Bonne épouse, La

***
recensie La bonne épouse

Komedie voor het zwakke geslacht

door Cor Oliemeulen

La bonne épouse is net zo voorspelbaar als de filmtitel suggereert. Desondanks bieden de enthousiaste cast, het vlotte scenario en de eeuwige drang naar vrijheid genoeg aanknopingspunten voor ongecompliceerd tijdverdrijf.

Als opgroeiend kind in de jaren zestig zag de Franse regisseur Martin Provost in de keukenla een gids over hoe jonge echtparen zich dienden te gedragen. Hij herinnert zich hoe zijn vader na zijn werk in een luie stoel neerplofte, de krant las en pas opstond nadat hij werd geroepen om te komen eten, nadat moeder had gekookt en de tafel had gedekt. Het was niets meer dan normaal dat vader thuis geen vinger uitstak. Als moeder had afgeruimd en afgewassen, en iedereen ’s avonds voor de televisie zat, had zij door al haar huishoudelijke klusjes het begin van de film gemist. Zo gingen die dingen in die tijd, voordat de studentenopstanden van 1968 een veranderende omgang tussen de seksen inluidden.

La bonne épouse

Hoe word je een goede huisvrouw?
In een lieflijk stadje aan de Elzas runt Paulette Van Der Beck (Juliette Binoche) een traditionele huishoudschool waar vooral tienermeisje van plattelandsgezinnen moeten leren hoe ze voorbeeldige huisvrouwen kunnen worden. We maken kennis met achttien meiden die vanaf de eerste dag hun beoogde taken krijgen ingepeperd. De goede huisvrouw (La bonne épouse) is een droom voor haar aanstaande echtgenoot, cijfert zich weg en klaagt nooit. Uiteraard moet je beschaafd praten, op de juiste manier een kopje thee kunnen inschenken en ook fungeren als gastvrouw, die bovendien altijd een fris bloemetje in huis heeft staan.

Ondertussen klinkt op de radio de eerste roep om maatschappelijke verandering. Paulettes veel oudere echtgenote Robert (François Berléand), oprichter van de huishoudschool, stikt in een konijnenbotje. Ondanks de ontdekking dat de huishoudschool door Roberts gokverslaving in de schulden is beland, besluit Paulette, die bovendien haar voormalige liefde André (Édouard Baer) weer tegen het lijf loopt, de leiding over te nemen. Het is een kwestie van tijd en inzicht dat zij de touwtjes zal laten vieren, ondanks de luidruchtige aanwezigheid van Roberts naïeve zus Gilberte (Yolande Moreau) en de tegenwerking van de robuuste non Soeur Marie-Thérèse (Noémie Lvovsky).

La bonne épouse

Apfelstrudel
Langzaam ontketent zich in de huishoudschool ook onder de beoogde sloofjes een revolutie. De meiden doen aanvankelijk keurig wat hun ouders en de schoolleiding hen hebben opgedragen en begrijpen bijvoorbeeld ook dat zij geen verstand van cijfers hebben, zolang zij hun uitgaven maar goed op orde hebben. Maar de plicht van de vrouw om de man te behagen, kan uiteindelijk zó samen met het keukenschort de vuilnisbak in. Vrouwen hebben meer rechten dan het aanrecht! Hoezo geen seks voor het huwelijk? En waarom zou je niet verliefd op een ander meisje mogen worden?

De tieners bewegen zich geloofwaardig in de sixties. De volwassenen zijn uitstekend op elkaar ingespeeld, stereotiep, maar soms heerlijk over de top, bijvoorbeeld als Paulette en André tijdens een romantische stoeipartij het recept van apfelstrudel uitwisselen. Martin Provost (Sage Femme) maakt het liefst films over vrouwen. Misschien heeft hij het gegeven van een vrouw die plotseling de scepter gaat zwaaien, veel meer oog voor sociale verhoudingen heeft dan haar man en die opnieuw valt voor een oude vlam, afgekeken van Potiche (2010) van zijn landgenoot Franςois Ozon. Dat neemt niet weg dat vrouwen die in de patriarchale periode na de Tweede Wereldoorlog zijn opgevoed met La bonne épouse ongetwijfeld een gevoel van nostalgie zullen ervaren. Maar ook veel jongere vrouwen en meisjes zullen het idee van onafhankelijkheid en vrijheid bejubelen. Dat maakt deze komedie, die uitmondt in een musicalsetting, bij uitstek vermakelijk voor al diegenen die ooit werden beschouwd als het zwakke geslacht.

 

20 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

About Endlessness

****
recensie About Endlessness

Het is moeilijk om mens te zijn

door Bob van der Sterre

‘Het is al september.’
‘Hmmm.’
Met deze typische sketch van Roy Andersson begint zijn nieuwe film About Endlessness. Dat is sowieso een belevenis (zijn vierde in twintig jaar). Het was ook al zes jaar sinds zijn laatste film, het geweldige A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence.

Andersson films zijn onmogelijk uit te leggen. Geen films die de van ‘gewone’ films houdende kijkers zullen bekoren. Ze moeten zich voorbereiden op: 1. Vrijwel geen verhaal. 2. Trage scènes. 3. Amper bewegende beelden. 4. Karakters die figureren in de sketches (geen emotievolle close-ups). 5. De Zweedse zelfspot. 6. Zeer subtiele humor. 7. Zowel comedy als drama, mensen weten niet zeker welke van de twee. 8. Scènes in een take. 9. Immens gedetailleerde decors. 10. Vleugjes maatschappijkritiek. 11. Veel amateuracteurs. Ga zo maar door.

About Endlessness

Poëtisch? Filosofisch? Absurd?
Gelukkig hoeft film er niet alleen voor de grote gemene deler te zijn. Roy Andersson is daar duidelijk niet mee bezig. Hij maakte in 1970 en 1974 wel twee ‘normale’ films, nam toen een pauze als regisseur van 25 jaar (maakte vooral commercials voor tv), en maakte toen in 2000 (na vier jaar voorbereiding) het revolutionaire Songs from the Second Floor. Een artistieke hit. De film won de juryprijs in Cannes.

Songs from the Second Floor was de voorloper van de intussen vier films in dezelfde stijl. ‘Een slapstick-Ingmar Bergman’, typeert Village Voice hem, en dat is best aardig gevonden. Zijn eigen filosofie in een zin: ‘Het publiek moet zich niet te comfortabel voelen bij een film.’

De een noemt Anderssons stijl poëtisch, de ander filosofisch, en sommigen gebruiken een vaak misbruikt begrip als absurd. Wat het meest opvalt, is de hypercontrole op decor en acteurs. De acteurs zijn strikt geregisseerde figuranten in bewegende schilderijen. Filmschilderijtjes de vaak iets triests schetsen in een mensenbestaan. Het past dus ook dat zijn werk geëxposeerd is geweest in het MOMA in New York.

Tussen subtiele humor en triestheid
In About Endlessness borduurt Andersson verder op zijn vorige drie films. Ook hier weer een reeks sketches die gaan over onder anderen religie, oorlog, liefde en commercie. En ook hier het verbazingwekkende evenwicht tussen subtiele humor en triestheid.

Deze keer horen we een voice-over commentaar geven: ‘Ik zag vandaag een jongen op zoek naar liefde.’ Met weer een paar ijzersterke Anderssonesque scènes, zoals de man die bij een slager zijn ex-vrouw aanvalt en huilt: ‘Je weet toch dat ik van je hou?’ Haar antwoord: ‘Dat weet ik.’ Dan duiken de andere klanten op hem. Let op hoe de slager probeert mee te krijgen wat er gebeurt.

About Endlessness

Ook een prachtig beeld uit deze film: de twee mensen die boven een ruïnestad zweven. Of de scène dat nazi’s luisteren naar bombardementen terwijl een platenspeler aan blijft tikken (gebaseerd op het schilderij The End van Kukrynisky, een trio karikaturisten uit de Sovjettijd). De scène met de kruisdrager in de binnenstad doet dan weer denken aan Anderssons eigen film Songs from the Second Floor.

Is de film beter of minder dan zijn voorgangers? Het is niet te doen om zijn films met elkaar te vergelijken omdat ze zo gelijkwaardig zijn. Wie ze nog niet kende: beloon jezelf en ga ze kijken. Als je geduld hebt, krijg je er veel voor terug. Aan de andere kant is het misschien nu ook tijd voor Andersson om een nieuwe, revolutionaire stap in het duister te zetten. Andersson is weliswaar bijna tachtig, maar echt veel revolutionairen hebben we niet meer in de cinema. Probeer een keer een close-up of een ‘gewoon verhaal’. Verandering is gezond!

 

15 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Ema

***
recensie Ema

Losbandige adoptiemoeder

door Cor Oliemeulen

Een echtpaar van een experimentele dansgroep staat na een schokkend voorval adoptiezoontje Polo af, maar krijgt daarvan spijt. Ema is een audiovisueel spektakel over reggaeton en vuur, maar voelt afstandelijk door het wispelturige en losbandige gedrag van het titelpersonage.

De Chileense regisseur Pablo Larraín is zoekende. Bekend geworden door zijn trilogie over het erbarmelijke leven in de jarenzeventigdictatuur van Pinochet (Tony Manero, Post Mortem en NO), geliefd op filmfestivals met een vernietigend portret van seksueel misbruik door priesters in El Club en in 2016 bij het grote publiek doorgebroken met een intiem portret van de rouwende presidentsvrouw Jackie, probeert de talentvolle filmmaker met Ema een nieuwe vorm om een verhaal te vertellen. Zijn recht voor zijn raap-aanpak, niet vies van wat geweld en ordeloosheid, is gebleven.

Ema

Kameleon
Larraín maakt het zichzelf niet gemakkelijk. Zijn titelpersonage is niet iemand die veel sympathie opwekt. Ema (intrigerend speelfilmdebutant Mariana di Girolamo) danst in het experimentele dansgezelschap van haar twaalf jaar oudere man, choreograaf Gastón (Gael García Bernal). Larraín toont haar als moeder, dochter, zus, echtgenote, geliefde en leider tegelijk. Een veelzijdig karakter, zou je zeggen, maar teveel om echt dichtbij de mens achter het paradigma te komen. Ema is krachtig, vrouwelijk, individualistisch, egoïstisch, overspelig, pervers en manipulatief, maar als het gaat om oprechte gevoelens heeft ze het voordeel van de twijfel. Het meest geloofwaardig is haar liefde naar hun zevenjarige Colombiaanse adoptiezoontje Polo. Maar die is er niet meer.

Het drama begint nadat Ema heeft besloten Polo af te staan na een schokkende gebeurtenis. De dame van de Kinderbescherming is het daar volmondig mee eens, want zij vindt de adoptieouders absoluut ongeschikt om een kind op te voeden. Ema is volgens haar onverantwoordelijk en Gastón noemt ze bizar, gezien zijn experimentele fratsen in het dansgezelschap. Ema en Gastón zelf laveren tussen bijtende verwijten en diepe genegenheid, ook veroorzaakt door het feit dat Gastón onvruchtbaar is en zij samen geen kind kunnen krijgen. De crisis leidt bij Ema’s rebelse vriendinnenclubje tot anarchie en losbandigheid. In een compilatie met kunstzinnig blauw licht lijkt het alsof Ema met alles en iedereen seks heeft.

Onhoudbaar
Ondertussen ontdekken we waarom de gezinssituatie onhoudbaar was. De vondst van een bevroren kat in de diepvries bevestigt de gedachte dat Polo inderdaad dingen flikte die niet door de beugel kunnen. En zijn adoptiemoeder blijkt een opmerkelijke hobby te hebben. ’s Avonds laat begeeft Ema zich met haar meidenclubje op verlaten straten om daar met een vlammenwerper verkeerslichten, speeltoestellen, beelden, prullenbakken en auto’s in lichterlaaie te zetten. Als je rondloopt met een vlammenwerper moet je niet verbaasd opkijken als je kind ook weleens wat in de fik steekt.

Ema

Ema speelt zich enerzijds af in het experimentele danstheater van Gastón (de expressieve voorstelling met een groot geprojecteerde close-up van een vlammende zon symboliseert Ema) en anderzijds in videoclipachtige settings waarin Ema en haar vriendinnen zich uitleven in reggaetonmuziek. Deze populaire fusie van hiphop en dancehall is controversieel vanwege vrouwonvriendelijke teksten en gewelddadige filmpjes. Volgens Pablo Larraín is reggaeton een cultuur met zijn eigen ethische en esthetische bestaansrecht, volgens Gastón hypnotiserende gevangenismuziek met de illusie van vrijheid waarin vrouwen seks beluste wezens zijn, maar volgens een vriendin van Ema gaat het bij reggaeton simpelweg om de dansmoves waarbij je geil wordt van al die neukbewegingen.

Apotheose
Hoewel Larraín door middel van experimenteerdrift en improvisatie zijn best heeft gedaan om Ema´s zoektocht naar identiteit in een hedendaagse subcultuur gestalte te geven, smaakt zijn mooi vormgegeven drama (met hulp van vaste cinematograaf Sergio Armstrong) vooral naar nihilistisch hedonisme. Het plot wordt gered door een krankzinnige apotheose, waarmee Larraín bijvoorbeeld ook Post Mortem (2010) en El Club (2015) afsloot. Ook ditmaal laat hij het hoofdpersonage een deprimerend relaas relativeren in een verbijsterende finale met zwarte humor. Of de kleine Polo in die nieuwe situatie past, is zeer de vraag.

 

12 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Secret Impressionists

***
recensie Secret Impressionists

De natuur is de artiest

door Cor Oliemeulen

De impressionistische schilders ontketenden met hun nieuwe thema’s en technieken een revolutie en openden de deur voor avant-gardistische stromingen na hen. In Secret Impressionists maken we nader kennis aan de hand van vijftig onbekende werken uit privécollecties die bijna anderhalve eeuw later niets van hun aantrekkingskracht hebben verloren.

Na Leonardo: The Works en Lucian Freud: A Self Portrait brengt Arts in Cinema dit jaar een vijftal kunstdocumentaires van ABC Film Distribution in de bioscoop. Secret Impressionists, dat vanaf 11 juni is te zien, zal worden gevolgd door Gaugain: From The National Gallery London (2 juli), Frida Kahlo (10 september), Maverick Modigliani (8 oktober) en Raphael: The Young Prodigy (12 november).

Secret Impressionists

Spiegel van de alledaagse ziel
We trappen dus af met Secret Impressionists dat misschien wel de grootste kunstrevolutie belicht: het impressionisme. Zoals de titel aangeeft, betreft het nooit eerder voor het publiek vertoonde werken van onder meer Manet, Caillebotte, Renoir, Monet, Cézanne, Signac, Sisley en Berthe Morisot. Aan het woord komen de twee curatoren van de tentoonstelling in Palazzo Bonaparte in Rome, experts, historici, kunstenaars, verzamelaars en andere kenners die vanuit hun expertise hun licht over de vijftig schilderijen laten schijnen. Zij geven een antwoord op de vragen hoe de impressionisten de wereld zagen, hoe het publiek aanvankelijk op hun werk reageerde en hoe het impressionisme andere kunststromingen zou beïnvloeden. Alles begeleid door een meditatief muziekje en soms gelardeerd met impressionistische camerabeelden.

Iemand die een beetje verstand van kunst heeft, weet dat het bij het impressionisme vooral draait om licht en kleur. En dat je bijna altijd vrolijk wordt als je een impressionistisch schilderij ziet. Ontstaan rond 1870 zette een nieuwe lichting kunstschilders in Frankrijk zich af tegen de toenmalige praktijken en thema’s. De impressionisten hadden geen gemeenschappelijke regels, maar gaven door hun focus op licht en kleur een nieuwe visie op de wereld, waarin de natuur, het dagelijkse leven en het vangen van het moment centraal stonden. Iedere vertegenwoordiger had zijn eigen thema en zijn eigen penseelstreken.

Secret Impressionists

Filmdoek is geen museum
We leren dat de impressionisten niet welkom waren in de kunstgaleries en dat ook het publiek deze moderne interpretatie van de werkelijkheid aanvankelijk niet kon waarderen. En zoals dat vroeger vaak ging met kunstschilders leefden ze vaak onder erbarmelijke omstandigheden en werd hun kunst pas gewaardeerd nadat ze er zelf niets meer aan hadden. Eén van de uitzonderingen was Claude Monet, bij de meeste mensen bekend van zijn waterlelies, die een obsessie voor het gebruik van licht ontwikkelde. Gelukkig vormden de impressionisten volgens de documentaire uiteindelijk een grote familie. Bijna alle belangrijke vertegenwoordigers komen in vogelvlucht voorbij, met een prominente rol voor de enige vrouw (die vooral vrouwen en kinderen schilderde) in het gezelschap, Berthe Morisot, die later zelfs nog model stond voor collega en vriend Édouard Manet.

Hoe leuk het ook is om je kennis van dit boeiend stukje kunstgeschiedenis bij te spijkeren, blijkt het altijd lastig om een documentaire over kunstenaars of kunststromingen samen te stellen. Je moet ervoor waken dat het geen saaie geschiedenisles van jaartallen en feitjes wordt. Na een uurtje is de eerste geeuw moeilijk te onderdrukken. Je kunt immers pas werkelijk kennismaken met een kunstwerk op een bankje in een museum. Je vergeet de tijd door helemaal op te gaan in het schilderij dat jou zo raakt en hebt de gelegenheid om allerlei details te ontdekken. Desalniettemin is het lesje kunstgeschiedenis op afstand in Secret Impressionists over het algemeen een lust voor het oog, maar tevens een reclamefilm voor een bezoek aan de expositie in Rome.

Tenminste, dat zou je zeggen. Nadat de beoogde expositie door het coronavirus moest worden uitgesteld, is de korte heropening (van 30 mei tot en met 7 juni) ook al weer voorbij. Kennelijk konden de verzamelaars hun beschikbaar gestelde impressionistische schilderijen niet langer missen. Gelukkig hebben we de film nog.

Kijk hier waar deze film draait.

 

9 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Proxima

***
recensie Proxima

Het aardse loslaten

door Michel Rensen

Sarah Loreau bereidt zich vol ambitie voor op haar droom: een jarenlange ruimtemissie. Tegelijk worstelt ze om het aardse, en haar dochter, los te laten. Is deze missie dat gemis wel waard?

Een vrouwelijke astronaut zien we niet al te vaak op het grote scherm. Dat is wat schrijver/regisseur Alice Winocour gedacht moest hebben toen ze met het idee voor Proxima kwam. Eva Green speelt de rol van Sarah Loreau, een alleenstaande moeder en ambitieuze astronaut die zich klaarmaakt om als voorbereidende missie naar Mars een jaar lang in de ruimte te leven. Hoewel ze haar hele leven, en dat van haar dochter Stella, voorbereid heeft op haar droommissie, blijkt de ontkoppeling met het aardse lastiger dan gedacht.

Proxima

Emotionele worsteling
Eva Green schittert in de rol van de introverte astronaut. Met een zeer indringende acteerprestatie weet zij haar gevoelens sterk naar voren te brengen ondanks een script dat aan alle kanten rammelt. De dialogen zijn zeer minimalistisch geschreven en vooral functioneel. Daarmee voelen de personages nauwelijks als mensen, maar vooral als archetypes van een mannenwereld waarin Sarah eenzaam ronddwaalt. Alleen in de relatie tussen de astronaut en haar dochter Stella is menselijkheid te vinden. De andere relaties en personages voelen klinisch en kil aan. Door de stuntelige dialogen voelt deze kilheid echter nooit als een scherpe kritiek op die wereld, maar enkel als het gevolg van de filmische constructie.

Het drama leunt volledig op het verlangen van Sarah dichtbij haar dochter te zijn terwijl haar werk dat niet toestaat. Thomas (Lars Eidinger), haar ex-man en vader van Stella, werkt in hetzelfde vakgebied en snapt Sarahs ambities volledig. Zonder morren neemt hij de voogdij over hun dochter over. Sarah reist ter voorbereiding naar het afgelegen Kazachstan (waar in een al bestaande trainingsfaciliteit is geschoten). Hier bereidt ze niet alleen de missie voor, maar wordt ze ook psychologisch geholpen om de afstand met haar dochter te accepteren. De film weet de relatie tussen de twee sterk invoelbaar te maken. Zowel de wispelturigheid van Stella en de diepe melancholie van Sarah worden in ontroerende telefoongesprekken, overdenkingen en gesprekken met haar psycholoog (Sandra Hüller) verteld.

Afwezige drijfveer
“Wat drijft jou?”, vraagt mede-astronaut Mike Shannon (Matt Dillon) vlak na hun eerste ontmoeting. Tegenover het verlangen naar haar dochter staat een enorme ambitie en verlangen voor haar vak. Die ambitie blijkt haar Sarahs enorme doorzettingsvermogen, maar haar onderliggende motivatie krijgen we helaas nauwelijks mee. Sarah beschrijft kort dat ze als kind al astronaut wilde worden, maar verder dan die altijd aanwezige drijfveer komen we niet. We moeten vooral vertrouwen op haar doorzettingsvermogen, maar krijgen nergens een moment waar de liefde voor haar vak net zo invoelbaar is als de liefde voor haar dochter. Die afwezigheid staat in scherp contrast met het intense verlangen van Sarah om bij haar dochter te zijn. Aan het eind van de film vraag je je vooral af of de ruimtemissie het gemis wel waard is.

Seksisme
Hoewel er in sciencefiction talloze voorbeelden van vrouwelijke ruimtereizigers zijn, is het aantal vrouwelijke astronauten in een meer realistische setting op een hand te tellen. Proxima steekt zijn eigen missie om hierin verandering te brengen niet onder stoelen of banken. Wanneer Sarah bij de start van de missie de menigte toespreekt over hoe haar moeder haar droom om astronaut steeds wegzette als iets dat ‘niet voor vrouwen’ was, snijdt de film naar een close-up van Stella.

Proxima

Ook legt de film sterk nadruk op het seksisme waarmee Sarah in het trainingscomplex te maken krijgt. Vooral Mike Shannon speelt daarin een prominente rol door steeds seksistische ‘grapjes’ te maken en Sarah vlak na haar aankomst direct voorstelt dat zij een lichter trainingsprogramma moet volgen. Ook de continue dreiging van de mannelijke vervanger en de vrouwen in het trainingscomplex met vooral een verzorgende rol leggen de achterstand van vrouwen in deze wereld bloot.

Rolmodel
Helaas is Mike Shannon voor het merendeel van de film niets meer dan een seksistische karikatuur, waardoor zijn woorden nooit realistisch aanvoelen. Het artificieel gestuntel van de dialogen zit in de weg van de scherpe kritiek die de film had kunnen leveren. Dat de astronautenwereld (of beter: de natuurwetenschappen in het algemeen) een mannenwereld is, zal niemand vreemd zijn, maar Proxima weet hierin weinig diepte aan te brengen. Vroeg in de film discussieert Sarah met Thomas over zijn gebrekkige rol als vader, maar in de volgende scène neemt hij zonder enige twijfel de voogdij over hun kind over zodat Sarah haar ambities kan najagen.

De feministische kritiek blijft te vaak op de oppervlakte, waarbij opzichtige observaties het drama verstoren. Het onderliggende drama en de gecreëerde wereld zouden sterk genoeg moeten zijn om Sarah als rolmodel neer te zetten, maar de afwezigheid van haar passie voor haar vak zit dit in de weg. De foto’s van echte astronauten (en moeders) in de credits doen vooral verlangen naar hún verhalen.

 

8 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Llorona, La

***
recensie La Llorona

Echo van een genocide

door Cor Oliemeulen

De nachtrust van een oud-generaal wordt verstoord door het huilen van een vrouw. Is het verbeelding of wordt hij geteisterd door de ziel van de oude horrorlegende La Llorona?

Het politieke drama La Llorona gaat over een generaal en zijn familie dertig jaar na de burgeroorlog in Guatemala. De pater familias Enrique Monteverde wordt door de rechtbank schuldig bevonden aan genocide, maar gaat door een vormfout (en druk van bevriende landen) tot frustratie van velen vrijuit. De rol van de inmiddels bejaarde generaal verwijst naar Efraín Ríos Montt, die in de jaren tachtig verantwoordelijk was voor de massamoorden onder met name de Maya-bevolking en (vermeende) communisten.

La Llorona

Wonden uit het verleden
De veroordeling van de generaal had ook als doel om de wonden uit het verleden te helen, maar splijt de bevolking in tweeën: de nabestaanden die nog steeds treuren om hun overleden dierbaren of nog op zoek zijn naar hun vermiste verliefden tegenover mensen die vinden dat het terugkijken op het verleden onderhand wel mag zijn afgelopen omdat het toenmalige leger slechts de ‘nationale eenheid creëerde’ en veel gewelddadigheden werden afgedaan met ‘linkse propaganda’. De Verenigde Staten, die in de jaren tachtig nog meer rechtse dictaturen in Latijns-Amerika hebben gesteund, boden in 1999 bij monde van president Bill Clinton hun excuses aan voor hun betrokkenheid.

Vanaf het moment dat in La Llorona de generaal en zijn familie terugkeren naar hun luxueuze onderkomen, beginnen buiten luidruchtige demonstraties, waarbij af en toe wat ruiten sneuvelen, en confronteren stille waken van nabestaanden de deels arrogante, wereldvreemde familieleden. Als vijf van de zes bedienden (allen van Indiaanse afkomst) uit angst zijn vertrokken, maakt het zwijgzame dienstmeisje Alma haar opwachting. Vanaf dat moment stapelen spanningen en mysterieuze voorvallen zich langzaam op.

Dolende ziel
Het feit dat Alma (letterlijke betekenis: ziel) voor iedereen een onbekende is (de beveiliging van de familie had kennelijk geen tijd of zin haar achtergrond te onderzoeken) en dat zij al snel is geliefd bij het kleindochtertje van de generaal, voorspelt weinig goeds. Enrique, wiens nachtrust al werd verstoord door het gehuil van La Llorona, maakt zich ook binnenshuis niet direct populairder als hij door echtgenoot, dochter en kleindochter in opgewonden staat wordt aangetroffen terwijl hij de badende Alma begluurt.

La Llorona

Samen met de aanhoudende onrust buiten en het gevoel van te zijn opgesloten, blijkt deze gebeurtenis voor Enrique’s echtgenote katalysator van een heuse zenuwinzinking. Ze krijgt nachtmerries over de burgeroorlog waarin zij wordt opgejaagd als zij het leven van twee kinderen probeert te redden. Net als de legende La Llorona manifesteert zij zich als een verloren ziel die uit is op wraak. De magisch-realistische elementen in de finale maken vervolgens duidelijk dat de schuldigen hun lot van boetedoening niet zullen ontlopen.

Drieluik
Ook in dit derde deel van zijn drieluik over de problematische geschiedenis van zijn thuisland legt regisseur Jayro Bustamante de vinger op de zere plek. In Ixcanul (2015) behandelde hij de achterstelling van de Maya’s en in Temblores (2019) de discriminatie van homo’s. Bustamente (wiens roots deels in de Maya-cultuur liggen) bevestigt met La Llorona dat hij een veelbelovend cineast is.

De Midden-Amerikaanse republiek Guatemala kent in tegenstelling tot buurland Mexico nauwelijks een noemenswaardige filmcultuur. Maar met zulke oorspronkelijke voorbeelden, de oprichting van zowel zijn eigen productiebedrijf La Casa de Producción als een theater voor onafhankelijke films biedt Bustamante een hoopvol perspectief voor andere filmmakers.

La Llorona is vanaf 11 juni te zien op Picl en Cineville. Vanaf 2 juli is de film ook beschikbaar op andere Video on Demand-platforms.

 

7 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Ghost Tropic

****
recensie Ghost Tropic

Brusselse pelgrim in eenzame stad

door Tim Bouwhuis

Na het meer eigengereide Hellhole mag de Vlaamse filmmaker Bas Devos de filmhuizen verwarmen met Ghost Tropic, een ingetogen drama over empathie en compassie. In het bescheiden hart van de vertelling wandelt een 58-jarige dame door nachtelijk Brussel, waar ze omkijkt naar het ongeziene.

Khadija (Saadia Bentaïeb) dommelt weg in de metro als ze na een lange dag huiswaarts reist. Wanneer ze bij de laatste halte uitstapt, blijkt de wereld al tot stilstand te zijn gekomen, en een simpel belletje naar een familielid blijkt geen oplossing. Khadija’s berustende houding spreekt boekdelen: dit is een dame die het station van eigenbelang ver gepasseerd is. Haar besluit te gaan lopen, is contra-intuïtief in een stedelijk milieu dat meermaals een pleitbezorger van angst is geweest. Sociale muren scheppen ongeschreven regels. Hier kom je niet, hier houd je je ver van, geef om je veiligheid. Khadija weigert alleen om in de eerste en laatste plaats aan zichzelf te denken.

Ghost Tropic

Het verlorene terugvinden
Als je aan de humanistische insteek van Ghost Tropic ook nog wat religieus gewicht toe zou kennen, heeft de film wel iets weg van een pelgrimsreis. Khadija ontmoet tijdens haar wandeling verschillende mensen en draagt hen een warm hart toe. Vaak is alleen het gedimde nachtlicht haar getuige. Nooit gaat het om een publiek of om haar goede daden – het is die doorleefde houding ten aanzien van de ander die de wereld zo hard nodig heeft. De film lijkt op die manier een veel grotere schreeuw van urgentie dan hij zou moeten zijn. Deze vrouw kan de wereld immers wel degelijk leren wat compassie is.

Een kraker en een zwerver mogen op haar mededogen rekenen, maar het drama speelt ook op het niveau van de familie; in een hartverscheurende scène zoekt Khadija toenadering tot haar dochter. Van deze in de credits naamloze jongvolwassene (Nora Dari) weten we weinig, behalve dat ze duidelijk van haar moeder vervreemd is, maar toch lijkt te zoeken naar dat stukje liefde en perspectief dat haar zelfverkozen leefomgeving niet kan bieden. Dat laatste blijkt vooral uit de effectief verbeelde interacties tussen de dochter en haar leeftijdsgenoten, en wordt op dromerige wijze bevestigd in de interpretatierijpe slotbeelden.

De toekomst vastgrijpen
Die slotbeelden slaan op een bijzondere manier ook weer terug op de titel van de film, die ondergetekende in eerste instantie misschien meer liet nadenken dan de pure, op gevoel rustende vertelling van haar publiek vraagt. Sleutelscène in dit kader is een schijnbaar onbetekenende woordenwisseling tussen Khadija en een plaatselijke steward, die vertelt dat er een tropisch zwembad in de buurt gebouwd zal worden, en dat alles zal veranderen.

Ghost Tropic

Een snelle blik op de afgebladderde omgeving leert anders, maar die hoop, die neemt niemand deze steward af. Zijn ‘ghost tropic’ is tekenend voor al die dromen die dreigen te vervagen als zorg en liefde uitblijven. In plaats daarvan zijn er systemen die bepalen wanneer ziekenhuizen bezoekers ontvangen en wie het volrecht hebben op dat broodnodige dak boven hun hoofd.

De nalatenschap van de pelgrim
Je kunt de sociale verloedering van de buurt zien als een vingerwijzing van Devos: bureaucratie zorgt ervoor dat we de ander ontmenselijken, en vergeten wat het is om affectie te tonen. Toch is de film mede door de extra betekenislaag in de titel absoluut geen pamflet, maar een poëtische handreiking. Khadija doolt zielsalleen door het Brusselse nachtlandschap, maar in de spaarzame contacten die ze legt, zit alle rijkdom van de wereld verborgen. Het is de stad die eenzaam is.

 

5 juni 2020

 

Binnenkort op InDeBioscoop een interview met regisseur Bas Devos.

 

ALLE RECENSIES

Vorspiel, Das

***
recensie Das Vorspiel

Frustratie leidt tot escalatie

door Cor Oliemeulen

Tal van beroemde artiesten prijzen zich zielsgelukkig dat ze vroeger door hun leermeesters zijn afgebeuld. In het Duitse drama Das Vorspiel loopt de weg naar succes net even anders.

“I am in a world of shit”, zegt soldaat Pyle in Full Metal Jacket (1987) voordat hij sergeant Hartman doodschiet, en daarna zichzelf. Pyle trok het in deze spraakmakende oorlogsklassieker van Stanley Kubrick simpelweg niet meer om telkens weer te worden gekoeioneerd, uitgescholden en vernederd. De drilsergeant had op onnavolgbare wijze alle registers opengetrokken om perfecte soldaten te creëren. Zover zal het in Das Vorspiel niet komen. De motivatie van vioollerares Anna om haar pupil te laten excelleren, is vooral ingegeven door het gevoel dat ze zelf heeft gefaald.

Das Vorspiel

Karakterstudie
De tweede speelfilm van Ina Weisse (bekend tv-actrice in Duitsland) is vooral een karakterstudie van Anna, gespeeld door Nina Hoss, die ook al zo sterk acteerde in twee films van Christian Petzold: Barbara en Phoenix. Anna’s onzekerheid en wispelturigheid blijkt al snel in een restaurant als zij maar liefst drie keer aan een ander tafeltje wil zitten en niet kan kiezen wat te eten en te drinken. En als ze eenmaal haar bord voor zich heeft staan, prikt ze toch maar even een vorkje van haar mans bord, waarna hij besluit de borden om te wisselen.

Weisse werkte ook voor haar speelfilmdebuut Der Architekt (2008) samen met scenariste Daphne Charizani. Beide dames zaten samen jarenlang in hetzelfde orkest, waarin Charizani cello speelde en Weisse viool. Hun kennis van het wereldje van de klassieke muziek en het feit dat iedereen zelf zijn of haar instrument in de film speelt, draagt sterk bij aan de geloofwaardigheid van Das Vorspiel.

We leren dat Anna vroeger stopte als beroepsviolist omdat ze teveel druk op zichzelf legde. Slechts door enkele korte scènes en een paar zinnen krijgen we een idee hoe bepalend Anna’s ouders voor haar huidige toestand moeten zijn geweest. Vader doet bot tegen Jonas, lijkt ook hard voor zichzelf en zegt tegen zijn dochter dat zij vroeger preciezer was dan nu. Moeder wijdt haar ziekte aan een gebrek aan discipline. Aan Nina Hoss de schone taak om Anna’s innerlijke onrust en onzekerheid te etaleren. Hoe goed zij haar gemoedstoestand ook vormgeeft, het is jammer dat ze daardoor bij de kijker op weinig sympathie kan rekenen.

Das Vorspiel

Auditie
Anna woont met haar Franstalige echtgenoot Philippe (Simon Abkarian: Gett) en zoontje Jonas (Serafin Mishiev) in Berlijn. Anna geeft vioolles op een toonaangevend conservatorium en Philippe is vioolbouwer. Hun huwelijk zit in het slop. Het heeft er alle schijn van dat de man zijn best doet om er nog iets van te maken, maar dat de vrouw de (seksuele) spanning liever zoekt bij cellist Simon (Jens Albinus: Nymphomaniac), met wie ze kennelijk ook beter over zichzelf kan praten.

De ruzies tussen Anna en Philippe hebben vooral te maken met Jonas, die van zijn moeder het liefst beroepsviolist moet worden, maar die vooral van ijshockey houdt. “Laat hem zelf bepalen wat hij met zijn leven wil gaan doen”, zegt Philippe. “Ja, dat heeft bij jou ook goed gewerkt”, sneert Anna terug. Jonas is niet te benijden, want hij moet lijdzaam toezien hoe zijn moeder zich helemaal stort op de introverte Alexander (Ilja Monti, ook in het echte leven een begenadigd viooltalent), omdat ze die veel talentvoller vindt. Anna is onverminderd streng en soms nauwelijks te genieten, nu haar pupil over een aantal maanden aan een belangrijke auditie mag deelnemen.

De lerares neemt de leerling flink onder handen. Zo bont en grof als in het superieure Whiplash (2014) zal Anna het niet maken. Maar Alexander moet van haar natuurlijk wel zijn uiterste best doen. De noten die hij speelt, moet hij kunnen zien. De muziek moet ook in zijn lichaam klinken. Zijn techniek moet beter. Zijn arm moet hoger. Het tempo moet hoger. Sneller. Nog sneller. Tot Alexander een bloedneus krijgt. Tijdens een volgende les escaleert de situatie werkelijk wanneer Anna haar persoonlijke frustraties op Alexander botviert na een volgens haarzelf minder geslaagd optreden in het kamerorkest van Simon. Maar ook Jonas, die zich door zijn moeder verwaarloosd voelt, zal zich met een weerzinwekkend optreden niet onbetuigd laten.

 

2 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Honey Boy

****
recensie Honey Boy

Shia LaBeoufs therapie

door Sjoerd van Wijk

Honey Boy is uit het hart gegrepen dankzij Shia LaBeoufs imponerende aanwezigheid. De film krijgt een therapeutische lading door het intens gebrachte autobiografische verhaal, wat het simpele scenario doet vergeten. 

“Honey boy” is namelijk het koosnaampje dat LaBeoufs eigen vader gebruikte toen de acteur zijn eerste stappen als kindfilmster zette. Hij schreef de film over de traumatische verhouding met zijn vader tijdens zijn verblijf in de verslavingszorg. In Honey Boy is de 22-jarige Otis Lort (gespeeld door Lucas Hedges) LaBeoufs alter ego: een filmster die na een auto-ongeluk in de verslavingszorg belandt. Zijn jeugd besluipt hem daar als de psycholoog een jeugdtrauma constateert.

Honey Boy

Terug naar het verleden dus, waar Noah Jupe als 12-jarige Otis te maken heeft met LaBeouf (American Honey, The Peanut Butter Falcon) als vader James die vooral van de alcohol moet wegblijven en zijn frustraties op zijn zoon botviert. James als mislukte rodeoclown kan alleen maar met Otis omgaan omdat deze hem als assistent heeft aangenomen.

Salonpsychologie
Deze getroebleerde vader-zoonrelatie is een typisch gegeven waar LaBeoufs scenario weinig van afwijkt. Na lange flashback-episodes reageert de volwassen Otis weer boos. Natuurlijk ontkent hij de manipulatie van zijn vader maar geeft uiteindelijk toch schoorvoetend toe dat zijn jeugd niet zo gelukkig was. Bij het duiden van Otis’ trauma vervalt Honey Boy regelmatig in salonpsychologie.

Elk moment uit het verleden moet resoneren in het heden, als Otis gebroken de dialogen herhaalt. De stugge psychologen blijven graven in de slechte jeugd waarbij de bank om languit op te liggen ontbreekt. Een van hen adviseert Otis om eens lekker hard te schreeuwen in z’n eentje; een nichetherapie in het echte leven, maar in films een cliché. Gelukkig blijkt de scenariostructuur een grote MacGuffin voor de werkelijke therapie: die van LaBeouf zelf.

LaBeouf doet het
Want Honey Boy beklijft dankzij zijn krachtsinspanning. De vader is de oorzaak van het trauma en eist vanzelfsprekend alle aandacht op in beeld. De film raast door dankzij Natasha Braiers geagiteerde camerawerk, waar de als door een duivel bezeten LaBeouf een flinke schep bovenop doet. Het is zijn van het internet bekende Just Do It-bombast waar het theatrale aankomt als een gedecideerde mokerslag.

Elk handgebaar, elke oogopslag barst welhaast van de spanning met een intensiteit die doet denken aan het acteergeweld in John Cassavetes’ films. LaBeouf evenaart de iconische acteurs uit die films met spel à la Peter Falk in Husbands die uit man en macht probeert bij de groep te horen en daarbij over de schreef gaat. Het brengt de intimiderende persoonlijkheid die LaBeoufs vader moet zijn geweest tot leven.

Honey Boy

Verbazing
Ogenschijnlijk simpel opgezette films kunnen af en toe toch verbazen en daar is Honey Boy er een van. Het echte graven vindt niet plaats met Hedges maar in elke scène waar LaBeouf zijn eigen vader tracht te doorgronden. Een zoektocht die continu enerveert. LaBeouf put zo met zijn acteerprestatie waarheid uit het clichématige scenario.

De kommer en kwel krijgt een gepast nostalgische toon op selecte momenten. Regisseuse Alma Har’el, die een overstap van documentaire naar fictiefilm maakt, brengt in zachte tinten de spaarzame toenadering tussen vader en zoon die door de tederheid Otis’ herinnering compliceren. Het zijn welkome adempauzes in alle razernij, die het eindeloze conflict tussen vader en zoon benadrukken. Uiteindelijk vertelt Otis in een droom aan zijn vader dat hij een film over hem gaat maken. Dat is door LaBeoufs imposante aanwezigheid goed voor te stellen.

 

1 juni 2020

 

ALLE RECENSIES

Vérité, La

****
recensie La Vérité

Fijnzinnige confrontatie tussen moeder en dochter

door Cor Oliemeulen

Wat maakt een familie een familie? Waarheid of leugens? En hoe zou jij kiezen tussen een wrede waarheid en een aardige leugen? Dat is het uitgangspunt van La Vérité, een lichtvoetig Frans drama van de Japanse meesterregisseur Hirokazu Koreeda, met in de hoofdrol een schitterende Catherine Deneuve als filmactrice op leeftijd die zojuist haar omstreden memoires heeft gepubliceerd.

Films over de stroeve relatie tussen moeder en dochter zijn talrijk. De snoeiharde confrontatie tussen een concertpianiste (Ingrid Bergman) en de door haar verwaarloosde dochter (Liv Ullmann) in Autumn Sonate (1978) spant de kroon. Waar Ingmar Bergman in zijn klassieker meedogenloos is, behandelt Hirokazu Koreeda (After the Storm, Shoplifters), het langverwachte wederzien tussen moeder en dochter op zijn vertrouwde zachtaardige, humanistische wijze. Ook in La Vérité mengt hij drama met lichtvoetigheid. Hoe confronterend het verleden en het heden ook mogen zijn, Koreeda weet altijd begrip en sympathie voor al zijn personages op te brengen en schikt iedereen uiteindelijk in het eigen lot.

La Verité

Rendez-vous
La Vérité
is Koreeda’s eerste film buiten Japan, met een taal die hij niet machtig is en met een geheel Franse crew. De Japanse regisseur had in 2011 in eigen land kennisgemaakt met Juliette Binoche (zij vertolkt in de film de rol van dochter Lumir) die suggereerde om eens samen iets te maken. Natuurlijk wilde hij ook graag een film met Catherine Deneuve (moeder Fabienne) op zijn cv. Het Franse filmicoon is op haar 76ste, en zeker in La Vérité, nog steeds aantrekkelijk en draagt de film moeiteloos met haar verschijning. Haar subtiele spel doet het acteerwerk van Binoche en Hawke (Lumirs Amerikaanse echtgenoot Hank) bijna verbleken.

Al in 2003 werkte Koreeda aan een script dat begint met een avond in de kleedkamer van een actrice aan het einde van haar carrière. Het gegeven zou uitgroeien tot een film over de relatie tussen een gevierde actrice en haar dochter die haar droom opgaf om ook een filmactrice te worden. Fabienne heeft zojuist haar memories geschreven en de in New York woonachtige scriptschrijver Lumir, Hank en kleindochter Charlotte (Clémentine Grenier) bezoeken de actrice in haar kapitale huis in Parijs om het heuglijke feit te vieren. De schermutselingen beginnen als blijkt dat Fabienne het in haar biografie niet zo nauw met de werkelijkheid heeft genomen.

La Verité

Verleden
Het verhaal speelt zich symbolisch af in de overgang van zomer naar herfst als zowel de groene blaadjes als de verhoudingen tussen moeder en dochter langzaam verkleuren. Natuurlijk zit er bij Lumir wat onverwerkt leed, maar net als in Autumn Sonate legt de moeder de dochter uit hoe het streven naar de hoogste kunst bijna vanzelfsprekend opvoeding in de weg staat. Het intelligente scenario van Koreeda biedt ruimte aan de emoties van alle betrokken, zoals bijvoorbeeld zijn Turkse collega Nuri Bilge Ceylan (Winter Sleep, The Wild Pear Tree) dat zo fantastisch kan. Voor nog meer relativering geeft Koreeda via kleindochter Clémentine een onbevooroordeelde kijk op de confrontaties tussen volwassenen die vastzitten in het verleden. Niet als een wijsneus, maar spontaan en met een lach.

De lichtvoetige, luchtige stijl van weemoed, verlangen en verzoening wordt al even zo fijnzinnig versterkt door de charmante cinematografie van Éric Gautier en de ingehouden gevoelige pianoscore van Alexi Aigui. Ook als Fabienne met lichte tegenzin opnamen maakt voor een sciencefictionfilm, waarin zij opnieuw als moeder wordt geconfronteerd met een dochter. Die symbolische weerspiegeling loopt als rode draad door La Vérité en leidt tot een van de meest veelzeggende scènes als Lumir uiteindelijk in de armen van Fabienne ligt. Dit hoopvolle, warme en emotionele contact tussen moeder en dochter is van korte duur. Uit een gevoel van ongemakkelijkheid en ongepaste trots zegt Fabienne tegen Lumir dat ze ervan baalt dat ze deze gevoelens en emoties juist nu pas heeft, in plaats van eerder die dag toen ze een scène in de film speelde.

 

30 mei 2020

 

ALLE RECENSIES