Gift, The

****

recensie  The Gift

Het leven is een geschenk

door Cor Oliemeulen

Als je vroeger voor het leven bent beschadigd door pesterijen kun je misschien het best twee dingen doen: in therapie gaan én de verantwoordelijke confronteren. In The Gift bevestigt het slachtoffer de hernieuwde kennismaking aanvankelijk met leuke cadeautjes.

Volgens Simon bestaat de wereld uit winnaars en losers. Hijzelf behoort natuurlijk tot de eerste categorie, hoewel de promotie op zijn werk op dubieuze wijze is verlopen, terwijl zijn oud-klasgenoot Gordo in zijn optiek een kansloze idioot is. Je mag aannemen dat Simons vrouw Robyn na een aantal jaren huwelijk op de hoogte is van het hokjesdenken van haar man, echter het feit dat Simon vroeger een heuse bully was, weet zij pas vanaf het moment dat Gordo zich heeft ontpopt als stalker.

Recensie The Gift

Psychologische thriller
The Gift is om meerdere redenen een verrassende psychologische thriller. Het is de debuutfilm van de Australische bijrolacteur Joel Edgerton die een aardig script met subthema’s als privacy en kinderloosheid neerpende en zich de overtuigende rol van de zonderlinge Gordo toe-eigende. Jason Bateman, vooral bekend van matige komedies als Horrible Bosses en Identity Thief, blijkt ook in de serieuze rol van Simon het juiste irritatiegehalte te kunnen uitstralen. En de kijker blijft tot het einde (dat doet denken aan een iets betere Spaanse horrorthriller uit 2011 waarvan we de titel niet zullen verraden) op het puntje van zijn stoel.

De Engelse actrice Rebecca Hall laat in haar tweede echte hoofdrol zien dat zij als vrijgevochten, intelligent vrouwfiguur (zie de bovennatuurlijke suspensethriller The Awakening, 2011) veel beter tot haar recht komt dan in komedies (zie het Stephen Frears-misbaksel Lay the Favourite, 2012). Hoewel zij een krachtigere en meer uitgebalanceerde persoonlijkheid heeft dan Simon, wordt ze langzaam gek van de mysterieuze gebeurtenissen die Gordo lijkt aan te richten. Of zijn het de pillen die haar waanideeën veroorzaken?

Recensie The Gift

Wraak of acceptatie?
Films over pestkoppen en hun slachtoffers zijn net als wraakfilms van alle tijden. The Gift stelt de vraag in hoeverre het wenselijk is dat de pestkop twintig jaar na dato zijn verfoeilijke gedrag onderkent en zijn slachtoffer oprecht excuses maakt. Ook al heb je een partner die je aanmoedigt om met jezelf in het reine te komen, kan het om bepaalde redenen toch lastig blijken je verantwoordelijkheid als eervol en fatsoenlijk mens te nemen.

Nog belangrijker is de rol die is weggelegd voor het slachtoffer: kan hij het aangedane leed verwerken en de eventuele excuses accepteren, of blijft hij volharden om het leven van zijn ex-plaaggeest tot een ware hel te maken? Regisseur Joel Edgerton denkt met The Gift een pasklaar antwoord te hebben gevonden.

31 oktober 2015

 

 
ALLE RECENSIES
 

Spectre

****

recensie  Spectre

‘Spectreculaire’ Bond-film

door Ralph Evers

Temidden van de día de muertos  in Mexico-Stad onderneemt James Bond een soloactie om een gewraakt lid van een internationale misdaadorganisatie uit te schakelen. Het tumult dat volgt levert Bond een geheimzinnige ring op. Die lijkt meer te vertellen over zijn verleden dan hem lief is.

De nieuwste Bond-film borduurt voort op de vorige delen, Skyfall en Quantum of Solace. Een wraakactie op Marco Sciarra, een laatste wens van de vorige M (Judi Dench) is het startschot van een nieuw Bond-spektakel. Een reeks intriges en liquidaties later, is 007 iets groots op het spoor. Een internationaal netwerk, genaamd SPECTRE en geleid door een illustere bad guy.

In zijn zoektocht wordt Bond bijgestaan door een charmante femme fatale, Dr. Madeleine Swann (Léa Seydoux), die een onuitputtelijke garderobe in haar reiskoffer weet mee te zeulen. Kan hij rekenen op de coole technische snufjes van Q, het scepticisme van M, de loyaliteit van Miss Moneypenny en de tegenwerking van een half leger zware jongens, die zelfs een uitgekiend romantisch diner in een heksenketel veranderen.

Recensie Spectre

Stripboek
James Bond beweegt zich in een wereld die parallel is aan de onze. Hij is de superheld zonder superkrachten, de galante, charmante gentleman  zoals we ze uit de Engelse literatuur kennen. De intelligente mooiboy uit de archetypische spionnenroman, die precies van alles voldoende kennis in huis heeft. Zijn vindingrijkheid doet een McGyver of een A-team flink in de schaduw staan. Zijn geluk is minstens zo groot als dat van Kuifje. Bond is een stripheld tot leven gekomen via boek op het witte doek en appelleert daarmee aan zowel de realiteit als het sprookje.

Sprookje
Van dat laatste bevatten de Bond-films altijd voldoende elementen. De prachtige omgevingen (alsof je terugkomt van vakantie, als de aftiteling begint), vrouwen, decors, twists en in Spectre een heuse metatwist (met de ontdekking van de geschiedenis van de bad guy, overtuigend gespeeld door een schmierende Christoph Waltz).

Tot slot natuurlijk de tegenstellingen, explosieve actie versus idyllische rust, goed versus kwaad, man versus vrouw. De elementen die subtiel benadrukt worden door het sublieme camerawerk van Hoyte van Hoytema (een naam die zo uit een Suske en Wiske weggelopen is), die we ook kennen van Tinker, Tailor, Soldier; Spy en Interstellar. Zijn cameravoering versterkt subtiel de sfeer van de scènes door een uitgekiende kleurstelling. Met name in de rustige scènes geeft dit kleurpalet een sereniteit die welkom is na de actiescènes en tegelijk onheilspellend aanvoelt. Die rust wordt gecontrasteerd door de ritmische muziek onder de actie, vrijwel naadloos gechoreografeerd op elkaar, waardoor Bond op meerdere zintuigen tegelijk je hersenen binnen dendert. En niet alleen bij de kijker zelf. Ook Bond ervaart dit aan den lijve.

Spectre

Alfaman
Bond, de alfaman der alfamannen, heeft niet alleen concurrentie van zijn vele tegenstanders. Ook daarbuiten tracht men aan zijn status te tornen. De Mission Impossible-films katapulteren Tom Cruise als Amerikaanse tegenhanger-superheld, met dito exotische locaties, coole gadgets  en wat dies meer zij. We zien hints terug van Bond in de Largo Winch-reeks en de Sherlock Holmes  van Guy Ritchie. Allen gentleman-helden, maar er is maar één James Bond, en dat wordt dan ook ruimschoots bewezen in de nieuwste affiche.

Charmant
Wat Bond als cultuuricoon en filmheld tijdloos maakt, is onder andere het feit dat de films met hun tijd meegaan. Het is gemakkelijk allerlei geopolitieke ontwikkelingen terug te zien in een Bond-film en deze te gebruiken als duiding, terwijl deze doorgaans voornamelijk als achtergrond van het verhaal dienen.

Waar de jaren 60- en 70-Bonds vooral over het Rode Gevaar gingen en de vijand steevast Russen waren, gaat het sinds de jaren 90 en 00 naar andere gebieden. Toch ook komen er andere thema’s aan bod. Mediadictatuur, waterdictatuur en ditmaal een surveillancedictatuur. Terecht dat M (ditmaal Ralph Fiennes) een opmerking maakt over het uitkomen van Orwell’s droom.

Spectre

Menselijker
Waar Bond vroeger die halfgod was, die nauwelijks geraakt werd, laat staan gewond, die door onuitstaanbare pijnen ging en in een split second de juiste beslissing nam – naast het feit dat hij nimmer verliefd werd en we nauwelijks iets over zijn geschiedenis kenden – zien we nu juist een ommekeer hierin. Nog altijd schiet hij scherper dan een goed getrainde sluipschutter. Nog altijd kan hij onder gigantische druk de juiste beslissingen nemen, maar nieuw is dat we meer over zijn verleden komen te weten, dat hij verliefd kan worden, gevoelens heeft en gewond raakt.

Hij heeft echter één onmiskenbaar Brits medicijn tegen al zijn tegenslag: humor. Gortdroge humor. Dat zit doorspekt doorheen Spectre. De overdreven actiescènes, de coole one-liners en de interactie tussen alle allianties van Bond met hun demonen. Het zijn de ingrediënten die de Bond-film zo aantrekkelijk maken.

 

28 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Youth

*****

recensie  Youth

Een symfonie van koekoeksklokken

door Alfred Bos

De Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino groeit uit tot een Europees filmauteur van formaat, schepper van een eigen universum. In Youth staat dat universum in de Zwitserse Alpen, waar een gepensioneerde dirigent en een bejaarde regisseur zich druk maken over hun ochtendplas. Fellini’s 8½ voor de nieuwe generatie.

Paolo Sorrentino is een rebel. ‘Intellectuelen hebben geen smaak’, legt hij Fred Ballinger, een van de twee protagonisten van zijn zevende speelfilm Youth (La giovinezza), in de mond en dat is weer een citaat van Igor Stravinsky, maar Sorrentino zegt het eigenlijk zelf. Youth is, net als zijn voorlaatste film, de arthouse-hit La grande bellezza, een dikke vinger naar de bourgeois en hun verstikkende conformisme over wat goed dan wel fout is. Intellectuelen hebben hun kritisch vermogen geofferd voor een veilige plek in de maatschappelijke pikorde en Sorrentino schopt ze met sardonisch genoegen uit hun comfortzone.

Recensie Youth

Youth telt niet één (zoals La grande bellezza en Sorrentino’s voorvoorlaatste, This Must Be the Place, zijn eerste Engelstalige film) maar twee ontheemde kunstenaars als hoofdpersoon. Gepensioneerd componist en dirigent Fred Ballinger (Michael Caine) ondergaat zijn jaarlijkse medische keuring in een Zwitsers sanatorium. Daar verkeert hij met jeugdvriend Mick Boyle (Harvey Keitel), een regisseur die in gezelschap van een groepje creatieve baarden werkt aan het draaiboek van zijn afscheidsfilm. De Amerikaanse acteur Jimmy Tree (Paul Dano) bereidt zich tussen de bergen voor op zijn rol in een Duitse productie.

Vermoeide levenswijsheid
Ballingers dochter en persoonlijke assistent Lena (Rachel Weisz) houdt hem gezelschap in het geïsoleerde universum van het sanatorium. Dat is bevolkt met excentrieke karakters, waaronder een wereldberoemde ex-voetballer die moeiteloos een tennisbal hoog houdt en de kersverse Miss Universe die even intelligent als mooi blijkt te zijn. In zijn gedachten en dromen verkeert Ballinger echter in Venetië – symbool van schoonheid in verval – waar zijn vrouw, een operazangeres, verblijft in een rusthuis. Ballinger is het toonbeeld van vermoeide levenswijsheid. Hij is apathisch, waar jeugdvriend Mick nog bruist van creatieve energie.

Er zijn veel overeenkomsten, qua thematiek, toon en verbeelding, tussen Youth en La grande bellezza, maar belangrijker is het verschil. Youth is meer verstild van toon: een in zichzelf gekeerd rusthuis tegenover de exuberantie van Rome. Dat geldt ook voor de geluidsband, die naast omgevingsgeluid voornamelijk uit eigentijdse muziek van David Lang bestaat, al veroorlooft Sorrentino zich een grap – vergelijkbaar met de cameo van David Byrne in This Must Be the Place – met een videoclip van de Britse zangeres Paloma Faith, die zichzelf speelt als nieuwe vriendin van Boyle’s zoon. Grandioos is het geluidsspel met drie Zwitserse clichés: we horen symfonieën van koebellen, waldhoorns en koekoeksklokken.

Recensie Youth

Vileine humor
Youth is ook strakker van script dan Sorrentino’s voorgaande films. Er is een plot en een ontknoping, met tegengestelde afloop voor beide hoofdpersonages. Onthechting en je schikken in het onvermijdelijke leveren weliswaar evenveel verdriet, maar minder drama of brokken op dan energiek je dromen najagen. Het contrast tussen de dirigent en de regisseur blijkt ook uit de verbluffend gevisualiseerde droomscènes waarin beider angsten tot leven komen. Een andere bron van spanning is de tegenstelling tussen kunst (opera) en vermaak (het nachtclubvertier in het sanatorium, Paloma Faith). Een derde die tussen woorden en lichaamstaal. Een vierde, jeugd versus ouderdom. Die rijke melange is gezouten met droge, soms vileine humor.

Met Youth toont Sorrentino dat La grande bellezza geen toevalstreffer was. Hij heeft een eigen, unieke en vaak schitterende beeldtaal en een eigen, scherp ironische stem die hij steeds duidelijker laat doorklinken in de bijtende monologen van zijn personages (deze film telt er meer dan één). Hij plaatst de vluchtigheid van de populaire cultuur tegenover de blijvende schoonheid van de traditie – naast Stravinksy wordt de Duitse Romantische dichter Novalis aangehaald – en bouwt aan een eigen universum dat geregeld, à la Fellini, naar zichzelf verwijst. Ook Youth is een spel met verbeelding: ‘Tv is de toekomst’, zegt de fictieve filmregisseur Boyle. De echte regisseur werkt inmiddels aan een tv-serie.

 

26 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Paradise Suite, The

***

recensie  The Paradise Suite

Hemel op aarde is een fabel

door Ashar Medina

Het leven van immigranten gaat niet over rozen. Dit is in een notendop de centrale boodschap van The Paradise Suite. Een rauwe, realistisch in beeld gebrachte mozaïekvertelling die hier en daar de focus mist om de overdonderende impact te maken waar het op inzet. 

Maar liefst zes verhaallijnen schotelt regisseur Joost van Ginkel ons voor. Allen over immigranten die naar Nederland zijn gekomen voor een beter leven. Zo is er de Bulgaarse Jenya, die een carrière als model wordt beloofd, maar eenmaal in Amsterdam achter een raam op de wallen belandt.

Recensie The Paradise Suite

De Afrikaanse Yaya werkt aanvankelijk illegaal als bloemenplukker, maar vindt op een gegeven moment werk in een seksclub waar hij Jenya ontmoet; de twee verloren zielen bieden elkaar troost. Tegelijkertijd leren we Lukas en zijn vader Stig kennen. Stig heeft genoeg aan zijn hoofd als dirigent, maar Lukas kan niet zo goed aarden. Wanneer hij wegloopt van huis ontmoet hij Seka, die op haar beurt weer achter Jenyas pooier aanzit vanwege diens foute verleden in de Joegoslavische oorlog. Zo kruisen de levens van de personages elkaar en komt het verhaal rond in een enerverende eindsequentie. De aanloop ernaar toe is alleen niet altijd even geslaagd.

Film als legpuzzel
De mozaïekfilm is een van de lastigste vertelvormen binnen de cinema. Pionier Robert Altman presenteerde in de jaren zeventig met MASH en Nashville twee pareltjes binnen het genre en liet zo een blauwprint achter voor makers die een bepaalde overkoepelende thematiek willen overbrengen door de levens van verschillende personages onder de loep te nemen en met elkaar te laten botsen. Van Ginkels thematiek is duidelijk: het leven is vaak oneerlijk, dus het minste wat we kunnen doen is elkaar steunen. Hij werpt zijn personages genoeg obstakels voor de voeten, het drama is goed voelbaar en de acteurs zijn stuk voor stuk geloofwaardig in hun vertolkingen.

The Paradise Suite

De valkuil van het genre is echter dat door de vele verhaallijnen sommigen wat vlak blijven, waardoor het een en ander willekeurig kan aanvoelen. Dat is in The Paradise Suite soms ook het geval. Zo kan je je bijvoorbeeld afvragen of de lijn van Lukas en zijn vader überhaupt nodig was om dit verhaal te vertellen. Van Ginkel gaf in een interview aan dat hij wilde laten zien dat zelfs immigranten met een goede baan en voldoende geld zich soms verloren kunnen voelen, wat uiteraard waar is. De vraag is alleen of dit de film beter maakt.

What you see is what you get
The Paradise Suite is rauw en realistisch verbeeld, met veel handheld cameravoering en donkere kleurenpaletten. Een hoop Nederlandse films gebruiken deze technieken om een gevoel van authenticiteit over te brengen. ‘Dit is het echte leven, jongens’, lijken de makers ons op deze manier te willen vertellen. Echt filmisch is het echter niet. Om de vergelijking met Altman door te trekken: zijn films waren realistisch maar alsnog zeer gestileerd.

The Paradise Suite

Muziek en diëgetisch geluid speelde altijd een belangrijke rol, iets waar Van Ginkel (naast het enigszins veilige camerawerk) meer aandacht aan had kunnen besteden. Beeld en geluid worden in The Paradise Suite op een strikt noodzakelijke wijze aangepakt, ‘what you see is what you get’. Hoe anders was dat in 170 Hz, Van Ginkels debuutfilm over twee jonge, dove geliefden die van huis vluchten. 170 Hz heeft een uitgesproken look, met impressionistische beelden die de belevingswereld van de hoofdpersonages uiterst effectief overbrengt, en een geweldig sound design dat speelt met de handicap van de getormenteerde dove geliefden.

Wat dat betreft is Van Ginkel met The Paradise Suite ‘volwassen’ geworden. De film schetst een ambigue wereld en onderzoekt een actueel, politiek thema dat op degelijke wijze aan een groot publiek wordt gepresenteerd. Het is zelfs de Nederlandse inzending voor de Oscars. Maar of dat het een meesterwerk maakt…?

 

25 oktober 2052

 
ALLE RECENSIES

Kunst… begin drrr niet an

***

recensie  Kunst… begin drrr niet an

Kunst of een kunstje?

door Cor Oliemeulen

Zijn de schilderijen van Herman Brood kunst of een kunstje? Regisseur Gwen Jansen laat je deze vraag beantwoorden in Kunst… begin drrr niet an, de eerste film die onze ‘nationale knuffeljunk’ neerzet als beeldend kunstenaar. De artiest zelf zag zich liever als ‘souvenirfabriek’.

Van 1992 tot 2000 verruilde Herman Brood regelmatig zijn hectische publieke leven in Amsterdam voor zijn geboorteplaats Zwolle waar hij actief was als schilder bij zijn kunstvriend Ivo de Lange. Die maakte vele uren film met nog nooit vertoonde beelden en gesprekken die als basis van de documentaire dienen. Recente interviews met intimi en bewonderaars vervolledigen het beeld van Brood als bevlogen schilder.

Recensie Kunst… begin drrr niet an

Popart
Wie is opgegroeid met Herman Brood kent de muzikale kwaliteiten van Cuby and the Blizzards en The Wild Romance, de band waarmee hij in 1978 het monumentale album Shpritz opnam. Na een mislukt avontuur in Amerika verlegde Brood zijn artistieke aspiraties steeds verder naar de schilderkunst. Geenszins opmerkelijk, want we leren uit de documentaire dat de geboren Zwollenaar altijd en overal tekende. De Kunstacademie in Arnhem was niet aan hem besteed, omdat daar “iedereen hetzelfde schilderde als de leraar”.

Geïnspireerd door de kleurrijke avant-gardekunst van Cobra ging Brood als een bezeten popart-artiest in de weer met spuitbussen, sjablonen, verfrollers en stiften, maar hij kon ook uren op een terras op het Leidseplein pentekeningen op bierviltjes voor passanten maken. Herman Brood was kleurenblind, wat zijn keuze voor primaire kleuren verklaart. In de documentaire suggereert een oogarts dat Brood mogelijk de kleur rood als groen zag. Een ander leuk fragment is als kinderen hem het fotobewerkingsprogramma Paint op de computer laten zien en hij er direct enthousiast mee aan de slag gaat.

Recensie Kunst… begin drrr niet an

Icoon
Kunst… begin drrr niet an toont een gedreven, sympathieke Herman Brood, soms verward en deerniswekkend door zijn drank- en speedverslaving. Fan van Beatrix (“Zij is er zich onderhand wel van bewust dat ik achter haar reet aan zit”), omstreden door zijn ontmoeting met Bouterse in Suriname die hij wel wat ongemakkelijke momenten bezorgt (“Desi, huil jij ooit? Bijvoorbeeld als je ’s morgens de krant leest?”) en uitgekookt omdat hij niemand nodig had om hem in de markt te zetten. In Duitsland liet hij zich voor de grap ontvallen dat hij zo ziek was dat hij elk moment op het podium zou kunnen bezwijken en vervolgens zien we een fragment dat hij als beeldend kunstenaar met een infuus onder grote belangstelling een schilderdemonstratie geeft.

Herman Brood maakte er geen geheim van dat hij vaak graag in het middelpunt van de belangstelling stond. Hij adoreerde het concept van het icoon zijn en tegelijkertijd had hij er schijt aan. Misschien wel door zijn lopende bandproductie lukte het hem niet een plekje in het Stedelijk in Amsterdam te bemachtigen – de meeste museumdirecteuren beschouwden zijn schilderijen niet als kunst. Volgens collega-kunstenaar Rob Scholte was zijn werk juist zo bijzonder omdat hij voor en tussen de mensen schilderde. Kunst of een kunstje? Oordeel zelf in deze boeiende en vooral openhartige documentaire.

Kunst… begin drrr niet an is de komende maanden op een beperkt aantal locaties te zien. Kijk hier voor het overzicht.

 

24 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Grote Zwaen, De

****

recensie  De grote Zwaen

Neo-noir op z’n Nederlands

door Ashar Medina

In zijn tweede speelfilm keert regisseur Max Porcelijn terug naar de schimmige Amsterdamse onderwereld die ook in zijn debuut Plan C de arena vormde voor een zwartkomisch relaas over eer, wraak, geld en hebzucht. Een wereld waarin goede bedoelingen ver te zoeken zijn, maar wie zit daar nou weer op te wachten?

Cabaretier en componist Peter van de Witte speelt in zijn eerste grote filmrol de geplaagde auteur Gerard F. Zwaen, een eerzuchtig mannetje met een onstilbare honger naar erkenning. En geld. Zwaens laatste boek is namelijk niet geweldig ontvangen en door zijn recente scheiding verkeert hij in geldnood. De groep gevestigde schrijvers waarmee hij van tijd tot tijd borrelt is voor hem tegelijkertijd een voorbeeld en een spiegel van zijn eigen falen.

Recensie De grote Zwaen

Zwaens uitgever (Rene van ’t Hof) houdt hem voor dat deze tegenslagen nieuwe mogelijkheden zullen voortbrengen, maar zelf is hij daar te cynisch voor. Zoals het een getormenteerde schrijver betaamt zwelgt hij in zelfmedelijden en voelt hij zich permanent onbegrepen. Wanneer Zwaen per toeval toegang krijgt tot een koffer vol drugsgeld lijken zijn zorgen te verdwijnen als sneeuw voor de zon. Maar het is natuurlijk alleen maar het startschot voor een reeks misdrijven en misverstanden die hem leiden naar de afgrond.

Coen-eske Cinema
Porcelijn is een begenadigd scenarioschrijver, getuige zijn Gouden Kalf uit 2012 voor het script van Plan C. Ook hier etaleert hij zijn talent voor gevatte dialogen en een scrupuleus in elkaar geweven plot dat nog maar eens aantoont dat misdaad (haast) nooit loont. Gebruikmakend van genre-elementen als een protagonist met een bedenkelijke moraal, een femme fatale, een koffer vol geld en een meedogenloze gangster (een geweldig schmierende Michiel Romeyn), creëert Porcelijn een sfeer die doet denken aan de gebroeders Coen. Met films als Fargo en Blood Simple combineerden zij deze klassieke film noir-elementen met modern nihilisme, waarbij cynische humor reflecteerde op personages die zichzelf tegen beter weten in voorhouden dat misdaad wél loont.

De grote Zwaen

Maar waar de Coens visueel ook altijd uitpakken om hun verhaal kracht bij te zetten, komt de cameravoering en montage in De grote Zwaen ietwat braafjes over. Het grootste deel van de scènes speelt zich binnenshuis af tussen twee of drie personen, waarbij de dialogen weliswaar een lust voor het oor zijn, maar de cinematografie te weinig prikkelt. Uitzondering hierop is een spannende sequentie in het bos, waarin Zwaen in de stortregen de dood in de ogen kijkt. Hier wordt optimaal gebruik gemaakt van de locatie door wijdere panorama’s te schetsen en de camera actief mee te laten zoeken tussen de bomen door. Hier wordt het Cinema.

Alleen Maar Nette Mensen?
De grote Zwaen zit vol markante personages met een al even kleurrijk vocabulaire. Het zijn figuren rechtstreeks uit een van de hard boiled pulpromans van Raymond Chandler, vandaar ook dat de film het etiket neo-noir dubbel en dwars verdient. Het is echter de vraag of hier in Nederland een publiek voor is.

Recensie De grote Zwaen

Wanneer Zwaen eenmaal besluit het geld te stelen krijgt hij bijvoorbeeld een corrupte FIOD-agent op zijn dak; die werkt voor de hasj dealende gangster aan wie het geld toebehoort. De FIOD-agent wordt op zijn beurt in de gaten gehouden door een koude, gevoelloze rechercheur die de hele operatie probeert op te rollen. Als we daar ook nog Zwaens ijskonijn van een ex-vrouw en zijn frauderende boekhouder bij optellen, blijft er weinig over om je mee te identificeren. Onsympathieke personages horen bij het genre, maar maken de film nou niet bepaald toegankelijk voor een groot publiek.

De grote Zwaen is daarom misschien niet voor iedereen, maar daar is niets mis mee. Plan C was ook alles behalve een kaskraker. Wel was de film origineel, grappig en spannend, wat het een van de beste Nederlandse producties van het afgelopen decennium maakte. De grote Zwaen past ook zeker in dat rijtje.

 

23 oktober 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

I Nostri Ragazzi

***

recensie  I Nostri Ragazzi

Onze misdadige kinderen

door Cor Oliemeulen

Hoe moet je verder leven als je kind iemand – al dan niet per ongeluk – heeft gedood? En is een onvolwassen dader een beter mens als hij na jaren uit de gevangenis komt?

Het diner van Herman Koch is in 37 landen verschenen en stond in 2009 op nummer zeven van de bestsellerlijst van The New York Times. Er werden wereldwijd al meer dan een miljoen exemplaren verkocht van de roman die op treffende en satirische wijze de ijdelheid en de wispelturigheid van het menselijk handelen observeert, vooral nadat is gebleken dat twee pubers een dakloze in brand hebben gestoken. Vier jaar later volgde de onvermijdelijke gelijknamige Nederlandse verfilming en nu is er een vrije filmbewerking uit Italië: I nostri ragazzi.

Recensie I Nostri Ragazzi

Witte doek
De toon en facetten van het boek laten zich lastig vertalen naar het witte doek, wat bleek toen de verfilming van Menno Meyjes verscheen. Een rommelige vertelling met weliswaar enkele geslaagde scènes vol Kochs prachtige overpeinzingen en grappige dialogen, echter het werkelijke gevoel van drama moest kennelijk komen van de composities van Puccini op de geluidsband. I nostri ragazzi blijft ver weg van het origineel en wijzigt de achtergronden van de twee broers die worden geconfronteerd met de daden van hun kinderen: de beoogde premier van Nederland is nu een topadvocaat, terwijl de sarcastische oud-leraar is vervangen door een minder ondubbelzinnige kinderarts.

Waar het oorspronkelijke verhaal zich grotendeels afspeelt in een luxe restaurant, vermijdt de Italiaanse regisseur Ivano De Matteo een toneelachtige setting door zijn personages veel meer in hun eigen omgeving te plaatsen. Bovendien kiest hij voor een zelfgeschreven proloog die de kijker direct bij de strot grijpt en geldt als inleiding van een subplot dat het doen en laten van de vaders en de stroeve onderlinge familieband een extra dimensie geeft, wat de Nederlandse boekverfilming mist.

Recensie I Nostri Ragazzi

Broederliefde
I nostri ragazzi begint met een verkeersruzie waarbij een overspannen agent in burger een agressieve wegpiraat doodschiet en diens zoontje ernstig verwondt. Kinderarts Paolo behandelt het verlamde jongetje in zijn kliniek in Rome, terwijl zijn broer, de advocaat Massimo, de agent gaat verdedigen. Paolo’s 16-jarige zoon Michele is bevriend met Massimo’s puberdochter Benedetta. Nadat het er verdacht veel op lijkt dat dit jeugdige duo is te zien in de Italiaanse versie van Opsporing Verzocht lijkt de broederliefde verder weg dan ooit.

Wanneer ook de wederhelften van beide broers zich in de strijd hebben geworpen, stapelen de gewetensvragen zich snel op. Moeten ze hun kinderen laten bekennen? Wie heeft wie aangemoedigd om tot de fatale mishandeling over te gaan? Had de zwerfster niet haar eigen lot uitgelokt?

Als berekende advocaat weet Massimo dat zijn dochter minimaal zes jaar achter de tralies zal verdwijnen, terwijl mensenmens Paolo aanvankelijk helemaal alleen staat om aangifte bij de politie te doen. Gelukkig is niets zeker in dit subtiel geregisseerde en geacteerde drama dat onverwacht eindigt met een doffe dreun, maar niet de potentie heeft om zelf een bestseller te worden.

 

19 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Cafard

****

recensie  Cafard

Worstelen met een vreselijke waarheid

door Ralph Evers

Cafard is een Vlaamse geanimeerde auteursfilm van Jan Bultheel. De film vertelt een universeel drama tegen de achtergrond van de Grote Oorlog. Een verkeerde beslissing van een liefhebbende vader kent grote gevolgen.

De film begint met het bereiken van het wereldkampioenschap worstelen door Jean Mordant. Een personage geïnspireerd op de Luikse viervoudig wereldkampioen worstelen Henri Herd (bijnaam: Constant le Marin). Wanneer hij van de feestvreugde en euforie wil genieten breekt in Europa de Eerste Wereldoorlog uit (ook wel bekend als de Grote Oorlog). Wanneer hij gebeld wordt in Buenos Aires (waar hij net de wereldtitel gewonnen heeft), krijgt hij te horen dat zijn 15-jarige dochter Mimi verkracht is door Duitse soldaten. Zonder zich te bedenken keert hij terug naar Oostende om de verkrachting van zijn dochter te wreken.

Recensie Cafard

De oorlog kent geen helden
Als sterke man is hij graag gezien in het leger en komt hij via zijn coach terecht bij het ACM-korps (Autos-Canons-Mitrailleuses). Wanneer ze met hun pantserwagens in de modder vast komen te zitten en de Duitsers zich nog niet laten zien, laat Mordant zich overhalen om te vechten bij de Russen aan het Oostfront. Een hele omzwerving, die uiteindelijk via Mongolië, China, Vladivostok, Amerika weer terug naar Europa voert, om eenmaal daar aangekomen geconfronteerd te worden met de rauwe realiteit die het leven in oorlogstijd te bieden heeft. De boodschap is helder: de oorlog kent geen helden en blijkbaar is het aan Europese cinema om die rauwe werkelijkheid te presenteren, want van Hollywood hoeven we iets dergelijks niet te verwachten.

Anabasis
Zo’n enorme omzwerving komen we ook tegen in het beroemde boek van de brave soldaat Švejk (van Jarošlav Hašek). Daarin wordt de omzwerving beschreven als een Anabasis. een verwijzing naar Xenophon’s verslag over diens reis door Perzië (Anabasis betekent letterlijk: tocht naar het binnenland).

Het historische feit van de Belgen die met de Russen meevochten aan het Oostfront speelt een belangrijke rol in Cafard, temeer omdat hiermee de regisseur benadrukt dat één vergissing van een mens, soms zeer grote gevolgen heeft. Een universeel thema, dat het decor van de Grote Oorlog overstijgt.

Recensie Cafard

In de film wordt het authentieke Oostendse dialect gesproken dat rond 1914 in zwang was. Hiervoor is de regisseur in contact gekomen met een verzamelaar van Vlaamse dialecten. Talloze zegswijzen en uitspraken uit die tijd zijn opgenomen in het verhaal, met als gevolg dat zelfs in Vlaanderen deze film ondertiteld wordt.

Animatiestijl
De film is als de antithese van het gelikte Pixar-werk. De grove, ruwe schetsen en het lijnenspel, de grote kleurvlakken (die niet ieders goedkeuring zal wegdragen), doen denken aan het computerspelletje uit de jaren negentig Out of this World. De animatiestijl is een vorm van motion-capture, waarin de geanimeerde personages door werkelijke acteurs van bewegingen zijn voorzien. Door de 3D-effecten niet netjes af te ronden, ontstaat een hoekige stijl – eentje die treffend past bij de verschrikkingen van de oorlog en de innerlijke strijd die Mordant te voeren heeft. Een strijd tegen verlies en verzoening met het zoontje van Mimi.

Een rauwe film hoort niet binnen de lijntjes te kleuren.

 

18 oktober 2015

 

 

ALLE RECENSIES

 

Lobster, The

****

recensie  The Lobster

Sardonisch sprookje vol geïnspireerde gekkigheid

door Ashar Medina

Regisseur Yorgos Lanthimos maakt na zijn eerdere films Dogtooth en Alps wederom gebruik van een bizarre premisse om een parabel te schetsen over interpersoonlijke relaties en de menselijke conditie in het algemeen. Het resultaat is verbluffend.

The Lobster speelt zich af in een nabije, dystopische toekomst waarin iedereen bij wet verplicht is een partner te hebben. Singles zijn in deze wereld de nieuwe paria’s, en worden niet alleen met de nek aangekeken maar ook daadwerkelijk gearresteerd en vervolgd. Als straf worden alle alleenstaanden in een hotel geplaatst waar ze 45 dagen de tijd krijgen om een geschikte partner te vinden in een van de andere ‘gasten’. Lukt dit niet, dan worden ze door de meedogenloze hotelleiding getransformeerd in een dier naar keuze. Dat dan weer wel.

Recensie The Lobster

Absurd Realisme
Zoals de premisse al doet vermoeden is The Lobster geen makkelijke film. Lanthimos zet zijn absurde arena echter zo integer neer dat het nooit ongeloofwaardig aanvoelt. Dit komt vooral doordat het verhaal wordt gedragen door personages die, hoe krankzinnig hun situatie ook moge zijn, bloedserieus omgaan met hun misère. In deze bevreemdende wereld volgen we namelijk David – neergezet door een verrassend ingetogen Colin Farrell – die in de openingsscène wordt verlaten door zijn vrouw. In het hotel doet de zwijgzame David zijn best om tussen de even wanhopige vrouwen iemand te vinden die het met hem kan uithouden.

Net als David zijn de andere hotelgasten stuk voor stuk gemankeerd; sommigen hebben een fysieke handicap, anderen zijn mentaal gebroken door de stress die komt kijken bij het zoeken naar een metgezel. Hierdoor zijn de personages niet alleen herkenbaar en hilarisch in hun tragiek, het maakt hun angst uiterst inleefbaar. Het gaat niet om het feit dat ze in een dier veranderen als ze falen, het gaat om de verlammende vrees eenzaam oud te worden zonder iemand om van te houden. Het is net de wereld die wij kennen, wat een absurde sfeer creëert die gek genoeg ‘echter’ aanvoelt dan het gepriegel op datingapps als Tinder en OkCupid.

Happy Single
In Dogtooth draaide het nog om één enkel wereldvreemd gezin, waarvan de kinderen angstvallig werden afgeschermd van de grote boze buitenwereld. In Alps volgde Lanthimos rouwende nabestaanden en de groep acteurs die werden ingehuurd als stand-in voor hun overleden geliefden. The Lobster is niet alleen groter qua schaal, de opzet is ook larger than life. Zo kunnen de gasten die moeite hebben met de onpersoonlijke paringsdans extra dagen winnen in het hotel door te jagen op een groep singles die zich heeft afgesloten van de maatschappij, en onderduikt in het bos.

Deze groep (geleid door ijskonijn Léa Seydoux) lijkt een vrijgevochten stel rebellen, maar zij zijn ironisch genoeg net zo rigide als de samenleving die zij verwerpen. Binnen deze groep is het namelijk expliciet verboden om onderling romantische genegenheid te tonen of, erger nog, verliefd te worden. Gebeurt dit wel dan moeten de tortelduifjes letterlijk hun eigen graf graven. Dit is uiteraard een tikkende tijdbom, die richting het einde van de film op hartverscheurende wijze tot ontploffing komt.

Recensie The Lobster

Human Nature
De universele thematiek van The Lobster wordt ingenieus verbeeld door de rebellen in een schitterende, natuurrijke omgeving te plaatsen, en dit in scherp contrast te brengen met het klinische, onpersoonlijke hotel waaruit David probeert te ontsnappen. Het lijkt een wereld van verschil, maar Lanthimos maakt ons duidelijk dat we uiteindelijk van binnen allemaal hetzelfde zijn en hetzelfde willen.

Zonder al te veel te verklappen komt David op een zeker punt in contact met de rebellen en raakt hij goed bevriend met een van hun leden, gespeeld door een ijzersterke Rachel Weisz. Het roept bij hem de vraag op of hij wel gelooft in echte liefde en – nog veel belangrijker – of het wel voor hem is weggelegd. Iets wat de mens zich tot het einde der tijden zal blijven afvragen. Dit maakt The Lobster een sardonisch sprookje dat ons een venijnige spiegel voorhoudt, maar waar tegelijkertijd heel hard om gelachen kan worden. Een knappe prestatie.

 

18 oktober 2015

 
ALLE RECENSIES

Black Mass

*****
recensie Black Mass
Meesterlijke biopic over criminele psychopaat

door Alfred Bos

De werkelijkheid is gekker dan je hem kunt verzinnen, blijkt uit het waar gebeurde en krankzinnige verhaal over een crimineel die door de FBI werd gebruikt als informant. Of gebruikte de crimineel de FBI?

De Amerikaanse cinema heeft een lange traditie van misdaadfilms waarin outlaws worden geportretteerd als vrije jongens die het toch maar flikken, helden dus. Van Scarface tot Public Enemies, de gesjochte vrijbuiter die zich buiten de maatschappelijke orde plaatst is een dubieus voorbeeld, ook al legt de boef het uiteindelijk af tegen de machtige arm van de wet. Met die dubbelhartige houding maakt regisseur Scott Cooper in zijn derde film Black Mass korte metten. Zijn portret van James ‘Whitey’ Bulger, een beroepscrimineel die tussen 1975 en 1995 de onderwereld van Boston domineerde, tekent een monster.

Black Mass

Bulger kon uitgroeien tot de machtigste crimineel van Boston dankzij een unieke omstandigheid. FBI-agent John Connolly, een jeugdvriend, gebruikte Bulger als informant in zijn strijd tegen de maffia en hield hem jaren uit de greep van het gezag. Bovendien was Bulgers jongere broer, Billy, senator voor de staat Massachusetts en de machtigste politicus van Boston. Die persoonlijke verstrengeling van politiek, justitie en criminaliteit heeft al een paar documentaires opgeleverd en er is er nog een biopic in de maak. Martin Scorsese baseerde zijn fictieve The Departed uit 2006  op het spectaculaire verhaal. Black Mass blijft dicht bij de feiten. Het maakt de film des te indringender.

Psychopatische griezel
Cooper vertelt het verhaal geserreerd, via getuigenverklaringen van Bulgers handlangers die als voice-over overlopen naar de handeling zelf. Slimme enscenering benut het ontwikkelen van de verhaallijn om de karakters van de twee Bulgers en hun jeugdvriend te tekenen, wat de vaart ten goede komt zonder het tempo op te jutten. Het geeft Johnny Depp, bijna onherkenbaar met kalende schedel, blauwe lenzen en brak gebit, de ruimte om Jimmy Bulger als psychopatische griezel neer te zetten in een van de beste rollen uit zijn loopbaan. Hij overtuigt door zijn ingetogen kilheid, waar Jack Nicholson (die hetzelfde personage vertolkte in The Departed) met exuberante tics van Bulger een killer clown maakte.

Black Mass

We zien Bulger als pseudo-huisvader, als zoon op bezoek bij zijn moeder, als broer met Billy Bulger (Benedict Cumberbatch), als quasi-buurtbeschermer, maar vooral als gewetenloze crimineel die de ‘alliantie’ met FBI-agent en jeugdvriend Connolly (Joel Edgerton) benut als vrijbrief om een crimineel imperium op te zetten. ‘Fuck protocol’, zegt de FBI-agent als hij tegen alle regels en gezond verstand in Bulger benadert. Black Mass toont hetzelfde universum als Andrew Dominiks Killing Them Softly van enkele jaren terug: Amerika is geen land, het is een bedrijf waarin loyaliteit belangrijker is dan de wet.

Sterke rolbezetting
Black Mass heeft een perfect tempo dat gestaag crescendo gaat. De eerste akte geeft achtergrond en tekent gedetailleerd de psychologie van de belangrijkste personages. Na de dood van zijn zoontje ontspoort Bulger definitief, uitgewerkt via een subplot over een mislukte poging om de gokwereld van Miami over te nemen. Als Bulgers moeder komt te overlijden is er geen houden meer aan en toont de psychopaat zich steeds nadrukkelijker, met als ‘hoogtepunt’ de scène waarin Bulger de vrouw van Connolly in haar slaapkamer met sinistere charme intimideert. De scène is subtiel opgezet, als drietrapsraket, en van een angstaanjagende beklemming.

Black Mass

Naast knappe hoofdrollen heeft Black Mass een aantal fraaie bijrollen, van onder meer Julianne Nicholson, Kevin Bacon, Peter Sarsgaard, Rory Cochrane en Corey Stoll. De sterke ensemblerolbezetting wordt op de geluidsband gecomplementeerd door de treffende maar ingetogen filmmuziek van Tom Holkenborg (ook bekend als Junkie XL), die zich lijkt te spiegelen aan Depps karakterisering van Bulger. Voor de toonzetting van het jaren zeventig-milieu tekenen nummers van Allman Brothers, Joe Walsh en Rolling Stones.

Scott Cooper overtuigde eerder met Crazy Heart (over een gefnuikte countryzanger, Oscar-winnend vertolkt door Jeff Bridges) en het arbeidersmisdaaddrama Out of the Furnace (met Christian Bale als onwillige wreker). Black Mass is met meesterhand geregisseerd, meer ingetogen en daarom des te overtuigender in vergelijking met Scorcese’s indertijd bejubelde The Departed. En na Sicario is het wederom een film waarin realisme het wint van glitter. Er lijkt iets te kantelen in filmland.

 

12 oktober 2015

 

MEER RECENSIES