Rocketman

*****
recensie Rocketman

Liberace gereïncarneerd als Elvis Presley

door Alfred Bos

Wat hebben Elton John en Queen gemeen? Hun voormalige manager, John Reid. En de regisseur van hun beider biopic, Dexter Fletcher. Rocketman slaat Bohemian Rhapsody op alle fronten. Kwestie van vorm die bij de inhoud past.

Zijn muziekfilms – biopics over muzikanten, films rond muzikanten, documentaires – bezig uit te groeien tot een modeverschijnsel? In de bioscoop draaien Wild Rose en Vox Lux, speelfilms over zangeressen die worden geplaagd door persoonlijke demonen. Deze zomer komt de nieuwe Danny Boyle, Yesterday, waarin de muziek van The Beatles centraal staat. In het najaar volgt Beats, een film die speelt in de ravescene van de vroege jaren negentig.

Rocketman

Dan hebben we de later dit jaar nog te verwachten films over een reality-tv-wannabe-ster (Teen Spirit), een gefokte punkmuzikante (Her Smell), een Brits-Pakistaanse fan van Bruce Springsteen (Blinded by the Light) en de biopic van Judy Garland (Judy) nog niet eens genoemd.

Vorig jaar waren er A Star is Born en de tweede hitmusicalfilm rond ABBA, Mamma Mia: Here We Go Again. Die trok net iets minder bezoekers dan de publieksmagneet van 2018, de Queen-biopic Bohemian Rhapsody. De baan ligt ruim open – het is wellicht een yellow brick road – voor Rocketman, het in fictie navertelde verhaal van jaren zeventig glamrockster Elton John, in 1947 geboren als Reginald Dwight. Hij staat momenteel in concertzalen wereldwijd voor zijn afscheidstournee (8 en 17 juni in Ziggo Dome, Amsterdam).

Optelsom van gelukkige keuzes
Rocketman is geregisseerd door Dexter Fletcher, de man die Bohemian Rhapsody redde van schipbreuk, en de film doet precies wat de Queen-biopic jammerlijk naliet. Hij brengt het verhaal niet als droge, lineair vertelde nabootsing van de werkelijkheid, maar – geheel in de uitzinnige camp-geest van zijn onderwerp – als musical, compleet met imposante dansscènes. Elton John is Liberace gereïncarneerd als Elvis Presley, dus hoe bonter hoe beter. En bont is een eufemisme met betrekking tot Rocketman.

Rocketman is een aaneenschakeling van gelukkige keuzes. De film herenigt regisseur Fletcher met acteur Taron Egerton, die de titelrol vervulde in Eddie The Eagle, eveneens een biopic over een excentrieke Engelsman. Egerton lijkt niet alleen treffend op John, hij zingt diens repertoire – dat kwistig en, ook heel handig, niet synchroon met de tijdlijn, maar thematisch door de film is gestrooid – meer dan adequaat. Hij is niet alleen in de huid, maar ook in de stembanden van zijn onderwerp gekropen.

Daarnaast is het een geïnspireerd idee om auteur Lee Hill te vragen voor het script. Hill heeft affiniteit met muziek, musical en camp – en schrijft nu aan het scenario voor de verfilming van Cats – en doet niet lastig over de seksuele geaardheid van zijn onderwerp. Waar Bohemian Rhapsody nuffig een morele vinger hief, is Rocketman volstrekt eerlijk over drugs, seks en exces. Je kunt er kapot aan gaan, maar het is niet iets om je over te schamen.

Rocketman

Glitterduivel
De beste keuze evenwel is om Elton Johns levensverhaal te vertellen als een collectie muziek- en dans-set pieces, afgewisseld met realistische scènes. In de concertscènes komen ze samen, het indrukwekkendst, en minst realistisch, wanneer John in september 1970 als anonieme nieuweling in de Troubadour (Los Angeles) optreedt voor een zaal met gekende muziekhelden – we zien Neil Diamond, Leon Russell en een paar Beach Boys aan de bar hangen – en het publiek orgiastisch reageert. John heeft in interviews te kennen gegeven dat die respons hem het gevoel gaf van de grond te komen. Die emotie maakt de film letterlijk zichtbaar: hij zweeft gestrekt achter de toetsen.

Goed passend bij de mengvorm van historisch realisme en uitbundige verbeelding is de keuze om Johns verhaal te visualiseren als raamvertelling. De film opent in stijl met een Elton John die in vol ornaat als glitterduivel een AA-meeting binnenstapt om zijn persoonlijke verhaal te vertellen. Flashbacks maken duidelijk dat een liefdeloze jeugd met een vaak afwezige moeder en een harteloze, soms ronduit vijandige vader het getalenteerde jochie heeft doen opgroeien tot onzekere, naar liefde hunkerende misfit.

Zijn talent voor het improviseren van pakkende melodieën, ze rollen bijna achteloos uit zijn vingers, komt tot bloei wanneer hij door muziekuitgever Dick James, de man die in 1962 The Beatles de deur wees, volstrekt willekeurig aan tekstschrijver Bernie Taupin (Jamie Bell) wordt gekoppeld. Extra ster voor Rocketman, dat diens kwaliteiten en vitale rol in het verhaal eindelijk goed voor het voetlicht brengt. Johns homoseksualiteit komt aan de oppervlakte via zijn latere manager John Reid (Richard Madden), nadien tevens manager van Queen.

Absolute Beginners
De film concentreert zich op de eerste helft van de jaren zeventig, de periode waarin rockmuziek evolueerde van tegencultureel bindmiddel tot big business en Elton John in Amerika uitgroeide tot de grootste muziekster van dat moment, een regelrecht fenomeen. Het is hoogst verwarrend voor wie in korte tijd van nobody tot idool wordt gekatapulteerd. Met het succes komen de roem en het geld. En steeds uitbundiger podiumuitdossingen, onmatige consumptie van drank en drugs, seksuitspattingen. En de koopverslaving. En de zelfmoordpogingen. Alleen liefde kan het gat in zijn ziel vullen. Hij vindt het, ondanks zichzelf.

Rocketman

Rocketman voegt zich in een traditie van Engelse muziekfilms waarin subcultuur als musical wordt gerepresenteerd. Hij is even uitbundig als Ken Russells verfilming van The Who’s rockopera Tommy, waarin Elton John indertijd te zien was, of diens Franz Liszt-biopic Lisztomania (beide uit 1975) en gebruikt dezelfde vorm als Julian Temple’s Absolute Beginners (1986), met David Bowie en The Kinks-voorman Ray Davies. Russell pionierde in Tommy de beeldtaal van MTV en Temple is de meest vermaarde clipregisseur van zijn generatie.

De film van Dexter Fetcher is in feite een als speelfilm verpakte videoclip, een cocktail van Vincente Minnelli en Ken Russell, en sluit raak af met een dansscène die naadloos overgaat in de originele videoclip van I’m Still Standing, Elton Johns laatste artistiek relevante hit uit 1983. Fantasie switcht moeiteloos naar realiteit, het donkere sprookje heeft een gelukkig eind. Als gerechtigheid en goede smaak bestaan – en muziekfilms inderdaad in de mode zijn – wordt Rocketman de bioscoopklapper van 2019.

 

29 mei 2019

 

ALLE RECENSIES

Good Manners

**
recensie Good Manners

Futloze fabel

door Sjoerd van Wijk

Het rommelige sprookje Good Manners propageert levenloos strijdlust in plaats van verzoening. Futloos zet het een bovennatuurlijke allegorie op die aansluit bij het huidige Braziliaanse politieke klimaat, waar de nieuwe president Jair Bolsonaro minachting voor mens en milieu uitstraalt.

Het is daarmee wel een tijdige film, die aangeeft wat een ieder die afwijkt van de destructieve norm te doen staat de komende tijd. De verschillen tussen Clara en de zwangere Ana kunnen niet groter zijn. Clara is een kinderoppas zonder opleiding en een lesbienne van Afrikaanse afkomst. Ana een verwende dame uit een welvarende familie, die door de dubieuze omstandigheden van haar zwangerschap er alleen voor staat. Er ontwikkelt zich al snel een hechte band tussen de twee, maar er lijkt iets mis met de baby. Goed, bovennatuurlijk mis. Clara’s leven neemt dan ook een onverwachte wending in dit tweeluik.

Good Manners

Afwijkende zwangerschap
Regisseurs Marco Dutra en Juliana Rojas (die vaker hebben samengewerkt) nemen uitgebreid de tijd om alle puzzelstukken op hun plaats te laten vallen. São Paolo is hier op de achtergrond een feeërieke metropolis, die geen massale drukte maar serene mystiek uitstraalt. In het claustrofobische appartement ontwikkelen de twee ondanks de tegenstellingen een aparte verstandhouding met elkaar. Het desolate maakt echter gaandeweg plaats voor het lethargische. De lichte griezel van Ana’s afwijkende zwangerschap staat snel vast, maar Dutra en Rojas blijven lang dwepen met de relatie, die overtuigingskracht mist doordat Isabél Zuna als Clara weinig passie uitstraalt.

Zij weet pas te overtuigen in het tweede deel, als de aard van de baby duidelijk is en het vreemde de wereld betreedt. Met het groeien van haar kapsel en haar unheimische adoptiezoontje Joel komt er meer vuur in haar. Het al eerder weinig subtiele motief van vlees of groente wat de pot schaft, legt er extra dik bovenop dat afwijken van de status quo het leven zelf is, met alle risico’s van dien. Clara’s pogingen Joels ware karakter te verbergen, voelen wel oprecht aan.

Dat Joel met ouder worden ook eigenwijzer bij de anderen wil horen, leidt tot de verwachte bonje, maar het lijzige tempo is hier adequaat. Good Manners verzandt echter continu in uitstapjes van bodyhorror tot musical. De eclectische mix van stijlen kent een lusteloze behandeling met stoïcijnse opnames, die gegeven het spannende materiaal niet voor de hand ligt. De druk loopt op, terwijl São Paolo immer vreedzaam doet denken dat het toverachtige in elke hoek te vinden is. 

Good Manners

Barbaarsheid tegenover domesticatie
Het barbaarse andere, wat vlees verslindt en huilt naar de volle maan, komt hiermee tegenover domesticatie te staan. Niet toevallig bevindt Clara zich in een christelijke goegemeente, een gemeenschap die de autocratische Jair Bolsonaro steunde in de Braziliaanse presidentsverkiezingen.  In het echt is het hij die anderen wil verslinden, zoals de inheemse bevolking in de Amazone. Good Manners blijkt dus een ironische titel en komt daarmee op voor de achtergestelden. In de verwachte ontknoping komt de strijdlust naar voren, als Clara en Joel hechter dan ooit tevoren worden.

Het doet in de verte denken aan het Mexicaanse Tigers Are Not Afraid, dat ook via een kind met bovennatuurlijke gaven de strijd met sociale misstanden aangaat. Daar is het sprookjesachtige echter vernuftiger verbonden met de omringende wereld, wat de emotionele binding ten goede komt. Tevens is daar ruimte voor verzoening, die alle narigheid doet vergeven en vergeten. Good Manners gaat voor de confrontatie in plaats van een beroep op christelijke naastenliefde te doen. Het is sociale kritiek, maar laat in haar apathische behandeling kansen op compassie liggen.

 

3 november 2018

 

ALLE RECENSIES

La La Land

*****

recensie La La Land

Kerstfilm zonder kerstboom

door Alfred Bos

In zijn tweede grote speelfilm spot de pas 31-jarige regisseur Damian Chazelle (bekend van Whiplash) met de marketingwetten van Hollywood en triomfeert middels een schaamteloos romantische ode aan de wensdroom. Na de western is ook de musical terug.

La La Land is het soort film waar Hollywood ooit sterk in was maar al lang niet meer maakt, het bitterzoete feelgood-sprookje met musicalelementen. Denk aan klassiekers als Singin’ in the Rain en The Wizard of Oz, maar dan in een eigentijdse variant.

Sebastian (Ryan Gosling) en Mia (Emma Stone) zijn het perfecte koppel, alleen weten ze dat zelf nog niet wanneer de film opent. Ze staan in een immense file op de LA Freeway. Hij is jazzpianist en financieel aan de grond, nadat zijn zakenpartner hem een loer heeft gedraaid. Zij is aspirant-actrice en verdient de kost in een koffiehuis op het terrein van een filmstudio.

La La Land

Die openingsscène toont zonder aplomb en met achteloze overmacht de ambities die regisseur en scenarist Damian Chazelle met zijn tweede grote speelfilm uitspeelt. Het is een grandioos musicalspektakel op de brug van een snelweg, een originele setting voor originele choreografie en spitse vondsten, vol dans en dynamiek, in één lang tracking-shot van zo’n vier minuten. Halleluja, dat is nog eens een binnenkomer.

Menselijke maat
Uiteraard zien we uitsluitend jonge, mooie en blije mensen in die spetterende proloog, want dit is Hollywood, de droomfabriek die de verbeelding van de consument faciliteert—en vormt. Ook de twee uur die daar op volgen spelen zich af in de Hollywoodse filterbubbel van materieel succes en emotionele armoede, maar de film verliest nimmer de menselijke maat uit het oog. Mia en Seb vinden elkaar, verliezen elkaar en vinden elkaar weer terug. Maar niet heus. Of toch wel?

Keurig opgedeeld in vijf bedrijven als was het een klassiek drama, toont La La Land de Werdegang van de liefde, en het leven. Het is winter in LA wanneer Sebastian en Mia na die eerste ontmoeting in de file elkaar opnieuw tegen het lijf lopen, en het is lente wanneer na de derde toevallige ontmoeting de eerste vonk overspringt. Dat wordt gevierd met een zwierig dansstukje in de heuvels van Hollywood.

Bedrijf drie (zomer) toont de gloriedagen van de affaire. Mia slaagt erin haar acteeraspiraties te realiseren en wordt een vedette. Sebastiaan slaagt niet in zijn droom, een eigen jazzclub, SEB’s, doch vindt emplooi in de succesvolle popband van een voormalige studiegenoot (John Legend). Maar in bedrijf vier (herfst) gaat het toch mis. Wat is belangrijker, materieel succes of emotionele voldoening? Het leven draait om keuzes en in dat opzicht is La La Land het volkomen tegendeel van Tom Fords Nocturnal Animals.

Prominente rol muziek
Regisseur Chazelle, nog maar 31 jaren jong, strooit met verwijzingen naar het klassieke Hollywood en de jazzlegendes van toen (we zien onder meer John Coltrane en Bill Evans). De musicalscènes zijn voortreffelijk getimed en passen naadloos in het verhaal, zelfs – of juist – als Mia en Seb letterlijk dansen tussen de sterren. De muziek speelt, net als in zijn eerste grote film Whiplash en zijn bescheiden debuut Guy and Madeline on a Park Bench (een musical gedraaid toen hij 23 was), een prominente, zelfs sturende rol.

Die menselijke maat, de rol van schoonheid in de levens van de hoofdpersonen, hun creatieve aspiraties en vooral ook de speelse, gevatte humor en spitse dialogen maken dat La La Land bij tijd en wijle voor een Woody Allen-film kan doorgaan. Helemaal wanneer in het slotbedrijf, dat vijf jaar na de affaire speelt, wensdroom en werkelijkheid schitterend door elkaar gaan lopen, culminerend in een epiloog die een musicalscène biedt zoals Hollywood die deze eeuw nog niet heeft geproduceerd.

In La La Land is het leven ironisch, niet cynisch. Heerlijke film, deze onbeschaamd romantische ode aan de droom en de verbeelding. Het is een kerstfilm zonder kerstboom, een amandelkransje voor de feestdagen. Of eigenlijk alle dagen.
 

20 december 2016

 
MEER RECENSIES

Office

***

recensie  Office

Zingen onder neon

door Alfred Bos

Office, de musical van actieregisseur Johnnie To uit Hong Kong, speelt op de door chroom en neon gedomineerde kantoorvloer van een corporate bedrijf. De milde satire op het vrije marktkapitalisme is de openingsfilm van Cinemasia 2016, de negende editie van het festival waarop de Aziatische cinema centraal staat.

Geen idee hoe Aziaten naar Office kijken, maar voor deze westerling is Johnnie To’s musical over machtsspelletjes achter de schermen van een kapitalistisch bedrijf een krankzinnige kijkervaring. Zingende kantoortijgers, groepschoregrafieën op Chinese rockmuziek, werkbijen die in koorzang uitbarsten (“build a financial empire with our heart”, het lijkt wel een parodie op het sociaalrealisme van Mao) en dat alles in een uitzinnig edelkitsch decor. Musical is een artificieel genre, maar gekunstelder dan dit worden ze niet gemaakt. Alles aan deze film, van genre tot setting, is niet-authentiek. Wat wellicht het punt is.

Office

Parfum
We zijn op de werkvloer – letterlijk een toneel van open ruimtes en glazen wanden – van financieel dienstverlener Jones & Sunn, gesitueerd in Hong Kong, al zien we weinig van de stad. Daar wordt, vlak voor het uitbreken van de Lehman-crisis van 2008, een deal opgezet met het parfummerk MADAME dat de Chinese markt wil betreden maar in thuisland Amerika over zijn piek is. Office is de filmadaptatie van Sylvia Changs theaterstuk Design For Living, door haar zelf bewerkt tot scenario. Zoals het musicalgenre betaamt zijn er romantiek en humor, voornamelijk in de vorm van slapstick. Drie man-vrouw koppels, al dan niet amoureus, personifiëren het verhaal.

Directrice Winnie (vertolkt door Sylvia Chang) was oorspronkelijk de minnares van de voorzitter van de raad van bestuur Ho (Chow Yun Fat). Diens dochter Kat komt incognito op de kantoorvloer werken, tegelijk met de naïeve optimist Li Xiang, die een oogje heeft op Kat en door Winnie als favoriet wordt behandeld. Dat laatste tot het chagrijn van onderdirecteur David Wang die obsessief gokt op de beurs met kapitaal van de zaak. Sophie, een zojuist door haar vriend gedumpte boekhoudster, moet Davids misstappen voor Winnie verzwijgen. Persoonlijk en zakelijk drama raken fataal verknoopt, maar voor de meesten loopt het goed af.

Office

Ersatz rock
Office  is een buitenbeentje in het oeuvre van Johnnie To, de Hong Kong-regisseur die in de jaren negentig een stoet van genrefilms maakte maar internationaal vooral bekend staat om zijn snoeiharde actiethrillers over de Chinese onderwereld van zo’n tien jaar terug (Election, Triad Election, Exiled). De film is fraai gestileerd, mise-en-scène en cameravoering tonen de overmacht van de vakman, maar inhoudelijk is Office dun en dat ligt aan het script. Een duidelijke hoofdpersoon of plotlijn ontbreekt, noch wordt de film uitgevouwen tot ensemblevertelling; de personages blijven schetsmatig. Over de ersatz rock en dito jazz op de geluidsband zullen we het verder niet hebben.

 

23 februari 2016

 

MEER RECENSIES

Into the Woods

**

recensie  Into the Woods

Sprookjesmusical op het witte doek betovert niet genoeg

door Cor Oliemeulen

Er was eens een man die niets origineels wist te verzinnen. Hij heette James Lapine. James nam een grote kom en roerde de verhalen van vier sprookjes door elkaar. Hij kreeg een schitterend idee: Assepoester, Roodkapje, Raponsje en Jaap van de Bonenstaak komen samen in een groot bos en beleven daar de meest wilde avonturen. James vroeg zijn vriendje Stephen Sondheim om er muziek en liedjes bij te maken. Ze beleefden grote successen op het toneel. Maar toen vond iemand dat er een film moest komen.

Ze vroegen Rob Marshall. Rob had al eerder een musical gemaakt: Chicago. Verder moesten ze nog iemand hebben die mooie kleren kon maken. Een rood kapje kon iedereen. Nee, het moesten wel héél toepasselijke sprookjeskleren zijn. Ze belden Colleen Atwood. Colleen was heel beroemd en had al drie keer de állergrootste filmprijs gewonnen, het zogenaamde Mannetje. Bijvoorbeeld voor Alice in Wonderland. Omdat het een film zou gaan worden, moesten de plaatjes er natuurlijk prachtig uitzien. Ze vroegen Dion Beebe. Dion had ooit een Mannetje gewonnen voor een andere film die Rob had gemaakt: Herinneringen van een Gezelschapsdame. En tot slot moest de film vol zitten met hocus pocus. Dus belden ze Matt Johnson, die óók al een Mannetje had gewonnen! Voor Het Gouden Kompas.

Recensie Into the Woods

Rode cape, witte koe, glazen muiltje, gouden haren
Het verhaal begint met een heks met blauwe haren. Ze spreekt een vloek uit. De vader van de bakkersvrouw heeft namelijk groenten uit de tuin van de heks gestolen. Daarom is de vloek dat de bakker en zijn vrouw pas een kindje kunnen krijgen als ze vier dingen aan de heks geven. Als eerste de cape van Roodkapje. En dan nog de gouden haren van Raponsje, het muiltje van Assepoester en de witte koe van Jaap van de Bonenstaak. Gelukkig komen ze allemaal samen in het bos.

Maar het valt niet mee om al die dingen te verzamelen. Ze krijgen te maken met de Grote Boze Wolf, Raponsje die in een hoge toren zit opgesloten, de gemene stiefzusjes van Assepoester én de koe van Jaap die dood gaat. Er gaan ook ménsen dood in het bos, maar dat mag de pret niet drukken. Want het bos is net als het echte leven. Je kunt daar op zoek gaan naar je dromen. Je kunt er heerlijk verdwalen en bang worden. Ja, in het bos leer je pas goed wie je bent! 

Recensie Into the Woods

Wie de schoen past…
De spelers in de film doen echt hun best. Lilla Crawford is pas twaalf en is een mooi Roodkapje. De wolf wordt gespeeld door Johnny Depp, die het liefst piraat is. En Daniel Huttlestone als Jaap is misschien wel het beste. Daniel speelde al in een musical toen hij pas negen jaar was! Ook zong hij in De Ellendigen. Maar het aller-allerbeste is Meryl Streep. Meryl speelt de gemene heks en won in haar eentje al drie Mannetjes. Ze kan best goed zingen, maar ze heeft echt geen gouden stemmetje, hoor! Toch geloven we Meryl het meest. De meeste anderen in de film zijn eigenlijk best wel een tikkeltje saai. Behalve dan de stiefzusjes van Assepoester. Die hakken allebei een teen van hun voet, zodat ze in het muiltje passen. Best stom! Als hun boze moeder vroeger sprookjes had voorgelezen, hadden ze dat nóóit gedaan.

Een sprookje eindigt altijd goed. Nadat Assepoester en haar prins in het kasteel zijn getrouwd, is de film afgelopen. O nee, er komt nog wat! Jaap heeft de vrouw van de reus boos gemaakt en die komt nog wraak nemen. Was dat nou nodig? Kon je eindelijk gaan plassen, komt die lelijke reuzentrol nog even met haar grote voeten het gelukkige eind verzieken! Ach, een goed verhaal heeft soms een boodschap en dat mogen we best wel weten van Rob. Iedereen maakt fouten, niemand is alleen! Rob zal het weten.

 

22 januari 2015

 

MEER RECENSIES

Annie

***

recensie  Annie

Zingende wijsneus zoekt ouders

door Cor Oliemeulen

Het beroemde weesmeisje Annie weet ditmaal het hart van een stugge politicus te raken. Een geboren ster in een eigentijds kerstverhaal.

In de originele film van John Huston uit 1982 vertolkt Aileen Quinn de rol van het weesmeisje Annie. Zij speelde hierna nog in enkele films om in de vergetelheid te geraken. Anders zal het Quvenzhané Wallis vergaan. Twee jaar geleden sensationeel doorgebroken in het curieuze drama Beasts of the Southern Wild wacht het nu pas elfjarige talent een grootse toekomst. In de remake van Annie, geregisseerd door Will Gluck, is het guitige meisje met de rode krullenbol (een pruik) vervangen door een even vlot Afro-Amerikaans dametje met bruine haren. Ook de arrangementen van de beroemde liedjes (It’s a Hard Knock Life, Tomorrow en Opportunity) zijn in een modern jasje gestoken. Het is een kwestie van smaak of Wallis beter of met meer ontroering zingt dan Quinn, maar het acteren gaat haar beter af.

Recensie Annie

Een week op proef
Het verhaal van Annie is gebaseerd op de strikboekenreeks Little Orphan Annie uit de jaren ’20 van de vorige eeuw. In 1977 verscheen een musical, daarna een boek en toen de film. De kleine Annie woont in een weeshuis dat wordt geleid door de alcoholistische Miss Hanigan. In het origineel belandt Annie bij miljardair Oliver Warbucks (Albert Finney) die een wees wil adopteren en Annie een week op proef neemt; in de remake komt ze in het kader van public relations terecht bij burgemeesterskandidaat Will Stacks (Jamie Foxx). In beide gevallen lukt het Annie uiteindelijk het ijs in het stoere mannenhart te laten smelten.

Het is geen onaardig idee om het enigszins gedateerde origineel in de huidige tijd te plaatsen. Annie opent met een knipoog: voor het schoolbord staat een meisje met het uiterlijk van de oorspronkelijke Annie. Dan verplaatsen we ons snel naar het kleine weeshuis in Harlem, New York waar Annie met vijf andere meiden de boel op stelten zet, wachtend op adoptieouders, terwijl de door Cameron Diaz gespeelde huisbazin zich onderdompelt in alcoholistische versnaperingen en frustraties over een mislukte carrière als popzangeres (In de film blijkt ze in ieder geval geen groot zangtalent). Ze is dan ook ronduit jaloers als Annie een week mag logeren bij Will Stacks.

Recensie Annie

Luxe en avontuur
Als haar huisgenootjes aan Annie vragen of Stacks aardig is, antwoordt Annie: “Ja, maar dat weet hij zelf nog niet.” De meiden mogen een dagje ruiken aan de luxe en mee op avontuur met Annie en de burgemeesterskandidaat, die goede sier moet maken nadat hij publiekelijk blunderde bij een voedselbank. Media en publiek zijn zeer gecharmeerd van de ontwapenende Annie (die in een mum van tijd 1,3 miljoen Twitter-volgers heeft) en Stacks plukt in de polls de vruchten van de ‘samenwerking’. Maar als Annie door Stacks’ publiciteitsmanager wordt geforceerd een speech op autocue te houden, haakt het weesmeisje verdrietig af.

Annie is een familiefilm bij uitstek die in de kerstvakantie volle zalen zal trekken, ondanks het feit dat de film op het internet uitlekte nadat (Noord-Koreaanse?) hackers een computer van Sony Pictures hadden gekraakt. Een muzikale film met een lach en een traan die net als het origineel spannend en voorspelbaar eindigt nadat onverlaten zich met de adoptiekwestie gaan bemoeien. De remake van Annie is amusant, maar we missen wat chemie tussen het weesmeisje en de rijkaard, alsook de choreografie en musicalsetting van het origineel.

12 december 2014

 

Vijf remakes die je beter kunt mijden

 

MEER RECENSIES

 

Misérables, Les

***

recensie  Les Misérables

Een musicalster zingt, een acteur acteert

door Karina Meerman

Verfilming van succesvolle musical is een streling voor de ogen, maar lang niet altijd voor de oren. Les Misérables schuwt de grote emoties niet. Nooit. En dat kan heel vermoeiend zijn.

Het boek van Victor Hugo (gepubliceerd in 1862) verhaalt over de donkere tijden tussen 1815 en 1832 met thema’s als wraak, (goddelijke) vergeving, liefde, armoe en revolutie. Met andere woorden: daar komt geen lollige musical van. Regisseur Tom Hooper (The King’s Speech) brengt deze duistere Franse periode visueel mooi tot leven. De keus om zijn sterren ‘live’ te laten zingen was een dappere, maar de vraag is of het voor iedereen even goed werkt.

Jean Valjean (Hugh Jackman) is tot 19 jaar dwangarbeid veroordeeld voor het stelen van een brood. De rechtschapen Javert (Russell Crowe) is zijn opzichter. Eindelijk vrijgelaten, wordt Valjean nog steeds geketend aan zijn verleden. Eens een dief, altijd een dief en door de papieren die hij moet laten zien, krijgt hij geen werk, geen eten, geen onderdak. Een kerk vangt hem op en betekent een ommekeer in zijn bestaan. Hij belooft beterschap aan God en neemt een andere identiteit aan. Javert, die zich opwerkt tot hoofd van de politie, blijft hem echter achtervolgen.

Grote verhalen
De relatie tussen Valjean en Javert is een van de grote verhalen van Les Misérables. Dan is er de tragedie van de mooie Fantine (Anne Hathaway), die probeert te zorgen voor het meisje Cosette (Isabelle Allen), maar aan lagerwal raakt. De tijd verloopt en zo komen we bij de liefde tussen de volwassen Cosette (Amanda Seyfried) en Marius (Eddie Redmayne), in een tijd van revolutie. Het verhaal eindigt met een veldslag om de barricaden, de liefde en de rechtvaardigheid.

Recensie Les Misérables

Les Misérables is de verfilming van de succesvolle musical die al dertig jaar volle zalen trekt. Zestig miljoen mensen hebben de theaterproductie inmiddels gezien. Misschien koos Hooper daarom voor klinkende namen om de hoofdrollen te vertolken in zijn film. Maar ook al kunnen acteurs zingen, dat betekent niet dat ze musicalsterren zijn. Zo heeft Jackman een vibrato in zijn stem, die als je daar niet van houdt, behoorlijk op de zenuwen gaat werken. Crowe mist de woede en de passie die hij met zijn uiterlijk wel kan overbrengen. De Cosette van Isabelle Allen is een engeltje om te zien en horen, maar de volwassen Seyfried (Mamma Mia!) heeft een hoge trilstem, als het vogeltje dat kwetterend neerstrijkt op de hand van Disney’s Sneeuwwitje. In Shrek zit diezelfde scène, maar daar ontploft het beestje. No such luck in ‘Les Mis’.

Broodnodige verlichting
Is het dan allemaal leed en ellende? Nee, broodnodige verlichting komt van het duo Sacha Baron Cohen en Helene Bonham Carter, als louche herbergier en diens echtgenote. De jonge Daniel Huttlestone is aandoenlijk als het straatschoffie Gavroche en muscialzangeres Samantha Barks is een loepzuivere Eponine. En Anne Hathaway maakt indruk, zeker met haar vertolking van het klassieke ‘I dreamed a dream’. De lange close-up drukt iedereen met zijn neus op haar pijn. Hooper haalt deze truc ook uit bij Valjean’s eerste solo in de kerk. We zullen het voelen! En dat is misschien wel het echte pijnpunt van deze film: zangers die ook acteren, zijn iets anders dan acteurs die ook zingen. Een musicalster zingt. Een acteur acteert. We hoeven de tranen niet altijd te zien, zolang we ze in de stem horen.

 

3 januari 2013

 

MEER RECENSIES