrich Seidl mogen geloven. Samen met zijn vaste scenarioschrijver en echtgenote Veronika Franz modelleert hij de werkelijkheid van landgenoten die in hun kelder absurde hobby’s, liefdes en passies botvieren. De filmmaker registreert slechts en onthoudt zich van commentaar, maar tegelijkertijd doemt de vraag op of je niet de verantwoordelijkheid hebt om zwakbegaafden tegen zichzelf te beschermen.

Recensie Im Keller

Buitenissige seks
Er zijn enkele droogkomische fragmenten van mensen die te midden van hun dubieuze bezittingen een poos in de camera kijken en bizarre beeldkaders die wat op de lachspieren werken, maar de meeste kelders van Seidl stemmen treurig en voegen weinig toe aan zijn eerdere werk. De folklore van lederhosen, truttige prullaria en jachttrofeeën aan de muur dient als decor. Een zelfbenoemde operazanger maakt gebruik van de akoestiek van zijn kelder, die tevens dient als schietclub waar met een bierpul in de hand racistische taal wordt uitgekraamd. Een vrouw daalt dagelijks af om haar in dozen bewaarde babypoppen te knuffelen. En een lid van een blaaskapel heeft zijn kelder als nazimuseum ingericht – het grote portret van Hitler was zijn mooiste huwelijkscadeau, vertelt hij trots.

Zo laveert Im Keller tussen verwondering en voyeurisme. Buitenissige seks mag bij Ulrich Seidl natuurlijk niet ontbreken. Een niet heel aantrekkelijke sm-meesteres laat haar ‘schwein’ naakt door het huis kruipen. Hij moet de badkamer schoonlikken, maar ook haarzelf nadat zij heeft geürineerd. In de diepste krochten van hoofd en huis mag zij haar onderdanige man graag knevelen, zijn piemel met een katrol recht omhoog hijsen en sadistisch in zijn testikels knijpen. Het zwijn gilt van pijn, de zeug kirt van genot. Sommige Oostenrijkse kelders zou je willen sluiten en de sleutels diep begraven.

 

31 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Mission: Impossible – Rogue Nation

****

recensie  Mission: Impossible – Rogue Nation

De foppers gefopt 

door Alfred Bos

Wie of wat is de rogue nation (schurkenstaat) in aflevering vijf van de Mission: Impossible-reeks rond Tom Cruise’s actieheld Ethan Hunt? Hoe fout kun je zijn om goed te doen? Of andersom?

Na het succes van Mission: Impossible – Ghost Protocol (2011) verschijnt aflevering vijf van de actiespionage-franchise in een ‘Bond-jaar’.  Het Impossible Missions Force (IMF) rond alfamannetje Ethan Hunt (Tom Cruise) heeft in de voorlaatste film serieuze brokken gemaakt – Kremlin in puin – en is officieel ontbonden. Het team, ditmaal exclusief mannelijk, vecht in Mission: Impossible – Rogue Nation niet alleen tegen een schimmige vijand maar ook voor eerherstel.

Recensie Mission: Impossible - Rogue State

De vijand, dat is The Syndicate, de sinistere club waarop in het slot van M:I – Ghost Protocol werd gehint. Het syndicaat blijkt een internationaal gezelschap van terroristen onder leiding van de kille griezel Solomon Lane (Sean Harris). Het is het spiegelbeeld van IMF, een elite binnen een elite die lak heeft aan regels en doet wat men goed dunkt. De paranoia stijgt tot nieuwe hoogten – of daalt naar ongekende dieptes – en wanneer alle (?) mist is opgetrokken blijken held en schurk verwisselbare rollen te zijn. Goed? Fout? Het verschil tussen speciaal agent en terrorist is niet altijd even duidelijk.

Ultieme zzp-er
Producent Cruise poneert de MI-franchise als een team-tegenhanger van de James Bond-reeks en terug van weggeweest, we zagen hem voor het laatst in Mission: Impossible III uit 2006, is hacker Luther Stickell (Ving Rhames). Gebleven zijn Benji Dunn (Simon Pegg, bij het team sinds M:I-III) en William Brandt (Jeremy Renner, toegevoegd in M:I-GP). Inderdaad, allemaal mannen. Waar is de vrouw dan? Dat is Ilsa Faust (Rebecca Ferguson), die geheel in de paranoïde tijdsgeest van M:I – Rogue Nation binnen, buiten en boven de strijdende partijen de zaak dient. Ze is een mission impossible in zichzelf, de ultieme zzp-er tegen wil en dank.

Actie en ernst zijn verankerd in een vleugje humor, waar de Britse komiek Simon Pegg meer in het bijzonder verantwoordelijk voor is. Aan actie geen gebrek: van de opera in Wenen, via een watertank in Marokko, en nu we daar toch zijn kan er ook nog wel een groepsachtervolging per motor af, tot de ontknoping in de mistige steegjes van het Londense Whitechapel, het vroegere speelveld van Jack the Ripper – het is bijna teveel van het goede. En dan het bedrog-in-bedrog: een sterke scène tijdens de voorstelling van Puccini’s opera Turandot  telt maar liefst drie sluipschutters. M:I – Rogue Nation kan alleen maar gemaakt zijn na de onthullingen over de afluisterpraktijken van de NSA, het Amerikaanse National Security Agency.

Recensie Mission: Impossible - Rogue State

Zwarte coltrui
De film opent heel hip in een Londense platenzaak, waar Hunt wordt geïnformeerd via een ouderwetse vinylschijf: het lijkt de legendarische jaren zestig tv-serie De Wrekers wel. Zou het toeval zijn dat opperschurk Lane à la Steve Jobs een voorkeur heeft voor zwarte coltruien? En hoe veilig is informatie als een stick ongemerkt kan worden gewist door een smartphone? Wie op die manier naar M:I – Rogue Nation kijkt, ziet een wereld waarin digitale technologie risicovol blijkt en het verraad zichzelf in de staart bijt. Het middel is doel geworden en maar goed dat er een IMF (Internationaal Monetair Fonds?) is om die gekte te bezweren.

Regisseur Christopher McQuarrie kreeg een Oscar voor zijn scenario van The Ususal Suspects en schreef de scripts voor de Cruise-vehikels Valkyrie, Edge of Tomorrow en Jack Reacher; de laatste regisseerde hij tevens. Ook voor deze film leverde hij het draaiboek en dat is wellicht de reden dat Mission: Impossible – Rogue Nation meer dan voorgaande afleveringen de nadruk legt op de labyrintische intrige, zonder evenwel de bloedstollende actie te veronachtzamen. McQuarrie’s mengvorm van spionagethriller en actiefilm zorgt ervoor dat de MI-fans tevreden naar huis gaan en, nog belangrijker, kunnen uitzien naar een vervolg. Want de met rook gevulde perspex kubus die de politie aan het slot van M:I-RS  komt ophalen, zit daar het Syndicate-brein echt in?

 

28 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Belle

***

recensie Belle
Tussen liefde en gerechtigheid

door Suzan Groothuis

Brits kostuumdrama gebaseerd op een waargebeurd verhaal, waarin een bastaarddochter in aristocratische kringen opgroeit en een belangrijke rol heeft in de toekomst van de Britse slavernij. Een mix van rechtbank- en liefdesdrama met een hoog moreel gehalte. 

Belle speelt zich af in 1769, toen Groot-Brittannië een koloniaal rijk was en in slaven handelde. We volgen de jonge Dido, bastaarddochter van een hooggeplaatste marineofficier (Matthew Goode) en een Afrikaanse slavin. Na de dood van haar moeder besluit haar vader Dido een goed leven te geven en brengt hij haar onder bij haar aristocratische oom Lord Mansfield (Tom Wilkinson), een van de hoogste rechters van het land. En zo leidt Dido Elizabeth Belle een leven tussen de lage en hoge rangen in: opgevoed als intelligente jongedame op stand, maar een diner met gasten van haar familie zit er niet in.

Recensie Belle

Als jong meisje staat zij samen met haar nichtje Elizabeth onbezorgd in het leven, spelend op het mooie landgoed in Hampstead. Maar eenmaal verworden tot jongedames komen de onzekerheden op hun pad. Zo is Dido’s familie ervan overtuigd dat geen gentleman haar wil trouwen vanwege haar gemengde ras. Om die reden zoeken ze alleen voor Elizabeth naar een geschikte huwelijkspartner. Dido heeft dan weer als meevaller dat ze een erfenis heeft, terwijl Elizabeth geen rooie cent krijgt van haar vader.

Terug naar de roots
En dan volgt een aantal verwikkelingen: de koppeling van Elizabeth aan de onsympathieke James Ashford, terwijl zijn broer Oliver aandacht heeft voor Dido’s exotische uiterlijk en welbespraaktheid. Maar de racistische, op status gerichte Lady Ashford (Miranda Richardson) moet niets van Dido “she is a mulatto” hebben. Totdat ze erachter komt dat Dido een grote erfenis heeft, in tegenstelling tot Elizabeth. Terwijl een huwelijk tussen Dido en Oliver gearrangeerd wordt, voelt Dido steeds meer voor John Davinier, een student van haar vader. Zijn bevlogenheid en gevoel voor rechtvaardigheid wakkeren haar ware afkomst aan, temeer omdat er een omstreden zaak speelt over slavernij waarover haar oom een uitspraak moet doen.

Belle

Degelijk maar veilig
Belle is rijk aan vele onderwerpen, waarin buitenstaanderschap, liefde en rechtvaardigheid centrale thema’s vormen. Regisseuse Amma Asante debuteerde met het rauwe lower class  drama A Way of Life (2004) en gooit het met Belle over een heel andere boeg. De film heeft een hoog Jane Austen-gehalte, waarin een bekende cast aan Britse acteurs opduikt en er veel aandacht is voor enscenering en kostuums. Da’s even iets anders dan haar kale speelfilmdebuut waarin de troosteloosheid van het bestaan onder de loep wordt gelegd.

Overeenkomstig met A Way Of Life is het vastberaden vrouwelijke personage, waarin we in Dido (een krachtige vertolking van Gugu Mbatha-Raw) een voorvechtster van mensenrechten zien. Overigens is haar personage niet gespeend van gevatte opmerkingen, zoals “It is not in my repertoire to keep company with beasts” wanneer ze zich in ongewild mannelijk gezelschap bevindt.

Inhoudelijk zal Belle niet veel stof doen opwaaien: het is een typisch geval van ‘playing it safe’, waarin toon, sfeer en drama netjes gedoseerd zijn. Laverend tussen rechtbankdrama (overigens weinig spannend) en liefdesdrama stevent de film op conventionele wijze af op de goede afloop. En laat het geen verrassing zijn dat je die al van verre ziet aankomen.

 

27 juli 2015

 
ALLE RECENSIES
 

While We’re Young

***

recensie  While We’re Young

Hoe echt is echt?

door Alfred Bos

De Newyorkse filmmaker Noah Baumbach schetst rond het problematische begrip authenticiteit een eigentijdse zedenschets over twee veertigers die via een vriendschap met twee twintigers hun jeugd opnieuw beleven. En tot een verwarrende ontdekking komen.

Er is geen goed Nederlands woord voor de term comedy of manners. Sociale satire komt wellicht nog het dichtst in de buurt, al is de satire in het genre mild. Oscar Wilde is de peetvader van de comedy of manners en Noël Coward werd de meester van de spitse dialoog, het karikaturale type en de satirische zedenschets. In de cinema is Woody Allen de meest prominente regisseur van grollige verwikkelingen rond twijfelaars op zoek naar een comfort zone.

Recensie While We’re Young

While We’re Young, de zevende speelfilm van de Newyorkse regisseur Noah Baumbach, draait rond een artistiekerig echtpaar uit New York dat op de rand van de middelbare leeftijd staat. Josh Schrebnick (Ben Stiller) maakt zwaarwichtige documentaires en zit al jaren aan zijn laatste werkstuk te schaven. Cornelia Schrebnick (Naomi Watts) probeert na twee miskramen te wennen aan het idee dat ze mogelijk kinderloos zal blijven. Zie ze zitten grijnzen wanneer ze bij bevriende leeftijdsgenoten op kraamvisite zijn.

Vinylcollectie
De manners in deze komedie zijn de contrasterende ideeën van Joshs generatie, de veertigers, en de levensstijl en attitude van de digitale twintigers. Die worden vertegenwoordigd door Jamie (Adam Driver, bekend van de HBO-serie Girls) en Darby Massey (Amanda Seyfriend), archetypische hipsters uit Brooklyn met een tweedehands interieur en een heuse vinylcollectie – we zien (maar horen niet) The Kinks’ Lola Versus The Powerman uit 1970, tegenwoordig al snel 150 euro waard. De stellen raken bevriend en de veertigers laten zich de 21ste eeuw in sleuren, wat voorspelbaar komische momenten oplevert.

De digitale jonkies pronken niet alleen met analoge geluidsdragers en meubels uit de kringloopwinkel, aspirant-filmer Jamie is wild van Joshs authenticiteit als documentairemaker. Dat is op zich al ironisch, maar regisseur Baumbach, die zoals voor al zijn films ook het scenario schreef, stopt een adder in het Brooklynse hipstergras. Jamie’s vriendschap is geënsceneerd, hij gebruikt de goedwillige Josh om binnen te dringen in de filmkliek van New York.

Recensie While We’re Young

Commentaar op mediamaatschappij
En zo ontpopt While We’re Young zich als een metafilm, een film over film; een commentaar op de vraag wat in hemelsnaam nog authentiek is een mediamaatschappij waarin ook documentaires zich volgens een draaiboek ontwikkelen en de ‘werkelijkheid’ de verbeelding is van wat iemand voor de werkelijkheid houdt. Die filosofische dimensie kringelt de film binnen en overwoekert uiteindelijk de satirische zedenschets. Cynische kijkers zouden dat een gebrek aan focus kunnen noemen, of nodeloze zwaarwichtigdoenerij. Hoe dan ook, het geeft de luchtigheid gewicht.

Noah Baumbach is na Greenberg (2010, met Ben Stiller) en Frances Ha (2012, met Adam Driver) druk doende zich te profileren als de natuurlijke opvolger van Woody Allen. Een scherpe maar begripvolle kijk op onhandig doen en onverstandig laten van de mens als wezen – en lang niet altijd even sociaal wezen – geven zijn films een humanistische ondertoon. En dat hij de comedy of manners gebruikt om een heel eigentijds thema aan te snijden illustreert dat het genre van alle tijden is. Want mensen veranderen nooit. Dat doet alleen hun speelgoed.

 

25 juli 2015

 
ALLE RECENSIES

Loi du marché, La

***

recensie  La loi du marché

Maatschappij anno 2015

door Cor Oliemeulen

Als je in de knel komt, moet je kiezen voor je eigen geluk. Het is de boodschap van menig sociaal bewogen filmmaker. In La loi du marché volgen we een huisvader tijdens de crisis in hedendaags Frankrijk.

Hoewel sommige politici een voorspoedig economisch herstel prediken en er alles aan doen om Europa eensgezind overeind te houden, toont de praktijk – de wet van de markt – een schrijnend beeld van burgers die na jaren hard werken zonder pardon aan de kant worden geschoven. Zo ook fabrieksarbeider Thierry, die verder gelukkig is met zijn sympathieke vrouw en spastische zoon met studie-ambities.

Recensie La loi du marché

Vernederingen
Door alle vernederingen en kille procedures die Thierry na zijn ontslag moet ondergaan, zou je mogen verwachten dat hij soms in woede zou ontsteken, bijvoorbeeld als hij onderhandelt met een potentiële koper van zijn camper die met diens irritante gedreineer het bloed onder Thierry’s nagels vandaan haalt. De toeschouwer is blij dat Thierry voet bij stuk houdt en zijn opponent de deur uitzet. Ze kunnen een man alles afpakken, behalve zijn trots. Dit blijkt ook als een bankmedewerkster voorzichtig oppert om hun huis dan maar te verkopen.

Bijeenkomsten om Thierry weer aan het werk te krijgen, zijn ook al geen pretje. Allereerst volgt hij een cursus videopresentatie. We zien het laatste stukje van zijn filmpje, waarna de medecursisten hun commentaar mogen leveren. Terwijl de camera gericht staat op Thierry horen we de vooral negatieve opmerkingen en zien we hoe hij geen andere keus heeft dan het ermee eens te zijn. Prachtige documentaire-cinema: realistisch, sardonisch en grappig tegelijk – vooral een subtiele en herkenbare scène over groepsgedrag.

Thierry’s sollicitatie via skype is niet minder eigentijds en ironisch. Ja, natuurlijk is hij direct inzetbaar en bereid tot flexibele werktijden en minder salaris! Ook in dit statische fragment zien we alleen maar de hoofdpersoon, die aan het einde van zijn sollicitatiegesprek lomp genoeg te horen krijgt dat de kans op de baan zeer minimaal is. Het is een typisch staaltje van mensen regels opleggen, hoop geven en afserveren.

Recensie La loi du marché

Ongemakkelijk
Frankrijk grossiert de laatste jaren in sociaal-realistische drama’s (Les neiges du Kilimandjaro, Sister, La tête haute) die schatplichtig zijn aan de Britse meester Ken Loach en de Waalse broers Dardenne. Vakgenoot Stéphane Brizé gaat in La loi du marché nog een stapje verder in het tonen van lange stilstaande shots en verkiest het droog registreren van ongerieflijke situaties boven hoogoplopende emoties. Vincent Lindon (Les Salauds, Journal d’une femme de chambre) past met zijn ingehouden spel en sprekende ogen uitstekend in dat plaatje.

Ook als Thierry uiteindelijk als veiligheidsmedewerker in een groot warenhuis komt te werken probeert hij zich tijdens pijnlijke confrontaties staande te houden. De korte piepgeluidjes van de kassa’s en de surveillancecamera’s vertegenwoordigen zijn monotone werkzaamheden in een troosteloze omgeving waarin Thierry’s enige taak is om winkeldieven te betrappen. Gezien zijn eigen sociale positie is het niet gemakkelijk om als een Big Brother daders te laten bekennen. Net als hijzelf zijn dit mensen die het kennelijk niet breed hebben, maar werk is werk. Je hoeft niet in Thierry’s hoofd te kruipen om zijn intense ongemak te voelen. Dat maakt La loi du marché een bewust afstandelijk – en dus zeer actueel – drama.

 

24 juni 2014

 
ALLE RECENSIES

Ant-Man

***

recensie Ant-Man
Brein uit en plaatjes kijken

door Karina Meerman

Na superman, spinnenman, vleermuisman en ijzerman, is het nu de beurt aan mierenman. Amusement alleen gegarandeerd na verwijdering van alle bèta-kennis en logica uit het brein. Gelukkig neemt Ant-Man zichzelf ook nooit echt serieus en dat is de films redding.

Paul Rudd speelt Scott Lang, een gescheiden vader die op het verkeerde pad is geraakt. Hij heeft niets afgemaakt in zijn leven, maar houdt erg veel van zijn dochtertje (een opmerkelijk onirritant Amerikaans kind gespeeld door Abby Ryder Fortson). Scotts pogingen om na zijn tijd in de bak te integreren in de samenleving worden gehinderd door zijn status als ex-crimineel. Hij zal daarom nog één criminele klus doen, omwille van zijn kind.

Recensie Ant-Man

Geen superheld
Gelukkig is Scott niet alleen een gymnast, maar ook een hoogbegaafde, goed uitgeruste inbreker. Zo komt hij – via een complexe truc – in aanraking met wetenschapper Hank Pym (Michael Douglas) en het Ant-Man-project. Dat had Pym diep weggestopt omdat het zo gevaarlijk is. Maar ja, nu moet het dan toch maar worden ingezet omdat voormalig Pym-protegé en potentieel psychopaat Darren Cross (Corey Stoll) met dezelfde wetenschap aan het rommelen is en ze wil verkopen aan de hoogste criminele bieder. Een soort Wij van WC-Eend adviseren WC-Eend om van WC-Eend af te komen.

Ant-Man lijdt meer onder onwaarschijnlijkheid dan enige andere Marvel-film. Scott Lang is namelijk geen superheld. Hij is een leuke gozer in een slim pak, dat functioneert dankzij dubieuze technologie. Ant-Man beweert wetenschap toe te passen in plaats van superkrachten en daar gaat het schuren.

Mierenmaat
De film kwam ongeveer gelijktijdig uit met tijdschrift de New Scientist van juli/augustus. In de maandelijkse fotostrip legt Ionica Smeets deze keer uit waarom grote spinnen niet bestaan. Titel: “De fantastische film”. En met groot bedoelt zij een insect van het formaat bijzettafeltje dat ook even voorbij komt in Ant-Man. Het onovertroffen wiskundemeisje verklaart in drie plaatjes de schalingswet. “Als je iets groter maakt, neemt het volume sneller toe dan de oppervlakte”. Oftewel, als je alle zijden van een kubus verdubbelt in oppervlak (m2), verviervoudigt het volume (m3). Ergo, de poten van een reuzenspin zouden bij opschaling al snel het enorme lijf niet meer kunnen dragen. Teken maar na. Fotostripvriendje Ype twijfelt vervolgens ernstig of hij Ionica wel zal trakteren op de dvd van Honey, I Shrunk the Kids. Want daar zal zij ook “weer iets over te zeuren” hebben…

Recensie Ant-Man

O ja. Want in Ant-Man wordt er gekrompen door de afstand tussen atomen te verkleinen, wat niets afdoet aan de massa van een object. Mierenman zou dus hetzelfde gewicht hebben als Scott Lang, maar in mierenmaat. Gelukkig is daar het fictieve Pym-deeltje, dat Ant-Man kennelijk aan en uit kan zetten om zijn massa te reguleren, zodat hij in ieder geval kan mierenrijden. Maar los hiervan, zou er ook wat te zeuren zijn over zijn zicht aangezien Scotts mini-mensenogen onvoldoende licht vangen om scherp te kunnen zien. Zijn stembanden zouden op mierengrootte geluid produceren op 3.500 Hertz en niet op de normale 200 Hertz. Dat piepstemmetje zou onhoorbaar zijn vanwege het gebrek aan bereik van Ant-Mans piepkleine longen. En dan zijn er nog de talloze mierenonjuistheden (zoals knuffelen en kirren), waar biologen ongetwijfeld de kriebels van krijgen.

Misschien dat daarom het script zo luchtig en geestig is. Zodat we aan het eind kunnen zeggen: Ach, we hebben ieder geval gelachen.

 

21 juli 2015

 
ALLE RECENSIES
 

Güeros

****

recensie  Güeros

Tedere revoluties 

door George Vermij

Güeros is een Mexicaans scheldwoord voor blanken. In de gelijknamige zwart-wit film heeft de term echter meer betrekking op een groep verdwaalde outsiders die gevolgd wordt op een dag vol absurde toevalligheden en prettige ongelukken.

Het begint met de onhandelbare tiener Tomás die naar zijn broer wordt gestuurd in Mexico stad. Tomás komt aan in een rommelige studentenflat waar Federico lethargisch leeft met zijn maat Santos. Hij zegt dat hij nog met zijn thesis bezig is, maar van studeren is weinig sprake. Federico, die de bijnaam Sombra (schaduw) heeft, leeft nog wel op als hij naar de radio luistert en berichten volgt over de bezetting van de universiteit door linkse studenten in 1999. Op een piratenzender spreekt de knappe Anita over de noodzaak van revolutie en het nastreven van idealen.

Recensie Güeros

De verveelde bende komt uiteindelijk in actie als Tomás erachter komt dat de legendarische zanger Epgimenio Cruz op sterven ligt. Hij zou ooit tijdens een optreden Bob Dylan hebben laten huilen. Daarnaast is een liedje van Cruz dat steeds ongehoord blijft, een terugkerend thema in de film. De zoektocht naar Cruz vormt een losse rode draad die de willekeurige avonturen van de groep verbindt.

Oude nieuwe frisheid
De film heeft de frisheid van nouvelle vague-films waarin een verhaal zich relaxed en schijnbaar natuurlijk ontvouwt. Daarnaast deelt regisseur  Alonso Ruis Palacios het lichtvoetige enthousiasme van die stroming door luchtig stilistisch te experimenteren. Zie daar een plotselinge freeze frame  als Tomás recht in de camera kijkt. Een cinefiele knipoog naar Truffauts Les quatre cents coups. Of dan zoomt Palacios in op een scheutje melk in een kopje thee en verwijst daarmee naar Godards 2 ou 3 choses que je sais d’elle.

Thematisch is er natuurlijk ook de link met romantische idealistische figuren die nog door het leven schipperen. Güeros is in dat opzicht wel heerlijk dromerig en tragikomisch. En dan is er nog de band tussen een jongere en oudere broer die door de mooie zwart-witte shots doet denken aan Coppola’s Rumble Fish en zijn Latijns-Amerikaanse uitstapje Tetro.

Güeros

Bende apart
Ondanks al die buitenlandse voorgangers past Güeros ook in de lijn van nieuwe Mexicaanse cinema. Neem films als het speelse Temporada de Patos of Voy a Explotar die ook een nouvelle vague-romantiek nastreeft. Een scène waar Palacios opeens een personage vragen stelt over het plot van de film en je de filmklapper ziet, doet weer denken aan een fragment van Carlos Reygadas’ Japòn.

Ook levert Palacios gevatte kritiek op de Mexicaanse cinema door de aparte bende op een feest voor filmbobo’s kritiek te laten spuien over pretentieuze films die in zwart-wit zijn opgenomen. Dit soort zelf refererende spelletjes werkt nog steeds wegens de charmante levendigheid van de film. De rommelige frisheid van Güeros heeft iets tijdloos en past weliswaar in een zestig jaar oude traditie, maar echt vernieuwend is het niet. Wat overblijft is een passie voor cinema en een nieuwsgierigheid voor de verrassingen die het leven op de meest onverwachte momenten kan bieden.

 

20 juli 2015

 

 

ALLE RECENSIES