Hello I Must Be Going

**

recensie  Hello I Must Be Going

Saaie romcom over dubbele standaarden

door Joan Gebraad

Het is de nachtmerrie van velen. Amy is vijfendertig jaar en door haar scheiding gedwongen bij haar ouders ingetrokken. Hello I Must Be Going toont hoe hypocriet de maatschappij is ten opzichte van zulke vrouwen. 

Amy (Melanie Lynskey) hangt al drie maanden als een zoutzak in een vormeloze hobbezak rond in haar ouders huis. Haar moeder heeft er zo onderhand wel genoeg van en spoort Amy aan mee te gaan naar een etentje. Tijdens het saaie, ongemakkelijke zakendiner wordt er wat afgepocht door de ouders. De negentienjarige Jeremy (Daniel Eric Gold), een acteur tegen heug en meug die zijn moeder heeft wijsgemaakt homo te zijn, kan er op den duur niet meer tegen en verlaat de tafel. Wanneer hij en Amy elkaar gepassioneerd betasten in een donker hoekje in het huis, betekent dat het begin van een door de maatschappij ongepast geachte romance. 

Geen protest
Hello I Must Be Going herinnert de kijker aan de dubbele standaarden die de maatschappij hanteert ten opzichte van vrouwen, maar protesteert hier niet tegen. Als een gescheiden man terugkeert naar het ouderlijke huis in zijn slaapkamer met speelgoedsoldaatjes en infantiele dekbedovertrek dan is hij zielig. Het is geen grote schande dat mama weer voor hem zorgt. Een vrouw daarentegen wordt als totaal mislukt beschouwd. Ze heeft gefaald om een gezin te stichten en op eigen benen te staan. Dat wordt ons door het personage van Amy weer eens flink ingewreven. 

recensie Hello I Must Be Going

Dan is er ook nog het taboe van de cougar: de oudere vrouw die van jongere mannen houdt. Gedurende de film ontwikkelen Amy en Jeremy een relatie. Ze hebben serieuze gesprekken, ontmoeten elkaar stiekem, verzinnen leugens en belanden in allerhande gênante situaties in een poging hun relatie geheim te houden. Uiteindelijk beseffen ze dat ze van elkaar houden, maar regisseur Todd Louiso komt aandraven met clichés als ‘het zal nooit werken tussen ons’ en propageert te sterk de heersende moraal. Een gemiste kans. 

Niet sprankelend
Nog afgezien van de algemene moraal en de voorspelbaarheid van het script, zijn ook andere elementen gewoonweg erg saai. De meeste conversaties zijn duf en de personages sprankelen niet, afgezien misschien van het frisse spel van Gold. Verder zou je bij een romantische komedie toch humor verwachten? Wat dat betreft zou Hello I Must Be Going nog wat kunnen leren van Silver Linings Playbook. 

Hello I must be going had een interessante en leuke film kunnen zijn, als Louiso meer lef had getoond en beter beroep op originaliteit had gedaan. De thematiek biedt daartoe voldoende aanknopingspunten. Nu is de film even opwindend als het seksloze oversized shirt van Amy.

 

7 juli 2013

 

ALLE RECENSIES

Koning van de Mont Ventoux, De

***

recensie  De Koning van de Mont Ventoux

De Kannibaal of De Piraat of …?

door Cor Oliemeulen

Vijf winnaars van een vermaarde Touretappe gaan in een virtuele wedstrijd met elkaar in de clinch om te bepalen wie de Koning van de Mont Ventoux wordt. De documentaire draait in de bioscoop. Uitzenden op tv tijdens de Tour de France zou natuurlijk veel succesvoller zijn. 

Bij de naam Mont Ventoux spitst de wielerliefhebber direct de oren. Tijdens de honderdste editie van de Tour de France dit jaar staat voor de negende keer de beklimming van de 1915 meter hoge Reus van de Provence op het programma. Op de legendarische berg staat soms felle wind, het kan er ijskoud óf verschrikkelijk heet zijn. Het laatste stuk onder de top oogt als een onherbergzaam maanlandschap waar weinig zuurstof in de lucht zit. De Brit Tom Simpson moest in 1967 door een combinatie van hitte, uitputting en (vermeend) amfetaminegebruik zijn inspanningen op de flanken van de Mont Ventoux met de dood bekopen.

Knappe illusie
Van de vorige acht beklimmingen werden er vijf uitgezonden op televisie. De winnaars waren Eddy Merckx (1970), Jean-François Bernard (1987), Marco Pantani (2000), Richard Virenque (2002) en Juan Manuel Gárate (2009). De Belg Fons Feyaerts kwam op het idee om de beeldbanden van die vijf jaren samen te voegen tot één wedstrijd om te bepalen wie de Mont Ventoux het snelst heeft beklommen. In de documentaire wordt op knappe wijze de illusie gewekt dat de vijf winnaars tegen elkaar racen. Een interessant gegeven, omdat je wilt weten in hoeverre de geschiedenis een rol speelt.

Recensie De Koning van de Mont Ventoux

Ook de betrokkenen zijn benieuwd. Bernard, Virenque en Gárate proberen de winnaar te voorspellen en geven in de studio commentaar bij de beelden. Pantani, vier jaar na zijn overwinning op de Mont Ventoux gedesillusioneerd overleden na een overdosis cocaïne, wordt vertegenwoordigd door Davide Boifava, zijn toenmalige manager. Merckx had geen zin om aan de film mee te werken. Een groot gemis, aangezien De Kannibaal wordt aangemerkt als één van de grootste wielercoureurs ooit. Iedereen denkt dat Merckx of Pantani (De Piraat) uiteindelijk als Koning van de Mont Ventoux zal worden gekroond.

Veertig jaar wielrennen
Veertig jaar Tour-geschiedenis geeft een grote evolutie te zien. Materiaal, medische begeleiding, sponsorbelangen, concurrentie en media hebben hun weerslag op de prestaties. Ook de lengte van de etappes blijkt enorm te verschillen: Virenque moest eerst ruim tweehonderd kilometer fietsen voordat hij zijn favoriete berg mocht aanvallen, terwijl Bernard het voordeel van een ultrakorte etappe kende. Vooral die omstandigheid maakt de uitverkiezing van beste klimmer onzinnig. Toch is de virtuele wedstrijd, mede door de opbouw en het commentaar, spannend om naar te kijken. De historische context en de persoonlijke verhalen met voorzichtige emoties geven De Koning van de Mont Ventoux  meerwaarde.

 

5 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

Byzantium

***

recensie  Byzantium

Te veel thematiek wurgt fijne vampierfilm

door Joan Gebraad

Bijna twintig jaar geleden liet Neil Jordan het menselijke gezicht van vampiers zien met een fijne verfilming van Interview with the Vampire: The Vampire Chronicles (1994). Met Byzantium  lukt dat hem weer. De overvloed aan thematiek wurgt deze film helaas.

Op een dag in de negentiende eeuw gaat de jonge Clara (Gemma Arterton) mee met de charismatische, maar verdorven kapitein Ruthven (John Lee Miller). Hij maakt een prostituee van haar, iets wat ze altijd zal blijven. Wanneer Clara bevalt van haar dochter Eleanor (Saoirse Ronan) brengt ze deze naar het weeshuis. ’s Nachts sluipt ze het bordeel uit om Eleanor te bekijken. Jaren later neemt ze het heft in handen en maakt zichzelf onsterfelijk. Enkele jaren later doet ze hetzelfde met Eleanor. Happy sweet sixteen! Na tweehonderd jaar zwerven door Groot-Brittannië belandt het tweetal in het mistroostige Hastings om zich daar te settelen. Clara maakt het vervallen hotel Byzantium tot een bordeel en Eleanor zoekt zichzelf.

Byzantium

Rapunzelcomplex
Byzantium snijdt allerlei thema’s aan. Zo is het naast een gotisch vampierenverhaal met romantiek en coming-of-age elementen, een verhaal over een dochter die zich als een Rapunzel probeert los te rukken van haar moeder. Hun geringe leeftijdsverschil zorgt voor een moeilijke moeder-dochterrelatie. De twee lijken soms eerder zussen, want ondanks tweehonderd jaar levenservaring gedraagt Clara zich als twintiger. Sexy kleding, torenhoge hakken, niet in staat haar hoerenleven te doorbreken en Eleanor los te laten. Ze voedt zich zonder schuldgevoel met pooiers en andere mannen, om zo wraak te nemen op mannen die vrouwen onfatsoenlijk behandelen. Ze beschermt Eleanor en verbiedt haar over hun geheim te speken.

Eleanor daarentegen is een verlegen grijze muis, die zich voedt met ouderen en ernstig zieken. Ze voelt zich altijd schuldig. Gedurende de film ontwikkelt Eleanor zich. Ze wordt verliefd en vindt de moed haar geheime identiteit, die haar zo kwelt, te onthullen met alle gevolgen van dien.

De vampier als getormenteerde schrijver
Naast de talrijke in het oog springende thema’s, presenteert Byzantium het concept van de vampier als lijdende negentiende-eeuwse auteur. Eleanor, gekweld door het verbergen van haar identiteit, heeft de gewoonte om haar verhaal op te schrijven. De pagina’s laat ze meevoeren door de wind, want niemand mag haar verhaal horen. Een schrijfcollege zet haar echter aan om haar levensverhaal op te schrijven. Ze blijkt een geboren schrijver. Een schrijfcarrière zal Eleanor echter nooit kunnen hebben, of de wereld moet haar accepteren.

Vergezochte titel
De titel Byzantium roept verwarring op. Het hotel waar Clara en Eleanor verblijven, mag dan wel zo heten, maar zegt verder weinig over de film. De eerste associatie is die met de oude stad Byzantium die later als Constantinopel en tegenwoordig Instanbul heet. Jordan verklaart dat de titel verwijst naar de laatste scène van het toneelstuk A vampire story van Moira Buffini. Byzantium is hierin ‘een tijdloze plek die zowel bestaat als niet bestaat. Een plaats voor en van de verbeelding.’ Maar waarom dan Byzantium en niet Carthago of Babylon?

Recensie Byzantium

De beschermgodin van Byzantium is de Griekse godin Hecate, een machtige, duistere godin die veelal wordt geassocieerd met de onderwereld, hekserij, de maan en kruispunten. In dit licht kan hotel Byzantium worden gezien als een wereld waarin verdorvenheid, goddeloosheid en het uitschot van de wereld regeert.

Wat ‘kruispunten’ betreft staat Clara, maar vooral ook Eleanor voor een keuze. Laat Clara haar dochter eindelijk vrij om zo Eleanor haar eigen weg te laten vinden? Durft Eleanor haar geheim te onthullen? Durft ze te kiezen voor haar geliefde en de volwassenheid?

Jordan wil te veel
Jordan snijdt zoveel thema’s aan dat van Byzantium misschien beter een miniserie gemaakt had kunnen worden. Ook met de cinematografie en kostumering probeert hij een verhaal te vertellen. De grauwe beelden en kledij in het naargeestige en spookachtige Hastings (sommige mensen zouden waarschijnlijk spontaan zelfmoord plegen in deze depressieve hel) staan in scherp contrast met de kostuumachtige sfeer en de sporadisch warme beelden. Door de vele thema’s is Byzantium wel origineel en geeft de realistische vampierfilm veel stof tot nadenken.

5 juli 2013

 

ALLE RECENSIES

Kapringen

****

recensie  Kapringen

Oeverloos spannend

door Wouter Spillebeen

In Denemarken is Tobias Lindholm een gevestigde waarde en internationaal groeit zijn reputatie dankzij zijn scenario’s voor Jagten en Submarino. Het minimalistische gijzeldrama Kapringen is de tweede film die hij regisseerde. 

Een Deens vrachtschip wordt in de Indische Oceaan overvallen door Somalische piraten, die de crew van zeven gijzelen voor losgeld. Scheepskok Mikkel Hartmann (Pilou Asbæk) wordt aan mentale folteringen onderworpen wanneer hem gevraagd wordt zijn CEO Peter Ludvigsen (Søren Malling) over te halen om het losgeld te betalen. In Denemarken zit Peter tussen twee vuren: als hij toegeeft of emotie toont zullen de piraten steeds meer vragen, en als hij niet betaalt heeft hij de moord van de hele crew op zijn geweten. De maandenlange onderhandelingen eisen het uiterste van de bikkelharde zakenman en de bange scheepslui.

Gijzelaarsbaarden
De film is geïnspireerd door kapingen van Deense schepen in 2007 en 2008, maar vertelt geen waargebeurd verhaal. Lindholm wil een echte kaping nabootsen en slaagt grotendeels hierin. De lange shots dragen bij aan de realistische sfeer. De kaping duurt meer dan 130 dagen en zo voelt het ook aan. De personages zijn niet grotesk neerzet en lijken ‘echte’ mensen. Het enige probleem is dat de haren en baarden van de gijzelaars niet groeien, ofwel tijdig worden bijgeknipt door de Somaliërs.

Recensie Kapringen

Alles is in het werk gesteld om Kapringen realistisch te maken: het schip waarop gefilmd wordt, is er een dat ooit echt gekaapt is. Die set voelt claustrofobisch en smerig aan. Een van de acteurs is een specialist in onderhandelen met terroristen – en om de telefoongesprekken tussen Denemarken en de Indische Oceaan op te nemen, hebben ze die echt gevoerd.

Twee standpunten
Kapringen verspringt steeds tussen het standpunt van Mikkel op de boot en dat van Peter in Denemarken. Daardoor weet je vaak niet wat aan de andere kant van de kaping gebeurt, net als de personages. We weten niet of Mikkel is doodgeschoten, want we zien alleen Peter, die zich hetzelfde afvraagt. Dat zorgt niet alleen voor een intense spanning, het dwingt je om te geven om de personages. Je voelt je bijna in hun schoenen staan.

De acteerprestaties van Asbæk en Malling houden langere en minder bewogen scènes interessant. Asbæk, vooral bekend als Kasper Juul uit de politieke dramaserie Borgen, portretteert met verve een gijzelaar die de hoop op redding stilaan ziet wegebben, zonder grote emotionele uitspattingen. Mallings verbeten uitdrukking tijdens onderhandelingen verbergt duidelijk een man die zich veel liever zou overgeven in plaats van zijn werknemers veilig thuis te brengen. De combinatie van goed opgebouwde dialogen en puike acteerprestaties maakt Kapringen geloofwaardig en oeverloos spannend.

 

3 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

World War Z

****

recensie  World War Z

Moderne superzombies

door Simone Vogel

Als we de media mogen geloven, richt Brad Pitt zich minder op films en meer op zijn familie. Dit sympathieke imago zien we terug in World War Z waarin hij de ultieme huisvader in een gelukkig gezin speelt. Helaas wordt dit ideale plaatje verstoord en is het aan Pitt om de wereld te redden. 

Gerry Lane (Brad Pitt) is een voormalige medewerker van de Verenigde Naties. Na jaren geconfronteerd te zijn met oorlogen, leidt hij een rustig leven. Plotseling zet een mysterieus virus de hele wereld op zijn kop. Door de uitbraak veranderen mensen in zombies en niemand is veilig. Lane wordt voor de keuze gesteld: op zoek gaan naar de oorzaak van het virus om zijn gezin in veiligheid te stellen of het in zijn eentje opnemen tegen alle zombies.

Gewapend met zijn kennis van de VN en een team SEALS brengt zijn zoektocht hem naar de oorsprong van het virus in Zuid-Korea en Israël. Hier leert hij methoden om de zombies tegen te houden. Uiteindelijk blijkt niets tegen hen bestand. Lane komt, samen met een Israëlische soldate, in Wales terecht om een middel te vinden dat de uitbraak van het virus een halt toe kan roepen.

Stalen zenuwen
World War Z is een film voor mensen met stalen zenuwen. Hoewel hij rustig begint in een huis in Philadelphia, slaat de gemoedelijke sfeer al snel om in chaos en dat blijft zo tot aan het einde. Het camerawerk is op sommige momenten van strijd zo wild dat het niet helemaal duidelijk is waar je nu precies naar kijkt. Maar op het moment dat het overzicht lijkt te verdwijnen, schijnt daar Brad Pitt als een helder baken in de nacht om de rust weer terug te brengen en het verhaal duidelijk te houden.

recensie World War Z 3D

Hij krijgt hulp van een kleine delegatie van de bevolking die veilig op een vloot leeft. Deze beelden doen denken aan films over wereldrampen zoals 2012 van Roland Emmerich. World War Z, dat gebaseerd is op het gelijknamige boek uit 2006, is daarmee een mix tussen een moderne zombiefilm en een wereldrampenfilm van apocalyptische proporties. De locaties in Zuid-Korea en Israël zijn minder conventioneel, maar daardoor des te indrukwekkender.

Beter in 3D
Het gebruik van 3D voegt een extra dimensie toe aan de film. Waar World War Z in 2D al een goede indruk zal achterlaten, zorgt het 3D-effect ervoor dat de zombies larger than life zijn. Ze zijn, dankzij fantastische make-up en indrukwekkende acteurs, hun oude imago ontstegen en geëvolueerd tot moderne superzombies met klapperende kaken en waanzin in de ogen.

Het enige mindere aspect van World War Z zijn de overduidelijke onwaarschijnlijkheden. Zo wordt Pitt de gehele film neergezet als een gewone man van vlees en bloed, maar overleeft hij op sommige momenten op zo’n onmogelijke manier dat het haast lijkt alsof hij Superman is geworden. Het einde laat ook veel aan de verbeelding over, maar Paramount maakte al bekend dat er een vervolg komt op World War Z.

 

1 juli 2013

 
ALLE RECENSIES

Love and Honor

*

recensie  Love and Honor

Verzuipen in clichés

door Wouter Spillebeen

Regisseur Danny Mooney presenteert zijn eerste lange speelfilm: Love and Honor. Geen enkel cliché van het fenomeen romantisch drama wordt geschuwd. 

Terwijl in 1969 Neil Armstrong en Buzz Aldrin hun historische expeditie naar de maan ondernemen, woedt in Vietnam de oorlog tussen de Amerikanen en de Vietcong. Twee soldaten beslissen tijdens hun vakantie naar Michigan, USA terug te keren. Dalton Joiner (Austin Stowell), een supergeconcentreerde modelsoldaat, wil zijn vriendin terugwinnen. Soldaat Mickey Wright (Liam Hemsworth), een vlotte, nonchalante en gladde leugenaar, gaat voor het plezier mee. In Amerika heeft de vriendin van Joiner zich gevoegd bij een groep hippies die fervent protesteren tegen de oorlog. Om een kans te maken met de mooie Candace (Teresa Palmer), liegt Wright hen voor dat hij en Joiner gedeserteerd zijn. De lokale politie richt het vizier op de twee. 

They meet, they fall in love
Eerst lijkt Love and Honor geen typisch ‘they meet, they fall in love’-scenario te hebben. Later blijkt dit wel het geval, wanneer de aandacht naar Wright en Candace verschuift. Die romance is compleet voorspelbaar, clichématig en oninteressant. Ze ontmoeten elkaar, worden verliefd, overwinnen enkele obstakels en bekennen hun eeuwige liefde in een romantisch gebaar. Het is verre van het kaliber van The Notebook.

 Recensie Love and Honor

Alle clichés van het romantische drama zijn vertegenwoordigd in Love and Honor, van de klassieke muziek die inzet tijdens een liefdesverklaring tot de nonchalante bink die zijn hemd niet kan aanhouden. Ook uit andere genres worden afgesleten scenario’s gevist. Het verhaaltje over de soldaat die slechts dagen voor zijn pensioen sneuvelt komt rechtstreeks uit elke politieserie ooit en het trucje dat Joiner gebruikt om Wright uit de handen van de politie te halen, hoort thuis in een slapstick uit de jaren ’30. 

Verveelde kinderen van rijke ouders
De anti-oorlogsbeweging wordt door Wright en Joiner constant onterecht gekleineerd. De protesterende jongeren zijn volgens hen niet meer dan verveelde kinderen van rijke ouders die niet weten hoe de wereld werkt. Ze schilderen hen af als werkschuw, zwak en naïef, terwijl ze zelf de oorlog nobel noemen en de legerdienst verheerlijken. Als het nonsensicale einde er niet was geweest, zou Love and Honor in de categorie militaire propaganda vallen. 

Zelfs naar de normen van het romantische drama is Love and Honor zeemzoet en clichématig. De arme jongens die door hun vriendin naar de cinema gesleurd worden om naar deze film te kijken verdienen medeleven.

 

30 juni 2013

 

ALLE RECENSIES

I, Anna

****

recensie  I, Anna

Het geheugen als vijand

door Alfred Bos

Eigentijdse variatie op het soort Europese psycho-thriller dat tot begin jaren ’80 gangbaar was. Met de nog immer boeiende Charlotte Rampling in de hoofdrol.

Hoeveel regisseurs laten in hun eerste lange speelfilm hun moeder fellatio verrichten? In een scenario dat ze zelf schreven bovendien? Barnaby Southcombe verkeert in de bijzondere positie dat hij de zoon is van Charlotte Rampling en I, Anna is een niet-lineair vertelde film over een gescheiden oma met gaten in haar geheugen. De logline luidt: ‘The darkest secrets are the ones we hide from ourselves.’ Het is een broeierige psycho-thriller, een eigentijdse film noir in full colour.

Charlotte Rampling heeft een reputatie opgebouwd met filmrollen van psychisch beschadigde vrouwen die zich niettemin weten te handhaven (Nightporter, Swimming Pool, binnenkort in Dexter). Ze is geknipt voor de rol van Anna, een nog steeds aantrekkelijke rijpe vrouw, tikje afwezig, raadselachtig ook, die voornamelijk in haar hoofd leeft. Haar tegenspeler, Bernie (Gabriel Byrne, The Usual Suspects, Miller’s Crossing), is een vermoeide rechercheur die een moord in een modernistische Londense betonkolos onderzoekt. Ze ontmoeten elkaar bij de lift. Zij is verstrooid, hij geïntrigeerd.

Recensie I, Anna

Trance zonder fratsen
Het duurt enige tijd eer de puzzelstukjes in elkaar vallen, want I, Anna wordt niet chronologisch verteld. Heden en voorgeschiedenis zijn in de montage versplinterd en bovendien telt dat verleden meerdere tijdslagen. Het bezorgt de film zijn spanning. Het verbeeldt ook de verwarring van de beide hoofdpersonages en wanneer de mist optrekt is de realiteit bepaald schokkend.

Vertelprocedé (meerdere verhaallagen versneden) en thematiek (het brein speelt spelletjes) komen overeen met Danny Boyle’s recente Trance. Maar de verschillen zijn groter: I, Anna mist iedere zweem van ironie en is existentialistisch op een bijna ouderwetse manier. Regisseur Southcombe verdiende zijn sporen in het theater en met tv drama, en geeft aan de film een gebeeldhouwde kwaliteit. Geen fratsen, wel degelijk vakwerk.

Klassieke Europese film
I, Anna is gebaseerd op de gelijknamige roman van de Amerikaanse schrijfster Elsa Lewin en voor de rest een compleet Europese productie. Gedraaid in Londen en Hamburg (Ramplings woonplaats), met Ierse en Engelse acteurs (waaronder Honor Blackman, Bond-girl uit Goldfinger en John Steeds kompaan in De Wrekers voor Diana Rigg/Miss Peel haar rol overnam), Duitse en Engelse producers, en filmmuziek van het Franse elektronische duo K>i<D (Keep It Dark). Het verhaal is universeel; in het drama van Anna kan iedereen zich verplaatsen.

Wie moe is van Hollywoodfilms met computergestuurde personages en een fascistische ondertoon en ook niet staat te trappelen om zijn avond stuk te slaan met een ‘moeilijke’ Europese arthouse-film, heeft aan I, Anna een goed alternatief. De film biedt klassieke cinema uit de tijd, inmiddels alweer dertig jaar vervlogen, dat de Europese mainstream film ruime bezoekersaantallen naar de bioscoop trok. Intelligent script met een menselijk thema, gelouterde acteurs, vakkundig gedraaid, slim gemonteerd en voorzien van een dramatische ontknoping die aankomt. Geheimtip van de week.

 

27 juni 2013

 

ALLE RECENSIES

Infancia Clandestina

***

recensie  Infancia Clandestina

Leven met een valse identiteit

door Wouter Spillebeen

Argentijns regisseur Benjamín Ávilla brengt een klein verhaal over de grote burgeroorlog die zijn land in de jaren ’70 in de ban hield. 

In 1979 keren Christina en Horacio met hun zoon Juan na jarenlange ballingschap terug naar Argentinië. Ze zijn antiautoritaire activisten, in een constante guerrillastrijd verwikkeld met paramilitaire organisaties. Om zichzelf te beschermen meten ze zich valse namen aan. Net als zijn grote held Ché Guevara dat deed in Congo en Bolivia, houdt Juan – alias Ernesto Estrada – zijn echte identiteit geheim. Wanneer hij in de huid van Ernesto kruipt, smelten al zijn zorgen weg. Hij gaat naar school, maakt vrienden, gaat op kampeertrips en wordt verliefd.

Heisa
De ouders van Juan proberen hem ver van de gevechten te houden, maar toch voelt hij elke dag de impact. Strijders vergaderen in zijn huis en rouwen om gevallen kameraden. Wanneer Horacio sirenes hoort, komen de wapens boven. In alle heisa is oom Beto een vriend en vaderfiguur voor Juan. Hij helpt hem in de liefde en met zijn verjaardagsfeestje terwijl zijn ouders hun oorlog boven alles stellen. Dankzij zijn oom Beto beleeft Juan bijna een echte jeugd, weliswaar in de clandestiniteit.

Infancia Clandestina

Surrealistische toets
De scènes die voor Juan het meest traumatisch zijn, worden uitgebeeld met geanimeerde tekeningen, zoals wanneer zijn vader voor zijn neus beschoten wordt. Dat effect symboliseert hoe een kind een trauma beleeft en verwerkt. De dromen en fantasieën van Juan weerspiegelen de kindse hoop en het verwerkingsproces dat hij doormaakt wanneer de guerrillaoorlog zijn familie uiteen rijt. Hij stelt zich zelfs levendig zijn eigen uitvaart voor. Die momenten geven de film een surrealistische toets, wat een welkome afwisseling is voor de sobere manier waarop de rest in beeld wordt gebracht.

Argentijnse situatie
In de film wordt de Argentijnse situatie niet afdoende geschetst. Na de openingsscène leggen enkele regels tekst uit dat paramilitaire groepen op activisten jagen, maar tenzij je voorkennis hebt, is die uitleg niet genoeg. Bovendien is een guerrillaoorlog, in tegenstelling tot de jeugdige escapades van Juan, niet iets waar een West-Europees publiek zich mee kan identificeren. Daarom is het verhaal van Infancia Clandestina wat ver van het bed.

Hetgeen Infancia Clandestina ervan weerhoudt geniaal te zijn, is net wat de grootste troef moest worden: het acteerwerk. De jongste acteurs slagen er niet in diepe emoties over te brengen, ze lijken hun regels soms af te rammelen. Wanneer Juan bijvoorbeeld hoort over de dood van een familielid, heeft zijn hysterische reactie niet de impact die verhoopt was. Dat haalt de anders aangrijpende ervaring naar beneden.

 

25 juni 2013

 
ALLE RECENSIES

Catch .44

**

recensie  Catch .44

Yes, we pecan

door Alfred Bos

Matige en uiteindelijk mislukte Tarantino-pastiche, inclusief sterke soundtrack, is met twee jaar vertraging alsnog in Nederland te zien. Met Bruce Willis als gangster op leeftijd, nu met haar.

Het is niet helemaal duidelijk waarom Catch .44, een ‘kleine’ misdaadfilm met enkele grote acteurs uit 2011, met twee jaar vertraging alsnog een Nederlandse release krijgt. Wie niet gelooft in de goede smaak van de Nederlandse filmdistributeurs houdt het erop dat Catch .44 inhaakt op de marketingcampagne rond A Good Day to Die Hard, het formulefilmspektakel rond Bruce Willis’ John McClaine.

Catch 44

Willis speelt in Catch .44 de gangster op leeftijd Mel. We zien de pecannoten kauwende psychopaat in welgeteld twee scènes, bij hem thuis en op de werkvloer, in dit geval een desolaat diner ergens op het platteland van Louisiana. Daar staat een drugsdeal op de rol, maar daar komt niets van, want iedere betrokkene heeft zo zijn of haar eigen plannen. Aldus belazert iedereen elkaar en ontwikkelt zich een hysterisch staaltje collectief bedrog. Met als resultaat een stapel lijken en één verrassende winnaar. Die heeft gewoon geluk. Of is het nuchterst; de rest gelooft teveel in de eigen hersenspinsels.

Komische noot
Naast Mel is er een groepje criminele meiden rond Tes (Malin Akerman) en de ogenschijnlijk bedaarde, maar volstrekt kierewiete Ronny (Forest Whitaker). Ze hebben allemaal een vertroebelde kijk op de werkelijkheid en handhaven hun waanzin met veel geweld. Dat geweld is zo alom aanwezig dat ieder personage dat in Catch .44 verschijnt voor het slot van de film is afgeknald, met als uitzonderingen de winnaar en de lokale sheriff, een kleine maar heerlijke rol van Brad Dourif, die al Robert Duvall persiflerend voor de komische noot zorgt. Hij is steevast te laat.

De onderlinge banden tussen Mel, Tes en Ronny worden mondjesmaat onthuld, in een reeks flashbacks die telkens vanuit een ander perspectief worden verteld. Niet alleen de niet-lineaire montage en de nouvelle violence zijn schatplichtig aan Quentin Tarantino, dat is ook de uitstekende soundtrack die de actie becommentarieert. De opening wordt begeleid door Fox On The Run van The Sweet en wanneer Tes in beeld komt, klinkt Bowie’s Queen Bitch. Maar er is niet alleen glamrock uit de jaren ’70: The Kills en The Raveonettes leveren meer eigentijdse toptracks. Grapje: Bruce Willis komt ook langs met (dubbele ironie) Respect Yourself.

Catch 44

Zwakke dialogen
Catch .44 is een veredeld hobbyproject van de jonge regisseur Aaron Harvey, die zijn bewondering voor de grootmeester QT op al te opzichtige wijze over het filmdoek smeert. Personages en scènes zijn regelrecht gekopieerd uit Reservoir Dogs, Pulp Fiction, Jackie Brown en Kill Bill. Het maakt Catch .44 niet alleen licht van gewicht, maar ook behoorlijk gedateerd. Vergelijk het met een Drive of een Trance en deze Tarantino-pastiche doet bepaald ouderwets aan.

Al die bezwaren zouden overkomelijk zijn geweest, als Harvey een script met sterke dialogen – het handelsmerk van Tarantino – had afgeleverd, maar juist op dat punt loopt het fout. Catch .44 weet ruim een uur te vermaken, tot de veel te lang gerekte sleutelscène, een driehoeks standoff zonder de centrale figuur, kopje onder gaat in onzinnig gewauwel. Dan gaan opeens de eerder genoemde manco’s irriteren en is Catch.44 een ballon die niet klapt, maar snel leegloopt.

 

25 juni 2013

 

 

ALLE RECENSIES

 

Foxfire

***

recensie  Foxfire

Je bent boos en je wilt wat

door Alfred Bos

Het is 1955 en uit de radio klinkt Elvis. In een morsig arbeidersstadje in de provincie New York vormt een groepje meiden een geheim genootschap: Foxfire. Ze verzetten zich tegen de benepen burgermoraal van school en samenleving. Maar ze zijn naïef en het gaat van kwaad tot erger.

Films over opgroeien in de jaren ’50, de tijd van rock ’n roll en jeugddelinquentie, gaan doorgaans over jongens die hun existentiële onvrede omzetten in deviant gedrag. Foxfire, de tweede Engelstalige film van de Franse regisseur Laurent Cantet (in 2008 doorgebroken met Entre Les Murs: Gouden Palm, Oscarnominatie), toont hoe 15-jarige meiden uit hun rol proberen te breken. Er komen brokken van.

Foxfire

Het verhaal wordt verteld door Maddy, die op haar uit de vuilnisbak geredde typemachine intikt hoe er rond de weggelopen (en nu bij Maddy logerende) Legs een bijzonder groepje ontstaat. De charismatische Legs leidt de bende, die trekken krijgt van een cult. Ze weet wat ze niet wil, maar hoe het wel moet, dat is een heel ander verhaal. ‘Er zijn een miljoen manieren om iets fout te doen en maar één om het goed te doen’, zegt Legs vroeg in de film. Het had het motto van Foxfire kunnen zijn.

Boekverfilming
Cantets rolprent is de tweede verfilming van de gelijknamige roman (uit 1993) van de Amerikaanse schrijfster Joyce Carol Oates. Drie jaar na publicatie speelde Angelina Jolie, toen een opkomende ster, reeds de rol van Legs, onder regie van Annette Haywood-Carter. Cantet, die tevens het scenario schreef, laat Legs, Maddy en hun vriendinnen vertolken door debuterende actrices, wat de wereldvreemdheid van hun meidenclub een authentieke glans geeft.

Cantet zet de wereld waarin de roman speelt, met zijn provinciale landerigheid en de eerste uitingen van de consumer society, fraai neer. Veel scènes zijn vanaf de schouder gedraaid, wat de film een documentaire zweem geeft. De soms nerveuze cameravoering verbeeldt de onrust en verwarring die de meiden voelen. Er is rock ’n roll en rhythm ’n blues uit radio’s, maar een filmscore, het gebruikelijke glijmiddel van Hollywood, is grotendeels afwezig. De liefhebbers van arthouse-films zitten goed.

Foxfire

Vrouwenemancipatie
Dat zijn allemaal plussen, maar met 143 minuten is de film te lang. Er sluiten zich steeds meer meiden – en zelfs oudere vrouwen – aan bij de groep, waardoor de dynamiek verschuift van individu naar ensemble. Het verwatert de centrale spanning: hoe Maddy zichzelf leert kennen via haar omgang met de rebelse Legs. Met Maddy komt het uiteindelijk goed (ze schrijft, net als Joyce Carol Oates) en Legs wordt een geest, want ze wil haar fantasie aan de werkelijkheid opleggen.

Foxfire is zo’n film die een tijd en een levensgevoel neerzet, net als On The Road of Lawless. Maar die zijn geïnspireerd door waar gebeurde voorvallen, terwijl Foxfire utopische fictie is. Roman en film verplaatsen de ideeën over vrouwenemancipatie uit de jaren ’60 dik tien jaar terug in de tijd, waar ze onwerkelijk aandoen. Met al zijn realisme qua decor, aankleding en kapsels is Foxfire een sprookje. De meiden in pettycoat en spijkerbroek die de maatschappij de rug toekeren en hun eigen commune beginnen, bestaan alleen in de fantasie van Joyce Carol Oates. Laurent Cantet geeft hen een gezicht.

 

22 juni 2013

 

 

ALLE RECENSIES