Space Between Us, The

**

recensie The Space Between Us

Advies: bewaar voldoende afstand

door Wim Meijer

De young adult-film The Space Between Us is gek genoeg niet gebaseerd op een boek. Is het dan wellicht beter dan alle YA-zooi die dat wél is? Helaas, dames en heren. Helaas.

Het is het jaar 2018. De Magallan 61 vliegt naar Mars. Nathaniel Shepard (Gary Oldmans personage dat losjes gebaseerd is op Elon Tusk) kondigt het vertrek op typisch Amerikaanse wijze aan en zet de astronauten weg als helden nog voor ze vertrokken zijn. Hij is het brein achter de terraforming op Mars. Na een korte persconferentie waarin we kennis maken met de charismatische astronaut Sarah Elliot (Janet Montgomery) vertrekt de Magallan 61. Er is echter een complicatie. Na twee maanden ruimtevaart blijkt Sarah zwanger.

The Space Between Us

Aardige premisse
Gardner Elliot (Asa Butterfield, met z’n signature glazige blik die op oneindig staat) ziet het levenslicht op Mars. Zijn moeder overleeft de bevalling niet. Op zich een aardige premisse, want wat moet de NASA met Gardner doen? Iemand die vanaf zijn geboorte leeft op Mars – of op andere plekken met minder zwaartekracht dan hier – krijgt broze botten en andere afwijkingen. Gardner kan niet zomaar terug naar de Aarde. Hij zal dus op Mars moeten blijven. Gardner mist echter zijn biologische moeder, verlangt naar de Aarde en wil zijn vader zoeken. Zijn enige contact daar is Tulsa (de speels acterende Britt Robertson) met wie hij af en toe videochat.

Al snel denk je: ‘Was het maar gebaseerd op een boek.’ Dan hadden we in ieder geval in potentie kunnen kijken naar uitgediepte personages, een zorgvuldig uitgedacht plot of een meeslepend drama. Of je kunnen irriteren aan hoe goed het boek is. The Space Between Us is gebaseerd op een treatment. Zeg maar twee A4’tjes met een plot en wat wendingen. Iets dat je dient uit te werken. En dat is niet gebeurd, kunnen we wel vaststellen. Scenarist Allan Loeb (21, Collateral Beauty) rijgt het ene na het andere onrealistische voorval aan elkaar zonder ook maar enige verklaring ergens voor te geven. Hij doet dit alles in ongecontroleerd tempo, hetgeen de kijker onbedoeld verrast.

Twee voorbeeldjes. In het intro verkondigt de film simpelweg dat we naar Mars reizen. Over een jaar dus, in 2018. Hoe we uiteindelijk in staat zijn op Mars te leven? ‘Just add water!’, scandeert het publiek tijdens Shepards persconferentie. Oké, duidelijk. Ander voorbeeld. Iemand wordt het ziekenhuis binnengebracht in zo’n typische ER-ren-door-de-gangen-scène waarna de arts roept: ‘I need a scan!’ Ben jij even blij dat je net het enige ziekenhuis in Amerika bent binnengereden waar ze maar één scan doen op de eerste hulp.

The Space Between Us

In het luchtledige
Het gebrek aan realisme speelt de film parten. Zestienjarigen vliegen rond in vliegtuigen, stelen auto’s met iPhone-apps en programmeren een robot alsof ze Anakin Skywalker zijn. Chronologisch klopt de film van geen kanten, met enorme plotgaten die zich met name uiten in de achtervolgingsscènes met helikopters. En zo kan je nog wel even door gaan.

Maar de bottom line is: The Space Between Us komt maar niet van de grond. Zelfs nadat alle extra stuwraketten zijn opgebruikt in de vorm van bombastische rockmuziek van de Crystal Fighters blijft de film in het luchtledige hangen. En dat is jammer, want kijk bijvoorbeeld The Martian en je ziet hoe het ook kan. Realistisch? Nou, dat ‘I’m gonna have to science the shit out of this’ moet je niet te serieus nemen. Vermakelijk? Zeker weten. Iets dat niet geldt voor The Space Between Us.
 

21 februari 2017

 
MEER RECENSIES

If the Sun Explodes

**

recensie If the Sun Explodes

Verdwaald in niet-geaard idealisme

door Ralph Evers

Deze roadmovie poogt de hedendaagse eisen en verlangens van jongeren op een luchtige manier naar het witte doek te vertalen. Tegen de achtergrond van de Litouwse bossen en dorpsbewoners jammerlijk vastlopend in clichés en stereotypen.

De chemie tussen eeuwige sul Philippe (Egbert-Jan Weeber) en Yara (Wies Felt) werkt goed. De dialogen komen er vrij en natuurlijk uit en verwoorden de onzekerheden, idealen en het zoeken naar houvast dat passend is bij de leeftijdsgroep die ze representeren. In deze dialogen zit ook voldoende humor verwerkt om de film draaglijk te houden. Ditzelfde geldt voor hun ruzies, waarin hun karakters zichtbaarder naar voren komen.

If the Sun Explodes

Dolende mannen
Een treffend hedendaags beeld is dat van Philippe, een romanticus, idealist die overal een mening over lijkt te hebben, maar zelf nauwelijks met beide benen op de grond staat. Diep in zijn hart is hij de egoïst, het verwende, grenzeloze kind, dat zijn doel moet en zal vervullen. Wat de behoeften van Yara zijn doet er niet zo toe. Zo blijkt wel in zijn zoektocht naar zijn totemdier, de eland, die in een sjamanistische sessie hem ooit eens toegezegd is. Wanneer Yara zich bezeert houdt hij stug vol op zoek naar zijn eland, haar achterlatend in een vreemd bos.

In de uiteindelijke ontmoeting met zijn totemdier blijkt dat hij het niet kan temmen. Het wilde, driftmatige is voor hem teveel. De dolende, zoekende jongen die hij is heeft vooral houvast nodig, wat hij bij zijn fraaie hertje vindt. Jammer echter voor hem weet hertje duidelijker wat ze wil en gaat de confrontaties dan ook aan. Dit levert enkele, ongetwijfeld herkenbare, ruzies op, die gesmoord worden in zwijgen en valse beloftes.

Hoofdstedelijks
De dialogen zijn merendeels geïmproviseerd op locatie. Dit geeft een prettige naturelle sfeer aan de film, die zo vaak gemist wordt in vele andere producties van Nederlandse bodem. De personages zijn dicht op de huid geschoten, zodat we als kijker ín hun zoektocht zitten en er lastig afstand van kunnen nemen. Dit zal voor vele twintigers een gevoel van herkenning geven en een gemak mee te leven, mee te voelen, mee te bewegen met de dilemma’s en keuzes van de personages.

If the Sun Explodes

Voor de iets ouderen kan het idealisme en het zoekende niet alleen als naïef, maar ook als futiel aandoen en daarmee een zekere irritatie opwekken. Daarbij heeft de film, ondanks dat deze zich in de Litouwse bossen afspeelt, iets ontegenzeggelijks hoofdstedelijks. De dromen van Yara, kinderen, trouwen, bakfiets, klinken als de ongeschreven regels van de grote stad, waaraan je hebt te voldoen om mee te tellen. Tot zover haar idealisme. Philippe weet het allemaal zo net nog niet, gaat er maar in mee, zoals te verwachten binnen zijn stereotype.

Zo weet de film zijn thematiek onderhoudend te brengen, maar vergeet indruk te maken. Een doordeweeks verhaaltje, gevlucht uit zomaar een romannetje, zuchtend naar avontuur, maar spelend op safe. Wellicht zucht de Nederlandse film nog wel het meest om uit de benauwde grachten van Amsterdam te vluchten en te onderzoeken wat er werkelijk onder de huid leeft.
 

20 februari 2017

 

Lees hier ons interview met regisseur Hanna van Niekerk.


MEER RECENSIES

Sieranevada

****

recensie Sieranevada

Een choreografie van kamers en deuren

door Bob van der Sterre

Een man is overleden. De nabestaanden komen ruim een maand later bijeen in het huisje van de weduwe om te herdenken en samen te eten. Het is er klein en krap en iedereen loopt elkaar flink in de weg.

De dag begint met Lary, arts, die met zijn vrouw naar de herdenking van zijn vader rijdt. In de auto kletsen ze over een vakantie. ‘Ik wil niet naar Griekenland, dat is net als werk.’

Ze komen aan bij het flatje. Het is er krap en chaotisch. Iedereen is hongerig. Maar de priester laat op zich wachten.

Sieranevada

Ondertussen leren wij de kleurrijke leden van de familie kennen, die aldoor van links naar rechts en van rechts naar links lopen, als een choreografie van kamers en deuren. Zoals oma, die in de keuken alle communistische stoplappen weer eens van stal haalt (‘Maar er was wel gratis medische zorg!’). Haar snel gestreste dochter die ervan gaat huilen. Haar man, die de Charlie Hebdo-moorden ter sprake brengt. Sabi, die graag filosofeert over ‘9/11 was an inside job’. De weduwe die nogal wat redenen heeft om ontevreden te zijn.

Een dronken vriendin van iemand komt binnen (‘Ze is toch geen junkie?’). Een vrouw die aldoor naar de Carrefoursupermarkt wil. De bel blijft gaan. Weer een familielid. De ene heeft pech met de metro, de ander had te maken met een vechtpartij. Dan komt eindelijk de priester binnen en kan het eten beginnen.

Niet voor de ongeduldigen
Christi Puiu’s films zijn niet voor ongeduldigen. Wie in staat is om niet af te haken tijdens het saaie eerste half uur, wordt langzaamaan in de film gezogen. Een typische mozaïekfilm die in zijn overgangen van de ene scène naar de andere doet denken aan de observaties van Robert Altman.

Terloopsheid is hier alles, net als in de vorige twee films van Puiu, The Death of Mr. Lazarescu en Aurora. Met bijna drie uur vestigt Sieranevada geen persoonlijk record (Aurora duurde iets langer dan drie uur) maar het scheelt weinig. De film zal heel wat mensen die geen idee hebben waar ze heengaan hoofdpijn geven.

Puiu’s films zijn eigenlijk geen films meer in de traditionele zin des woords. Meer antispeelfilms. Er is geen enkel ‘mooi’ bedoeld shot in te vinden. Lelijke shots ook niet. Dramatische spanningsbogen zijn over de schutting geslingerd. Acteren lijkt hier ook niet meer van toepassing. Het is zo sober als een documentaire.

Die link met documentaires is niet ontoevallig. De camera staat er maar in die gang van het claustrofobische huisje en registreert praktisch alles rondom deze herdenking. Die gebeurtenissen zijn net zo willekeurig als je in het echte leven zou zien. Het lijkt wel realtime. Heel af en toe zijn er cuts maar alleen wanneer het strikt noodzakelijk was. Daarmee doet de film denken aan de stijl van bijvoorbeeld Victoria (die was tenminste echt realtime).

Sieranevada

Subtiele rode draad
Ondanks zijn lengte is de film nergens vervelend om naar te kijken. Er zijn voortdurend pratende mensen in beeld. En die doen dat heel natuurlijk. De film is ook concreter dan je aanvankelijk denkt. De Roemeense samenleving, rol van familie, communisme, religie en psychologische schetsen passeren allemaal even terloops de revue.

Plots duikt de supersubtiele rode draad tussen dit alles op: leugens. Geen karakter dat gespaard blijft. Automatisch gaan je gedachten naar Festen, de klassieker in dit genre.

Het is ook allemaal niet zo dramatisch, chaotisch, clichématig of hoog van de toren blazend. Arthouse op zijn meest minimalistisch lees je wel eens over Puiu’s films. Maar je mist het gevoel van het emotionele effectbejag van de standaard filmhuisfilms. Er druipt ook iets meer sarcasme en spot door de film heen dan bij die filmhuisfilms. Wel erg verdund, dat wel.

Maar is het echt goed? Is dit een aanrader? Een worsteling om een oordeel te vellen omdat de film zo ver buiten de normale standaarden valt. Hoe hoog scoort de film op de schaal van entertainment?

Het lijkt eigenlijk alleen op andere films van Puiu. Zijn The death of Mr. Lazarescu valt bijna niet te overtreffen. Zwarte humor op zijn best. Een oude man gaat van ziekenhuis naar ziekenhuis om een plekje te vinden. Het lukt nergens. Met opmerkingen als: ‘Ik kan hem ook meteen naar het crematorium brengen. Hij zegt toch al dat hij het koud heeft.’ En: ‘Zag je die mensen? Dat zijn nou noodgevallen.’ Van Aurora kun je je de hele drie uur uitzitten, of je beperken tot de trailer, een formidabel stukje cinema van twee minuten. En Sieranevada zit daar ergens tussenin. Te neutraal om echt lief te hebben, te origineel om boos op te worden.
 

19 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Loving

***

recensie Loving

Helden tegen wil en dank

door Cor Oliemeulen

Eerst was er een film, toen een documentaire en nu een film gebaseerd op de documentaire. Loving is het waargebeurde verhaal over een interraciaal koppel, dat de grondwet van de Verenigde Staten zou veranderen. Sinds 12 juni 1967 mogen mensen van verschillende rassen met elkaar trouwen.

Na het recent verschenen Fences beleeft een ander familiedrama gesitueerd in het Amerika van de jaren 50 en 60 zijn Nederlandse bioscooppremière. Loving overstijgt het universele thema van de generatiekloof in Fences met een biografisch verhaal over het juridisch overwinnen van racisme. Hoewel we in deze nieuwe film van Jeff Nichols (zijn laatste film Midnight Special leverde wisselende kritieken op) veel meer zien van de omgeving waarin een familiegeschiedenis zich afspeelt, is het tempo van Loving net zo traag als van Fences. Begrijpelijk, want de moeizame strijd voor gerechtigheid neemt vele jaren in beslag. In het Ohio van Fences is de wereld zwart met tinten grijs, in het Virginia van Loving volstrekt zwart-wit.

Loving

Trouwen in een andere staat
Na de Amerikaanse Burgeroorlog gingen in de zuidelijke staten vanaf 1865 de Black Codes van kracht. De slavernij mocht dan wel officieel zijn afgeschaft, echter met de nieuwe regels kon de Afro-Amerikaanse bevolking nog steeds onder de duim worden gehouden. Eén van de consequenties was dat een blanke man niet mocht trouwen met een gekleurde vrouw, hoewel het verwekken van kinderen bijna de normaalste zaak van de wereld was. Als we bijna een eeuw later kennismaken met de blanke man Richard (Joel Edgerton) en de gekleurde vrouw Mildred (Ruth Negga) is in de staat Virginia een huwelijk tussen de twee wettelijk nog steeds niet toegestaan. Mildred is 18 en krijgt een baby van Richard. Ze willen beslist trouwen en doen dat in een andere staat, maar als ze weer terug zijn in het normaliter rustige stadje Central Point worden ze ’s nachts van hun bed gelicht en in de gevangenis gestopt.

Het is de opmaat van een jarenlange strijd voor gerechtigheid, waarbij de twee geliefden geenszins als activisten of als martelaren worden neergezet. Richard is een eenvoudige man van weinig woorden en ook Mildred zit niet te wachten op al teveel beroering. Ze houden van elkaar, willen alleen maar bij elkaar en bij hun familie zijn. Ze zijn niemand tot last, oordelen niet over anderen en doen slechts een beroep op begrip en menselijkheid. Helaas zit hun samenleving anders in elkaar. Sheriff Brooks (Marton Csokas, Celeborn in The Lord of the Rings) verwoordt de stem van veel zuiderlingen: “Een lijster is een lijster, een mus is een mus.”

Mensenrechten
Het echtpaar Loving staat voor de keus: één jaar cel of 25 jaar de staat Virginia verlaten. Ze vertrekken naar Washington D.C., maar kunnen daar niet aarden. Vooral Mildred kan niet wennen aan het stadsleven, waar kinderen alleen maar kunnen buitenspelen als ze kans hebben te worden aangereden (wat ook gebeurt) in hun drukke straat. Na een spontane brief aan Bobby Kennedy, min of meer opgedrongen afspraken met mensenrechtenadvocaten en een bezoekje van een fotograaf van Life Magazine (Michael Shannon) begint het balletje langzaam te rollen en schrijven ze uiteindelijk geschiedenis, een beetje tegen wil en dank.

Loving

Loving is een verhaal over liefde en toewijding, vertolkt door geloofwaardige personages. Heel anders dan de teruggetrokken weirdo Gordo in The Gift, speelt Joel Edgerton een zwijgzame arbeider die het liefst met niemand de confrontatie wil aangaan. Ruth Negga (vooral bekend van Amerikaanse tv-series) speelt haar eerste hoofdrol lovenswaardig. De derde hoofdrol is voor het weidse platteland van Virginia. De producers (acteur Colin Firth speelde een grote rol in de totstandkoming van de film) kozen voor regisseur Jeff Nichols vanwege zijn ‘cinematografische gevoeligheid en intuïtieve uitbeelding van Zuidelijke mannen en vrouwen’ in Mud en ‘de rijke atmosfeer van drama en spanning’ in Take Shelter, ‘waarbij het er vaak over gaat wat er niet wordt gezegd, wat perfect aansluit op de karakters van Richard en Mildred’.

Hoe dan ook is de pas vijfde film van Jeff Nichols, die zelf opnieuw het scenario schreef, minder sterk dan Take Shelter en Mud. Zonder te vervallen in sappige details had er in Loving wel iets meer verrassing en pit mogen zitten. Maar het verhaal is zonder meer accuraat en met liefde en begrip verteld. Bovendien weten we nu dat 12 juni voortaan te boek staat als Loving Day.
 

17 februari 2017

 
MEER RECENSIES

T2 Trainspotting

***

recensie T2 Trainspotting

Ouder, niets wijzer, wel treuriger

door Alfred Bos

Met T2 Trainspotting keert regisseur Danny Boyle terug naar de cult-film die het escapisme en het nihilisme van de jaren negentig op celluloid wist te vangen. Sindsdien is de wereld ingrijpend veranderd, maar Renton, Spud, Sick Boy en Begbie niet.

Is het snugger om een cult-klassieker uit de jaren negentig te belasten met een vervolg? Zou P2 Pulp Fiction werken? Snugger is het laatste wat je de personages van Trainspotting, Danny Boyles verfilming uit 1996 van Irvine Welshs gelijknamige roman, kunt verwijten. Dat werkt in het voordeel wanneer Boyle een Linklater doet en het kwartet marginalen uit Schotland twintig jaar ouder, maar geen dag wijzer opnieuw naar het filmdoek brengt. Het belangrijkste verschil? Ze hebben nu een mobiele telefoon. Die is smart, zijzelf niet.

T2 Trainspotting

Na zijn maten een loer te hebben gedraaid is Renton (Ewan McGregor) ondergedoken in Amsterdam, leren de openingsbeelden. Nu is hij terug in Leith, het destijds verloederde havenkwartier van Edinburgh. Dat is inmiddels flink opgeknapt, maar Spud (Ewen Bremner) is nog steeds aan de heroïne, de psychopaat Begbie (Robert Carlyle) pakt vers uit het gevang zijn criminele carrière weer op en Sick Boy (Jonny Lee Miller) baat een kroeg uit op een vervallen industrieterrein. Hij scharrelt bij als afperser en zet zijn Bulgaarse vriendin Veronika (Anjela Nedyalkova) in als lokaas. Voor de achterblijvers is het nog steeds 1996. Ze zijn toeristen in hun eigen jeugd, zoals Sick Boy opmerkt.

Beeldcitaten
Met Fenton is tevens de buit van toen teruggekeerd en hij wil het geld eerlijk verdelen, maar ook nu gaat er iemand op gehaaide wijze met de poet vandoor. Eerst een kans, daarna het verraad—ook dat is niet veranderd. Wat wel is veranderd, is het tijdsbesef van de personages. Trainspotting speelde op het snijvlak van de jaren tachtig en negentig, maar voor de junks stond de tijd stil. Middels flashbacks op super 8-film toont Doyle herinneringen aan een jeugd zonder zorgen. Bovendien spelen in flashbacks nieuwe acteurs de twintigers van toen. Het geeft de personages een diepte die de eerste film ontbeert. Renton wil verzoening, Sick Boy wil geld, Spud wil liefde en Begbie wil wraak. Wat hen bindt: ze willen allemaal hun jeugd terug.

Wie de kennismaking met het viertal eertijds heeft gemist zal aan T2 Trainspotting hooguit een stoet van citaten uit de film van toen ontgaan, waaronder het bierglas dat door de kroeg vliegt en de verwijzing naar het Nederlandse voetbal. Rentons vriendinnetje Diane (Kelly Macdonald in haar debuutfilm) is nu jurist en speelt, helaas, een minimale bijrol. Auteur Irving Welsh is opnieuw aanwezig als Mickey Forrester, de gangster van dienst. Doyles verwijzing naar Once Upon A Time in The West – het drietal op een verlaten perron in de hooglanden – komt opnieuw langs. En ook ditmaal is er een Kubrick-citaat, nu uit The Shining (toen A Clockwork Orange).

T2 Trainspotting

Grafische grappen
Renton, Spud, Sick Boy en Begbie zijn weliswaar ouder maar geen steek wijzer geworden, in het nihilisme van hun wilde jaren is niettemin een vleugje melancholie geslopen, het zeurende besef van vergankelijkheid, van gemiste kansen. Wie wel wijzer is, is de regisseur. Danny Boyle was midden jaren negentig een tv-regisseur die de overstap maakte naar film, Trainspotting was zijn tweede. Inmiddels is hij een gelauwerde cineast, met een Oscar in de vensterbank, en dat is aan T2 af te zien. Over de dynamiek van de eerste film legt hij de visuele flair – inclusief grafische grappen – die zijn hyperkinetische beeldtaal is gaan kenmerken.

Trainspotting was midden jaren negentig de Engelse pendant van Tarantino’s groter dan het leven getekende scharrelaars aan de zelfkant en kreeg navolging met een stoet van Britse films over karikaturale kruimelcriminelen, Lock, Stock and Two Smoking Barrels voorop. Nu Boyle zichzelf kopieert doet hij dat met de lessen die hij heeft geleerd van de tien speelfilms die hij nadien maakte en zo blijkt T2 Trainspotting eigenlijk een betere film dan het indertijd bejubelde, maar met de blik achteraf toch een beetje eendimensionaal ogende origineel.

O ja, de soundtrack. Die is van Rick Smith, de toetsenman van Underwold, wier Born Slippy klonk onder de slotscène van Trainspotting; het bracht de groep naar het grote publiek. Ditmaal geen rave en Britpop, maar scheurende techno. En Iggy Pops Lust For Life, want sommige dingen kunnen maar beter niet veranderen. In 2038 verwachten we T3.
 

14 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Fences

***

recensie Fences

Schuttingen houden mensen binnen 

door Cor Oliemeulen

Fences is de verfilming van een toneelstuk over de moeizame relatie tussen een vader en twee zonen in het Amerika van de jaren 50. Met name de sterke dialogen en het uitmuntende acteerwerk maken dit familiedrama meer dan de moeite waard.

Het verhaal is geschreven door de veelvuldig bekroonde Amerikaanse auteur August Wilson, die met Fences de Pulitzer Prize won en op Broadway een Tony Award ontving. Zelf geboren in Pittsburgh beschrijft de inmiddels overleden Wilson aan de hand van familiethematiek en indringende dialogen de sfeer van gestage verandering in het Steel City van de jaren 50. De oldtimers in de straat zijn mooi, de kleuren grauw en in de verte zien we twee rokende fabrieksschoorstenen.

Fences

Toneelsetting met schitterend acteerwerk
Bijna de hele film speelt zich af in en achter het huis van de familie Maxson, en dat is meteen een van de manco’s van Fences. De geschiedenis van vader Troy (Denzel Washington), moeder Rose (Viola Davis) en zonen Cory (Jovan Adepo) en Lyons (Russell Hornsby) draait weliswaar om de veelal moeizame relaties tussen de verschillende familieleden, maar kent een te strakke toneelsetting waarbij er weinig ruimte voor cinematografische hoogstandjes is. Bovendien zijn sommige dialogen wel erg lang en had de film een half uur korter gemogen, want karakterontwikkeling hoeft niet synoniem aan tijdsduur te zijn. De regie van Denzel Washington is dus weinig opzienbarend, maar zijn spel is om je vingers bij af te likken. Het koppel Washington-Davis is formidabel; in 2010 schitterden ze al op de planken en wonnen ook zij allebei een Tony Award voor het toneelstuk.

Waar Casey Affleck in het andere recente familiedrama Manchester by the Sea door vrij ingetogen spel met weinig woorden een verpletterende indruk achterlaat, laat mede-Oscarfavoriet Denzel Washington zijn personage in Fences bijna voortdurend oreren. We leren Troy direct kennen als een vijftiger die prachtig kan vertellen, niet vies van sappige anekdotes. Hij is charmant, grappig, luidruchtig en liefdevol naar zijn vrouw Rose. Maar Troy heeft ook een keerzijde. Door problemen met zijn vader ontvluchtte hij al op zijn veertiende het ouderlijke huis, kwam in aanraking met justitie en als oudere honkballer in een racistische maatschappij was hij kansloos om hiermee zijn brood te verdienen. Een carrière als vuilnisman bleek het hoogst haalbare.

Plichten en verantwoordelijkheden
Maar werk is werk, het levert structurele inkomsten op en je mag daarop best trots zijn. Na gedane arbeid keert Troy huiswaarts om zich met zijn bevriende collega Jim (Stephen Henderson) te laven aan een flesje gin. Vooral op die momenten krijgt Troys dominantie de overhand. Vanuit een houding van zowel liefde als jaloezie botst hij regelmatig met zijn twee zoons. Lyons wil soms geld lenen, maar zijn vader spoort hem aan een baan te gaan zoeken en zijn ambitie als jazzmuzikant te laten varen. Ook zijn jongste, Cory, heeft talent. Hij kan bij een footballteam komen, maar Troy weigert zijn handtekening te zetten omdat hij bang is dat Cory hetzelfde overkomt als hemzelf.

Fences

Afgezien van discriminerende omstandigheden is Troy een voor de jaren 50 doorsnee vader, waarbij autoriteit en het onderrichten van plichten en verantwoordelijkheden de boventoon voeren. Hoewel Troy zo nu en dan doorslaat, bedoelt hij het volgens zijn vrouw Rose allemaal goed. Maar zijn diepere gevoelens kan hij slechts uiten middels honkbalmetaforen. Ondertussen probeert Troy samen met Cory een hek (fence) te bouwen en merkt Jim raak op: “Sommige mensen bouwen schuttingen om mensen buiten te houden en sommige mensen bouwen schuttingen om mensen binnen te houden.” De titel is verklaard: hoeveel afstand kan er ontstaan tussen jou en de wereld, tussen vader en zoon in het bijzonder.

Gelukkig voor de film krijgen we na een uur te maken met een onverwachte intrige, die het huishouden en de wereld van Rose helemaal ondersteboven zet. Dan blijkt ook het fenomenale acteertalent van Viola Davis. Als er ooit zwarte Oscars zijn te vergeven, dan is het wel dit jaar.
 

13 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Réparer les vivants

***

recensie Réparer les vivants

De cyclus van het leven

door Cor Oliemeulen

Films over orgaandonaties zijn dun bezaaid, maar wel nodig om het belang van het verlengen van de levens van zieke mensen te onderstrepen. Het Franse drama Réparez les vivants is een directe ode aan het leven, maar verkiest technische verhandelingen boven secundaire emoties.

Volgens cijfers van de Nederlandse Transplantatie Stichting stonden vorig jaar bijna duizend landgenoten op de wachtlijst. Meer dan de helft van de patiënten wacht op een donornier, maar vooral ook longen, levers en harten blijven dringend gewenst. In Réparez les vivants (De levenden herstellen) krijgen alle direct betrokkenen van orgaandonatie een gezicht: donor, ouders, artsen en ontvanger.

Réparer les vivants

Hersendood
De tiener Simon houdt ervan zich lichamelijk in te spannen. Hij racet met zijn fiets om indruk te maken op een meisje en wint snel haar hart met zijn uitstraling en spontaniteit. Op een dag gaat hij met twee vrienden surfen op zee. De capriolen op, tussen en onder de golven zijn in mooie beelden gevangen. In hun busje op de weg terug naar huis zijn ze zo uitgeput dat Simon en de ene vriend een dutje doen. De andere vriend achter het stuur is ook niet meer okselfris en veroorzaakt een zware botsing. Simon heeft als enige zijn autogordel niet om en loopt zwaar hersenletsel op, terwijl de andere twee er met botbreuken vanaf komen.

Simon’s moeder Marianne (Emmanuelle Seigner: Frantic, Venus in Fur) arriveert als eerste in het ziekenhuis en samen met haar ex-man ontvangen ze de schokkende boodschap dat hun zoon niet meer gered kan worden en kunstmatig in leven wordt gehouden. De door verdriet overmande ouders moeten binnen enkele dagen beslissen of de organen van hun zoon voor transplantatie mogen worden verwijderd. Een zwaar dilemma, want van de buitenkant is er, op het verband rond zijn hoofd na, weinig te zien, en zijn getatoeëerde lichaam ademt regelmatig, doordat een machine zijn hart functionerend houdt. Simon lijkt zo op te kunnen staan, maar hij is hersendood.

Transplantatie of niet?
Het hoofd donatie, Thomas (Tahir Ramin, Un Prophète, Le Passé), heeft als taak om organen voor transplantaties veilig te stellen. Zoals Simons ouders moeten wikken en wegen (“de ogen zeker niet”) staat Thomas voor de zware opdracht te laveren tussen de hevige emoties van de ouders en het belang van een patiënt die met een orgaan van een jong mens kan worden gered. Zowel het gevoelige dilemma van de ouders als de functie van de arts worden realistisch en respectvol neergezet. Thomas probeert zijn gedachten af te leiden met het beeld en geluid van een zeldzame vogel en heeft ondertussen niet in de gaten dat een verpleegster hem wel leuk vindt.

En dan is er nog het verhaal van Claire (Anne Dorval, J’ai tué ma mère, Mommy), een hartpatiënt, die zojuist met haar twee zoons is ingetrokken in een woning tegenover een Parijs’ ziekenhuis waarmee ze gezien haar broze gesteldheid continu in verbinding moet staan. Ze probeert nog zoveel mogelijk van het leven te genieten, maar een paraplu vasthouden is al te inspannend en bij een bezoek aan het theater is zij genoodzaakt een portier te vragen om haar de trappen op te dragen. De kijker begrijpt snel dat Claire in aanmerking komt voor het hart van Simon. Net als de ouders en de arts moet Claire een afweging maken: wel of niet vertellen aan haar zoon, die pal voor zijn schoolexamens staat?

Réparer les vivants

Van a tot z
Réparer les vivants is een verfilming van de gelijknamige bestseller van de Franse schrijfster Maylis de Kerangal. De roman wordt geroemd vanwege de indringende weergave van de emoties van alle betrokkenen rondom orgaantransplantatie en de gedetailleerde en poëtische vertelling vanaf het vrijmaken, intuberen en loskoppelen van alle organen tot en met de incisie in Claire’s lichaam. Tegenwoordig blijkt het perfect uitvoeren van een transplantatie minder gecompliceerd dan de emotionele en psychische perspectieven van de direct betrokkenen.

Quillévéré gaat in haar filmdrama minder expliciet te werk, maar brengt de kijker beeldend genoeg op de hoogte van het hele proces. Alles begeleid door de rustieke, repeterende pianodeuntjes van filmcomponist Alexandre Desplat. Jammer genoeg worden de overwegingen van de ouders – het wel of niet beschikbaar stellen van het lichaam van hun zoon van de wetenschap – ondergesneeuwd door procedure en techniek, net als het persoonlijke leven van Claire, dat beter had mogen worden uitgediept. Neemt niet weg dat Réparer les vivants een belangwekkende film is met een eindshot van ongekend geluk.
 

12 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Jackie

***

recensie Jackie

Natalie Portman doet te veel haar best

door Cor Oliemeulen

Jacqueline Kennedy was een van de meest gefotografeerde en bewonderde vrouwen van de twintigste eeuw, maar veel wisten we nog niet van haar. Natalie Portman kruipt in de huid van de First Lady, maar is teveel bezig met accent en gebaartjes om geheel geloofwaardig te zijn.

Een paar jaar geleden reconstrueerde Peter Landesman in Parkland de gebeurtenissen direct nadat de Amerikaanse president John F. Kennedy op 22 november 1963 werd doodgeschoten. De focus lag op hulpverleners, geheime dienst, de familie Oswald en Abraham Zapruder die de wereldberoemde homevideo van de aanslag maakte. In zijn eerste buitenlandse uitstapje portretteert de vermaarde Chileense regisseur Pablo Larraín (NO, El Club, Neruda) Kennedy’s echtgenote Jacqueline in de eerste dagen van trauma, rouw en waardigheid. Zo prominent en dichtbij als in het biografische drama Jackie zagen we haar nog nooit.

Jackie

Stijlicoon
Na de saai en degelijk ogende eerste dames Truman en Eisenhower kon het Witte Huis begin jaren 60 wel wat glamour gebruiken. Door haar kokette jurkjes, mantelpakjes en jassen met simpele lijnen en veelal pastelkleuren, eenvoudige pillendooshoedjes, lange handschoenen, zijden sjaals en oversized zonnebrillen groeide Jackie Kennedy snel uit als stijlicoon. Iedereen kent het roze mantelpakje vol bloed (voor de film nagemaakt door de Franse couturier Madeline Fontaine) dat zij droeg tijdens de moordaanslag op ‘s lands razend populaire president JFK. Maar naast het toonbeeld van mode stond Jackie tijdens officiële en sociale evenementen trouw aan de zijde van haar (overspelige) echtgenoot.

Jackie hield zich persoonlijk bezig met de herinrichting van het Witte Huis. De televisie-uitzending over een rondleiding door de First Lady zelf door de rijkelijk ingerichte kamers – vol Amerikaanse kunst en illustere voorwerpen van vorige bewoners – werd een enorme kijkhit. Als je de originele beelden bekijkt, zie je met hoeveel precisie en oog voor detail deze gebeurtenis in de film is nagebootst. Het creëren van een authentieke sfeer (zwart-wit en vale kleuren) kun je gerust overlaten aan Pablo Larraín, die in eerdere films schijnbaar moeiteloos de tijd van de dictatuur van Pinochet opriep. In Jackie weet je soms niet of je naar archiefbeeld kijkt of dat een scène is nagespeeld. Loopt daar nu de echte Jackie een halve eeuw geleden achter de kist? Nee, als je inzoomt is het toch Natalie Portman.

Jackie

Rondleiding en interview
De rondleiding door de ambtswoning loopt als rode draad door de film, net als Jackie’s interview met een journalist (Billy Crudup), dat is gemodelleerd naar het vraaggesprek van Theodore White van Life, een week na de moord op JFK. In hun niet geheel vlekkeloos verlopen onderhoud vergelijkt Jackie het verblijf in het Witte Huis met Camelot, het kasteel van King Arthur, maar echt overtuigend is de keuze voor deze rode draad in de film niet. Van het beeld van de presidentsvrouw die sterk is of sterk moet zijn voor de natie, zoals de journalist de boodschap van het interview voorstelt, blijft te weinig over. We zijn vooral getuige van een rouwende vrouw vol emoties die als taak heeft haar twee kleine kinderen te vertellen dat hun vader niet meer thuiskomt en zich hierna intensief gaat bezighouden met de begrafenis – niet besloten, maar openbaar met een wandelende processie, geheel tegen de zin van de veiligheidsadviseurs.

Jackie verloopt fragmentarisch en heeft in Natalie Portman een vertolkster die zich danig heeft verdiept in haar personage, maar te erg haar best doet om te praten en te bewegen zoals Jackie Kennedy dat deed. Het dramatische kijken en staren (veel close-ups) werkt veel beter dan haar stem die net even te vaak te zeurderig klinkt. Als je goed oplet, merk je dat bepaalde scènes kennelijk op dezelfde dagen zijn opgenomen. Tijdens de rondleiding hoor je bijna de perfectie stemimitatie, die echt anders klinkt dat het begin van het interview waarin bepaalde woorden, ook zichtbaar, onnatuurlijk worden uitgesproken. In de scènes met de meer spontane dialogen is Portmans acteren minder gemaakt.

Maar werkelijk natuurlijk acteerwerk blijkt pas in de scènes als Jackie praat met een priester, gespeeld door John Hurt. Van het charismatisch bedoelde personage Jackie blijft plotseling weinig over in het gezelschap van deze gerenommeerde Britse acteur die recent op 77-jarige leeftijd overleed.
 

11 februari 2017

 

MEER RECENSIES

Silence

****

recensie Silence

Mens vraagt, God zwijgt

door Alfred Bos

Martin Scorseses langverwachte film over twee jonge Portugese missionarissen die in het Japan van de zeventiende eeuw op zoek gaan naar hun verdwenen mentor. Hun geloof wordt tot het uiterste beproefd.

Als tiener wilde Martin Scorsese priester worden, maar de liefde voor de cinema won het van de liefde voor God. Maar oude liefde roest niet en Silence is Scorseses derde speelfilm – na The Last Temptation of Christ (1988) en Kundun (1997) – waarin geloof, en de beproeving van geloof, expliciet de hoofdrol speelt. De film is gesitueerd in het feodale Japan van de eerste helft van de zeventiende eeuw. Daar worden christenen, na decennia lang te zijn getolereerd, door de zittende shogun met harde hand vervolgd.

De openingsscène zet de toon. In een desolaat oord met hete bronnen kunnen christelijke westerlingen kiezen: hun geloof afzweren of aan het kruis gruwelijk worden doodgemarteld. De hete bronnen worden daartoe vernuftig aangewend, zoals later in de film zal blijken dat men in het Japan van toen geraffineerde methoden had ontwikkeld om mensen zo traag mogelijk naar een andere wereld te helpen. Als ze daar het geduld voor hadden, ten minste.

Silence

De achtergrond die Scorsese gebruikt voor het verhaal van twee Portugese priesters – Sebastiao Rodrigues en Francisco Garupe, gespeeld door Andrew Garfield en Adam Driver – en hun zoektocht naar de verdwenen vader Ferreira, is authentiek, evenals de Japanse marteltechnieken. Ook de filosofische twistgesprekken tussen christenen uit het westen en Japanners, aanhangers van het Shinto-geloof (een soort voorouderverering), worden gestaafd door historische bronnen. De film is gebaseerd op de gelijknamige roman van de Japanse auteur Shûsaku Endô.

Hoogmoed
De onzekerheid over het lot van Ferreira heeft de verdwenen missionaris een mythische status gegeven en Scorsese gebruikt de zoektocht van Rodrigues en Garupe als suspense-element in een film die nadrukkelijk over geloof gaat, of eigenlijk: de kwaliteit van het geloof. De discussies tussen ‘west’ (Portugese christenen) en ‘oost’ (Japanners die shinto of de Japanse variant van het boeddhisme aanhangen) vormen het hart van de film. De Japanners fileren de naastenliefde van de christenen als hoogmoed; het is hypocriet, een vorm van eigendunk.

De Japanse sloeber Mokichi (Yôsuke Kubozuka), die Rodrigues en Garupe als gids helpt Japan binnen te smokkelen, fungeert als las tussen ‘west’ en ‘oost’. Ook in spirituele zin, want hij kan niet kiezen tussen christendom en boeddhisme. Hij wil christen zijn, maar verloochent onder druk niet alleen zijn geloof, maar ook zijn familie. En zijn vrienden: hij is de Judas van het verhaal, zoals Rodrigues met zijn baard en allengs langer wordende manen meer en meer een Christusfiguur wordt. Het wachten is op de haan die drie keer kraait.

Er is nog een andere tussenpositie mogelijk, Silence snijdt ook de tegenstelling geloof-wetenschap aan. Vader Ferreira (Liam Neeson) duikt op in de slotakte, maar hij is niet meer de persoon die de jonge jezuïeten zochten. Ferreira is hun vaderfiguur, God in feite, maar hij blijkt getransformeerd tot mens. Hij vertegenwoordigt het moderne standpunt, dat van de rede. Hij heeft gekozen voor kennis en wetenschap, en stelt dat je je niet moet bemoeien met de geest van een ander. ‘Er is zoveel te delen.’ Horen we daar Scorsese?

Silence

Feest voor het oog
Silence
is geen film voor de fans van Scorseses holdedebolder-portretten van vrijgevochten individuen, denk aan The Wolf of Wall Street, Casino of Goodfellas. Het is wel, maar op een andere manier, een film over het thema dat als een rode draad door het oeuvre van de Amerikaanse regisseur loopt: individualiteit versus morele keuzes. Als een typisch Scorsese-werkstuk is Silence niet ijdel over de irrationele kanten van de menselijke natuur. Maar voor naastenliefde en begrip heeft hij geen God nodig. Die zwijgt met oorverdovende stilte in deze film over geloofsbeproeving.

Met zijn authentieke vormgeving en panoramashots van het spectaculaire Japanse landschap is dit in de geschiedenis wortelende verhaal een feest voor het oog, mits de kijker over een sterke maag beschikt en niet wars is van filosofische terzijdes. De rolbezetting met een aantal Japanse karakteracteurs – waaronder Issei Ogata als inquisiteur Inoue – is raak en de film realiseert met een traditionele aanpak, inclusief verschillende voice-overs, wat Terrence Malick via avant-garde methodes doet: hij maakt film van filosofie.

Silence duurt met twee uur en 41 minuten net even te lang en dat is jammer, want je voelt de urgentie van de regisseur die zijn punt evenwel al ruim voor de aftiteling overtuigend heeft gemaakt. Hij laat The Temptation of Christ en Kundun ver achter zich.
 

7 februari 2017

 
MEER RECENSIES

Paterson

****

recensie Paterson

De kunst van het klein houden

door Suzan Groothuis

Paterson heeft een dagelijks ritme van vroeg opstaan, naar zijn werk gaan, ’s avonds de kroeg in en dan weer bij zijn vrouw Laura in bed. Ondertussen laat hij de hond uit en schrijft hij gedichten. Mooie, kleine gedichtjes, die volgens Laura rijp zijn voor publicatie. Een ingetogen, subtiele film met aandacht voor het geschreven woord.

In de nieuwe Jim Jarmusch (Ghost Dog: The Way of the Samurai, Only Lovers Left Alive) volgen we Paterson. Doordeweeks staat hij steevast rond 6 uur op, om nog even te knuffelen met zijn mooie vrouw Laura (Golshifteh Farahani, The Patience Stone). Franse buldog Marvin zit hem grommend op te wachten op de bank. Paterson en Marvin, dat klikt niet zo.

Paterson

Vanuit huis volgt de routine van het werk. Paterson werkt als buschauffeur en zijn bus heeft als bestemming Paterson. Stom toeval? Er worden grapjes over gemaakt, die Paterson gelaten over zich heen laat komen. Onderweg luistert hij naar gesprekken van passagiers. Twee mannen praten over mooie vrouwen en hoe ze er bijna één om hun vinger hadden gewonden. Een net-niet-verovering.

Dagelijks leven als inspiratiebron
De verhalen vormen voor Paterson een inspiratie voor zijn gedichten. Hij draagt altijd een klein boekje met zich mee, waar hij in pauzes en na zijn werk in schrijft. Het zijn mooie, kleine gedichtjes. Over het mooiste luciferdoosje ter wereld bijvoorbeeld, met letters in de vorm van een megafoon. Laura vindt dat Paterson zijn gedichten uit moet geven. Want ze zijn te mooi om in de obscuriteit te blijven. Maar Paterson is introvert en bescheiden en weet het nog zo niet.

Paterson en Laura vormen een groot contrast. Hij introvert, gehecht aan zijn dagelijkse routines van vroeg opstaan, naar zijn werk gaan, de hond uitlaten en de kroeg in gaan. Tussendoor gedichtjes schrijvend. Zij extravert met artistieke aspiraties. Ze verft gordijnen, maakt cupcakes met gekke patroontjes en krijgt ineens de ingeving om een country-gitaar te kopen. Ondanks de verschillen is er veel liefde en respect voor elkaar. Laura drukt Paterson op het hart om kopieën van zijn boekje te maken, want het is zijn enige exemplaar.

Poëzie komt tot leven
Paterson ademt poëzie. We zien hoe de observerende gedichtjes van Paterson tot leven komen. Tijdens een busrit, of tijdens een wandeling. Woorden komen in hem op en vormen een zin. Met een rustige intonatie spreekt hij ze uit, terwijl de camera ze vereeuwigt op schrift. Poëtische stijlmiddelen als herhaling en symmetrie komen ook visueel terug. Zoals verschillende tweelingen die Paterson ontmoet. Of de brievenbus die iedere dag weer schuin op zijn paal staat als hij thuis komt. Later leren we waarom.

Paterson

Paterson is een intieme, ingetogen film die draait om verborgen aspiraties. Adam Driver (die we vooral kennen als Adam uit Girls, maar ook uit Star Wars en Midnight Special) is perfect gecast als de introverte buschauffeur. Het rustige stadje Paterson (dat overigens ook de titel is van een dichtwerk van een van Patersons favoriete dichters) dient als decor voor zijn dichterlijke inspiratie. De kalme sfeer gaat gepaard met droogkomische humor, een stijl die we kennen van Jarmusch. Zo zorgt hond Marvin (Nellie in het echt en ze won er een Palm Dog mee in Cannes) voor een aantal hilarische scènes.

Bescheiden
Af en toe gebeurt er iets heftigs dat de routine onderbreekt, zoals in de blueskroeg waar Paterson dagelijks komt. En komt Paterson nog voor een moeilijk moment te staan dat hem dwingt anders naar zijn dichtkunst te kijken.

Jarmusch hanteert een observerende stijl. Met aandacht voor detail, zoals de inrichting van Patersons appartement, de patronen waarmee Laura cupcakes opsiert en de aankleding van de kroeg. Een foto van rock- en punkzanger Iggy Pop krijgt een plek aan de muur, ongetwijfeld een verwijzing naar de documentaire Gimme Danger die Jarmusch aan Iggy en zijn Stooges wijdt.

De kunst van het klein houden, dat is wat Jarmusch met Paterson doet. De gedichten zijn overigens van de hand van de Amerikaanse dichter Ron Padgett. Resonerend na het zien van de film, evenals het pure spel van Adam Driver. Paterson is mooi in al zijn bescheidenheid.
 

6 februari 2017

 
De trieste, mooie wereld van Jim Jarmusch in elf speelfilms.


MEER RECENSIES